Category Archives: cultuur

Naar een ultieme totaalrestauratie van Preetjes molen (4)

Tja. Waar waren we eigenlijk gekomen?
Bon.
We menen ons goed te herinneren dat de wieken van de vlaszwingelmolen werden stilgelegd in het voorjaar van  2023.
Het is duidelijk, er waren maar weer eens  enige werken nodig, –  nu minstens aan de staak, de wieken, de assenkop.

Beste lezer!

Wat er nu volgt aan overleg, studiewerk en voorbereidende werkzaamheden kan men enigszins vergelijken met de moeizame, jarenlange gang van zaken bij de bouw van de koepel van de Duomo (de Cattedrale) van Florence.

In februari 2024 heeft men eindelijk een molenbouwer gevonden die ter plekke enkele vaststellingen kwam doen omtrent de toestand van Preetjes molen.  De hoop rees – zo stond er in de gazetten – dat de molenbouwer zo snel mogelijk (maart!) een plek zou vinden in zijn drukke planning om een offerte  op te maken.

Opdracht tot “totaalrestauratie” van de molen (9 september 2024)

Hiervoor waren twee rapporten nodig van Monumentenwacht en overleg met het Agentschap Onroerend Erfgoed. Het dossier is opgemaakt met de insteek van de interne erfgoeddeskundige, experten molenbouwers (meervoud!) en molenaars van Heule.
Het bestek van de werken slaat op kruipalen, de molenas, het gevlucht, de trap, de staak, twee nieuwe zeilen. En alle nieuwe delen moet nog een keer gebeitst. (Die werken zijn dus nu aangevat.)
Na marktverkenning werden de volgende “enige 2 Belgische firma’s(sic) aangeschreven:
– Dirk Peusens Molenonderhoud en Molenrestauraties uit Merelbeke;
– Molenbouw Wieme uit Machelen.
De uitgave voor de opdracht is geraamd op 162.835,75 euro (incl. 21% BTW). (Er wordt een premie van 60 % aangevraagd, zijnde 80.745 euro zonder BTW.)
Hoe een of ander medewerker van de Directie Ruimte/Gebouwenbeheer een raming kan opmaken voor zo’n gespecialiseerde  overheidsopdracht is me een raadsel.  Zou wel eens willen weten wie de molenbouwer was die in februari 2024 de toestand van de molen eventjes kwam bekijken. Die mocht  uiteraard niet meer aangeschreven worden voor het indienen van een offerte. 

De gunning (18 november 2024)

De winnaar is de firma Modelbouw Wieme Roland en Kris BVBA
Prijs: 170.772, 14 euro (incl. btw) (29.638,14 euro btw).
Een korting kon stad niet bekomen bij het indien van een ‘best and final offer’ (BAFO).
Gezien de schaarste aan molenbouwers” (sic) kon de firma wel bekomen dat men pas eind van dit jaar 2025 met de werken zou starten.
In de gunningscriteria was 30 punten voorzien voor de uitvoeringstermijn. Die is vastgesteld op 180 werkdagen.
Als we 27 oktober ll. aanzien als start van de werken moeten die dus eindigen op 6 juli 2026.
Tot dan !


Stad Kortrijk wil nu zelf vlas gaan zwingelen in “Preetsjes molen” (3)

Pro memorie

De lezer zal zich de voorgeschiedenis wel herinneren, zo meent  kortrijkwatcher althans.
De vlaszwingelmolen in Heule is in 1866 gebouwd door ene Ivo Depez. Vandaar de naam trouwens!… Zeker na WO I  raakte de molen zodanig in verval dat wat nog overbleef stilaan kon beschouwd worden als een uniek stuk erfgoed.  (In 1944 werd de molen trouwens aangezien als een beschermd monument.)
– In 1934 kon Jean-Baptiste de Béthune  de verwaarlozing echt niet meer dulden  en liet hij op eigen kosten wat lapwerk uitvoeren.
– Vanaf 1957 nam het toen nog autonome Heulse gemeentebestuur  het initiatief om sporadisch te investeren in enige herstelwerken.
– Maar in 1990 namen “De vrienden van Preetjes molen” het heft in handen. De vzw kreeg de molen in 1887 zelfs (gratis) in erfpacht (tot  2024!). Na weerom diverse – en soms dure werken –  slaagde men erin om in 1996 in de molen te laten draaien.

