“Lago” zit in de problemen en wil daarom weer wat van ons (2)

Stad Kortrijk, de gemeente Zwevegem en anderzijds de NV S&R Kortrijk-Zwevegem sloten op 8 augustus 2016 een zgn. DBFMO-overeenkomst voor het ontwerpen, het bouwen, financieren, onderhouden en uitbaten van een nieuw zwembadcomplex in Kortrijk én Zwevegem. (Toenmalig burgemeester Van Quickenborne dacht er nog aan om bij deze publiek-private samenwerking (PPS) nog enkel naburige gemeenten mee te sleuren in het bad, maar dat is niet gelukt.)

Nu het management van de Naamloze Vennootschap S&R (sport en recreatie) Kortrijk-Zwevegem zegt te worstelen met liquiditeitsproblemen en (opnieuw) aanklopt bij Stad vond de redactie van de alternatieve stadskrant ‘kortrijkwatcher’ het nuttig om een keer de jaarverslagen van de NV te doorploegen. Ondernemingsnummer 0 667 791 649.
Want rechtuit gezegd, dat is vroeger (bij vorige risicoverdelingen) merkwaardig genoeg nooit bij ons opgekomen, en bij de gemeenteraadsleden ook niet.
Ja, de financiële toestand bij “Lago” (commerciële benaming) ziet er alleszins niet goed uit. Er is geen audit nodig om dat in te zien.
– Er is nog geen enkel jaar geweest zonder verlies.
– Vanaf het jaar 2020 is zelfs het eigen vermogen negatief.
Maar hierna willen we tegelijk wel eens kijken hoe het vanaf 2019 dan gesteld is met de andere ondernemingen waarin de S&R Group maatschappelijke rechten bezit van ten minste 10 procent van het geplaatste kapitaal. Immers, die andere S&R-entiteiten hebben toch ook moeten worstelen met de gevolgen van de Covid-epidemie en de energiekosten? (En zouden die evenveel steun gekregen hebben van hun gemeentebestuur als het geval was met onze Lago-zwembaden?)
We sommen nog eens die andere Sport en Recreatie-lokaliteiten op, die met het hoogste eigen vermogen eerst: Lier, Gent, Brugge, Mons, Beveren, Pelt, Sint-Truiden.

2017: het eerste boekjaar – nog zonder exploitatie
Dat werd al meteen met een (over te dragen) verlies afgesloten van – 50.736,67 euro. (Het bedrijfsverlies bedroeg -77.481 euro.)
Balans: 19.064.949 euro. Eigen vermogen: 949.262 euro. Geen schulden op meer dan één jaar, wel op ten hoogste één jaar: 17.863.073 euro. Personeelskosten: 73.969 euro, wel te verstaan voor één werknemer.
De exploitatie in dat jaar is nog niet opgestart, dat is pas gebeurd eind juli 2018 voor de Lago Club Zwevegem en begin maart 2019 voor Lago Kortrijk. De Raad van Bestuur is optimistisch. Men is van mening dat men de risico’s in voldoende mate beheerst en beheert door de ervaring van de S&R Group in de sector. Er zijn dan ook géén gepaste voorzieningen opgenomen. (Maar dat is een klassieke zin in jaarverslagen.)

2018: het jaar van de stijgende schulden
Het boekjaar werd afgesloten met een verlies van -569.341 euro. Het over te dragen verlies bedraagt nu al meer: 620.078 euro.
Balans: 47.939.046 euro. Bedrijfsverlies nu -885.530 euro. Eigen vermogen gedaald: 379.921 euro. Personeelskosten uiteraard gestegen: 816.821 euro (Zwevegem is gestart). Schulden op ten hoogte één jaar nu naar 31 miljoen. Op meer dan één jaar: 16 miljoen.

