Category Archives: stadsplanning

Aanpak stationsomgeving, kant stadscentrum (2)

De werken worden volgens het Meerjarenplan ’26-’31 geraamd op 6.116.000 euro. (Het actiepunt 3.1.3 voorziet geen eventuele ontvangsten van bijvoorbeeld hogere overheden.)
Gelukkig hanteert het bestuur voor het gemak nu reeds een afgerond bedrag (7 miljoen) want uit voorgaande grootste stadsprojecten (deelfabriek, campus Sint-Jozef, Abby, enz., nu stadsschouwburg) heeft men  wel geleerd in welke mate die ramingen en de echte rekeningen nog méér kunnen oplopen. Laat ons dus maar vooropstellen dat het 10 miljoen wordt. Voorlopig.

Maar dat het projectteam tot die schatting van 7 miljoen kon komen is voor Kortrijkwatcher toch wel een ietwat enigmatisch gegeven.
– Vooreerst is het toch onvoorstelbaar dat men nergens gewag maakt van een mogelijk aandeel van de kosten van De Lijn in de werken.
– Voorts is het bestek in feite een louter abstracte opsomming van na te streven  doeleinden (vergroening! toegankelijkheid! mobiliteit, STOP-principe). En de projectleider twijfelde nog in januari van dit jaar of rioolwerken in ’t Straatje wel dringend nodig waren.
– Ten derde.  Blijkbaar weet niemand wat te doen met de bestaande fietsenstalling op het Stationsplein, zelfs niet voorlopig, tijdens de werken.
Dat deelproject is toch wel essentieel voor de opmaak van een min of meer accurate raming. Stel u even voor dat de ontwerper uitpakt met een drastische oplossing, namelijk nog een ondergrondse parking. (Die Paola is tot alles in staat.)

Intermezzo
Kortrijkwacher heeft een schitterend  idee !!
Nu we zeker weten dat de interieurs van de beide zijvleugels van het bestaande, oude station niet als beschermd (zullen) worden beschouwd kan men in die grote ruimtes (met verdiepingen!) toch een moderne fietsenstalling onderbrengen? Wat een elegante en tegelijk: wat een win-win-oplossing, ook voor de NMBS.

Maar waar waren we weer gekomen?
Die gemeenteraad van 6 januari van dit jaar.
* Waar de raadsleden geeneens vragen hadden over de  criteria om bij de onderhandelingen de ontwerper te selecteren met een “Best&Final Offer”.
* Waar de raadsleden geen belangstelling vertoonden voor de juryleden die de  voorkeur-inschrijvers voor de studieopdracht zouden selecteren.
* Waar de raadsleden zich niet eens afvroegen hoe men alreeds in detail de studiekosten kon voorspellen.

Want daar moet we het nu toch een keer over hebben.
Zelden zo een curieuze raming gezien.
Bijvoorbeeld.
– Dat men een (mooi afgerond) bedrag van 100.000 euro bedenkt voor “technische studies”, dat kunnen  we voor eventjes dan billijken. Maar dat men daarenboven oordeelt dat die studies nog moeten “gecoördineerd”, en dat zoiets 12.000 euro kan kosten, – dat is straf.
– Een en ander moet ook “getoetst” aan het integraal ontwerp stationsproject: 40.000 euro. (En maar toetsen zeg, Komt op geen dag.)
– Kosten voor de opmetingen: 20.000 euro. (Bon. M et al die huidige apparatuur moet dat kunnen voor 20K.)
– Simulatiebeelden van de publieke ruimte: 20.000 euro. Moet ook  kunnen. (Beelden komen dan in “Het Laatste Nieuws”.)
Twee studiekosten zijn natuurlijk fundamenteel:
1)Visie document: 60.000 euro.
2) Ereloon: 750.000 euro. (Dat klopt, aan een tarief van 11 procent  zouden de werken dan om en bij de 6,8 miljoen kosten.)

