Category Archives: stadsplanning

Alweer wat nieuws over dat bruggetje…

Iedereen kent dat schattig fiets- en voetgangersbruggetje over de oude Leie, tussen de Damkaai en de Kleine Leiestraat, vlakbij de Broeltorens, – waar die plezierbootjes liggen. De naam Kalkovenbrug is minder bekend.
Nu, wat iedereen wel weet is dat het ding al lang – sinds april vorig jaar? – is afgesloten want iemand had eindelijk geconstateerd dat de oversteek ervan niet meer veilig was. Enkele palen waren aan het rotten.
En de sluiting van het bruggetje kwam (en komt) goed uit voor de aannemer van werken voor een nieuw appartementsgebouw aan het eind van de Kleine Leiestraat. (Minder hinder van al die scholieren.)

In juni vorig jaar vond het Schepencollege dat het hoogdringend nodig was om een ontwerper aan te stellen voor de bouw van een nieuw bruggetje. En die is gevonden in september. Het werd Arcadis Belgium Holding. Die zou het doen voor 41.230 euro  als ereloon. (Daar moet nog 21% btw bij.)
En nu is het concept dus klaar.  Het bruggetje krijgt een breedte van  3 meter en wordt enigszins verplaatst richting Broeltorens om aldus beter aan te sluiten bij de Kleine Leiestraat en de Broelparking op de Damkaai.

Prijs?
– Zonder opties en incl. btw: 585.834 euro.
– Met opties allerhande: 737.358 euro.
– Totaal (erelonen, archeologie, nutswerken, “aanvullende ingrepen”):   887.350 euro (incl. BTW).

Vragen

Hier zitten we nog met een vraag of twee:
1) Wie doet de afbraak van het bestaande bruggetje en wat gaat dat kosten?
2) Maar wie is eigenlijk de bouwondernemer?

Timing?
En zijn er reeds assemblage-werken bezig, ergens in een atelier?
Op de site zelf zouden de werken deze zomer starten, in juni-juli en alleszins een drietal maanden duren.
Nou, onze schatting is dat de periode tussen het sluiten van het bestaande bruggetje en het openen van het nieuwe ongeveer 20 maanden zal beslaan.
We moeten een keer vragen aan onze bekende China-felow traveller Carl Decaluwé wat de Chinezen uit Zhejiang daarvan denken, als ze hier weer eens op bezoek zijn.

 

 

 

 

 

En nog een brief aan de Kortrijkse agorafoben (3)

Beste stadsgenoten,

Nu richten we ons specifiek tot u, naar aanleiding van de ervaring dat velen onder u behept zijn met het onvermogen om (kale) ruimte te verdragen,  hier meer in het bijzonder die leegte van het Schouwburgplein.
De vorige missive was eerder gericht tot ons huidig bestuur dat niet minder dan één miljoen wil spenderen aan het “vergroenen” van de Grote Markt. Onze vrees spruit vooral concreet voort uit het voornemen  (een stadsproject!) van de nieuwe coalitie om  op onze Grote Markt – een pretpark – nu ook nog uit te pakken met een waterpartij, dansende fonteintjes namelijk. Met al die zandbakken, de kindermolen, de speeltuigen allerhande maakt dit concept de infantilisering van onze markt (de “ziel” van de Stad) compleet.

De Grote Markt dreigt hiermee definitief haar waardigheid te verkiezen. Er zijn hier nu eenmaal bestuurders  die menen dat het tot de kerntaak van een stad behoort om te zorgen voor permanente  animatie. De bezoeker herleidt tot een consument.

Dat Schouwburgplein nu. Die steenwoestijn.
Hier is iets anders aan de gang. Een ander ‘issue’.

