Category Archives: stadsplanning

En nu de “indirecte kosten” van het Kortrijkse project stationsomgeving

Ook daar hebt u via onze belabberde lokale media, van elke beroepsernst ontdane LOKALE gazetten, nog niks van gehoord. (Woord vooraf.)

In vorige edities van deze alternatieve stadskrant hadden we het over de bouwkosten, niet enkel van het nieuwe station maar ook van de bijgaande werken in de onmiddellijke omgeving.
Even herhalen.
Als Kortrijks burger is het van nut om te weten dat de totale geraamde bouwkosten (inclusief station) 69.771.537 euro bedragen (excl. btw). Kortrijk draagt daartoe bij voor 21%, zijnde 14.665.727 euro. De NMBS staat natuurlijk in voor het grootste deel: 50,7% oftewel 41,65 miljoen. Infrabel: 8,88 miljoen (12,6%) en De Lijn 6,6% (4,62 miljoen).
Maar de Kortrijkse burger lijkt het meest bekommerd om de kostprijs van dat nieuwe station. Dus ook nog even memoreren: 47,271.770 euro, waar Stad (dat zijn wij) 8,3 procent zullen van bekostigen, dat is 3.951.000 euro. Bijna 4 M.
Zo.
Maar nu die “INDIRECTE KOSTEN“. (Ik vind geen beter woord. Misschien “administratieve kosten”?)
In het totaal gaat het om niet minder dan 89.003.501 euro.
Het Kortrijkse aandeel hierin bedraagt 17.491.738 euro. NMBS: 53,93 miljoen. Infrabel 53,93 miljoen. De Lijn 11,65 miljoen. (Hier is geen sprake van percentages.)

We sommen op waarover het gaat, met de geraamde (voorlopige) kosten voor stad alleen.
– Erelonen: 974.564 euro
– Management: 120.000
– Communicatie: 125.000
– “Minder hinder”: 32.250
– Controle organisme: 2.017
– ABR Verzekering: 21.842
– Decenale verzekering: 11.664
– Technische studie: 68.650

WE BESLUITEN
– bouwkosten: 69.771.537
– “indirecte kosten”: 89.003.501
ALGEMEEN TOTAAL: 158.775.038 euro

Of het misschien méér wordt?
Goeie vraag zeg !
Tja, heel de zaak moet nog gegund, en dan krijgen we vele jaren later nog diverse definitieve afrekeningen. (Die we misschien nooit zullen te zien krijgen?)
En hoe langer iets duurt, hoe meer het kost, alleen al omwille van de inflatie en loonkosten.
Maar misschien heeft de NMBS zijn lesje geleerd uit Luik en Mons en Gent?
In elk geval rekent men nu al met een “marge” aan méérkost van 10 procent.
Voort zijn de ramingen gebeurd op basis van de meest recente aannemingsbedragen van de stations in Gent en Mechelen. Met de duurste eenheidsprijzen. En met 17% inflatie daar bovenop. Voor het openbaar domein is de raming van indertijd (2021) verhoogd met 20 procent.
En de NMBS is ditmaal wel zo verstandig geweest om dit keer geen “sterarchitect” (met heel zijn bureau van papierverleggers en vergadertijgers) aan te stellen als ontwerper.




Wat zou dat nieuwe Kortrijkse station – plus de omgevingswerken – kunnen kosten? Nog cijfers !

Een vorige keer hebben we geleerd dat de bouwkost van het nieuwe station (apart genomen) zowat op 47 miljoen wordt geraamd. En dat wij – Kortrijkzanen – daar voor ongeveer 8 procent zullen toe bijdragen, concreet met bijna 4 miljoen. Dit alles zonder btw. Er is nog géén gunning van de werken.
Maar in die derde samenwerkingsovereenkomst (SWO3) hebben de vier partners nog een aantal bijkomende omgevingswerken goedgekeurd. Met het station inbegrepen voor een totaal van 69,77 miljoen.
ZONDER STATION kosten de loutere omgevingswerken 22.499.767 euro.
Voor op café, en in familiebijeenkomsten en in discussies met voor- en tegenstanders van het nieuwe station, onthoudt u dus maar volgende cijfers:
– totaal station: 47 M
– stadsbijdrage voor station: 4 M
– totaal omgevingswerken (zonder station): 22 M
– stadsbijdrage omgevingswerken: 10 M


En nu vraagt u zich af waar die werken op slaan, wat die zoal kunnen kosten en wat wij Kortrijkzanen daartoe alweer moeten bijdragen.
Een opsomming, zoals u nog nooit in de gazetten las.
1. Twee busstations, en stad is hier wel degelijk de aanbestedende overheid voor.
– Het busstation N (kant stad) kan 1,29 miljoen euro kosten en ons aandeel is daarin is slechts 10,4 procent, dat is: 135 duizend euro. (Het is door de aanleg van dit busstation dat ons oud treinstation moet verdwijnen.)
– Het busstation Z (andere kant) wordt geraamd op ongeveer een half miljoen, en we dragen daartoe 162.000 euro bij (31,6 procent).
2. Twee stationspleinen waar we ook de aanbestedende overheid voor zijn.
– Dat plein aan stadszijde zou 5,14 miljoen kosten en we betalen de aanleg ervan voor 97 procent, zijnde 4.996.547 euro.
– Aan de overzijde raamt men de kost op 5,25 miljoen en hier dragen we bij voor bijna alles: 5.223.098 euro (99,2 procent). Let wel. Hier zijn ook wegeniswerken mee gemoeid in de Tacklaan en e Bloemistenstraat.
3. Twee ondergrondse fietsstallingen, aan te besteden door de NMBS.
– Die aan stadszijde zal véél geld kosten. totaal 6,06 miljoen, maar ons aandeel hier is heel klein: 196.673 euro (3,2 procent).
– De stalling aan de zuidkant is geraamd op 1,44 miljoen en daar betalen we nul euro voor !
4. Bouw kantoor spoorweggroep.
Voor 2,77 miljoen, en daar betaalt stad natuurlijk ook niets voor.

Voor al die omgevingswerken (dus zonder station) bedraagt de deelname van stad 10.713.319 miljoen.
(Als we niet juist zouden geteld hebben, laat het ons weten!)

We onthouden dus nu:
– Station: 47 M waarvan voor Stad 4 M.
– Omgevingswerken 22 M waarvan voor Stad 10 M.


In een volgens stuk bekijken we nog wat we noemen : de “indirecte kosten“, zoals erelonen, studies, management, communicatie. Voor stad gaat het in totaal om wat meer dan 17 miljoen.
Dat zal dan het laatste cijfer zijn om te onthouden.
En zo zullen we aan een totaal bedrag komen voor het gehele project van de SWO3, een cijfer dat de gazetten niet kennen…


Maar wat zou dat nieuwe Kortrijkse station wel kunnen kosten?? NIEUWE CIJFERS !

