De nieuwe bedragen van het Gemeentefonds 2027 zijn bekend: zelfs minder dan voor dit jaar ! (3)

We zijn nog aan het rekenen, want vergeet niet dat het Gemeentefonds bestaat uit meerdere componenten.
In elk geval al dit.
Vanwege de nieuwe groeivoet (voor volgend jaar slechts 1 procent in plaats van de traditionele 3,5 procent) heeft Stad Kortrijk in het totaal af te rekenen met 1.347.819 euro aan min-ontvangsten in 2027.
De gazetten (en onze Ruthie) zaten er dus niet ver naast. (En wij ook niet.)

Totale dotatie voor dit jaar 2026: 57.895.630,03 euro.
Was voorzien voor 2027: 59.063,405,98 euro.
Dat wordt in 2027 slechts 57.715.586,98 euro.

P.S.
Er was voor heel Vlaanderen 3.273.321.906,11 ter beschikking.

Tussendoor wat meer nieuws over dat Gemeentefonds (1)

Burgemeesters schreeuwen moord en brand over de drastisch gewijzigde nieuwe groeivoeten voor de bedragen die gemeenten krijgen uit het Gemeentefonds. Voor volgend jaar stijgen die werkingsmiddelen slechts met 1%,  in plaats van de gebruikelijke, (voor drie jaar) decretaal  vastgelegde 3,5%.
Daar is wel reden toe. In Kortrijk bijv.  bedraagt die dotatie bijna de helft van het totaal van de werkingssubsidies van andere overheden (afgerond: 57 miljoen tegenover 96 miljoen).

Minister Hilde Crevits krijgt er intussen fel van langs.
Contractbreuk ! Een ietwat onterecht verwijt want zij heeft nooit echt beloofd dat de groeivoet onveranderd zou blijven.
Bij de “begrotingsoefening” van vorig jaar sprak ze (op 26 oktober 2025) wel haar tevredenheid uit dat de jaarlijkse groei van het Gemeentefonds behouden bleef, maar liet daarbij ook  uitschijnen dat het moeilijk was geweest om de impact van de “begrotingsoefening” (lees: bezuinigingen) op de lokale besturen te vrijwaren. Elke minister moest op zoek gaan naar nieuwe middelen, zo zei ze. En binnen haar bevoegdheden moest ze ook inleveren:  geen nieuwe oproepen meer voor stadsvernieuwingsprojecten, afbouw van het grootstedenbeleid.
Zo, dat is dus even rechtgezet. Hilde kon er ook niets aan doen…
Had het vorig jaar al lastig.

Onze burgemeester is in alle staten.
Beschouwt de bezuinigingen als een ramp, een regelrechte schande. Ruthie hanteert daarbij cijfers zoals aangegeven in de kranten.
Het zou dit jaar gaan om min-inkomsten ter grootte van 1.393.322,41 euro, en voor de jaren die nog resten in deze legislatuur om 15.504.168,58 euro. “Dat bedrag vind je niet zomaar,” roept Ruthie uit. (Stad heeft wel een jaarlijkse buffer van 1 miljoen, zo beweert men toch.)

Hoe de gazetten aan die bedragen komen, met cijfers na de komma, dat weten we niet zo goed. Zijn ze op het spoor gekomen van simulaties binnen de regering?

We deden zelf een poging tot berekening van de verliezen, voor volgend jaar dan, en waarlijk: we komen ook tot een bedrag dat ongeveer gelijk is aan dat van de gazetten! Onze uitkomst voor volgend jaar: min 1.390.759 euro, zonder decimalen.
Maar van een stadskrant als ‘kortrijkwatcher’  verwachten onze abonnees wat meer details, – zo mogen we wel veronderstellen.
Om te beginnen moeten we wel even opmerken dat de bedragen die Stad hanteert verschillen van wat het Agentschap Binnenlands Bestuur vertelt.
Vergelijk Stad / Meerjarenplan:
– 2026: 57.486,756 euro / 57.895.630,03 euro.
– 2027: 58.679.843 euro / 59.063.405,98 euro.
Nu ja.