2019: het jaar van de brand
Het boekjaar wordt afgesloten met een verlies van -657.799 euro. Over te dragen verlies voor het eerst meer dan 1 M, het wordt 1.277.878 euro.
Balans: 52.311.999 euro. Bedrijfsverlies: -1.694.146 euro. Eigen vermogen: 222.121 euro. Personeelskosten: 2.357.183 euro. Schulden op ten hoogste één jaar 4 miljoen en op meer dan één jaar 47 miljoen. (Vergelijk met het eigen vermogen.)
Belangrijke gebeurtenis in dat jaar: brand! Op 29 februari worden de glijbaantoren en de glijbanen van het zwembad op Kortrijk-Weide in de as gelegd. De initiële opening moet uitgesteld en zal in diverse fasen gebeuren.
Op financieel gebied is het nuttig om vast te stellen dat het netto-actief van de vennootschap is gedaald tot onder 1/4de van het geplaats kapitaal van 2 miljoen bij een maatschappelijk kapitaal van 1,5 miljoen.
De Raad van Bestuur houdt rekening met de groeiperspectieven en is niettemin van oordeel dat een ontbinding van de vennootschap voorbarig is de continuïteit is verzekerd.


Ja, het wordt tijd nu wel tijd om na te gaan hoe het is gesteld met de andere zeven S&R-entiteiten waar de S&R Group belangen in heeft. Welnu: enkel Kortrijk-Zwevegem vertoont een negatief nettoresultaat !
Weet u wat we ons nu afvragen? Iets héél gedurfd. Is de verzekeri dan niet tussen gekomen? (Overigens: weet er nu al iemand wie verantwoordelijk is voor het incident?)

Het jaar van de Covid-epidemie: 2020
Ten gevolge van de epidemie zijn de zwembaden niet volledig open. (Op 31 maart volgt er zelfs een sluiting.) De vennootschap maakt wel optimaal gebruik van de steunmaatregelen van de overheid. En Stad Kortrijk en de gemeente Zwevegem voorzien in bijkomende Covid-steun voor het jaar 2020 en 2021.
Het boekjaar sluit niettemin af met een verlies van -585.012 euro. Over te dragen verlies: 1.862.890 euro.
Balans wat gedaald: 50.591.250 euro. Bedrijfsverlies: -1.904.995 euro. Eigen vermogen: MIN 362.890 euro.
Personeelskosten gedaald (sluitingen): 1,4 miljoen. Schulden op ten hoogte één jaar 3,4 miljoen en op meer dan één jaar niet minder dan 47 miljoen.
Er is dus voor het eerst een negatief vermogen. En het netto-actief van de vennootschap is gedaald tot onder het wettelijk minimum geplaatst kapitaal. En onder 1/2de van het maatschappelijk kapitaal.
Maar de Raad van Bestuur vindt opnieuw dat ontbinding voorbarig is.

In dit fatale jaar is het alleszins weer nuttig om de S&R van Kortrijk-Zwevegem te vergelijken met andere S&R-ondernemingen.
Welke andere Sport & Recreatie-lokaliteiten kennen niettegenstaande alles géén negatief nettoresultaat?
Pelt en Mons. Maar het is wel zo dat S&R Kortrijk-Zwevegem tegelijk een negatief eigen vermogen heeft en een negatief resultaat. Overigens zijn de verliezen bij Mons, Gent en Sint-Truiden niet catastrofaal.

2021: het jaar van Oekraïne
Het boekjaar wordt afgesloten met en verlies van -683.216 euro. Over te dragen verlies: 2.546.107 euro.
Balanstotaal: 50.058.778 euro. Bedrijfsverlies: -3.194.160 euro. Eigen vermogen blijft negatief: -546.107 euro. Personeelskosten: 1,9 miljoen. Schulden op ten hoogste één jaar 4,7 miljoen en op meer dan één jaar 45 miljoen.
De oorlog van Oekraïne heeft een impact op de economie (het aantal bezoekers?) en kan leiden tot een inflatie-risico. Cf. vraag naar verhoging van e tarieven.
En hoe zit het nu met de andere S&R-entiteiten? Sluiten met een verlies: Brugge, Sint-Truiden, Lier.

2022: het jaar zonder belangrijke gebeurtenissen of noemenswaardige omstandigheden maar met een gigantisch verlies
Het boekjaar sluit wel met het hoogste verlies sinds het bestaan van de vennootschap: -1.766.397 euro.
Over te dragen verlies fel verhoogd: -4.321.504 euro. Balanstotaal: 47.138.723 euro. Bedrijfsverlies: – 3.398.438 euro. Eigen vermogen nog altijd – en zwaar – negatief: – 2.312.504 euro.
Personeelskosten: 2,0 miljoen. (Ter info: het gaat om 48,8 VTE.) Schulden stagneren zowat. Op ten hoogste één jaar 4.680.855 euro en op meer dan één jaar 43.902.420 euro.