Totaalbedrag van de studiekosten
: 1.002.000 euro, met btw 1.212.420 euro.
In het meerjarenplan zijn de betalingen per jaar netjes bepaald maar na de BRIO-bestuursperiode moet er nog 425.920 euro uitbetaald door de volgende coalitie. Dat is niet heel orthodox.
(Het aandeel van De Lijn wordt per geval gefactureerd.)

Tot daar.
Rest ons nog te vertellen dat er16 kandidatuurstellingen voor de studieopdracht binnenliepen en dat er daar op 16 februari na beoordeling door een onbekende jury nog vijf voorkeurbieders van overbleven.
Het is allemaal vlug gegaan. Op 13 maart al kon men de vijf offertes beoordelen. Twee BAFO’s bleven in de run: Tractebel Engeneering (!) en de combinatie Studio Paola Vigano en de architecten van Fallow bv.
Op basis van gunningscriteria, motieven  en aanvullingen van de originele offertes – die we niet kennen – kreeg Studio Paola Vigano S.T.P en Fallow bv het meeste punten. Officieel goedgekeurd door het CBS op 19 mei laatsleden.
Tussen de publieke oproep voor de studieopdracht en de definitieve keuze van de ontwerper zijn vier maanden verlopen. Goed gedaan voor zo’n complex project.

Een sterk motief voor de keuze van Paola zal wel geweest zijn dat zij alhier heel goed is gekend. Het was de eeuwige vriendin-assistente van Bernardo Secchi die zijn as liet uitstrooien op de door hem ontworpen begraafplaats op ”t Hoge. Hoe  haar “Best and Final Offer” er uitzag waarmee zij de studieopdracht kon in de wacht te slepen, daar weten we geen snars van. Raadsleden wel?

P.S.
Wat zou Paola zoal denken over wat het BRIO-bestuur aan het doen is en meent te moeten doen met de Grote Markt? Immers nog een realisatie van Secchi. BRIO maakt er nu een speelplein van en wil er nog enige uit de grond spuitende fonteintjes installeren.

 

Stationsomgeving (kant stadscentrum) wordt aangepakt (1)

Zoals gebruikelijk zijn binnen de redactie van deze alternatieve stadskrant  de lofbetuigingen niet uit de lucht bij het horen van een  voornemen om heel het verkeersknooppunt rond het stationsplein onder handen te nemen, – hoeveel het project ook mag kosten,  overigens  ook nog aan het volgende bestuur, d.w.z. na het jaar ’31.  Voor de afbetaling van de studiekosten is dat al letterlijk reeds zo beslist! Dit bestuur permitteert het zich om inzake die kosten  een half miljoen door te schuiven naar de volgende coalitie. (De werken zouden dus lang kunnen duren…)

Maar nogmaals: kortrijkwatcher staat volledig met hart en ziel achter dit nieuwe, grootse en broodnodige stadsproject. Dank u.

Voor deze lopende BRIO-legislatuur is het kostenprentje al uitgetekend in het meerjarenplan. En aangezien de plaatselijke reguliere perse het vertikt om de Kortrijkzaan daarover in te lichten (en het gros van de raadsleden dat niet weten) geven we hier per jaar de geschatte investeringsuitgaven, zoals die geraamd zijn in het Meerjarenplan.
Het gaat om actiepunt 3.1.3 met als titel: “Stationsomgeving-  fase 2”  met een totaal van 6.116.000 euro. (Elders heeft men het voor het gemak over 7 miljoen.)
– 2026: 384.667 euro
– 2027: 652.000
– 2028; 1.069.333
– 2029: idem
– 2030: 1.604.000
– 2031: 1.336.667

Niet te begrijpen:
geen enkel spoor in de documenten, en geen enkele toelichting vanwege  ons transparant BRIO-bestuur over het eventueel aandeel van De Lijn in heel dit gebeuren.