Woord vooraf
Uit onze vorige verslaggeving over de besluitvorming rond dat gigantische NMBS- en stadsproject bleek geenszins dat er enige politieke unanimiteit (eendracht) bestaat over het plan “station & omgeving” – zelfs niet binnen de fracties van de gemeenteraad.
We moeten het zeker nog even hebben over het verloop van die Raad van 8 mei. De uitslag van de stemmingen (ook over de drie verworpen amendementen van CD&V-raadslid Benjamin Vandorpe) kreeg u inmiddels hier al wel te lezen. Van meerderheid tegen oppositie is geen sprake.
Intussen was het ons simpelweg ontgaan dat de Kortrijkzanen in feite niet eens de geraamde kostprijs van dat nieuw te bouwen station kennen. Kortrijkse bewoners en gebruikers zijn daar uiteraard zéér nieuwsgierig naar.
In de gemeenteraad kwam dat bouwkostbedrag zelfs niet concreet ter sprake. En in onze belabberde, amateuristische lokale pers had men het hoogstens op een zeer verwarde en ook al onjuiste voorstelling over de globale prijs voor héél het project – met daarenboven een onjuist aandeel daarin voor stad. Weerom!
Eén keer konden we iets lezen over de kostprijs voor de bouw zelf van het station, en dat bedrag was – hoe kan dat toch? – ook verkeerd. (We maken er dan ook geen gewag van.)

Allez, we gaan van start….
Wel hierbij bedenken dat het bij alle prijzen, hierna vermeld, om ramingen gaat. Er zijn namelijk nog geen aanbestedingen uitgeschreven zodat we de werkelijk gegunde prijzen nog niet kennen. En lang na de uitvoering van de werken moet er dan nog een verrekening binnen lopen met facturen voor bijv. herziene hoeveelheden, onvoorziene, bijkomende werken en nog zo een en ander. Men zegt dat de werken tien jaar zullen aanslepen (Vertel dat niet aan een Chinees.) Laat ons zeggen dat we de werkelijke betaalde, totale prijs zullen kennen aan het eind van het vierde decennium van deze eeuw.
Nog dit: alle prijzen hierna zijn EXCL. btw. Prijzen qua aandeel van stad noteren we ter info voluit, die voor de andere partners van de (derde) samenwerkingsovereenkomst (SWO3) ietwat verkort.

BELANGRIJKE CORRECTIE / AANVULLING
PROBLEEM !
De hierna vermelde bedragen komen van een document (tabel) van de NMBS zelf.
Ze verschillen van wat in de memorie van toelichting bij het agendapunt in de gemeenteraad is weergegeven. Getallen die ook prijken op de website van stad. Verschillen dus ook van wat we vertelden in ons eerste stuk (4 juni) over de materie. Evenwel, géén mea culpa van onzentwege ! Het College moet orde op zaken stellen. Men gaf in die memorie enkel de indirecte kosten op, voor erelonen en studies en zo. WE RADEN INTUSSEN DE LEZER AAN OM ONZE VORIGE CIJFERS in een vorige (eerste) editie over het project TE NEGEREN…


De geraamde kost voor de bouw van het station op zichzelf is dus 47.274.770,41 euro. (Excl. btw.)
We onthouden: 47 miljoen. Waar slaat dit op? Ja, op het station, inclusief wat er zoal bij behoort zoals de luifel en de aanpassing van de perrons. De afbraak van het bestaand gebouw? Blijkbaar niet, maar het dossier dat we kennen rept er niet over.
Wat is nu het aandeel van Stad, van ons? 3.951.908,93 euro.
Mentaal onthouden we: bijna 4 miljoen.
VERGEET ALLE ANDERE BEDRAGEN DIE U LEEST IN DE GAZETTEN OF DE ONZIN IN DIT VERBAND OP SOCIALE MEDIA.

Hou het bij discussies op café of in vergaderingen van erfgoedverenigingen hardnekkig bij resp. 47 M, waarvan 31 M voor de NMBS en 4 M voor ons, en geloof niks anders. De rest moeten Infrabel en De Lijn ophoesten. Zeg er als een allesweter bij (om indruk te maken) dat wij als Kortrijkzaan instaan in de bouwkost voor 8,3 procent.

Het aandeel NMBS
in procent
Dat is de aanbestedende overheid natuurlijk, en die draagt uiteraard het leeuwenaandeel van de bouwkost: 31.573.289 euro oftewel 66,7 procent.

Samengevat, getallen om overal mee uit te pakken:
– Bouwkost puur station: 47 M
– Aandeel NMBS: 31 M (=66%)
– Ons stadsaandeel: 4 M (=8%)

Misschien wilt u nog de aandelen van de andere partners kennen?
– Infranet: 8,82 miljoen (18,6%)
– De Lijn: 2,92 miljoen (6,1%)

En nu moeten we het wat ingewikkelder maken.
Die SWO3 slaat op het station PLUS de omgeving !
1.
Laat u niet overdonderen door die totale prijs van 69.771.537,47 euro !
Die kost slaat op méér dan het station. Gaat TEVENS over de stationsomgeving.
Bovenop de bouwkost van het station komen namelijk volgens de laatst goedgekeurde samenwerkingsovereenkomst (SWO3) de kosten voor:
– twee busstations (voor en achter het station),
– twee ondergrondse fietsenstallingen (ook N en Z),
– de aanleg van twee stationspleinen (weerom N en Z)
– plus bepaalde wegenis (Tacklaan en Bloemistenstraat)
– en nog een kantoorgebouw voor de spoorweggroep.
Details daarover voor een volgende keer. Met weerom de stadsbijdragen.
2.
En om volledig te zijn willen we het ten overvloede nog hebben over wat men zou kunnen noemen: de “indirecte kosten”, of een soort “overheadkosten” voor het gehele project. Bijvoorbeeld erelonen, studiekosten, management, communicatie, enz. Hier gaat het nog een keer om 89.003.501,39 euro. Ook te verdelen onder de partners.

P.S.
Maar vanwaar komen toch die andere cijfergegevens in de toelichting voor de gemeenteraad?












Over de onbestaande eensgezindheid inzake het stationsproject (3)

Gisteren las u in deze alternatieve stadkrant een overzicht van het stemgedrag van de raadleden in de zitting van 8 mei. Dat ging dus over de bouw van een nieuw station, fietsenstallingen, busstation, twee pleinen en wegenaanleg, kantoren allerhande. SWO3.
Voor dit ongemeen belangrijk architecturaal, stedenbouwkundig, historisch, financieel project zou men toch politiek een grote unanimiteit moeten vinden en nastreven. Een breed politiek draagvlak. Het College is daar dus tot op heden niet in gelukt en schrikt er er duidelijk voor terug om een bevraging van de bevolking te organiseren. Bij het goedkeuren van de omgevingsvergunning mag het College zich nog aan een pak bezwaarschriften verwachten. (Big problem: als we nu nog durven raken aan het derde samenwerkingsverband zijn we weer weg voor duizend jaar.)
We merkten in de vorige editie op dat er niet enkel geen eensgezindheid bestond (bestaat) binnen de Raad in zijn geheel, maar ook niet binnen de fracties zelf. De eindstemming was geenszins zoals altijd: dit keer géén stemming van meerderheid tegenover de oppositie, absoluut niet.
Opmerkelijk was dat bij de raadsleden van de tripartite aan de macht slechts één iemand heeft durven tegenstemmen: de heldhaftige Moniek Gheysens. Zij kreeg voor haar tussenkomst (waarover later in deze krant meer) geen applaus van de meerderheid, en zelfs niet van de gehele oppositie.
Zo’n tegenstem van een lid van de meerderheid is volstrekt ongewoon. Bij dit bestuur hebben we het één keer meegemaakt (Niels Lybeer) maar wellicht ging het om een ongelukkige duw op een verkeerd knopje. Dissidenten bij de meerderheid lossen de uiting van hun eventueel bezwaar over een agendapunt op door bij de stemming een toevallige, tactische plaspauze in te lassen. Of gewoon niet opdagen voor de zitting.