Hier ervaren we we dat onze bestuurders inzien dat dit plein uiteraard leeg moet blijven
. Altijd beschikbaar voor flexibel,  multi-functioneel gebruik.  Een Stad kan gewoon niet zonder een open ruimte, een min of meer grote oppervlakte met en minimum aan obstakels en decorum. Bepaalde manifestaties, programmaties, diverse evenementen dienen nu eenmaal mogelijk te blijven, op een centraal gelegen plek, in een Stad die naam waardig.
Probleem is  dat er blijkbaar nogal wat Kortrijkse stedelingen lijden aan “horror vacui urbanis”, ja zelfs een soort afkeer vertonen van het ongevulde plein.
Niets aan te doen. Een kaal plein confronteert.  Echt geruststellend is het niet.  Gezelligheid is geen troef.. Lijders aan  zo’n  ” visuele horror vacui “ willen die agorafoben graag behelpen. Zo zijn ze wel, de ‘vergroenders’. Met een invulling van de ruimte: drie berkjes, wat siergras, bloembakken en nog een zitbankje erbij. Tijdelijke constructies mogen ook hoor ! Een frietkot !
En die defecte fontein, de “Golf” van Olivier Strebelle?
Wat moeten we daarmee? Wij pleiten voor het In stand houden ervan, als monument, als rustpunt voor het oog.

Kijk.
Lezer,
we doen een toegeving aan onze hardnekkige agorafobe Kortrijkzanen.
U wilt de troosteloze vlakte doorbreken? We doen een voorstel.
Laten we  een luifel bouwen aan de ingang van de Stadsschouwburg. Maar dan wel een grote, een rustieke, in antiek smeedwerk en op gietijzeren palen. Met glas-in-lood. Ouwerwetse allure moet er zijn. Geen glad modern gedoe.
Kan nog dienst doen als kiosk ook. Er is leven in de woestijn.

 

Brief aan de Kortrijkse urbanistisch-esthetisch bevlogen agorafoben (2)

Beste stadsgenoten,

Dat moet nu toch wel een keer lukken zeg.
Ondergetekende, de eigenste senior-writer van uw Kortrijkse alternatieve stadskrant heeft minsten een decennium op de Grote Markt geresideerd. Daarna nog een paar decennia in het Begijnhof. geslapen. Qua open en gesloten publieke ruimtes is hij zonder twijfel een ervaringsdeskundige. Zo zal u nu wel beamen.
Beetje babbelen over slapen  in het Begijnhof leidt al vlug  naar claustrofobie als gespreksonderwerp en dat is in de context van deze brief niet echt het onderwerp. Alhoewel, het Begijnhof kan dienstig zijn als toevluchtsoord  voor wie  de terrasdrukte van de Grote Markt teveel is geworden. Begijnhofbewoners kan men beschouwen als ‘free riders’. Ze kunnen immers van twee walletjes eten:  met de Grote Markt  genieten zij van onmiddellijk bereikbare stedelijkheid, kunnen zij aldus ontsnappen aan de rustieke stilte en doodsheid van het Begijnhof. (’s Avonds gaat de poort  onverbiddelijk dicht !)

Die gezellige  Grote Markt nu.
Daarover willen we het eerst hebben.
Ontworpen door Secchi die  geloofde in een plein als open civiele ruimte, als een leegte die net door haar soberheid de kwaliteit van een Stad representeert. Laten we wel wezen: de soberheid van een plein vraagt van de Kortrijkzaan vertrouwen in de Stad zelf. Zo’n plein vertoont een historische monumentaliteit en doordachte geometrie  die geen bijkomend decor nodig heeft. Zo’n Stad die bewust is van zichzelf heeft geen nood aan een stadsplein met een bambino-kindermolen, met zandbakken of andere speelelementen. Het marktplein van zo’n Stad die vertrouwen en trots wekt bij de inwoners heeft absoluut geen nood aan een sportieve invulling. Zo’n Stad beschikt daarvoor toch zeker wel over een stadium?