Wat is men van plan om te doen met al dat geld?
Dit kwam ter sprake in de gemeenteraad van 6 januari 2026.
Er werd gevraagd om voor de (her)inrichting van de publieke ruimte ten noorden van het station een studieopdracht op basis van een bestek goed te keuren, de wijze van gunnen, samen met een “selectiedraad” voor de keuze van kandidaten.
Men koos niet voor een ‘openbare aanbesteding’ want dan is men wel verplicht om  het werk uit te besteden aan de laagste inschrijver.  Om dit te voorkomen opteerde men voor de “mededingingsprocedure met onderhandeling”. Dan wint het geselecteerde studie- of ontwerpbureau dat uitpakt met het “Best&Final Offer (BAFO).
De zgn. selectiedraad’ is niet eens ter sprake gekomen in die GR van januari.
Geen mens, laat staan een raadslid, wist dus (of weet) hoe de selectie zou verlopen, wat de criteria zouden zijn en welke jury dan wel de kandidaten zou selecteren.
En dat bestek dan?
Daarvan wisten de raadsleden dat het ging om het Stationsplein, de Tolstraat, de Doornikselaan en misschien ook wel de Burgemeester Reynaertstraat. De projectleider was niet zeker of het daar ook om rioolwerken zou gaan. (Dat is intussen opgeklaard?)
In die GR van januari maakte de burgmeester zelfs gewag  van een timing. Nu niet meer maar Ruthie beloofde toen in de GR dat de werken in  “het straatje” tegen Sinksen 2027 definitief zouden afgelopen zijn, en het Stationsplein “voorlopig” ook tegen die tijd.

Een bijzondere vraag waar duizenden Kortrijkzanen enorm mee begaan zijn blijft nog altijd onbeantwoord: wat met de fietsenstalling op het Stationsplein, tijdens en na de werken?  Iemand van Groen suggereerde om voorlopig gebruik te maken van een bestaand braakliggend terrein aan de Minister Tacklaan,  maar Ruthie opperde dat dit terrein moest voorbehouden blijven als werfzone.

We weten intussen welk bureau de studieopdracht voor de werken heeft binnengehaald, en zelfs wat die ontwerpopdracht zou kunnen kosten. In detail. Nu al? Nu al? zul je zeggen?
Wel, we kennen die kost reeds van “ten tijde van” de gemeenteraad van 6 januari !  1,2 miljoen. En de raadsleden van toen verspilden daar geen woord aan, vonden dat  in het geheel niet wonderlijk.
Wij wel.

(Tot volgende keer.)

 

Nog over die aartsvervelende conceptnota “Kortrijk Over Morgen” (2)

Die strontvervelende nota van 81 pagina’s (foto’s inbegrepen) zijn we op een  bepaald ogenblik schuin gaan lezen en hebben we dan toch ’s anderendaags opnieuw netjes hernomen, zoals het moet, – uit plichtsbesef.  Kortrijkwatcher kan zich als alternatieve stadskrant geen on-deontologisch en on-professioneel journalistiek gedrag veroorloven.

Maar als aloude gemeenteraadwatcher zijn we dit soort urbanistische teksten zo beu als koude pap.
 (Dat jargon, die modieuze newspeak, nietszeggende breedvoerigheid, uitputtende omslachtigheid.) 

U hebt toch in onze vorige editie dat (willekeurig gekozen) uittreksel gelezen??
Ge kunt daar toch niets op tegen hebben? “Meer stad worden doen we binnen de bebouwde ruimte.” Ja! Ja! Dacht ik wel.
En lees dit eens, want u weet nog niet waarover het gaat.
“In dit Beleidsplan Ruimte kruisen de verschillende schalen en thema’s elkaar. Zo streven we naar een behoud van de open ruimte en versterking van haar openruimtefuncties en naar een (kern)versterkend beleid van de bebouwde ruimte met een aangepaste strategie voor onze stad en dorpen.”
Toegegeven, we zijn niet meer toerekeningsvatbaar bij het lezen van zo’n tekst. Als Kortrijkwatcher kregen we al een overvloed aan  conceptnota’s te slikken, structuurplannen, regiovisies, particiatieprojecten, ruimtepacten, scoping-nota’s, onderzoeksrapporten, visieteksten, krachtlijnen, startnota’s – en dergelijke meer –  te verwerken.
En nu dus een document dat we in het jargon, maar hier wel passend, zullen beschouwen als een “sneuveltekst”.