Over de bespreking in de gemeenteraad zelf hebben we het in een volgende editie.
Heel belangrijke punten van de agenda van een gemeenteraad worden hier op voorhand behandeld in wat men noemt “een Verenigde Raad” (VR). Dat is in feite een puur informatieve (wel openbare!) gemeenteraad zonder enige stemming. Men behandelt de technische kant van het voorliggend agendapunt. Bevoegde ambtenaren en experten geven zo nodig toelichtingen. Zo’n VR gaat altijd door op de dinsdag voorafgaand aan de gemeenteraad van de volgende maandag.
In dit geval was dat op 2 mei om 19 uur. Iedereen was er, uitgenomen de CD&V’ers Jean de Béthune en Roel Deseyn want zij waren verontschuldigd. Aanwezige ambtenaren van de Directie Ruimte waren Wim Lodewyck en Lotte Demeestere. De NMBS was vertegenwoordigd door de projectleider Joëlle François.

We zeggen al onmiddellijk iets wat politiek-vergadertechnisch van belang is om te constateren: géén van de drie fractieleiders van de meerderheid vond het nodig om ook maar één vraag te stellen of een opmerking te maken. Dat is heel tekenend. Afgesproken, dat is duidelijk. Het is ontegensprekelijk een symptoom van het feit dat er binnen hun fractie enige “roeringe” is, en wellicht ook binnen het College. Het lijkt me ondenkbaar dat bijv. in Gent, Mechelen, Mons de fractieleiders hun stem niet hebben verheven bij de bespreking van de te bouwen stations aldaar.
Wie nam er dan wel het woord?
Aan CD&V-zijde: Benjamin Vandorpe (uitvoerig), en eventjes Hannelore Vanhoenacker. Voor het Vlaams Belang: Wouter Vermeersch (uitvoerig), Carmen Ryheul, Marc Cottenier. Van Groen: Matti Vandemaele (uitvoerig), Cathy Matthieu en NIET fractieleider David Wemel.
Van de N-VA? De VLD (Team Burgemeester)? De Sossen? NIEMAND.
Van het College? Wout Maddens (weinig zeggend), Axel Weydts (licht boosaardig, spottend) en héél eventjes Axel Ronse met een ironische vraag.
Hierna enkele meer van belang zijnde tussenkomsten. (Aan de hand van de vraagstellingen kan men wel aanvoelen wat het standpunt is van de spreker.) In cursief lettertype soms wat toelichting van kortrijkwatcher zelf.

Benjamin Vandorpe blijft erover verbaasd dat de verdeelsleutel van de kosten pas echt wordt vastgelegd bij de aanbesteding.
Over de verdeling van de bouwkost hebben we het later nog in detail, want de gazetten weten weer nergens van. Per onderdeel van het project zijn er andere procenten. Laat ons nu volstaan met te zeggen dat wij voor het nieuwe station alléén instaan voor 3,95 miljoen op 47,27 miljoen (8,3 %). Voor indirecte kosten (erelonen, management, communicatie, studiekosten) zijn er al concreet geraamde kosten voor Stad aangegeven maar – eigenaardig genoeg – géén procenten.
De NMBS (Joëlle François) merkt op dat “de grote krijtlijnen” vast liggen. Zij wijst er ook op dat indien men nu nog zou raken aan de samenwerkingsovereenkomst (SWO3) men heel de ronde zou moeten overdoen. En dan lezen we dit: “De verdeling van de aanneming gebeurt niet op basis van de %, de % is eigenlijk het gevolg van de verdeling en van de finale raming of aanbestedingsprijzen. Het % wordt eerder gebruikt voor de verdeling van de kosten van de technische studies.” Tja.
Vandorpe wou ook weten wat het prijsverschil zou kunnen zijn tussen renovatie van het bestaand station en nieuwbouw. Schepen Weydts geeft als antwoord dat de CVP indertijd (2014) vorige overeenkomsten heeft goedgekeurd en schepen Maddens verwijst gewoon naar vroegere tussentijdse rapporten.
In de Kamer van Volksvertegenwoordiging is hierover door Frank Troosters (VB) ook ooit een vraag gesteld.
De minister vond toen (24/072022) dat de kosten voor renovatie en de aanpassingen van het bestaand gebouw te hoog zouden oplopen, dat het bestaand station au fond te groot is en dat er van alles niet meer beantwoordt aan hedendaagse vereisten.
Bijv. de doorgangen onder de grond.
Wouter Vermeersch is vooral bezorgd om het aantal parkeerplaatsen bovengronds en over de kosten van het station. De NMBS antwoordt dat de raming is gebaseerd op de meest recente aannemingsbedragen (2021) van de stations Gent en Mechelen, de duurste eenheidsprijzen. En daar bovenop is 17% inflatie gerekend. Voor het openbaar domein is de raming van 2021 verhoogd met 20%.
Marc Cottenier oordeelt regelrecht en kort dat hij het een mooi gebouw vindt. Schepen Ronse vraagt (ironisch?) of hij dat nog een keer wil herhalen. “Ja, het is een mooi en functioneel gebouw.” Ambtenaar Wim Lodewyck profiteert van de gelegenheid om te verklaren dat het nieuw gebouw binnen de NMBS zelf is geconcipieerd en niet door een “sterarchitect”.
Moniek Gheysens is “geboulverseerd“. Zij staat in de discussie boven de partijen en hun standpunten maar wil alleszins de gevel van het bestaand station bewaren. Zij vraagt aan schepen De Coene waarom hij – net als vroeger met de SOS-beweging – NIET achter de verdediging van het erfgoed staat. (Geen antwoord.) Schepen Maddens reageert wel. Meningen kunnen verschillen. En daarbij: de verdedigers van het erfgoed zijn daar pas 9 maand geleden mee begonnen en het project bestaat daarentegen al 15 jaar.
Matti Vandemaele wil eerst duidelijk stellen dat hij een believer is van het project. Hij wil wel eens weten waarom de gevel van het huidig gebouw niet kan blijven. Schepen Weydts wijst op het belangrijk uitgangspunt: twee wijken verbinden. En wat gebeurt er met de parking Tacklaan? Schepen Weydts: daar is nog geen duidelijkheid over.
Hannelore Vanhoenacker zegt dat zij niet blind is voor de beslissingen van 13 jaar geleden. (Haar partij was toen voor de afbraak van het station. Pro een nieuw “zwevend” station, boven de sporen.) Maar, zegt Hannelore: “voortschrijdend inzicht is belangrijk”. “De trend naar verduurzaamheid en duurzaam bouwen moeten we meenemen.”