Interessant om weten is dat het Gemeentefonds bestaat uit meerdere componenten. De berekeningswijze is uiterst ingewikkeld. Echt een geval van hogere wiskunde zodat we er niet nader op ingaan.
Per component geven we hierna wel de bedragen voor dit en volgend jaar want die zijn niet te vinden in documenten van Stad.
En zeker interessant om weten is dat de groeivoet enkel van toepassing is op twee componenten: de hoofddotatie voor Stad en die voor Kortrijk als centrumstad. De dotatie voor het OCMW evolueert wel mee, aangezien die in Kortrijk traditioneel 8 procent bedraagt van die voor Stad.  (Dat is niet zo in alle gemeenten!) Ja, het is ingewikkeld.
Zie onze volgende editie.

Evolutie van het totaalbudget voor de nieuwbouw van de OCMW-zorgcampus ‘Sint-Jozef’ (deel 3)

Woord vooraf
Dit stuk is eerder bedoeld voor studenten die aan de UGent een cursus volgen van prof. Filip De Rynck (Kortrijkzaan!) of van Herwig Reynaert (kenner van West-Vlaamse steden), allebei experten in gemeentepolitiek, verbonden aan het Centrum voor Lokale Politiek aldaar, – en misschien zelfs abonnees van onze alternatieve stadskrant “kortrijkwatcher”.
Want nu wordt het toch saaier dan ooit: we turven de opeenvolgende meerjarenplannen van Stad en OCMW om na te gaan hoe relatief die ramingen voor grootse stadsprojecten eigenlijk zijn. Zo’n bachelor of master na master zou een keer kunnen nagaan hoe dat komt. Een en ander is heus niet enkel te wijten aan voortschrijdende  inflatie.
———
We vallen van de ene verbazing in de andere.
In een vorige editie van deze alternatieve stadskrant kon u vernemen dat volgens het huidige stadsbestuur het oorspronkelijke  totaalbudget voor de nieuwbouw van de zorgcampus welgeteld 33.710.017 euro bedroeg, een cijfer dat we nergens in enig officieel document terugvinden.
Maar wanneer  is een bedrag oorspronkelijk? Initieel?
Als we het een beetje redelijk willen houden, bij de periode waarbij de werken daadwerkelijk konden beginnen, baseren we ons op het eerste meerjarenplan van de vorige coalitie, en toen hield het men in de gemeenteraad van december 2019 op 31.309.842 euro. En dat terwijl diezelfde gemeenteraad in maart van datzelfde jaar nog een bestuursakkoord goedkeurde waarin men het had over 29.700.000 euro. Hoe kan dat nu?
Tip voor de student die de casus “nieuwbouw OCMW-zorgcampus Kortrijk” wil bestuderen: in de Kortrijkse gemeenteraad verstommen de raadsleden bij agendapunten die iets te maken hebben  met het OCMW.
Waarom?

Dat “oorspronkelijk” bedrag van 31,3 miljoen is trouwens ook al misleidend. In het zgn. document T3, met een schema van de investeringen voor het actiepunt 5.7.2. (de zorgcampus) lezen we nog dat er VOOR december 2019 alreeds 540.510 euro is “gerealiseerd”. Dat mag er dus bijgeteld.
En zo gaat dat maar door.
In de tweede aanpassing van het meerjarenplan (december 2020) is bijvoorbeeld een totaalbudget van 32. 439.637 euro voorzien, maar er is al VOOR dat MJP voor ietwat meer dan 1 miljoen uitgegeven.  Het werkelijke krediet is op dat moment in feite 33.481.994 euro.

De sprong

Ja, zo gaat dat maar door.
Over de vierde aanpassing van het MJP willen we het wel nog even hebben. Goedgekeurd in december 2023. Het totaalbudget maakt een sprong van 32,66 miljoen naar 40,13 miljoen. Voor het eerst lezen we hierbij in het MJP een commentaar. Alles is te wijten aan “een verhoging van de conjunctuur“, – wat dat ook mag betekenen…
In elk geval dit: “De leningslasten gealloceerd op Sint-Jozef nemen significant toe omwille van de hoge rente en hoger opgenomen bedrag als gevolg van inflatie op het investeringsbedrag.”
Die zit !

Pro memorie misschien nog dit.
In de vijfde en laatste aanpassing van het MJP van november 2024 vermeldt het investeringsschema een totaalbudget van 41,17 miljoen.