Bij de andere deelnemingen van de S&R-Group doet Beveren het slecht met een negatief nettoresultaat dat zowat de heft bedraagt van het eigen vermogen. En Sint-Truiden scoort ook tegelijk negatief met het eigen vermogen en het nettoresultaat.

P.S.
Rest nog het probleem of we aan de vijf aandeelhouders van de S&R Group niet kunnen vragen of zij willen opdraaien voor de liquiditeitsproblemen van onze lokale S&R? Zeker aan de grote baas van Innopa Nv, de ‘moedermaatschappij’ die de helft van de aandelen bezit. De heer Jan De wit uit Wilsele.
Tijd om een keer te kijken naar de winstcijfers van de S&R Group?
Ondernemingsnummer 0 834 561 967.





Lago in de problemen, maar de S&R Group ook?? (1)

We moeten weer alles zelf doen. Pff. ’t Is altijd hetzelfde.
Dus zijn we verplicht om even onze serie alternatieve stukken over de financiering van de Deelfabriek te onderbreken. In afwachting van meer informatie over de reden van de budgetoverschrijding bij dat project (dat we genegen zijn) hadden onze lezers nog één verhaal te goed, met name over de gunning van de algemene aanneming. Het is voor later. (Offertebedrag: 3.718.596,95 euro in oktober 2021.)

De actualiteit vergt evenwel dat we onze aandacht wenden naar de (overigens aanhoudende) perikelen met het zwembad LAGO op het Nelson Mandelaplein en het filiaal in Zwevegem. Lago zit blijkbaar niet goed bij kas en vraagt alweer om financiële steun of garanties bij Stad. Het zou gaan om een bedrag van bijna 3,5 miljoen euro.
De tekorten bij de exploitatie van de LAGO-zwembaden alhier wijt men voor het gemak aan de gevolgen van het Corona-tijdperk en aan de hoge energiekosten. (Voor het zwembad aan Kortrijk-Weide sleurt men er nog een keer de brand van 2019 bij.) Voor de redactie van kortrijkwatcher is dit alles een voldoende aanleiding om te doen wat de gazetten (en ook raadsleden) weer eens nalaten te doen.
De meerjarenplannen m.b.t. Lago uitpluizen, de jaarverslagen lezen van de S&R Group, de DBMFO- overeenkomst voor het ontwerpen, bouwen, financieren, onderhouden en uitbaten van en nieuw zwembadcomplex herlezen.

Er zijn immers vragen te stellen.
– Wat heeft Kortrijk alreeds uitgegeven (en via andere manieren “toegeven”) aan het management van LAGO, net om tegemoet te komen aan die vermeende oorzaken van de slechte resultaten van de S&R-locaties alhier?
– Lago is in feite de commerciële benaming voor S&R Kortrijk-Zwevegem. Is er al een gazetteschrijver (of raadslid) dat de jaarrekeningen van die onderneming heeft bekeken? Het nummer is 0667.791.649.
– Lago maakt deel uit van de overkoepelende S&R Group die nog deelnemingen bezit in negen andere Sport- en Recreatie-locaties. We vernoemen Beveren, Bredene, Brugge, Gent, Mons, Enschede (Nederland), Sint-Truiden, Lier, Pelt. Hebben die de laatste jaren ook slecht geboerd? Niettegenstaande covid en de dure energie? We verklappen het nu reeds. Vorig jaar was er bij S&R Brugge, Gent, Mons, Lier en Pelt een positief netto-resultaat.
Hoe zit het met de jaarverslagen van de S&R Group zelf? Maatschappelijke zetel in Leuven (Wilsele), Ondernemingsnummer 0834.561.957. Stel dat die groep financieel in goede doen is? Dat die vijf aandeelhouders jaarlijks BEHOORLIJK winst boeken? (Vorig jaar bedroeg de te bestemmen winst 2.459.947 euro en was er slecht een toevoeging aan het eigen vermogen van 6.867 euro.)

WAAROM ZOU STAD OP ENEGERLEI WIJZE DAN NOG OPDRAAIEN VOOR HET SLECHTE NETTO-RESULTAAT VAN S&R KORTRIJK-ZWEVEGEM?