(Wordt vervolgd.)








Nog over de (on)eensgezindheid binnen de Raad over het nieuwe station (2)

In onze editie van gisteren motiveerden we ons laattijdig verslag over de gemeenteraadszitting van 8 mei waarbij raadsleden zich moesten uitspreken over 1) wat de NMBS van plan is met het deelproject A (het nieuwe station en de fietsstallingen) en 2) wat Stad nog van plan is inzake het deelproject B (de stationspleinen voor en achter, het busstation en de zgn. Lijnwinkel). Ook de geraamde kosten en de verdeling ervan moesten worden goed- of afgekeurd.
Fundamenteel was natuurlijk het heikele punt: wat met het station?
Nauwgezet als we zijn wilden we wachten op de publicatie van de notulen om heel zeker te zijn over het stemgedrag van de raadsleden over dit gigantisch project. Want er heerst binnen de Raad over deze investering en historisch gebeuren, meer speciaal over de vraag hoe dat nieuwe station er moet uitzien, niet de minste unanimiteit, en – dat is uitermate zeldzaam – zelfs binnen de fracties valt geen volkomen eensgezindheid te bespeuren. Enige consternatie hierover lijkt mogelijk.
Maar dan moeten die notulen natuurlijk helemaal juist weergeven hoe de raadsleden hebben gestemd.
Voor het geheel van het voorgestelde project, de zgn. derde samenwerkingsovereenkomst (SWO3) tussen de betrokken vier partners is de stemuitslag met de namen wel juist genoteerd, maar dat geldt niet voor de ingediende amendementen. (Cf. infra.)
Er namen 39 leden deel aan de stemming. Raadslid Roel Deseyn (Cd&V) was afwezig en schepen Axel Weydts (van de beweging ‘Vooruit’) liet zich verontschuldigen.

Wie heeft er bij het “beslissingspunt” over het geheel van het project een ja-stem uitgebracht?
25 leden, te weten de raadsleden van de tripartite, uitgenomen Moniek Gheysens (VLD).
Hier speelde bij de meerderheid de partijtucht, iets waar ons Moniek nu al zovele jaren fel en heel fel onder lijdt. (“We mogen niets meer zeggen,” zo luidt steevast haar klacht in meer intieme kring.)
Maar wie schaarde zich nog achter die meerderheid? Twee van de vier leden van de Groen-fractie, met name Matti Vandenmaele en de fractieleider David Wemel.
Wie bracht een nee-stem uit?
11 leden. Alle aanwezige zes leden van de CD&V, drie (van de vier) VB’ers (Wouter Vermeersch, Lies Vercaemst, Carmen Ryneul), Jacques Demeersseman (onafhankelijk, vroeger VB) en – of course – Moniek Gheysens., de onverschrokkene.
En wie onthield er zich?
3 leden. Twee van Groen (Philippe Avijn en Cathy Matthieu) en één van het Vlaams Belang (Marc Cottenier).
Later, als we het hebben over het verloop van de voorafgaande Raadscommissie én de gemeenteraadszitting zelf, zullen we van de dissidenten het stemgedrag proberen te verklaren.

Amendementen
CD&V-raadslid Benjamin Vandorpe had drie amendementen in petto, en die waren waarlijk niet van de poes. Cruciaal. Het is dan ook zéér de moeite waard om hier zorgvuldig na te gaan hoe er werd gestemd. Hoe raadsleden hun overtuigingen kunnen verloochenen. Des avonds niet meer in de spiegel kunnen of durven kijken…
Amendement 1.
Vandorpe vraagt niet minder dan een digitaal referendum over het al of niet bouwen van en nieuw station, en wil daarbij dat de tripartite het advies van de bevolking volledig volgt. Zoals u weet is inspraak van de Kortrijkzanen (de actie “Kortrijk Spreekt”) een zowat onaantastbaar, heilig kernpunt van het stadsbeleid van de tripartite. Participatie ! En nochtans, héél de meerderheid stemde op 8 mei tegen enig referendum of bevraging over de kwestie. De drie fractieleiders zwegen als vermoord, en Ruthie zelf (bevoegd en verantwoordelijk voor “Kortrijk Spreekt”) gaf geen kik. Een prachtig – sprekend! – voorbeeld van behoedzaamheid in de politiek.
Ziehier de wonderlijke uitslag, want ook bij de oppositie zien we bijzondere gedragingen.
Wie stemt er tegen een referendum?
28 leden. Ieder raadslid van de coalitie, uitgenomen onze ware durfal, Moniek Gheysens.
Maar – tot onze verbazing – ook de vier raadsleden van Groen en één van het VB (Marc Cottenier die het plan van de NMBS schitterend vindt).
De motivatie van Groen kennen we niet, de fractieleider spreekt zich er niet over uit. Ons vermoeden is dat zij au fond voorstander zijn van het nieuwe, modern station en vrezen voor het ‘Gesundes Volksempfinden’. (De petitie van de erfgoed-aanhangers had nogal succes.)
Wie is er pro het referendum?
11 ja-stemmen. Natuurlijk de gehele CD&V-fractie. Maar ook drie VB’ers en het onafhankelijk raadslid Demeersseman.
Er waren geen onthoudingen.

Amendement 2
Vandorpe wil meer duidelijkheid over de “verdeelsleutel” van de kosten over de vier partners van het deelproject A. (Later meer daarover: die sleutel is eigenlijk nog niet echt formeel bepaald.)
Hier zien we weer hoe raadsleden partijtucht stellen boven redelijkheid, boven de gegrondheid van een voorstel.
Bekijk de uitslag.
26 nee-stemmen. Uiteraard dus weer geheel de kliek van de tripatite, met uitzondering van onze Moniek, de gewetenisvolle. Drie van Groen willen ook niet weten van méér accuraatheid over de kosten: Davdid Wemel, Cathy Matthieu en Matti Vandemaele.
12 ja-stemmen. De CD&V’ers, alle vier VB’ers en Moniek.
1 onthouding: één van Groen, want te ingewikkeld? (Philippe Avijn).
EN HIER MOETEN WE DUS WIJZEN OP EEN VOLSTREKT FOUTE NOTULERING !
Er zijn 26 tegenstemmen, maar we tellen 29 namen…
Wat scheelt eraan?
– Ryheul is zowel gerangschikt bij de voor- als tegenstanders. (Zij was voor.)
– Pieter Soens ook. (ook voor.)
– En dat is dan het toppunt: de verontschuldigde schepen Weydts gaf zogezegd een tegenstem !