Ach. Pagina’s die niet te harden zijn, bijvoorbeeld: p.34-36, p. 49, p. 56-57. p.69.  Kijk maar. En hoofdstuk 3 (pag.55 tot 63) kan danig ingekort. U bent verwittigd.

Beste lezer,
U krijgt hier heus wel nog een keer een relevante samenvatting van het voorliggende “BELEIDSPLAN RUIMTE KORTRIJK“.
Want dat is de  echte naam, voor wat in het te uitvoerige opstel de titel kreeg “Kortrijk over morgen“, een woordspeling van de auteurs die nog teruggaat naar een ander document dat u waarschijnlijk is ontgaan: “Kortrijk overmorgen“, één woord.
( “Kortrijk- over- morgen” wil namelijk en visie ontwikkelen die zelfs reikt tot midden deze eeuw en  – bijvoorbeeld – niet tot woensdag aanstaande.)

En moet u nog wat weten?
Zo’n Ruimtelijk Beleidsplanning steunt op vijf bouwstenen:na de Concepnota (1) komt er nog een Strategische Visie(2),  Beleidskaders (3), Operationele Doelslellingen (4), en Actieprgramma’s (5).
Het einde is heus nog niet in zicht.
Tenzij ! Tenzij de opvolger van schepen Maddens, zijnde Quickie, kordaat een eind maakt aan al dat geleuter. Het ANDERS gaat doen. Doen. Onmiddellijk op naar de actieplannen. (Zo’n beleidsnota in 5 stappen is geen verplichting!)

De volledige conceptnota kunt u inkijken  op de website van  stad.
Gemakkelijk te vinden. Ga gewoon naar Google en tik in: Conceptnota  “Kortrijk over morgen”, of “Beleidplan Rulmte Kortrijk”.
Daar kunt u dan ook, heel handig,  per hoofdstuk een feedback- geven op wat u moedig hebt gelezen of doorgenomen. Maar pas op: slechts tot en met 1 juni.

Nog iets over de makers van de conceptnota.
Een of andere aanbesteding en offerte van aangeschreven studiebureaus voor de opdracht hebben we nergens gevonden maar het gaat om het gerenommeerde internationaal ontwerpteam “Omgeving c.v.” (landscapearchitecture / urbanism) met hoofdkantoor in Antwerpen. Deed al een en ander in Kortrijk, bijv. het ecologisch park Vlasakker, de Reepbrug.

Tot kijk.

 

Alweer wat nieuws over dat bruggetje…

Iedereen kent dat schattig fiets- en voetgangersbruggetje over de oude Leie, tussen de Damkaai en de Kleine Leiestraat, vlakbij de Broeltorens, – waar die plezierbootjes liggen. De naam Kalkovenbrug is minder bekend.
Nu, wat iedereen wel weet is dat het ding al lang – sinds april vorig jaar? – is afgesloten want iemand had eindelijk geconstateerd dat de oversteek ervan niet meer veilig was. Enkele palen waren aan het rotten.
En de sluiting van het bruggetje kwam (en komt) goed uit voor de aannemer van werken voor een nieuw appartementsgebouw aan het eind van de Kleine Leiestraat. (Minder hinder van al die scholieren.)

In juni vorig jaar vond het Schepencollege dat het hoogdringend nodig was om een ontwerper aan te stellen voor de bouw van een nieuw bruggetje. En die is gevonden in september. Het werd Arcadis Belgium Holding. Die zou het doen voor 41.230 euro  als ereloon. (Daar moet nog 21% btw bij.)
En nu is het concept dus klaar.  Het bruggetje krijgt een breedte van  3 meter en wordt enigszins verplaatst richting Broeltorens om aldus beter aan te sluiten bij de Kleine Leiestraat en de Broelparking op de Damkaai.