De gunning van de studieopdracht voor deelfabriek (4)

In deze sequel over “de herinrichting en de herontwikkeling van de oude brandweerkazerne” eindigen we met de beginfase van het project. Hoe we tot aan de kostprijs van 6,2 miljoen zijn gekomen blijft evenwel een raadsel. Tijdens heel het traject van het project is schepen Philippe De Coene nogal spaarzaam geweest met informatie. Tevens moet gezegd dat een en ander ook is verlopen zonder veel bekommernissen bij de raadsleden.

Voor het ontwerp van een “deelfabriek” in de brandweerkazerne was natuurlijk allereerst een studieopdracht nodig. Over de selectievereisten, de raming en de plaatsingsopdracht (dat is de wijze van gunnen) is het College van Burgemeester en Schepenen (CBS) al doende geweest begin januari 2020. In april van dat jaar zijn dan vijf mogelijke kandidaten geselecteerd en de uiteindelijk werd op pas op 17 augustus van dat jaar de studieopdracht gegund aan de cvba TRANS Archirectuur Stedenbouw uit Gent (nu Atama genoemd).
Die studieopdracht werd door het CBS geraamd op 211.300 euro (incl. btw). Het is meer geworden.
Trans Architectuur vraagt een vast ereloonpercentage van 10,50 procent. Hoeveel dat nu concreet als uitkomst betekent, dat is nog altijd een raadsel.

MAAR EERST EVEN ZEGGEN DAT OP DAT MOMENT – augustus 2020 – HET PROJECTBUDGET (all-in!) 3.833.550 EURO BEDROEG. Inbegrepen projectkosten en een reserve voor onvoorziene meerkosten ten belope van 321.714,18 euro. (Hoe komt men daar zo bij, eigenlijk? Wie berekent dat?)

Bouwkosten
De pure bouwkosten bedroegen toen voor een eerste fase 1,89 miljoen, voor een tweede fase (het “te vermarkten gedeelte”) ca. 498.000 euro. Voor de gevelrestauratie (jawel, dat is een aparte opdracht geweest) voorzag men 759.880 euro.
Totaal: 3.157.766,14 euro.
Erelonen
Voor deel 1 van de bouwkost komt men aan 199.481,59 euro (10,5%) en voor deel 2 aan 39.844,92 euro (8%). Voor de gevelrestauratie: 43.184,80%.
Totaal: 282.511,31 euro.

Dat was dus de stand van zaken in augustus 2020.
– In mei 2021 evenwel heeft het CBS de voorwaarden en wijze van gunnen voor de werken bepaald.
We krijgen dan wéér geheel andere bedragen voorgeschoteld.
– En als dan in oktober 2021 de werken eindelijk worden gegund is het aanbestedingsbedrag – uiteraard -nog een keer anders.
Dat is voor een volgende keer. En dan kunnen we samenvatten en… allemaal rustig zitten wachten op het CBS met het allerlaatste overzicht van de kosten.






Beetje meer toelichting over de wonderlijke evolutie van de kostprijs van de nieuwe deelfabriek (3)

Onze abonnees weten heel goed dat kortrijkwatcher het project omtrent de herinrichting, de omvorming van de oude brandweerkazerne tot “deelfabriek” heel genegen is. En het lichtkunstwerk op de toren van Sandra E. Blatterer aanziet de redactie van deze alternatieve stadskrant waarlijk als de kroon op het werk. Jawel, “there’s something in the air” als men weet waartoe het gebouw allemaal dienstig zal en kan voor zijn.
Onze abonnees weten daarenboven tegelijk zeer goed dat kortrijkwatcher een fervent voorstander is van een basisregel in de journalistiek die zegt dat het altijd beter is om de lezer volledig te informeren over een onderwerp, ook over de ‘losse eindjes’ ervan.
OOK om de kwaliteit van de Kortrijkse besluitvorming in deze te duiden valt er niet te ontkomen aan de noodzaak om de historiek van het project nader toe te lichten, bijvoorbeeld de evolutie prijsvorming ervan. En de duur van de werken.
Ja, noem ons maar een spelbederver.
Nog in een vorig stuk memoreerden we dat schepen De Coene zich ooit liet ontvallen (HLN, 10 oktober 2019) dat het project 3,1 miljoen zou kosten en ongeveer zou klaar zijn in 2022. Over subsidies werd niet gerept. Trouwens ook niet in de jaarrekening van 2020.