Amendement 3
Benjamin Vandorpe wil dat de bijdrage in de kosten voor stad worden geplafonneerd.
Hij plakt er zelfs een bedrag op: de maximum all-in kostprijs mag hoogstens 22.755.646 euro bedragen, incl. btw. Dat is het op heden geraamde bedrag.
8 ja-stemmen. De CD&V plus de spaarzame, onverschrokken Moniek en ja ook Demeersseman (altijd contrarie).
27 nee-stemmen. De leden van de meerderheid plus de vier van Groen.
4 onthoudingen: de vier VB’ers.
HIER OPNIEUW EEN FOUTE NOTULERING.
Men noteert 30 namen bij de nee-stemmen…
– Ryheul is zowel vernoemd bij de nee-stemmers als bij de onthoudingen.
– Pieter Soens heeft zowel ja als nee gestemd.
– En schepen Weydts was blijkbaar toch opgedoken: hij stemde tegen…

P.S.
Genoeg voor vandaag.
In volgende editie vertellen we wat er zoal is gezegd en niet werd gezegd.
Meest betekenisvol is misschien dat de drie fractieleiders hebben gezwegen.
Zelfs burgermoeder Ruthie had niks te vertellen. Onthutsend is dat. Onder het burgemeesterschap van Quickie zou dit ONDENKBAAR zijn geweest. Hij zou ons vergast hebben op een exceptioneel discours.





Over de (on)eensgezindheid binnen de Raad inzake het nieuwe stationsproject (1)

VOORAFGAAND
Kostprijzen hieronder vermeld komen uit de memorie van toelichting bij het agendapunt van de gemeenteraad. Slaan op indirecte kosten.
Het NMBS-dossier zelf vermeldt heel andere bedragen ! We komen daar later op terug.
Zie cijfers volgens een tabel van de NMBS zelf in onze editie van 10 juni.

De nieuwe (derde) samenwerkingsovereenkomst (SWO3) tussen de partners van het project is al besproken in de gemeenteraad van 8 mei laatsleden. Dat we er nu pas over gewagen is gewoon te wijten aan het feit dat je bij het volgen van een raadszitting via de live-stream niet kunt zien wie er juist voor of tegen een voorstel of amendement heeft gestemd. Om de namen te kennen van voor- en tegenstanders moet je wachten tot de notulen van de zitting ter beschikking zijn, en dat duurt bijna een maand.

Dat plan om een nieuw station te bouwen (en het oude plat te gooien) en tegelijk ook de omgeving ervan grondig te herinrichten is misschien wel het belangrijkste stadsproject van deze eeuw. Het is dan ook politiek-historisch belangwekkend om vast te leggen hoe de onderscheiden fracties zich tegenover dit gebeuren hebben gedragen. Curieus in elk geval. Zo is het nu al zeker dat het VLD-raadslid Moniek Gheysens van de fractie “Team Burgemeester” in de annalen van dit project een blijvende plaats zal krijgen. (In de Raad van 8 mei ging zij zelfs zover om te kennen te geven dat ze persoonlijk dat grote spandoek aan het station over de werken zou verwijderen.)
De meerderheid, dat is de huidige tripartite van “Team Burgemeester” (een verkapte VLD-beweging), de SP (nu de beweging “Vooruit”) en de N-VA is in elke geval naar buiten uit – zo te zien – pro het nieuwe station en de afbraak van het oude, historisch waardevolle (maar niet geklasseerde) gebouw.
Er is evenwel dissidentie te bespeuren. Het valt niet te ontkennen dat de drie fractieleiders in die fameuze gemeenteraad van 8 mei totaal hun mond niet hebben opengedaan. Ook niet in de voorbereidende zgn. Verenigde Raadscommissie. Dat is volstrekt ongewoon, gezien het ongemeen historisch en ook financieel belang van de zaak. Er is geen unanimiteit in de Raad, in tegenstelling tot de goedkeuring van de eerste samenwerkingsovereenkomst over het project.
Overigens mogen we niet vergeten dat er na het (voor)ontwerp nog een aanbesteding moet komen met een gunning en dat er dan nog bezwaarschriften tegen de “bouwvergunning” mogelijk zijn. Met andere woorden: we zijn nog niet thuis…
Maar laat ons eerste even zo kort mogelijk vertellen waarover het allemaal gaat en ging.
Bepaalde feitelijke gegevens zijn dienstig voor ons volgende luik over het stemgedrag van de raadsleden.
Sorry voor het oponthoud in dit verhaal.


Oké.
We vertellen toch al dit. Bij de eindstemming (er waren ook amendementen) gingen samen met de meerderheid twee leden van de oppositie akkoord.
Bij de nee-stemmen was er één lid van de meerderheid.
En er zijn nog “anomalieën” te bespeuren.

Ietwat historie.
Er zijn traditioneel zes partners verbonden aan het project. In den beginne waren dat Stad (met het autonoom gemeentebedrijf Parko), de NMBS, Infrabel, De Lijn, het Vlaams Gewest (o.a. AWV) en Euro Immo Star. Parko is intussen “ingekanteld” in Stad.
Van belang is zeker nog te beseffen dat er twee deelprojecten zijn.
Bij het deelproject A is de NMBS de aanbestedende en verantwoordelijke overheid. Die werken slaan op alles wat te maken heeft met de bouw van het nieuwe station plus de ondergrondse fietsenstallingen en het dienstgebouw. Zaken die verbonden zijn met de publieke ruimte behoren echter tot het deelproject B en daarvoor is Stad de aanbestedende overheid. Dat gaat dan over de aanleg van het nieuwe busstation en de bouw van een “Lijnwinkel”, plus de aanleg van het Stationsplein noord en zuid, de Minister Tacklaan en bijhorende wegenis.
De eerste Samenwerkingsovereenkomst (SWO1) met het oog op een volledig nieuwe stationsomgeving dateert al van eind 2010. Unaniem goedgekeurd in de gemeenteraad van 8 november 2010. De SWO2 (gemeenteraad van 17 november…2014 en pas ondertekend in november 2015) omvatte de de uitvoering van een ondergrondse parking onder het Conservatoriumplein en de tunnel onder de Zandstraat. Die werken zijn – zoals u allen weet – momenteel in uitvoering maar moesten al gedaan zijn in 2020. (Rond 2016 liep het bijna scheef: de NMBS had geen geld, en men dacht even aan het optrekken van een gebouw!)
Met in feite een tweede SWO3 heeft de NMBS zelf (dus niet een of andere “sterarchitect”) nu een bijgestuurd schetsontwerp voorgelegd waarbij geen sprake meer is van een bovengronds nieuw station met een “zwevende” verbinding boven de sporen. Alle functies gaan nu in een ondergrondse doorgang en boven de sporen komt een grote luifel. Het initieel voorontwerp was naar het schijnt te complex en te duur.
Zoals u ziet, beste lezer, is dit project het resultaat van jarenlang overleg en onderhandelingen. Vergaderingen en versies van plannen zijn niet meer te tellen. Wat dit alles aan studiekosten en etentjes heeft gekost, daar hebben we het raden naar.