Beste Kortrijkzaan, 

Het lijkt er danig op dat de huidige monstercoalitie onze Grote Markt nog wat meer wil infantiliseren
. In het meerjarenplan is zowaar één miljoen euro voorzien voor wat men bestempelt als een “vergroening”. De roep om struikgewas, bloempjes (zoals in de wei)  en boompjes is niet meer te stuiten. Véél bomen, eventueel in keurige designbakken zodat ze mobiel blijven, – men weet nooit welke modetrend zich nog in deze bestuursperiode kan aandienen.
En dan die fonteintjes ! We hebben het heus niet vergeten.  In de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen verscheen een kitcherig ogende 3D-visualisatie van hoe  het toekomstig bestuur de Grote Markt wilde omtoveren in een imaginair landschap. Warempel met zgn. ‘dry desk fountains’. Dansende fonteintjes. Gespetter alom. Een waterpartij is trouwens geschikt om het hitte-eilandeffect tegen te gaan, – of wist u dat soms niet? Zelfs ecologie kan ingeroepen als rechtvaardiging voor geprogrammeerde over-inrichting van een plein.

Een ” grote markt ”  –  het hart, zeg maar de ziel van een Stad  – is een civiele, democratische ruimte. Het is géén park of plantsoen, géén plopsaland, géén attractie, géén welnessresort, géén landschappelijk object. Het is een plein.  Een collectief stedelijk podium om te feesten, te betogen, handel te drijven, te pronken, te vergaderen, te rouwen, te herdenken –  of een forum ook om niets te doen. Mensjes kijken.
Het is en plek waar men zich (willen of niet) een echte Kortrijkzaan voelt.

Vanwaar die hardnekkige drang om een sober marktplein te “verzachten”, te verrommelen, op te tuigen, te decoreren, in te vullen, te vergroenen? Te bezaaien met terrassen?
Hiervoor moeten we twee “instanties” ter verantwoording roepen; 1) de bestuurders en 2) de agorafobe burgers.

Eerst de bestuurders.
Die zijn gedreven  door een politieke angst.  Angst om niets te doen. Iedere nieuwe lichting van bestuurders wil altijd opnieuw uitpakken met ‘projecten’.  STADSPROJECTEN ! Men wil iets doen, iets zeggen, iets tonen. Niets geschikter of eenvoudiger is dan : een ruimte herinrichten. Burgers tonen waarvoor al dat belastinggeld dient.
En elk herinrichtingsproject begint met de impliciete veronderstelling dat het bestaande tekortschiet. Hier in Kortrijk: de horeca moet gered.
Het resultaat is een overgeprogrammeerde stedelijke rommelmarkt. Het vergt moed van bestuurders, ontwerpers, jury’s om te erkennen dat kwaliteit kan ontstaan door weglating in plaats van door toevoeging. Een leeg, sober plein is een gedurfde radicale keuze. (Het is tegenwoordig een hardnekkige misvatting bij al onze Vlaamse steden dat leegte een probleem is.)

Beste lezer, 

Met die laatste bemerking belanden we rechtstreeks bij u ! Bij de agorafobe burgers met hun angst voor lege ruimte en stilte. En bij het gebrek aan moed om een bepaalde ruimte te vertrouwen, bijvoorbeeld die steenwoestijn van het Schouwburgplein.

(Er komt nog post.)

Een brief aan de Kortrijkse agorafoben (op komst)

Als je  bepaalde Kortrijkse gebruikers van ‘socials’ als FB of van de groep “Architectuur in Kortrijk”, ook op FB , of zelfs van bestuurders van de regerende fractie TBSK leest, dan  kun je de indruk opdoen dat er ter stede een nieuwe existentiële crisis is uitgebroken. Niet alleen over parkeren,  of over GAS-boetes, zelfs niet over de staat van de Leieboorden.
Neen, – over het ondraaglijke drama van … lege ruimte.
De Grote Markt blijkt voor sommigen een woestijn, om niet te spreken van het Schouwburgplein. Die plek is voor nogal wat burgers een soort stenige savanne.
En dus klinkt de roep om meer “vergroening” en – jawel –  fonteintjes ook nog.
Kortrijkwatcher heeft daar zo zijn mening over.
In een volgende editie willen wat uitweiden over wat we benoemen als urbanistich-esthetische agorafobie.

Naar een heraanleg van het Begijnhofpark: kosten? (2)

Spoiler
Dit stuk is deels op loze info gebaseerd.
Dat is niet onze gewoonte.