Prijs?
– Zonder opties en incl. btw: 585.834 euro.
– Met opties allerhande: 737.358 euro.
– Totaal (erelonen, archeologie, nutswerken, “aanvullende ingrepen”):   887.350 euro (incl. BTW).

Vragen

Hier zitten we nog met een vraag of twee:
1) Wie doet de afbraak van het bestaande bruggetje en wat gaat dat kosten?
2) Maar wie is eigenlijk de bouwondernemer?

Timing?
En zijn er reeds assemblage-werken bezig, ergens in een atelier?
Op de site zelf zouden de werken deze zomer starten, in juni-juli en alleszins een drietal maanden duren.
Nou, onze schatting is dat de periode tussen het sluiten van het bestaande bruggetje en het openen van het nieuwe ongeveer 20 maanden zal beslaan.
We moeten een keer vragen aan onze bekende China-felow traveller Carl Decaluwé wat de Chinezen uit Zhejiang daarvan denken, als ze hier weer eens op bezoek zijn.

 

 

 

 

 

En nog een brief aan de Kortrijkse agorafoben (3)

Beste stadsgenoten,

Nu richten we ons specifiek tot u, naar aanleiding van de ervaring dat velen onder u behept zijn met het onvermogen om (kale) ruimte te verdragen,  hier meer in het bijzonder die leegte van het Schouwburgplein.
De vorige missive was eerder gericht tot ons huidig bestuur dat niet minder dan één miljoen wil spenderen aan het “vergroenen” van de Grote Markt. Onze vrees spruit vooral concreet voort uit het voornemen  (een stadsproject!) van de nieuwe coalitie om  op onze Grote Markt – een pretpark – nu ook nog uit te pakken met een waterpartij, dansende fonteintjes namelijk. Met al die zandbakken, de kindermolen, de speeltuigen allerhande maakt dit concept de infantilisering van onze markt (de “ziel” van de Stad) compleet.

De Grote Markt dreigt hiermee definitief haar waardigheid te verkiezen. Er zijn hier nu eenmaal bestuurders  die menen dat het tot de kerntaak van een stad behoort om te zorgen voor permanente  animatie. De bezoeker herleidt tot een consument.

Dat Schouwburgplein nu. Die steenwoestijn.
Hier is iets anders aan de gang. Een ander ‘issue’.

Hier ervaren we we dat onze bestuurders inzien dat dit plein uiteraard leeg moet blijven
. Altijd beschikbaar voor flexibel,  multi-functioneel gebruik.  Een Stad kan gewoon niet zonder een open ruimte, een min of meer grote oppervlakte met en minimum aan obstakels en decorum. Bepaalde manifestaties, programmaties, diverse evenementen dienen nu eenmaal mogelijk te blijven, op een centraal gelegen plek, in een Stad die naam waardig.
Probleem is  dat er blijkbaar nogal wat Kortrijkse stedelingen lijden aan “horror vacui urbanis”, ja zelfs een soort afkeer vertonen van het ongevulde plein.
Niets aan te doen. Een kaal plein confronteert.  Echt geruststellend is het niet.  Gezelligheid is geen troef.. Lijders aan  zo’n  ” visuele horror vacui “ willen die agorafoben graag behelpen. Zo zijn ze wel, de ‘vergroenders’. Met een invulling van de ruimte: drie berkjes, wat siergras, bloembakken en nog een zitbankje erbij. Tijdelijke constructies mogen ook hoor ! Een frietkot !
En die defecte fontein, de “Golf” van Olivier Strebelle?
Wat moeten we daarmee? Wij pleiten voor het In stand houden ervan, als monument, als rustpunt voor het oog.

Kijk.
Lezer,
we doen een toegeving aan onze hardnekkige agorafobe Kortrijkzanen.
U wilt de troosteloze vlakte doorbreken? We doen een voorstel.
Laten we  een luifel bouwen aan de ingang van de Stadsschouwburg. Maar dan wel een grote, een rustieke, in antiek smeedwerk en op gietijzeren palen. Met glas-in-lood. Ouwerwetse allure moet er zijn. Geen glad modern gedoe.
Kan nog dienst doen als kiosk ook. Er is leven in de woestijn.