Iets over oeroude kostenramingen, maar wel voor geheel het project
Dit is infotainment, puur voor de liefhebbers, louter voor de fun. Want over de actuele, totale geraamde kosten over alles en nog wat weten we geen barst. Niks.
In 2013 bijv. dacht men aan zoiets van 103,65 miljoen euro (excl. btw) voor geheel het toenmalige project. (Wat dat project juist inhield weten we niet meer.)
Dat is allemaal tien jaar geleden. Een jaar later, in 2014, had men het al over 135,87 miljoen. En het stadsaandeel zou toen 12,64 miljoen bedragen met daarnaast nog een bijdrage van Parko voor 4,86 miljoen.
En als u nog meer wilt weten? De NMBS zou toen voor 86,20 miljoen euro bijdragen, Infrabel 11,25 miljoen, De Lijn 14,27 miljoen en het Vlaams Gewest 14,27 miljoen.

Nu de actuele, geraamde kosten voor heel het project SWO3
De totale kostprijs voor de SWO3 (de twee deelprojecten) en voor alle partners samen zou exclusief BTW 89.003.501,39 euro bedragen. IN FEITE GAAT HET HIER ENKEL OM DE INDIRECTE KOSTEN: erelonen, studies, management, enz.
– Aandeel voor rekening van de stad: 17.491.738,43 euro.
– Aandeel NMBS: 53,53 miljoen .
– Aandeel Infrabel: 11,65 miljoen.
– Aandeel De Lijn: 5,92 miljoen.

Kosten deelproject B (het onze)
De all-in kostprijs voor de stad voor het deelproject B, met inbegrip van de studiekosten is 18.806.319,15 euro, excl. BTW. Met btw: 22.755.646,17 euro. GEEN IDEE VANWAAR MEN DAT CIJFER HAALT. >WE ZOEKEN NADERE INFORMATIE.
Pro memorie.
Het deelproject B slaat niet op het station, wel op de aanleg van het busstation, de bouw van de Lijnwinkel en de aanleg van het stationsplein noord (met wegenis) en zuid (met de Minister Tacklaan).

P.S.
Ja, wordt vervolgd.
We zouden het toch over de onbestaande eensgezindheid hebben binnen de Raad, en zelfs binnen de fracties? We dachten dat bovenstaande gegevens onze lezers ook konden bekoren. Bepaalde aspecten zijn ten andere nuttig voor ons vervolg.





















De kostprijs in slow motion van de “slow shopping” in het winkelwandelgebied (2)

De gazetten blijven maar zeggen dat de opsmuk van het winkelwandelgebied 2,3 miljoen gaat kosten.
Die gazettenschrijvers lezen uiteraard geen dossiers en gaan af op wat de zgn. bevoegde schepenen vertellen. In hun haast om aan aankondigingspolitiek te doen hebben de concullega’s Wouter Allijns (VLD) en Axel Weydts (beweging “Vooruit”) misschien enkel de bedragen uit het voorontwerp van het project gelezen. Daar is inderdaad dat totaal bedrag van 2,3 M (incl. btw) gevallen.
In de avondeditie van onze krant van gisteren hadden we het over vijf stadia die het stadsbestuur heeft doorlopen om het project “make-over en vergroening” van de autovrije winkelstraten vorm te geven.
We vergaten toch nog wel één fase zeker? Het bureau 51N4E heeft met het nodige jargon ook nog een “masterplan” opgesteld met de drie krachtlijnen van het project, te weten: 1) vergroening, 2) ontmoeting en 3) beleving. De lokale kranten stonden er vol van, zoals steeds geïllustreerd met charmante, gesimuleerde prentjes van zoals bijv. de Grote Kring er zal uitzien.

We hernemen nu even de stadia (nu 6) bij de totstandkoming van het project, met de evolutie van de geraamde kostprijzen. Dat interesseert de Kortrijkzaan in hoge mate, veel meer dan journalisten of bestuurders (willen) denken.
Eerst even memoreren dat het oorspronkelijk meerjarenplan 2020-2025 (gepubliceerd in december 2019) het nog had over 1.000.000 euro. (Actieplan 4.1.1. genaamd “opfrissen en vergroenen van het winkelwandelgebied”.) In een eerste en tweede en derde aanpassing is het bedrag dan geraamd op 1.300.000 euro, later 2.300.000 en terug verminderd tot 2.200.000 euro. Zo. Dat weten we al, het maximum beschikbaar budgettair bedrag dat de tripartite voor het plan veil heeft. 2,2 M.

1. De studieopdracht (met de wijze van gunnen en het bestek) (College van 29 maart 2021)
De stadsadministratie raamt aanvankelijk de kostprijs dus op 177.549 euro (exc. btw) / 214.834 euro (incl. btw).
Wat ons telkens intrigeert bij dit soort van ramingen voor werken is de vraag hoe de ambtenaren zomaar op eigen houtje aan die (geschatte) bedragen komen. Ze weten toch niet alles?
– Zij moeten toch aan iemand vragen wat bijv. tegenwoordig zo’n soort boom kost, en zo’n tafel en stoelen, en die masten, en al die verschillende planten en slingers?
– Wat de huidige én toekomstige uurlonen zouden kunnen zijn?
– Hadden de betrokken ambtenaren dan wel zelf al een (master)plan in gedachten??
En dat is bijgevolg DE hamvraag: mogen die eventueel geraadpleegde adviseurs (bureaus, bedrijven) dan nog mededingen met de komende offertes? Het blijft voor ons een eeuwig raadsel hoe dat het er “in het echt” aan toegaat. Iemand in de gemeenteraad moet dat toch eens navragen.

2. Niet-gunning en heraanbesteding (19 juli 2021)
Onze abonnees weten al uit onze editie van gisteren dat we hier een nieuw woord hebben ingevoerd inzake de Kortrijkse bestuurskunde: er is gechipoteerd. Er liepen niet eens offertes binnen…Ongezien! Dientengevolge slaagde onze ambtenarij er niet enkel in om (na raadpleging en van wie?) een nieuw bestek op te maken, maar – en dit is wel heel bijzonder – ook een opvallende prijsverhoging te budgetteren. Hoe kwam men daarbij?
De offertes mochten nu plots oplopen tot 213.400 euro / 258.819 euro.