In de laatste aanpassing van het vierde meerjarenplan  over de periode 2020-2027 (nog opgesteld onder de tripartite), was er nog altijd geen enkele eurocent voorzien voor de kosten verbonden aan de aanleg  van de “uitbreiding” van het Begijnhofpark.
Die uitbreiding waarvan toen sprake was sloeg op het feit dat vanwege de sloop van het WZC Sint-Vincentius en de eliminatie van de parking voor de bewoners van het begijnhof het park zou aangroeien van 8,100 m² naar 10.700 m².  Met 30 procent dus, een cijfer waarmee schepen Maddens uitentreuren uitpakte  om het geplande woonproject in het park (29 units) goed te praten.
(Ter info en pro memorie: Stad kocht in 2017 de hele site van Sint-Vincentius op voor 4,1 miljoen euro, met een oppervlakte van 6.256 m². Het stuk dat bedoeld was voor een woonproject werd verkocht voor 2,5 miljoen.)

Dat woonproject van de ontwikkelaar GML Estate is nu van de baan (beslissing van CBS op 24 juni) zodat het park in tweede instantie nog wat groter wordt dan ooit gedacht.
Hoe groot?
Volgens een persbericht (VRT 24 juni) komt er nu – vanwege de schrapping van het woonproject – nog 2.500 m² grond bij en krijgen we aldus  een totale parkoppervlakte van 13.200 m².
(Noot. Eigenlijk weten we niet goed hoeveel m² GML Estate voor het woonproject heeft aangekocht.  Het bestek geeft daaromtrent in de notulen van de GR van 11 december 2023 geen nadere toelichting.)
Wat we wel weten is dat het zakelijk recht om te bouwen in het Begijnhofpark ging over een vloeroppervlak van 3.400 m².

Een lange inleiding om te komen tot ons onderwerp. De landschapkosten voor de heraanleg van het Begijnhofpark.
Tot onze verbazing weet schepen Wout Maddens nu alreeds wat de aanleg van het nieuw vrijgekomen deel van het park zal kosten: met name 740.000 euro. Zie laatste “Bulletin van Vragen en Antwoorden van december dit jaar, pag. 18. (Maar in het VRT-persbericht van 24 juni heeft men het over 600.000 euro.)
We geloven eerder dat bedrag van 740 K.
Wat is dan de aanlegkost van het extra vrijgekomen perceel?
– Als het gaat om een oppervlakte van 2.500 m² dan  kost dat 296 euro per m².
– Gaat het om 3.400 m² dan kost die heraanleg 217 euro per m².
Geen idee of dat wel kan.

Er moet binnenskamers in het kabinet van schepen Maddens toch alreeds iets gaande zijn over de plannen voor de heraanleg van het Begijnhofpark.
In het eerste meerjarenplan 2026-2031 van de huidige vierpartijencoalitie is voor het actieplan “Begijnhofpark + omgeving O.L.V.kerk”  (nr. 3.1.11) een immens krediet ingeschreven: niet minder dan 1.780.000 euro.

De redactie van deze alternatieve stadskrant mag zich verheugen in de medewerking van een schat van een dossierbewaarder.
Hij is op het spoor gekomen van een voorontwerp voor de aanleg van het Begijnhofpark, opgemaakt door “Deroose landschapsarchitecten“, en goedgekeurd door het College op 27 november 2023.
Voor de zone “verbinding Abby – O.L.V-kerk” is het budget geraamd op 153.291 euro (incl. btw) en voor de zone “achterzijde begijnhof en de centrale zone” (met het evenementenplein) op 371.880 euro.
Over de aanlegkost voor extra vrijgekomen grond heeft men het uiteraard niet. Die aanleg zou dan zoals gezegd 740.000 euro kosten.
Totaal: 1.265.171 euro.

P.S.
Gelieve heel dit stuk met een kilo zout tot u te nemen.