 

Brief aan de Kortrijkse urbanistisch-esthetisch bevlogen agorafoben (2)

Beste stadsgenoten,

Dat moet nu toch wel een keer lukken zeg.
Ondergetekende, de eigenste senior-writer van uw Kortrijkse alternatieve stadskrant heeft minsten een decennium op de Grote Markt geresideerd. Daarna nog een paar decennia in het Begijnhof. geslapen. Qua open en gesloten publieke ruimtes is hij zonder twijfel een ervaringsdeskundige. Zo zal u nu wel beamen.
Beetje babbelen over slapen  in het Begijnhof leidt al vlug  naar claustrofobie als gespreksonderwerp en dat is in de context van deze brief niet echt het onderwerp. Alhoewel, het Begijnhof kan dienstig zijn als toevluchtsoord  voor wie  de terrasdrukte van de Grote Markt teveel is geworden. Begijnhofbewoners kan men beschouwen als ‘free riders’. Ze kunnen immers van twee walletjes eten:  met de Grote Markt  genieten zij van onmiddellijk bereikbare stedelijkheid, kunnen zij aldus ontsnappen aan de rustieke stilte en doodsheid van het Begijnhof. (’s Avonds gaat de poort  onverbiddelijk dicht !)

Die gezellige  Grote Markt nu.
Daarover willen we het eerst hebben.
Ontworpen door Secchi die  geloofde in een plein als open civiele ruimte, als een leegte die net door haar soberheid de kwaliteit van een Stad representeert. Laten we wel wezen: de soberheid van een plein vraagt van de Kortrijkzaan vertrouwen in de Stad zelf. Zo’n plein vertoont een historische monumentaliteit en doordachte geometrie  die geen bijkomend decor nodig heeft. Zo’n Stad die bewust is van zichzelf heeft geen nood aan een stadsplein met een bambino-kindermolen, met zandbakken of andere speelelementen. Het marktplein van zo’n Stad die vertrouwen en trots wekt bij de inwoners heeft absoluut geen nood aan een sportieve invulling. Zo’n Stad beschikt daarvoor toch zeker wel over een stadium?

Beste Kortrijkzaan, 

Het lijkt er danig op dat de huidige monstercoalitie onze Grote Markt nog wat meer wil infantiliseren
. In het meerjarenplan is zowaar één miljoen euro voorzien voor wat men bestempelt als een “vergroening”. De roep om struikgewas, bloempjes (zoals in de wei)  en boompjes is niet meer te stuiten. Véél bomen, eventueel in keurige designbakken zodat ze mobiel blijven, – men weet nooit welke modetrend zich nog in deze bestuursperiode kan aandienen.
En dan die fonteintjes ! We hebben het heus niet vergeten.  In de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen verscheen een kitcherig ogende 3D-visualisatie van hoe  het toekomstig bestuur de Grote Markt wilde omtoveren in een imaginair landschap. Warempel met zgn. ‘dry desk fountains’. Dansende fonteintjes. Gespetter alom. Een waterpartij is trouwens geschikt om het hitte-eilandeffect tegen te gaan, – of wist u dat soms niet? Zelfs ecologie kan ingeroepen als rechtvaardiging voor geprogrammeerde over-inrichting van een plein.

Een ” grote markt ”  –  het hart, zeg maar de ziel van een Stad  – is een civiele, democratische ruimte. Het is géén park of plantsoen, géén plopsaland, géén attractie, géén welnessresort, géén landschappelijk object. Het is een plein.  Een collectief stedelijk podium om te feesten, te betogen, handel te drijven, te pronken, te vergaderen, te rouwen, te herdenken –  of een forum ook om niets te doen. Mensjes kijken.
Het is en plek waar men zich (willen of niet) een echte Kortrijkzaan voelt.