3. Heraanbesteding (3 januari 2022)
Het is gelukt. Het ultra-bekende Brusselse bureau 51N4E (in samenwerking met ‘Common Ground‘ en ‘Plant&Houtgoed‘) krijgt de studieopdracht. Hun offerte lig ietwat lager dan Stad had bedacht: men vraagt 211.400 euro / 255.794 euro.
Ter info. ‘Common Ground’ uit Gent is een adviesbureau voor transitieprojecten in publieke ruimte. “Plant&Houtgoed’ uit Overijse is een ontwerpstudio (in een hoeve) voor groene omgevingen, speeltuinen, vijvers, meubels.
Die dure vogels (experten, consultants) uit drie bureaus zullen nu plannen waar we bloembakken geen neerploffen, greppels of bordes maken, zit- en spelelementen voorzien, fonteintje laten spuiten, gevelgroen en horizontale groendragers zetten, street art toelaten, masten neerplanten, enz. Sta mij toe van te opperen (mopperen) dat onze 11 ambtenaren uit de beoordelingscommissie (van de teams stadsvernieuwing, bouwen, milieu en wonen, gebiedswerking, stadsmarketing en toerisme, infrastrucuur, groendienst) dat ook zouden aankunnen.
Tiens. Is er geen speakers’ corner voorzien? (Heb ik al 20 jaar geleden voorgesteld.)

4. Masterplan (13 juni 2022)
Het Brusselse studiebureau schuift drie krachtlijnen naar voor om tot “slow shopping” te komen in het wandelgebied: 1) zorg voor vergroening, 2) ontmoeting en 3) beleving. (Zie de gazetten voor meer toelichting.)
Het bureau (voor ons project dan: drie architecten, een projectleider en een tuinman) vraagt hiervoor 20.000 euro / 24.200 euro.

5. Voorontwerp (6 februari 2023)
Ja, moet ook gebeuren. Het studiebureau 51N4E meent dat het totale project 2,3 miljoen euro (incl. btw) zal kosten. (Hier zien we dus dat cijfer uit de kranten opduiken.). Voor de “bouwkost” zou het gaan om 1.460.000 euro.
Stad geeft wat financiële informatie. (Bedragen hierna altijd inclusief BTW.)
Men heeft het over twee soorten van kosten: investeringen (2,2 miljoen) en exploitatie (50.000 euro voor technisch materiaal en publiciteit).
Een andere indeling gaat zo: bouwkost (1.410.000 euro), exploitatie, nu bedoeld als “experimenten” (50.000 euro) en “projectkosten” (zijnde 840.000 euro). We verstaan er niks van, maar dit slaat dus weer in totaal op die 2,3 miljoen.

6. HET DEFINITIEVE ONTWERP (8 mei 2023)
We zeggen het al onmiddellijk, en nogmaals.
Volgens dit Collegebesluit bedraagt het totale projectbudget 2.200.000 euro, inclusief BTW.
(Interessant is dat we hier ook iets te weten komen over de vermoedelijke jaarlijkse exploitatiekosten: 23.061 euro.)
De onderdelen van het budget voor dit project zijn absoluut ongewoon.
Zo heeft men het over posten als (bedragen inclusief):
– reserve prijsstijgingen bij inschrijving (10%): 123.818 euro
– herziening tijdens uitvoering (5%): 91.023 euro
marge (??): 25.680 euro
– bijkomende projectkosten: 30.000 euro.
De post ‘werken’ laat ook een eigenaardige opsplitsing zien. Vooreerst heeft men het over een raming “algemene aanneming” voor 1.238.183 euro. Er zijn ook “bijzondere” werken voor 131.973 euro. Die slaan op bijv. verlichtingsarmaturen, city hacks (?), muurschilderijen. Maar vergeet de “extra werken” niet: 102.850 euro voor muurschilderijen (opnieuw!), bijkomend gevelgroen, acties, citymarketing, enz.
Dat gevelgroen is trouwens nog een aparte opdracht en kost 44.900 euro. “Experimenten” waren of zijn er ook nog: 102.850 euro.
Hebben we nu alles om aan dat totaal van 2,2 M te komen?
Neen natuurlijk. Daar zijn nog de erelonen. Twee soorten, wat toch niet was afgesproken? Voor het masterplan vraagt men 24.200 euro, en voor de opdracht (11,46%) 208.625 euro.

P.S. (1)
Voor dit project is advies ingewonnen zeg !
Neen, niet aan GECORO! (Schepen Maddens gaat die belangrijke adviesraad die uit alle geledingen van de bevolking bestaat zoveel als mogelijk uit de weg. Voor hem is dat een stoorzender.) Wel aan INTER en SAPH. Kortrijkwatcher heeft moeten opzoeken wat die afkortingen betekenen. Het gaat om “Het Vlaams Expertisecentrum voor Toegankelijkheid” en de “Stedelijke Adviesraad voor Personen met een Handicap”.
P.S. (2)
Vergeet niet dat die 2,2 M een raming is. De werken moeten nog aanbesteed.
Die gunning – keuze van de aannemer(s) – moet nog voor de gemeenteraad komen. Tevens en zeker de goedkeuring van een nieuw groen-reglement op maat voor de perimeter van het winkelwandelgebied.














Over het opfrissen van het winkelwandelgebied in ‘slow motion’ (1)

De aankondiging van de make-up (beter: make-over?) van het winkelwandelgebied lijkt wel de laatste grote politiek trofee waarmee de tripartite nog deze bestuursperiode wil uitpakken. Voorlopige berekening van de kostrijs: netjes 2.200.000 euro (incl. btw). (Waarom gewagen de gazetten van 2,3 miljoen?)
Om bij de komende gemeenteraadsverkiezingen van volgend jaar nog vlug te kunnen scoren is men intussen opgestart met 1) de verlaging van de oude Leiekaaien, kant Kastreelbrug (begroot op 7,7 miljoen bruto), en 2) het opknappen van het historisch centrum, buurt O.l.Vrouwkerk (geraamd op 3,6 miljoen).
Voor het winkelwandelgebied (rondom “de K van Kortrijk”) is men op de gedachte gekomen om daar een vorm van “slow shopping” in te voeren. Laat ons hopen dat de plannen niet leiden tot een verkleutering van het gebied. En alstublieft zeg: zadel ons de hele godganse dagen niet op met muzak !!

Het stadsbestuur is met het vorm geven van dit idee waarlijk niet over een nacht ijs gegaan. Dat kun je wel stellen.
Daarover willen we het – altijd met uw goedvinden – nu even nogal uitvoerig hebben. Over de kosten en de rariteiten in de procedure hebben we het later. Die voorgeschiedenis verliep in ‘slow motion’, naar men beweert vanwege de ultieme, uiterste bezorgdheid van Stad om de bewoners te betrekken in een serieus “participatief traject”.
Maar op een gegeven moment is men in de plaatsingsprocedure evenwel eventjes beginnen chipoteren.
Staat en stond niet in de gazetten.

1.
Het eerste officieel bericht over het relanceplan voor ganse de (autovrije) wijk dateert al van 29 maart 2021. Het lijkt wel een gebeuren uit de préhistorie want Arne Vandendriessche was toen nog schepen van stadsvernieuwing. Kun je nagaan !
Het College kondigde toen de opdracht aan om een masterplan uit te werken voor de opwaardering van het winkelgebied. Dat wil zeggen: de opmaak van een volledig ontwerp- en aanbestedingsdossier met werfopvolging van de verschillende deelopdrachten. De lastvoorwaarden werden vastgesteld in een bestek nr. 2021/2354 en de opdracht werd toen geraamd op 177.549 euro (exclusief btw) of 214.834 euro (inclusief 21% btw). Hoe men aan die prijs komt, daar willen we het ook wel nog eens over hebben.
Gekozen werd om de opdracht te gunnen bij wijze van “vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking”. Dus NIET voor een openbare aanbesteding, want met de hier verkozen procedure kan men tenminste onderhandelen met de inschrijvers en moet men niet noodzakelijk gaan werken met het studiebureau met de laagste offerte. Een goede reden hé?