Een tekenende anekdote voor de bestuurlijke gang van zaken.
Op 28 juni 1955 ontving het gemeentebestuur van Heule een brief van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen met de mededeling dat men zou overgaan tot opheffing van de bescherming van de molen, aangezien hij volgens hun gegevens niet meer bestond.

2016: Stad wordt eigenaar van de vlaszwingelmolen
(In de bestuursperiode 2013-2018 is schepen Wout Maddens bevoegd voor Bouwkundig Erfgoed en Monumentenzorg.)

De vzw kon intussen het onderhoud en de exploitatie zowel bestuurlijk als financieel niet meer bolwerken en smeekte  in 2016 dat stad Kortrijk de molen zou aankopen, eigendom van de familie Vandenbulcke-Deprez.
Het College van Burgemeester en Schepenen van 20 juni 2016 besliste om de nodige stappen te ondernemen om de molen te verwerven. Een akkoord met de familie werd bereikt om de molen met bijhorende grond (690 m²) te kopen  voor een bedrag van 10.000 euro. (Dat is  lager dan de geschatte prijs van 12.500 euro.)
Er zijn wel weer dringende onderhoudswerken nodig: schilderen, vastmaken van de wielen, oplappen van het strooien dak.
Het duurt nog tot 5 december 2016 eer het dossier voor de gemeenteraad komt.

De eerste kosten voor Stad
(In de bestuursperiode 2019-2024 is Philippe De Coene schepen voor Onroerend Erfgoed..)

–  2020: de Dienst Gebouwen van stad geeft opdracht aan Monumentenwacht West-Vlaanderen om een inspectie van de molen uit te voeren.  Het rapport geeft aanbevelingen om dringende en minder dringende werken aan te vatten.
– 2021: dringende wreken aan de draai- en askop worden uitgevoerd. 12.559,80 euro.
– 2022: de rieten dakbedekking krijgt een beurt. 7.64,80 euro.
Voorjaar 2023: de molen wordt stilgelegd !!
April 2024:  een nieuw rapport van Monumentenwacht vindt dat een algehele restauratie nodig is.
– Voorjaar 2014: in afwachting van die totale restauratie gaat men nog vlug over tot tot wat kleine herstelwerken,  schilderen, bescherming van rieten dak, vernieuwen van wat ‘loodslabben’. (Prijs niet gevonden.)

2024′: de bestuurskracht slaat toe
Op 9 september 2024 bepaalt het College de voorwaarden en de wijze van gunnen voor een algehele en waarlijk grondige  restauratie van de molen.
Twee firma’s (en slecht twee) worden aangeschreven. Geraamde kostprijs 162.835,75 euro (incl. BTW 21%.)

P.S.
Daarover hebben we het in een volgende uitgave van deze krant.
Het gaat om de werken die nu pas zijn gestart en hoogstwaarschijnlijk in de zomer van volgend jaar kunnen beëindigd. Dan krijgen we (na al die vele tussentijdse ingrepen…) me dunkt een soort replica van de de molen, zo zou men kunnen stellen…

 

Preetjes molen zwingelt om geld (2)

De prehistorie / eerst bemoeienissen vanuit de politiek

Preetjes molen in Heule is een vlaszwingelmolen gebouwd in 1866 door Ivo Deprez. In de streek stonden in die tijd wel meerdere van die molens maar dit exemplaar is, niettegenstaande allerhande calamiteiten (brand, oorlogsschade, verwaarlozing), als enige van dit soort overgebleven.

In 1934 kon baron Jean-Baptiste de Bethune (vader van Manu en dus grootvader van huidige provinciaal deputé Jean) het verval van de molen niet meer aanzien en hield hij een pleidooi voor de redding ervan. Jean-Baptiste had namelijk een trieste afbeelding van  de wegkwijnende molen gezien in het blad “Patriote Illustré”.  Hij besteedde – na een tevergeefse oproep  om subsidies – uiteindelijk zelf een paar duizend franken (in die tijd!)  om het dak en de zijkanten van de molen te vernieuwen.
Jean-Baptiste was een politieker (ooit schepen in Marke) zodat we  zijn optreden kunnen aanzien als een eerste (financiële) tussenkomst van de politieke wereld in  de geschiedenis van de molen.