 

Mijmeren in het Begijnhofpark (1)

Koude maar zonnige winter- en tegelijk verlofdagen zetten onze gemeenteraadwatcher er altijd toe aan om forse wandelingen te maken. Wel menigmaal beperkt tot ‘historisch en hartje Kortrjik”. (Zo’n lief stadje, voelt aan als een dorpje.)

Vandaag is hij beland en gestrand op een bank in het Begijnhofpark.
Nu het schepencollege (24 juni) heeft beslist om op de voormalige site van Sint-Vincentius dan toch geen wooncomplex te gaan bouwen zat hij zich aldaar – in het lekker zonnetje –  te bedenken over wat er staat te gebeuren met die onverwachte uitbreiding van het Begijnhofpark.
Nog met méér dan met de geraamde 30 procent !
Hoe staat het met de wel degelijk beloofde gehele heraanleg van het park? Met het Boerenhol en de Zypte?  Komt er daar nog iets van?
Onze gemeenteraadwatcher zit dus alweer achter zijn bureau. In de archiefkamer.
Om welke oppervlakte zal dat nu gaan? Wat zou dat kunnen kosten?
Is er al een ontwerper? (Deroose zeker?)

Vragen te over.
Tja. Hij kan echt niet stilzitten, onze gemeenteraadwatcher.

“Architectuur in Kortrijk”: een wonderlijke openbare groep op facebook

Om de haverklap melden er zich met naam en toenaam  een drietal (meestal) nieuwe leden aan bij deze groep. Al van in het begin van onze persoonlijke jaartelling  kon men in het inleidende woordje van de beheerder lezen dat de groep ‘op vandaag’ rond de 1.800 leden telde.

Kortrijkwatcher heeft onlangs berispend ingegrepen bij de beheerder en sindsdien heeft men het over 2,2 d leden. (In de rubriek “personen” meer nauwkeurig: 2.184 leden.)
Geen weet of er soms enig lid ontslag neemt.
Men kan daar nochtans een goede reden voor bedenken, – om dat dus wel te doen. Want dat is juist het wonderlijke aan deze FB-groep: niettegenstaande de bijna dagelijkse aangroei van het aantal leden gebeurt er in de groep inhoudelijk ONGEVEER NIETS.

Zo nu en dan proberen we in de rubriek “discussie” een bijdrage te leveren, maar dit lokt niet de minste reactie uit. In de rubrieken “evenementen” en “media” (die ook al jaren bestaan) is ook  weinig of niets te beleven. Wat foto’s. (Als ene Stefaan Maddens als lid momenteel met zijn inbreng niet zou bestaan, blijven deze rubrieken tegenwoordig leeg.)

De groep “Architectuur in Kortrijk” telt niet minder dan negen beheerders, waaronder wel eens een nauw betrokken persoon in de Kortrijkse “bouwkunst”. Maar de facto is gewezen schepen en raadslid Koen Byttebier van tel. In wezen dus toch ook geen al te neutrale ‘redacteur’.

U herkent meteen ook zijn  stijl  in het inleidend woordje, de versie geschreven bij het begin van het bestaan van de groep. Het mocht vooral niet te dol worden, dat is (was) duidelijk.
Doe nu maar eens aan begrijpend lezen:
“Elk gesprek verloopt hier respectvol, ondanks sommige meningsverschillen of contrasterende standpunten. (…) Politieke standpunten vermijden we hier best.”
(Hierbij past een N.B.: er zijn in de groep gewoonweg nergens meningsverschillen of contrasterende standpunten te bespeuren.)

Recent is evenwel ‘het woord vooraf’ gewijzigd.
We mogen nu – heel voorzichtig – wat meer !
Lees maar:
“Het staat iedereen vrij om goeie voorbeelden uit Kortrijk of andere inspirerende steden ter sprake te brengen. Of om aan te kaarten wat volgens jou foute beslissingen waren of zouden kunnen zijn. Elke discussie kan zinvol zijn, zolang ze respectvol gevoerd wordt.”