Maar, beste lezer, nu willen we u helemaal gek maken.
U zal zich ongetwijfeld herinneren dat schepen  De Coene in maart 2021 het (bij de start van de werken) had over een totaalbudget van 32,8 miljoen, waarvan 25,2 miljoen voor de bouwkosten.
Dus hebben we nog een keer met de nodige spoed gezocht naar de gunning van de werken. Gebeurd op 12 oktober 2020 aan de Tijdelijke Maatschap Stadsbader-EEG voor 23.042.867,34 euro (excl.) of 26.224.898,22 euro (incl.). 26,2 M.
En weet u dat de ontwerpopdracht al dateert van 25 juni 2014? Toegewezen aan ASSAR-LLOX Architects uit Wilrijk. Ereloon van toen, noch geraamde bouwkost spijtig genoeg niet meer te vinden.
Alhoewel.
Vroeger bestonden er aparte OCMW-meerjarenplannen.
In zo’n MPJ 2014-2019, opgemaakt in oktober 2016 is sprake van een technisch masterplan voor Sint-Jozef met een verbinteniskrediet van 25.600.000 euro. 25,6 M. Dat zegt toch iets, als er in dat jaar al een bedrag van die aard juridisch is tot stand gekomen, dan wijst dat er toch op dat de stijgende budgetten niet enkel te wijten zijn aan inflatie.

P.S.
Volgende keer wordt het weer interessant.
Precies omwille van de pas goedgekeurde oplevering van de werken in de tweede fase willen we de jaarrekeningen doorploegen. Dan weten we pertinent zeker wat het project ons tot op heden heeft gekost, bruto en netto.
We kijken er naar uit !

 

Zoektocht naar de kostprijs van de nieuwe OCMW-zorgcampus “t Huis” : van 29 naar 50 miljoen??? (deel 2)

Het was zoeken naar spelden in een hooimijt, dusdanig tijdrovend dat ‘kortrijkwatcher’  – wat nog nooit is gebeurd! – zijn toevlucht moest nemen tot een chatbot om een cijfergegeven terug te vinden, in zijn eigenste archief nog wel.

Het meest recente bedrag van de kostprijs van het hele project 
uiteindelijk  gevonden in een antwoord op een informatieve schriftelijke vraag  van augustus 2025 van een N-VA-raadslid,  in het Bulletin van Vragen en Antwoorden van oktober 2025. De definitieve eindafrekening nog nergens opgespit, maar dit bedrag kan toch wel een goede indicatie zijn van wat het zal worden, zo mogen we toch veronderstellen.
En hoeveel is’t nu?
We citeren:
– Oorspronkelijke budget, excl. btw: 33.710.017,91 euro.
– Werkelijke kostprijs, excl. btw: 41.175.308,53 euro.
Het gaat dus om 41,17 miljoen, zonder btw.

Een eerste, mogelijke nuancering
Als we nu veronderstellen dat de btw globaal genomen 21% bedraagt, dan mogen we daar zeker 8,64 miljoen bijtellen. Dan komen we algauw in de buurt van de fameuze 50 miljoen.
Maar het kan nog erger.

Tweede mogelijke nuancering

Maar we zijn helemaal de kluts kwijt als we in dat ‘Bulletin van Vragen en Antwoorden’ nog moeten lezen dat (citaat) “De {vermelde} bedragen het netto stadsaandeel van het totaal projectbudget betreffen.”
Dat is toch niet te geloven? Om de werkelijke kostprijs te kennen moeten we dus bij die 41,1 miljoen nog het bedrag toevoegen van de genoten ontvangsten , subsidiëringen van  bijvoorbeeld het VIPA, zijnde het “Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden”.  De grootte van die ontvangsten? Gedacht werd aan 2,7 miljoen…

Een voorstel
Het wordt nu een keer echt tijd dat Giovanny Saelens, onze nieuwe N-VA-schepen van Sociale Zaken, de voorzitter van het BCSD, (zeg maar: het OCMW) in de pers uitpakt met een overzicht van de definitieve eindafrekening van de nieuwbouw van  de zorgcampus aan de Condédreef. De lezer zal begrijpen dat we in de kop van dit stuk niet minder dan drie vraagtekens plaatsten achter de vermelde 50 miljoen.

Oorspronkelijke ramingen
Supra vernam u dat het ‘Bulletin van V&A’ ook het oorspronkelijke (geraamde) budget (excl. btw.) vermeldt, zijnde 33.710.017,91 euro. Vooruitlopend op wat we nog gaan vertellen, zeggen we nu reeds dat dit cijfer in officiële documenten nergens is te vinden.
Maar het interesseert u wellicht vanwaar die sprong komt, van 33 M naar 41 M. Het Bulletin heeft het hierbij over “prijsherzieningen” (7,11 M), extra zonnepanelen (36,5 K), extra werken (315 K).
Meer weten we er niet over.
Prijs van het park, boven- en ondergrondse parking?