2.
Nu komt er iets ongezien, voor outsiders alleszins toch moeilijk te begrijpen.
Op de voorgestelde uiterste indiendatum is er geen enkele offerte binnen gelopen. Stel u voor! Voor zo’n simpel project, waar men zonder moeilijk studiewerk veel geld kan verdienen. Bankje hier, bankje daar. Beetje groen hier, beetje kleur daar. Tafeltje erbij. Schommeltjes. Jeu de boules, dat zeker.
Het College ziet zich op 19 juli 2021 dus genoodzaakt om de plaatsingsprocedure stop te zetten, en over te gaan tot het plaatsen van een aangepast dossier.
Het initiële bestek wordt aangepast! Nr. 2021/2471 denk ik.
Op de details gaan we niet in, dat zou voor ons allemaal te technisch worden. Wel is het nuttig om als burger te weten dat het hoofdstuk “participatie en communicatie” (nog wel onder impuls de gebiedswerker en procesbegeleider Tim Hautekeete) grondig werd herzien. Men vraagt in de gunningscriteria geen afzonderlijke participatie- en communicatiemedewerker meer. Er is enkel nog een communicatiepartner nodig die voor een wervende campagne moet zorgen. En de participatie wordt beperkt tot doelgerichte en gecontroleerde inspraakmomenten, wel degelijk onder de regie van Stad. Voorts is voorzien in één globaal ereloonpercentage, geldig voor alle deelopdrachten.
Zeer opvallend en merkwaardig is dat de geraamde prijzen nu opvallend zijn verhoogd: 213.900 euro (excl. btw) of 258.819 euro (incl. btw). Dat is + 43.985 euro, in 2,5 maanden tijd. Kan niet aan inflatie te wijten zijn. En dit terwijl het gevraagde studiewerk lichter werd gemaakt !
Hadden we het supra niet even over “chipoteren”? Zou het kunnen dat mogelijke kandidaten – weze het informeel – enige bedenkingen over het bestek lieten weten aan betrokken ambtenaren?

3.
Maanden gaan voorbij, en dat is heus niet de schuld van een of ander virus.
Het is zover.
Pas op 3 januari 2022 komt het College tot het besluit om bij heraanbesteding de studieopdracht tot make-over én vergroening van de winkelwandelstraten te gunnen aan 51N4E Studio 2 uit Brussel.
Dat tijdsbestek is wel even het bekijken waard. Tussen de niet-gunning van de opdracht en het tijdstip waarop de offertes bij heraanbesteding moesten binnen zijn, verliepen amper drie maanden. En in juist die korte periode dienden zich al op een drafje drie kandidaten aan (‘usual suspects’ hoor).
De beoordeling van de offertes door een commissie van niet minder dan 11 ambtenaren (één buitenstaander, uit de intercommunale Leiedal) gebeurde nochtans al in november 2021.
Passons.
Het beroemde bureau 51N4E (dat indertijd ook instond voor renovatie van de Buda-fabriek) wint dus op basis van de hoogste score en de beste prijs-kwaliteitsverhouding.
Het architectenbureau vraagt 211.400 euro, of 255.794 euro inclusief btw. Dat is ietwat minder dan het College laatst had voorzien maar wel meer dan gebudgetteerd in het meerjarenplan. Drie architecten van het bureau zullen zich onledig houden met de opdracht, mede met een organisatie genaamd “Common Ground” uit Gent (voor de procesbegeleiding; een adviesbureau voor transities van publieke ruimte) en “Plant&HoutGroen” uit Overijse (voor groen, meubels, speeltuigen).

4.
Weer gaan maanden voorbij. Neen, een héél jaar, vol “tijdelijke acties”.
Op 6 februari 2023 kan het College overgaan tot goedkeuring van het voorontwerp van het bureau 51N4E voor de opwaardering van het winkelwandelgebied.
Interessant om weten is dat het studiebureau (nu) vindt dat totale projectbudget 2.300.000 euro zal bedragen, inclusief BTW. (Het beschikbare budget volgens Stad bedraagt evenwel iets minder: 2.250.000 euro.) Daarvan is de voorziene netto “bouwkost” geraamd op 1.460.000 euro, excl. btw.
Stad heeft het over 1.410.000 euro + 50.000 exploitatiekosten + 840.000 overige projectkosten zoals BTW; erelonen, meerprijzen, herzieningen,…Maar dat maakt samen ook 2,3 miljoen.
Wat de timing betreft meent het studiebureau dat de aanbesteding ten laatste dient in orde te komen in januari 2024 en dat de uitvoeringstermijn 4 maanden mag bedragen, echter te faseren volgens de commerciële agenda en mogelijke hinder.
Bekommer u over dit alles nog niet teveel over want we gaan nu stante pede over tot een volgende fase in de ‘slow motion’ van de totstandkoming van het project.

5.
Daar is het definitief ontwerp !
We schrijven 8 mei van dit jaar. U kon daar veel over lezen in de gazetten.
Toch kunnen we u wat verduidelijkingen of aanvullingen meegeven.
Inzake fietsenstallingen vermelden we dat er op de Veemarkt twee in het groen ingekapselde ‘parkeerpockets’ komen aan de oost- en westzijde van het plein. In de Voorstraat voorziet men geïntegreerde fietsenstallingen, wat dat ook moge betekenen.
Ha ! De gazetten (in casu schepen Weydts) bleven onduidelijk over wat er zou gebeuren met de te verdwijnen fietsenstallingen aan het winkelcentrum K, in de Sionstraat. Wel, we kunnen u in primeur vertellen dat de heer Dominique Desmeytere (van de K) zich op 4 mei ll. heeft geëngageerd om één of twee panden (die hij niet kwijt raakt) ter beschikking te stellen als fietsparkings. (Of hij daar huur zal voor vragen is ons niet bekend.)
Inzake gevelgroen zijn er 54 panden ‘gedestilleerd’ en worden de eigenaars momenteel actief bevraagd. Financieel houdt men rekening met 30 installaties. En dat wist u niet: geconcentreerd in de smallere zijstraten en de Wijngaardstraat komen er 15 overstekende groenslingers. (Het project houdt rekening met de klimaatopwarming.)

P.S.
Er valt in verband met dat definitieve ontwerp nog wel een ander te melden wat niet in de gazetten staat.
Wordt dus vervolgd.
Over de juiste prijzen in detail, daarvan wou u zeker alles weten.
Het totaal is wél degelijk 2,2 M hoor.