We gaan wat nader in op die boeiende maar warrige prijsevolutie en baseren ons hierbij uiteraard niet op de gazetten maar wel op officiële documenten zoals de meerjarenplannen (MPL), de jaarrekeningen met daarin eventueel het initiële budget (IB), het herziene (eind)budget (EB) om tenslotte nog te zien wat er uiteindelijk is uitgegeven in dat jaar (de JR).
Heel stom is natuurlijk dat we ons voor de meeste recente ‘all-in kostprijs’ (openbaar gemaakt op 10 oktober) wél moeten baseren op de media aangezien we (nog) geen kennis konden nemen van een of ander besluit daarover uit het College van Burgemeester en Schepenen (CBS).
(Nog een noot: alle prijzen die hierna volgen zijn inclusief BTW.)

Het oorspronkelijke MPL 2020-2024 (gepubliceerd op 4 december 2019) geeft volgende ramingen aan:
– uitgaven: 3.833.550 euro
– subsidies: 1.700.000 euro
– netto-kost voor stad: 2.133.550 euro.
Totale kost toen geschat op: 5.533.550 euro, inclusief de verwachte subsidies.

In het laatste meerjarenplan (de derde aanpaste versie) gepubliceerd op 15 december vorig jaar (AMJP3) raamt men
– de totale kostprijs van het project op 6.031.561 euro,
– hoopt men op toelagen ten belope van 2.434.000 euro
– en is de netto-kostprijs voor stad dus 3.596.561 euro.
Vergelijk nu met wat de bevoegde schepen onlangs liet weten via de pers, naar men mag aannemen de reële en definitieve (?) bedragen:
– totaal 6.251.561 euro;
– subsidies 2.415.789 euro;
– netto voor stad: 3.835.763 euro.

De laatste raming – zoals verschenen in het AMJP3 – was er dus niet zoveel naast, in vergelijking van wat de schepen NU prijsgeeft.
Maar zie nog eens (in ons vorig stuk) waar schepen De Coene oorspronkelijk aan dacht !
En wat het schepencollege van 17 augustus 2020 zegt:
Het projectbudget (all-in) voor dit project bedraagt op heden 3.833.550,00 euro.

Wie raamt er eigenlijk wat zo’n project zou kunnen kosten? De ontwerper? Dat zou dan TRANS Architecten/nu ATAMA zijn, samen met studiebureaus De Fonsega (voor de akoestiek) en BDA Engineering?

Volgens de eerste aanpassing van het meerjarenplan (AMJP1), gepubliceerd op 14 december 2020, bedroeg de raming al wat meer: 4.483.550 euro. De subsidies bleven gelijk. Netto-kost nu: 2.733.550 euro.

Eind 2021 maakt de raming een ongelooflijk grote sprong, omhoog dan. Met 1,5 miljoen! Zie AMJP2.
We weten echt niet hoe dat komt. Vinden daar tekstueel nergens een uitleg voor. Het is overigens ook zo dat heel het project nooit serieus ter sprake kwam in de gemeenteraad. Men beschouwde dat allemaal blijkbaar als een zaak voor het OCMW.
Nu zou het project dus al bijna 6 miljoen gaan kosten, nauwkeurig: 5.933.550 euro. Ook de subsidies stijgen plots drastisch, naar 2.434.000 euro. Netto-kost voor stad nu: 3.549.550 euro.
En zo komen we aan de raming van eind vorig jaar. Het is 6 miljoen geworden. En het was ooit iets van 3 miljoen.

U hebt nog een informatief gegeven van ons, als spelbederver, tegoed.
Wat vraagt de ontwerper voor dit alles? Een percentage natuurlijk, en dat loopt op.
En de aannemer? (Eigenlijk waren er twee want de gevelrestauratie was een nevendossier.) Een voor de gevelrestauratie?) Schepen De Coene zegt nooit om wie dat gaat. Is nochtans blijkbaar een keer in gebreke gesteld. Daar weten we weinig of niks over. (Is er een “boete” betaald?) De vertraging bij de werken heeft waarschijnlijk nog iets te maken met een grappig feit. Op zeker moment was de brandweerkazerne niet meer toegankelijk voor iedereen wegens brandgevaar. Er is trouwens en brandje geweest.
We mogen ook niet vergeten dat het project zowat een jaar zonder coördinator zat. (Zijn er nog die dat niet weten??)