Nu moeten we, in dit opzicht althans,  een sprong maken naar 1957.
Het gemeentebestuur van Heule (toen nog autonoom) is er in mei van dat jaar in geslaagd om  een speciaal lastenkohier op te stellen voor de restauratie van de molen. (Merkwaardig: de burgemeester Christian Goethals is van adel. Notabelen hebben blijkbaar iets met erfgoed.) Met die studie is een technische raadgever (Marcel Braet) jarenlang  bezig geweest. De daaruit voortvloeiende werken werden opgeleverd in mei 1959.
Het is een eerste voorbeeld van traagheid van bestuur in de  geschiedenis van de molen.
Het Heulse gemeentebestuur had wel nog grootse plannen, maar die zijn niet uitgevoerd. Men wou van de molen een klein publiek museum maken met als thema ‘vlas in de oudheid’.
Zowat vijftien jaar lang gebeurt er dus niks.

Ter gelegenheid van het Europees Jaar van het Bouwkundig erfgoed (1975) werden er nog wat dringende herstellingswerken aangepakt.
Hoeveel het Heulse gemeentebestuur in totaal  heeft besteed aan  sporadische werken aan de molen is wellicht te achterhalen in het stadsarchief.

De jaren ’90 / bemoeienissen van de heemkundigen

Ook tussen 1975 en 1992 gebeurden er alweer niet de minste onderhoudswerken. De politiek liet het afweten.
De Heemkundige kring “Langs d’Heuleboorden” slaat nochtans alarm in de jaren ’80.  Publicaties in het halfjaarlijks tijdschrift “Heulespiegel” proberen de aandacht te trekken van de provincie en  het bestuur van ‘Monumenten en Landschappen’  op de ellendige staat waarin de molen verkeerde.
Een uitgebreid artikel in 1990 van de hand van Luc Soens brengt een aantal mensen van de Heemkundige kring, de Cultuurraad, de VVIA (met de betreurde Adriaan Linters!), de Koning Boudewijnstichting, het stadsbestuur en zelfs de eigenaars samen rond de tafel.
Uit die gesprekken ontstaat op 15 november 1990 officieel de vzw “Vrienden Van Preetjes molen”. De statuten zeggen dat men de vlasmolen wil behouden, restaureren, valoriseren en wetenschappelijk bestuderen. (Gewone leden storten 5 euro, steunende leden 20 euro, beschermende leden 59 euro.) 
De vzw slaagt er in1992 in om de molen in erfpacht te krijgen, nog wel voor een symbolische frank en tot in 2024 (!).
In hetzelfde jaar worden enkele noodzakelijke instandhoudingswerken uitgevoerd (het dak wordt waterdicht gemaakt). Uit  een studie van architect Freddy Roose blijkt alras dat ingrepen uit het verleden niet geheel professioneel waren, tevens  niet conform met de oorspronkelijke toestand.
Een ernstige restauratie van zowel de boven- als de onderbouw drong zich op.  Werkzaamheden gebeurden in twee fasen en duurden van 1993 tot 1996. Op 8 oktober van dat jaar 1996 kon men eindelijk een “draaivaardige” molen inhuldigen, met het passende bijzijn van de nodige prominenten.
Men zou denken: eind goed, alles goed.

Maar in 2010 was het weerom prijs.
In dat jaar kreeg de molen een grondige onderhouds- en schilderbeurt, en dit om te pronken als nooit te voren. Molenbouwer toen was Eric Verleene. Van die werken kennen we de geraamde kostprijs: 26. 000 euro. De vzw zou instaan voor 20 procent maar hoopte op een tussenkomst van Stad.
Heel het gedoe wordt evenwel te zwaar voor de vrienden van de molen.