In de loop der jaren zijn er erg veel gewaagde sprongen geweest.

We komen daar nog op terug. Er was zelfs en keer een budgetoverschrijding.

Wel nuttig is het om nu al om te onthouden dat het bestuursakkoord van de vroegere tripartite indertijd (goedgekeurd in de GR van maart 2019) een opsomming gaf van de tien belangrijkste  investeringsprojecten voor de bestuursperiode 2020- 2025.

Het prestigieuze document “Beste stad van Vlaanderen” gaf op pag. 87 een bedrag aan van 29.700.000 euro aan als bruto-uitgave voor de nieuwe zorgcampus aan de Condédreef. Met vier componenten: woonzorgcentrum, dagcentrum, wijkteam, kinderopvang. (Niet: infrastructuur/buitenaanleg.)
Maar ja,
Het oorspronkelijk meerjarenplan 20-25 had het al onmiddellijk over 31.309.642 euro. Goedgekeurd in de GR van december 2019.
Ook dat vergt weerom een nuancering. Jawel, een te bestuderen casus in de gemeentepolitiek om gek van te worden. Want zie eens: nog voor dat MJP was er waarlijk al geld uitgegeven….Voor méér dan een half miljoen.

Tot volgende keer?  

 

Op zoek naar de kostprijs van de nieuwe OCMW-zorgcampus ” ’t Huis “= Sint-Jozef (deel 1)

Vooraf
Hier zijn al twee stukken verschenen over het onderwerp, maar die tellen niet mee. ( Het waren interne beschouwingen.)
——————
Aanleiding voor de speurtocht was dat recent de oplevering van de  deelopdrachten uit de tweede fase van de nieuwbouw van de campus aan de Condédreef kon gebeuren. En dit voor een bedrag van 26.224.898,22 euro (incl. btw).
Het gaat om alle opdrachten van het project, in die tweede fase, dus dachten we dat hiermee wel een eind komt aan de gegevens om de ware kostprijs van het project te kennen.
De bedragen zijn  historisch interessant om voor altijd te onthouden want het het gaat hier om een echt, puur stadsproject, nog wel het duurste van deze eeuw.
Puur politiek bekeken is het voor politicologen trouwens een echte casus om te zien hoe ramingen (budgetten), vastleggingen (aanwendingen), boekingen (aanrekeningen) met de tijd kunnen evolueren. Door inflatie, jawel als men niet opschiet met de plannen, maar ook door het bedenken van steeds meer bijkomende, nog meer ambitieuze  plannen.  (Dit was overigens kenmerkend het geval bij alles wat voormalig schepen Philippe De Coene ondernam.)
Naar we constateren is er nu al sprake van meer dan 40 miljoen, en we startten indertijd met een gegund bedrag van 26,2 miljoen.
Indertijd?
De werken werden gegund op 20 oktober 2020 aan de “Niet geïntegreerde Tijdelijke Maatschap Stadsbader – EEG” uit Harelbeke tegen het supra reeds vermelde nagerekende bedrag. 26,2 M.

Maar dat wist u niet !
Wat is indertijd?
Het Kortrijkse bestuur besliste al op 25 juni 2014 om de ontwerpopdracht voor de zorgcampus te gunnen aan ASSAR-LLOX Architects uit Wilrijk. (Afgesproken ereloon bij de redactie van kortrijkwatcher  onbekend.)  Letterlijk  zes jaar later was er een aannemer en tien jaar later konden de bewoners hun intrek nemen in het nieuwe woonzorgcentrum. (En de infrastructuurwerken waren toen nog niet af.)

En nu die 26,2 M van bij de oplevering ! Waar komt dat bedrag vandaan?
Het is uitgerekend net het bedrag van de gegunde offerte uit 2020,  als volgt verdeeld in 2 maal  5  deelopdrachten (fase 1 en 2):
1. Woonzorgcentrum: 19.389.047 euro (incl.) + 1.104.487 euro (incl.)
2. Lokaal dienstencentrum (wijkcentrum): 1.766.619 + 100.634 euro
3. Dagcentrum (dagverzorging): 1.009.503 + 57.505 euro
4. Kinderopvang: 1.1.514.241 + 86.258 euro
5. Infrastructuurwerken: 1.104.487 euro + 627.709 euro