Naschrift
De senior-writer van ‘Kortrijkwatcher’ heeft een volgens hem mogelijke foute beslissing gemeld aan de 2.184 leden van de groep.
(Geen reactie.)
De nieuwe coalitie is namelijk van plan om op de ene helft van de Grote Markt (kant stadhuis) een groep spuitende fonteintjes te plaatsen waarin de kindjes dan eventueel ook nog zouden kunnen  spelen.
Secchi zou dit nooit hebben geduld.
We doen een oproep aan de leden van FB-groep om zich te verzetten tegen dit project.

 

Wat komt er nu eigenlijk op die “Tip Buda”?

We horen er niet zoveel meer over, maar blijkbaar kunnen we kort en goed antwoorden op onze vraag uit de titel: gewoon niks.
Dat wil zeggen: niks nieuw.
Het huidige parkje (helemaal op de uiterste westelijke tip) wordt uitgebreid met een soortement  nieuw “park”, natuurlijk na sloop van de oude materniteit en (in een eerste fase althans) de palliatieve verzorging.
De oude plannen voor een nieuwe bibliotheek,  een “congreszaal”,  of de bouw van een rij sociale woningen (een voorstel van “Vooruit”) zijn helemaal van de baan.

Uiteraard blijft het klooster behouden. De gebouwen Reepkaai en het pand Buda 35 (de vroegere OCMW-sociale dienst) blijven ook behouden (en later gerenoveerd) volgens het masterplan maar men weet nog niet goed wat ermee aan te vangen.

Het is heus  een ingewikkeld voorontwerp. We begrijpen er niet al te veel van.
Er is nog een gebouw tussen de Reepkaai en  de voormalige Sociale Dienst dat voorlopig mag blijven en op termijn kan herbouwd als “bouwveld BudaYard“. (Vraag me nu niet wat hiermee is bedoeld.) Voorts is er sprake van de realisatie van een nieuw (multifunctioneel,- denk ik) gebouw op de plek van de voormalige palliatieve zorginstelling en de tuin Luilekkerland.

De site op Tip Buda komt dus  op 1 januari volgend jaar volledig in beheer van stad Kortrijk. Stad heeft bij AZ Groeninge aangedrongen op het vervroegd verlaten van de ziekenhuissite.
Er is nu dankzij de nieuwe “monstercoalitie” (dixit Ruthie) een schetsontwerp opgemaakt door Atelier Horizon en ARA (voor het onderdeel nieuwe  ‘publieke ruimte’) en SWECO (voor het onderdeel gebouwen en sloop).
Niet minder dan zeven teams van stad  hebben tussen 7 april en 3 juni (bijna twee maanden) het voorontwerp gefinaliseerd. En de toegankelijkheid van heel de nieuwe site is tevens doorgenomen met de stedelijke adviesraad voor personen met een handicap. Er komen namelijk topografische verschillen (reliëfwijzigingen). Participatie !

De aanleg van de vrijgekomen publieke ruimte omvat verschillende onderdelen.  Een opsomming: rioleringswerken, nutsleidingen,  waterhuishouding (wadi’s), verharding en groenaanleg, een fietspad en fietsstallingen., doorgangen.
En jawel: in de centrale zone (tussen de twee bruggen) komt een  “plein-park”,  een publieke ruimte  die de kenmerken van (enerzijds) een park én (anderzijds)  die van een plein naadloos combineert.
Brede doorgangen laten verblijffuncties toe (terras, klein evenement,…) In de graszones komen er picknickplaatsen, banken,  ‘spelprikkels‘ (toestellen) en houten  ‘platformen’ die toelaten om te zitten en te spelen.
Er is een “centrale koer”, omringd door de gevels van het sociaal huis, het klooster, de kloostermuur en de kapel. Erfgoedelementen die dankzij de rechthoekige vorm van de koer een zekere statigheid uitstralen.

Wat moet dat kosten?
Voorlopig in fase 1:  3.295.000 euro. (Sloop alleen al kost 835.000 euro. Omgevingsaanleg: 1,9 miljoen.)
Timing?
Sloop begin volgend jaar en afwerking van de omgevingsaanleg eind volgend jaar.

Ziezo.
Nogmaals bedankt voor het kijken.