—–

In een volgend stuk vertellen we hoe  Stad eindelijk een eind stelt aan het hele flipflopgebeuren rondom die molen in Heule.
Naar aanleiding van het 150 jarig bestaan van het erfgoed vraagt de vzw  “Preetjes Molen” in 2016 aan Stad Kortrijk om de vlasmolen aan te kopen. Er zijn alweer dringende onderhoudswerken nodig.
Van nu af aan kunnen we – serieus gedocumenteerd – beginnen met het vermelden van wat die vlasmolen ons zoal kost. Alhoewel, toch weer niet helemaal…
Stad geniet van een voorkooprecht op de molen voor de (te indexeren) prijs van 200.000 BF en nog 50.000 BF voor de grond. In 2016 gaat dat omgerekend om een geschatte aankoopprijs van 12.000 euro.   


 

 

 

Subsidies voor musea, OK, maar hoeveel voor Abby?

Ons gloednieuw museum (een kunst- en tentoonstellingssite) Abby in het Groeningepark (met ‘een gebouw van het Jaar) staat vandaag aangeschreven als een cultuur- en  erfgoedinstelling van “bovenlokaal” niveau. Bedoeling is wel dat men wil ingedeeld worden in de categorie van musea van “landelijk” niveau.  Zo zijn er momenteel 19, als we de CE-instelling “Musea Brugge” meetellen.
Over de criteria om dit kwaliteitslabel te verkrijgen gaan we het hier nu niet hebben . Allemaal te vinden in het Cultuurerfgoeddecreet, en meer in detail op de webapplicatie van het departement Cultuur, Jeugd en Media. (Het zal wel duidelijk zijn dat een museum met die hogere status moet blijk geven van een werking met landelijke impact.)

In het verleden genoot Abby alreeds van aanzienlijke subsidies voor de bouw (9,5 miljoen?), van het Erfgoedplatform (156.390 euro),  van Vlaams Toerisme (38.400 euro). Via het Kunstendecreet (Caroline Gennez) krijgen we 50.000 euro voor de nakende najaarstentoonstelling genaamd “Faith no more – Rituals for uncertain times”.
Het is allemaal een beetje moeilijk om bij te houden.

Voor de beleidsperiode van 2024 tot 2028 (vijf jaar) krijgt Abby van de Vlaamse Gemeenschap als bovenlokaal museum een jaarlijkse werkingssubsidie van 200.000 euro.
Die wordt jaarlijks ter beschikking gesteld in de vorm van twee voorschotten (van 45%) en een saldo (van 10%) na uitvoering van het jaarlijks toezicht.
In de subsidieovereenkomst met Stad over de werking van Abby  zijn er een aantal artikels die onze aandacht weerhouden.
Art. 13:
Abby maakt de resultaten van de gesubsidieerde activiteiten bekend via de website van de organisatie.
Art. 14:
Abby erkent het belang van het gebruik van het Nederlands bij de uitvoering van de gesubsidieerde activiteiten.
Art. 15:
Abby bezorgt jaarlijks uiterlijk op 1 april een verantwoording over het voorafgaande jaar aan de administratie.
(Het gaat om een functionele en financiële verantwoording en een jaarverslag. (Alle gesubsidieerde activiteiten dienen vermeld.)
Art. 17:
De administratie, eventueel bijgestaan door externe experten, voert minstens twee keer een evaluatie uit (een tussentijdse en een eindevaluatie).  De tussentijdse evaluatie  gebeurt mede op basis
van een zelfevaluatie.

Met een landelijke erkenning krijgen musea uiteraard hogere werkingssubsidies van de Vlaamse Gemeenschap. Voor de lopende beleidsperiode 2024-2028 is Abby te laat. En voor de volgende periode van vijf jaar (2029-2033) hebben we eigenlijk nog een zee van tijd om een aanvraag voor meer centen in te dienen. Moet pas uiterlijk tegen 15 januari 2028.

Hoeveel krijgt zo’n landelijk erkend museum tegenwoordig?
Voor de huidige periode gaat dat van 1.890.000 euro (voor S.M.A.K.)  naar 450.00 euro (voor GUM – Gents Universiteitsmuseum & Plantentuin).
De CE-instelling “Musea Brugge” is een apart geval: 2.758.000 euro.
Gentse instellingen zijn opvallend goed bedeeld: S.M.A.K. (reeds vermeld), Dr.Ghislain (1,51 M), MSK (1,41 M), Design Musem (1,29 M), STAM (965 D), Industriemuseum (866 D), GUM (al vermeld).