Wacht even.
Wat is er nu eigenlijke al gefactureerd of/en ontvangen van die 6 miljoen?
We gaan wat afronden.
– De netto-kosten voor stad bedragen 3,83 miljoen. Daarvan is volgens de jaarrekeningen van 2020 tot en met 2022 al 2,83 miljoen uitgegeven.
– Men verwachtte voor niet minder 2,41 miljoen euro aan subsidies. Daarvan is in de drie jaarrekeningen die nu bekend zijn slechts een bedrag van 396.823 euro aangegeven. (In 2020 niets ontvangen.)
We gaan u daar verder niet mee lastig vallen. Maar de verschillen tussen wat jaarlijks is gebudgetteerd (als IB en EB) en dan uiteindelijk werkelijkheid werd zijn niet te vatten.
Toch een voorbeeld?
Uitgaven in 2002:
– IB: 2,80
– EB: 1,85
– JR: 2,37
Ontvangsten in 2002:
– IB: 244.800
– EB: – (?)
– JR: 252.617

(Wordt toch nog vervolgd.)















Over het grillige verloop van de kostprijs van de nieuwe deelfabriek (2)

Zoals gezegd vinden we op de website van Stad eigenlijk twee recente maar wel verschillende gegevens over de kostprijs (inclusief de subsidiëring) van de ” herinrichting en herontwikkeling van de oude brandweerkazerne“, met andere woorden: van het prestigieuze project ‘nieuwe deelfabriek’.
Laat ons het beginnen met het meest recente bedrag, dat gepubliceerd is op 10 oktober van dit jaar op de website van Stad Kortrijk en in de media.

Er is sprake van een totaal budget van 6.251.561 euro.
De netto-bijdrage van Stad (er zijn subsidies) is wel enkel afgerond aangegeven: 3,85 miljoen.

Opvallend is dat men (overigens traditioneel in heel deze zaak) altijd eerst en vooral met graagte de verworven subsidies van andere overheden vermeld. Het is duidelijk wat het stadsbestuur hiermee wil zeggen: mensen, let er even hoe weinig dit project ons, Kortrijkzanen, maar zal gaan kosten.
Die subsidies bedragen volgens dit bericht althans,
vanwege:
– Vlaanderen (Agentschap Algemeen Bestuur en Armoedebestrijding): 1,39 miljoen; (ter info, dat was nog ten tijde van Liesbeth Homans van de N-VA bekomen)
– Agentschap Onroerend Erfgoed: 440.832 euro;
– Provincie West-Vlaanderen: 100.000 euro;
– EFRO (Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling): 478.000 euro.
Uit een ander bericht op dezelfde website van stad (maar niet gedateerd) vernemen we dat de Vlaamse subsidie 1.396.290 euro bedroeg en die van EFRO 478.685,87 euro. We kunnen dus uit onszelf berekenen voor welke bedrag aan subsidies we konden binnenrijven: 2.415.798 euro. Het aandeel van stad komt dan neer op 6.251.561 – 2.415.798= 3.835.763 euro.
We weten niet goed hoe dat komt, maar in dat andere, niet gedateerd bericht op de site van Stad is sprake van een totaal budget van 4.586.364 euro. Tja. Het verloop van de kostprijs is in de loop der jaren 2019-2023 nogal ingewikkeld hoor. Zelfs de subsidies schommelen op en neer.

Nu ja, we kunnen niet anders dan ons voorlopig houden bij
een EINDBEDRAG van 6.251.561 euro in het totaal,
met als aandeel van Stad 3.835.763 euro.

Bovenstaande bedragen lezen we op de officiële website van Stad en zijn ook door schepen De Coene medegedeeld aan de gazetten. Een officieel document, een goedgekeurd besluit van het College van Burgemeester en Schepenen met alle details over bouwkosten, de gevelrestauratie en honoraria is ons evenwel (nog) niet bekend. (Is dat eigenlijk al aan bod gekomen in het CBS?)