Vanwaar die hardnekkige drang om een sober marktplein te “verzachten”, te verrommelen, op te tuigen, te decoreren, in te vullen, te vergroenen? Te bezaaien met terrassen?
Hiervoor moeten we twee “instanties” ter verantwoording roepen; 1) de bestuurders en 2) de agorafobe burgers.

Eerst de bestuurders.
Die zijn gedreven  door een politieke angst.  Angst om niets te doen. Iedere nieuwe lichting van bestuurders wil altijd opnieuw uitpakken met ‘projecten’.  STADSPROJECTEN ! Men wil iets doen, iets zeggen, iets tonen. Niets geschikter of eenvoudiger is dan : een ruimte herinrichten. Burgers tonen waarvoor al dat belastinggeld dient.
En elk herinrichtingsproject begint met de impliciete veronderstelling dat het bestaande tekortschiet. Hier in Kortrijk: de horeca moet gered.
Het resultaat is een overgeprogrammeerde stedelijke rommelmarkt. Het vergt moed van bestuurders, ontwerpers, jury’s om te erkennen dat kwaliteit kan ontstaan door weglating in plaats van door toevoeging. Een leeg, sober plein is een gedurfde radicale keuze. (Het is tegenwoordig een hardnekkige misvatting bij al onze Vlaamse steden dat leegte een probleem is.)

Beste lezer, 

Met die laatste bemerking belanden we rechtstreeks bij u ! Bij de agorafobe burgers met hun angst voor lege ruimte en stilte. En bij het gebrek aan moed om een bepaalde ruimte te vertrouwen, bijvoorbeeld die steenwoestijn van het Schouwburgplein.

(Er komt nog post.)

Een brief aan de Kortrijkse agorafoben (op komst)

Als je  bepaalde Kortrijkse gebruikers van ‘socials’ als FB of van de groep “Architectuur in Kortrijk”, ook op FB , of zelfs van bestuurders van de regerende fractie TBSK leest, dan  kun je de indruk opdoen dat er ter stede een nieuwe existentiële crisis is uitgebroken. Niet alleen over parkeren,  of over GAS-boetes, zelfs niet over de staat van de Leieboorden.
Neen, – over het ondraaglijke drama van … lege ruimte.
De Grote Markt blijkt voor sommigen een woestijn, om niet te spreken van het Schouwburgplein. Die plek is voor nogal wat burgers een soort stenige savanne.
En dus klinkt de roep om meer “vergroening” en – jawel –  fonteintjes ook nog.
Kortrijkwatcher heeft daar zo zijn mening over.
In een volgende editie willen wat uitweiden over wat we benoemen als urbanistich-esthetische agorafobie.

Naar een heraanleg van het Begijnhofpark: kosten? (2)

Spoiler
Dit stuk is deels op loze info gebaseerd.
Dat is niet onze gewoonte.

In de laatste aanpassing van het vierde meerjarenplan  over de periode 2020-2027 (nog opgesteld onder de tripartite), was er nog altijd geen enkele eurocent voorzien voor de kosten verbonden aan de aanleg  van de “uitbreiding” van het Begijnhofpark.
Die uitbreiding waarvan toen sprake was sloeg op het feit dat vanwege de sloop van het WZC Sint-Vincentius en de eliminatie van de parking voor de bewoners van het begijnhof het park zou aangroeien van 8,100 m² naar 10.700 m².  Met 30 procent dus, een cijfer waarmee schepen Maddens uitentreuren uitpakte  om het geplande woonproject in het park (29 units) goed te praten.
(Ter info en pro memorie: Stad kocht in 2017 de hele site van Sint-Vincentius op voor 4,1 miljoen euro, met een oppervlakte van 6.256 m². Het stuk dat bedoeld was voor een woonproject werd verkocht voor 2,5 miljoen.)