Er zijn 31 bovenlokale musea.
– “Huis van Alijn” (alweer Gent!) krijgt de hoogste score met 485.000 euro.
– Ons  bovenlokaal “museum” Texture (11de plaats) krijgt 313.000 euro per jaar.
Abby staat op de 28ste plaats  met 200.000 euro.
– Aan de staart:  het MOU – Museum van Oudenaarde met 157.000euro.

“In Spiritu” is inderdaad “Faith no more”

In vorig stuk hadden we het over een subsidie voor een Kortrijks kunstproject genaamd “In spiritu”. Wisten niet waar dat op sloeg.
Maar hadden na veel zoeken vermoeden we dat het ging om een najaarstentoonstelling in het Abbmusem, getiteld: “Faith no more”.
Twee brave vrijwilllige onthaalmedewerkers van brachten ons op het juiste pad.

Info op de website van het nieuwe museum.
Het wordt wat !!

Dit jaar dan toch al drie subsidies voor Kortrijkse kunstprojecten !

Spoiler !
Eén van die 3 uitgekeerde subsidies gaat naar een gebeuren  waarvan we het bestaan niet kennen. Nooit van gehoord. Wie weet meer?
—–

We waren al bijna de wanhoop nabij.
In de eerste ronde van de toekenning  van kunst- en cultuursubsidies voor dit jaar – voor kunstenaars, kunstwerkers, organisaties, projecten –  viel  er alhier ter stede nog niets of niemand in de prijzen. Dat wekte bij onze redactie wel verbazing en zelfs ongeloof op. Kortrijk centrumstad? Bewezen kandidaat ‘culturele hoofdstad’?

Weet immers wel dat  onze Minister van Cultuur (dat is nu, sinds 30 september 2024, Caroline Gennez  hoor!)  met miljoenen smijt in het kader van het Kunstendecreet en/of het Bovenlokaalcultuurdecreet.  Misschien waren er vanuit Kortrijk  geen of te weinig dossiers ingediend?
(Ter info: voor het bemachtigen  van  subsidies voor projecten in de eerste helft van volgend jaar is de uiterste indiendatum 15 september.)

In het kader van het Kunstendecreet  liepen er in de tweede ronde 354 aanvragen binnen voor een projectsubsidie. 147 daarvan zijn goedgekeurd, voor een totale som van 2,8 miljoen.

Er ging een bedrag van 50.000 euro naar naar één Kortrijks project genaamd “In Spiritu – Rituals after Religion”.
Nog nooit van gehoord ! Heel Tinternet afgezocht. Navraag gedaan bij een chatbot. Daarbij stootten we uiteindelijk op een bericht van Annelies Vanwalleghem die aankondigt dat zij op 6 november om 19 uur in het Abby-museum haar boek zal voorstellen, getiteld  “Kunst als instrument voor de ziel. Meditatie in West-Europa 1450-1650”.
Met de verrassende toevoeging dat die boekvoorstelling helemaal past in de aanloop van een najaarsexpositie in Abby. Zij vertelt nog dat ze deel uitmaakte van het team dat de expositie heeft voorbereid en daarbij verschillende werken in bruikleen gaf.
Wat is nu het probleem waar onze redactie mee worstelt?
In héél de kalender van Abby inzake tentoonstellingen of andere gebeurtenissen wordt nergens gewag gemaakt van enig evenement genaamd “In Spiritu- Rituals after Religion”.  Nergens !
Big problem!
Waarvoor dient die 50. 000 euro??
Zou het om “Faith no more” gaan”?  (Begint al op 24 oktober…)

In het kader van het Bovenlokaalcultuurdecreet veroverden we dankzij Kortrijkse kunstwerkers twee prijzen.
(Carline Gennez had voor dit decreet 2,2 miljoen euro  veil. Er zijn nu 16 bekroonden.)

Eén project hoeft geen nadere toelichting, me dunkt toch.
De tweede editie van het  evenement “Sint-Denys-City kunst langs trage wegen” (dat nu loopt) werd met reden beloond met  een toelage van 30.000 euro. Proficiat voor organisator Jan Leyen.