U moet het nu maar geloven dat het totaal van al deze bedragen samen 26.224.898 euro maakt. Let op het bedrag voor de infrastructuurwerken, want het zou kunnen dat de meerkost daar vandaan komt.
Geen idee.
Op 9 maart 2021 liet schepen De Coene bij de start van de werken (een eerste sloop) weten dat het project 32,8 miljoen kost, waarvan 25,2 miljoen slaat op de bouwkost. Dat stond ook zo kond gemaakt op de website van Stad. Kortrijkwatcher kon nog altijd niet achterhalen waar die cijfergegevens vandaan komen.
Maar we trekken er ons niks van aan.
We gaan verstandig te werk.
Zullen de opeenvolgende meerjarenplannen en jaarrekeningen vanaf het gunningsjaar 2020 doorspitten. Eens kijken wat er is gebudgetteerd en in het echt is uitgegeven. En we zullen zeker de ontvangsten niet vergeten, van VIPA. Zo zijn we wel.

Tot kijk !

Hoeveel zal de nieuwe OCMW-zorgcampus Sint-Jozef nu eigenlijk kosten?

Eerst haasten we ons alweer om uitdrukkelijk te declareren dat  de gehele redactie, incluis de senior-writer, volkomen staat en stond achter dit groots maatschappelijk project. Een volkomen puur Stadsproject verwezenlijkt door gewezen schepen Philip De Coene.  Het duurste ooit in de geschiedenis?
We zoeken nog de werkelijke kostprijs op, naar aanleiding van het feit dat de tweede en laatste fase van de vijf belangrijkste deelopdrachten van de nieuwbouw is opgeleverd. Voor 26,2 miljoen maar het gaat natuurlijk over oneindig véél meer.
En we doen ook een poging om na te gaan hoeveel ervan reeds is betaald. Dat alles vergt weer wat tijd, maar we zoeken het op voor de toekomstige kroniekschrijver van de geschiedenis van stad Kortrijk.

(Wordt vervolgd.)

Wat wordt nu wel of niet beschermd aan ons station??

Weet u wat ik grappig vindt?
Ook de rode postbus tegen de westelijk voorgevel moet blijven. En natuurlijk, de erfgoedfreaks hadden er hun leven voor veil: het bas-reliëf van Maurits Witdouck aan de voorgevel blijft ook bewaard.
En wat interesseert ons heel erg? Wat men gaat uitrichten binnen de zijvleugels. Want zijn niet beschermd….

Goed, we beginnen.
WAT IS EXPLICIET NIET BESCHERMD ??
Niet dus !
– de perrons en perroninrichting (luifels, banken, wachthuisjes)
– de éénmansbunker op perron (2/3)
– de interieurs (kantoren, buffet, gangen) uitgezonderd de stationshal en de grote traphal)
– het interieur van het seinhuis
– bepaalde aanpassingen gebeurd na ca. 1960 (met uitzondering van het seinhuis en de postbus)

EN WAT IS PRECIES WEL BESCHERMD  ??
Hier dient onderscheid gemaakt tussen het exterieur (gebouw en vaste elementen) en het interieur (gedeeltelijk).

EXTERIEUR
1. Het volledige stationsgebouw (1951-1956) inclusief:
– betonstructuur en bakstenen gvelparement
– monumentaal centraal volume met (exterieur) zijvleugels
– pleingevel én spoorgevel
– kroonlijsten, penanten, trappen en luifels
– het oorspronkelijk stalen buitenschrijnwerk, leuningen en gevelopeningen
2. Het oorspronkelijk stalen buitenschrijnwerk, leuningen en gevelopeningen
3. het bas-reliëf in de voorgevel
4. het  stationsuurwerk, met het mechanisme
5. het (exterieur) van het seinhuis aan de westzijde
6. de rode postbus tegen de westelijke voorgevel

INTERIEUR (Enkel stationshal en grote traphal)
1. Stationshal (lokettenzaal en wachtruimte)
– lokettenstructuur
– vaste wand en vloerafwerking
– beglaasde lokettenwand
– keramisch kuntwerk
2. Grote traphal
– de oorspronkelijke tegelvloeren
– trap, leuningen, wandafwerking.

NOOT
Het College bracht al op 19 mei een gunstig advies uit.
Niettemin komt er nog een openbaar onderzoek. Hopelijk gaan de erfgoedfreaks akkoord met het voorstel, anders zijn we weer voor eeuwen onderweg.

 

Weblog over het reilen en zeilen in de Kortrijkse politiek door Frans Lavaert