Dat woonproject van de ontwikkelaar GML Estate is nu van de baan (beslissing van CBS op 24 juni) zodat het park in tweede instantie nog wat groter wordt dan ooit gedacht.
Hoe groot?
Volgens een persbericht (VRT 24 juni) komt er nu – vanwege de schrapping van het woonproject – nog 2.500 m² grond bij en krijgen we aldus  een totale parkoppervlakte van 13.200 m².
(Noot. Eigenlijk weten we niet goed hoeveel m² GML Estate voor het woonproject heeft aangekocht.  Het bestek geeft daaromtrent in de notulen van de GR van 11 december 2023 geen nadere toelichting.)
Wat we wel weten is dat het zakelijk recht om te bouwen in het Begijnhofpark ging over een vloeroppervlak van 3.400 m².

Een lange inleiding om te komen tot ons onderwerp. De landschapkosten voor de heraanleg van het Begijnhofpark.
Tot onze verbazing weet schepen Wout Maddens nu alreeds wat de aanleg van het nieuw vrijgekomen deel van het park zal kosten: met name 740.000 euro. Zie laatste “Bulletin van Vragen en Antwoorden van december dit jaar, pag. 18. (Maar in het VRT-persbericht van 24 juni heeft men het over 600.000 euro.)
We geloven eerder dat bedrag van 740 K.
Wat is dan de aanlegkost van het extra vrijgekomen perceel?
– Als het gaat om een oppervlakte van 2.500 m² dan  kost dat 296 euro per m².
– Gaat het om 3.400 m² dan kost die heraanleg 217 euro per m².
Geen idee of dat wel kan.

Er moet binnenskamers in het kabinet van schepen Maddens toch alreeds iets gaande zijn over de plannen voor de heraanleg van het Begijnhofpark.
In het eerste meerjarenplan 2026-2031 van de huidige vierpartijencoalitie is voor het actieplan “Begijnhofpark + omgeving O.L.V.kerk”  (nr. 3.1.11) een immens krediet ingeschreven: niet minder dan 1.780.000 euro.

De redactie van deze alternatieve stadskrant mag zich verheugen in de medewerking van een schat van een dossierbewaarder.
Hij is op het spoor gekomen van een voorontwerp voor de aanleg van het Begijnhofpark, opgemaakt door “Deroose landschapsarchitecten“, en goedgekeurd door het College op 27 november 2023.
Voor de zone “verbinding Abby – O.L.V-kerk” is het budget geraamd op 153.291 euro (incl. btw) en voor de zone “achterzijde begijnhof en de centrale zone” (met het evenementenplein) op 371.880 euro.
Over de aanlegkost voor extra vrijgekomen grond heeft men het uiteraard niet. Die aanleg zou dan zoals gezegd 740.000 euro kosten.
Totaal: 1.265.171 euro.

P.S.
Gelieve heel dit stuk met een kilo zout tot u te nemen.

 

Mijmeren in het Begijnhofpark (1)

Koude maar zonnige winter- en tegelijk verlofdagen zetten onze gemeenteraadwatcher er altijd toe aan om forse wandelingen te maken. Wel menigmaal beperkt tot ‘historisch en hartje Kortrjik”. (Zo’n lief stadje, voelt aan als een dorpje.)

Vandaag is hij beland en gestrand op een bank in het Begijnhofpark.
Nu het schepencollege (24 juni) heeft beslist om op de voormalige site van Sint-Vincentius dan toch geen wooncomplex te gaan bouwen zat hij zich aldaar – in het lekker zonnetje –  te bedenken over wat er staat te gebeuren met die onverwachte uitbreiding van het Begijnhofpark.
Nog met méér dan met de geraamde 30 procent !
Hoe staat het met de wel degelijk beloofde gehele heraanleg van het park? Met het Boerenhol en de Zypte?  Komt er daar nog iets van?
Onze gemeenteraadwatcher zit dus alweer achter zijn bureau. In de archiefkamer.
Om welke oppervlakte zal dat nu gaan? Wat zou dat kunnen kosten?
Is er al een ontwerper? (Deroose zeker?)

Vragen te over.
Tja. Hij kan echt niet stilzitten, onze gemeenteraadwatcher.