Een ander project is minder bekend, tenzij voor mensen die in woonzorgcentra verblijven of daar een ergens voor nodig zijn.
Het gaat om een project met de naam “WoonZorgKunst”.
Kreeg 55.180 euro cadeau.
De aanvraag ging uit van een (stedelijke) organisatie die niemand kent: DURF. Ooit ontstaan tijdens het plan van schepen Ronse om van Kortrijk een Culturele Hoofdstad te maken. (Website, als die werkt: durf2030.eu.)
“WoonZorgKunst” slaat op een project waarbij de directies van drie van  onze woonzorgcentra  de handen in mekaar sloegen om zeer regelmatig “artistieke praktijken” (toonmomenten) van lokale kunstwerkers of artiesten een plek te geven in de openbare ruimte van hun vestigingen.
In welke drie woonzorcentra die evenementen doorgaan weet ik niet. (Eén ervan wel: H.Hart.) (Kortrijk telt niet minder dan 12 van  die centra.

“Architectuur in Kortrijk”: een wonderlijke openbare groep op facebook

Om de haverklap melden er zich met naam en toenaam  een drietal (meestal) nieuwe leden aan bij deze groep. Al van in het begin van onze persoonlijke jaartelling  kon men in het inleidende woordje van de beheerder lezen dat de groep ‘op vandaag’ rond de 1.800 leden telde.

Kortrijkwatcher heeft onlangs berispend ingegrepen bij de beheerder en sindsdien heeft men het over 2,2 d leden. (In de rubriek “personen” meer nauwkeurig: 2.184 leden.)
Geen weet of er soms enig lid ontslag neemt.
Men kan daar nochtans een goede reden voor bedenken, – om dat dus wel te doen. Want dat is juist het wonderlijke aan deze FB-groep: niettegenstaande de bijna dagelijkse aangroei van het aantal leden gebeurt er in de groep inhoudelijk ONGEVEER NIETS.

Zo nu en dan proberen we in de rubriek “discussie” een bijdrage te leveren, maar dit lokt niet de minste reactie uit. In de rubrieken “evenementen” en “media” (die ook al jaren bestaan) is ook  weinig of niets te beleven. Wat foto’s. (Als ene Stefaan Maddens als lid momenteel met zijn inbreng niet zou bestaan, blijven deze rubrieken tegenwoordig leeg.)

De groep “Architectuur in Kortrijk” telt niet minder dan negen beheerders, waaronder wel eens een nauw betrokken persoon in de Kortrijkse “bouwkunst”. Maar de facto is gewezen schepen en raadslid Koen Byttebier van tel. In wezen dus toch ook geen al te neutrale ‘redacteur’.

U herkent meteen ook zijn  stijl  in het inleidend woordje, de versie geschreven bij het begin van het bestaan van de groep. Het mocht vooral niet te dol worden, dat is (was) duidelijk.
Doe nu maar eens aan begrijpend lezen:
“Elk gesprek verloopt hier respectvol, ondanks sommige meningsverschillen of contrasterende standpunten. (…) Politieke standpunten vermijden we hier best.”
(Hierbij past een N.B.: er zijn in de groep gewoonweg nergens meningsverschillen of contrasterende standpunten te bespeuren.)

Recent is evenwel ‘het woord vooraf’ gewijzigd.
We mogen nu – heel voorzichtig – wat meer !
Lees maar:
“Het staat iedereen vrij om goeie voorbeelden uit Kortrijk of andere inspirerende steden ter sprake te brengen. Of om aan te kaarten wat volgens jou foute beslissingen waren of zouden kunnen zijn. Elke discussie kan zinvol zijn, zolang ze respectvol gevoerd wordt.”

Naschrift
De senior-writer van ‘Kortrijkwatcher’ heeft een volgens hem mogelijke foute beslissing gemeld aan de 2.184 leden van de groep.
(Geen reactie.)
De nieuwe coalitie is namelijk van plan om op de ene helft van de Grote Markt (kant stadhuis) een groep spuitende fonteintjes te plaatsen waarin de kindjes dan eventueel ook nog zouden kunnen  spelen.
Secchi zou dit nooit hebben geduld.
We doen een oproep aan de leden van FB-groep om zich te verzetten tegen dit project.