Het nieuwe fiets- en voetgangersbrugje achter de Broeltoren is heus nog niet voor morgen…

Iedereen kent dat houten brugje over de oude Leie,  achter de Broeltorens. Een door wandelaars en fietsers veel gebruikte verbinding tussen de  Damkaai (net waar gewezen burgemeester Stefaan De Clerck woont) en het Guido Gezellepad , inclusief  de Kleine Leiestraat.
Maar weinigen kennen de naam. Het is de Kalkovenbrug. Moet nu zowat een halve eeuw oud zijn, –  en we hebben er al veel miserie mee gehad.
Maar ook grootse plannen!
Er is op een bepaald moment niet enkel sprake geweest van een verplaatsing naar de Broeltorens toe, maar ook van een ophaalbrug. (Was dat niet de ambitie van N-VA-schepen van Toerisme,  Rudolphe Scherpereel, ergens rond 2015?)

Dat weten we wel nog: in 2018 zou men niet enkel de locatie wijzigen maar (tegen 2020 !) een heel nieuwe brug bouwen, in samenwerking met De Vlaamse Waterweg (DVW).
En hoe weten we dat nog?
– Omdat Vlaams parlementariër Bert Maertens (uit Izegem!) daar al op 12 maart 2018 een vraag heeft over gesteld.
Toenmalig minister van Mobiliteit Ben Weyts was kort in zijn antwoord.  De Kalkovenbrug is gebouwd door stad Kortrijk en kreeg op 25 maart 1982 van de voorganger van De Vlaamse Waterweg een vergunning afgeleverd. Eventuele werken aan deze brug gebeuren in opdracht van en ten laste van de stad Kortrijk. Punt.
– Naar aanleiding van de huidige erbarmelijke staat van de brug stelde alweer de Izegemnaar Bert Maertens  (dus géén Kortrijks parlementariër!) op 14 maart van dit jaar ongeveer dezelfde vragen.  Wordt DVW betrokken bij de plannen?  En wat zou de geraamde kostprijs kunnen zijn om de brug (en het jaagpad) te vernieuwen?
Antwoord nu van minister Annick De Ridder. De Kalkovenbrug is gebouwd door de stad Kortrijk en is ook in het beheer van de stad. Eventuele herbouw valt bijgevolg onder de bevoegdheid van de stad. En het jaagpad is voor een gedeelte in beheer van stad, middels een vergunning inname openbaar domein.

Het is duidelijk. Ons Stadsbestuur moet niet azen op een financiële of andere bijdrage van het Vlaams Gewest.
Heeft men dat gehoopt?
In elk geval is duidelijk dat de plannen met de Kalkovenbrug niet beantwoorden aan de leuze van schepen Maddens bij de aanpak van stadsprojecten: “VOORTDOEN ! ”
Dat brugje is nu al dicht sinds eind april. Het bestuur heeft het nodig geacht om door een extern bureau (Arcadis) te laten constateren dat het ding niet meer stabiel is aangezien er enkele steunpilaren in slechte staat zijn.
En pas onlangs is stad ertoe gekomen om 7 (zeven!) studiebureaus aan te schrijven het het oog op … Ja, waarop? Blijkbaar op het ontwerp van een nieuwe brug en op een locatie die beter aansluit op de Kleine Leiestraat.
De sloop van de bestaande brug is een andere opdracht, en over de aanleg van  een noodbrug is enkel losweg eventjes sprake, zonder enige offerte.
Zéér opvallend is nog dat er in het Collegebesluit geen enkel geraamd budget wordt vermeld.
En nog eigenaardiger is dat 1) de gunning van het ontwerp pas zal gebeuren in september, 2) de omgevingsvergunning pas moet ingediend in november.
Laat ons ervan uitgaan dat de nieuwe brug  er dit jaar niet meer komt, althans niet bij een strenge winter. (Vertel dat eens aan de Sinezen!)

VOORTDOEN !!

P.S.
Het is wel zo dat Kortrijks schepen Veys sinds begin april  de nieuwe  voorzitter is van DVW…