Onze lezers kennende, zijn zij nu ongetwijfeld geweldig ongedurig om te weten wat het stadsbestuur oorspronkelijk dacht over wat het project ” herinrichting en herontwikkeling van de oude brandweerkazerne” zou gaan kosten. De raming dus.
Awel, we pakken er even ons lijfblad bij, middels de 0,00%-journalist Peter Lanssens, DE spreekbuis van stad. Een interview met schepen Philippe De Coene (SP.A), de instigator van het project, in “Het Laatste Nieuws” van 19 januari 2019. Dat is dus begin 2019.
Daarin zegt de schepen letterlijk dat de nieuwe deelfabriek 3,1 miljoen euro zal kosten. En voegt er trouwens aan toe dat de opening voorzien is voor 2021. Ja zeg.

We zuigen dat niet uit onzen duim. Konden het wel niet geloven en zochten naar een mogelijke bevestiging. Gevonden in een officieel stadsdocument van eind 2019.
Het is dus heel goed mogelijk wat schepen De Coene toen vertelde als geschatte kost.
In het meerjarenplan (MJP) van 4 december 2019 vinden we – gelukkig maar – een eerste spoor van de initiële raming. Men denkt nu aan een (geraamde) uitgave van 3. 833.550 euro en hoopt op ontvangsten (subsidies) ten belope van 1.700.000 euro. De netto-kost voor Stad zou dan 2.133.550 euro bedragen.

Laat dat nu eens goed bezinken.
We gaan dus van
– 3,83 M ( als raming in het MJP 2019)
– naar een werkelijke uitgave van 6,25 M (gepubliceerd op de stadswebsite in oktober 2023).
Dat is een BUDGETOVERSCHRIJDING van hoeveel procent? Ik zal het maar eens luidop zeggen: 98 procent.
Waarom staat dit in geen enkele gazet?
Waarom komt dat niet ter sprake in de gemeenteraad?
Pff…Het is natuurlijk zo dat het schepencollege op geregelde tijdstippen de ramingen heeft “aangepast”.
Die historiek komt nog aan bod. Plus natuurlijk de gunning van de studieopdracht aan “TRANS Architectuur” (nu ATAMA genaamd) uit Gent en de gunning van de ‘algemene aanneming’ aan Maatschap Bouw-Tec uit Lauwe.

(Wordt vervolgd.)



Onze lefgozer is terug !

Ja, dat weet iedereen.
Onze Vincent Van Quickenborne – vaak een politieke beest genoemd – is van geen kleintje vervaard.
Pas ontslagnemend als Minister van Justitie of daar duikt hij alweer officieel op maandagochtend 23 oktober op in het Kortrijks stadhuis om, middels een persconferentie, maatregelen aan te kondigen die al meteen getuigen van zijn kaduuk moreel kompas, op politiek vlak alleszins.
Vincent Van Quickenborre is de letterlijke verpersoonlijking van een volstrekt Amorele politieker.
En dat heeft hij alweer aangetoond, zij het nu even in zaken die niet onmiddellijk van levensbelang zijn. Het gaat om akkefietjes, jawel, maar ze zijn alweer symptomatisch voor geheel het politieke zijn van onze burgemeester.

Ter vertroosting van de arme Ruthie, die tot vorige vrijdagavond 20 oktober nog waarnemend burgemeester mocht spelen, “bevordert” Quickie haar (zonder te lachen) tot wat hij noemt een “super-schepen“. Met een pak extra “bevoegdheden” nog wel!
Ja zeg. (Zie nog verder.)
Het begrip ‘super-schepen” in de juridische zin bestaat natuurlijk niet. Dat weten we allemaal; dat deze benaming figuurlijk is bedoeld. Maar als we dan toch even die term willen hanteren, dan is het toch voor elke waarnemer van de Kortrijkse politiek duidelijk dat we als DE tenoren van de huidige tripartite (in willekeurige volgorde) zondermeer en wel degelijk de schepenen Wout Maddens en Philippe De Coene kunnen aanzien. Zonder stilzwijgende goedkeuring van die twee schepenen gebeurt er hier niets.
Toegegeven. Waarnemend burgemeester Ruth Vandenberge had al die voorbije drie jaren weliswaar een heel belangrijke politiek-complementaire rol, met name die van een representatieve en zeer geliefde Miss Kortrijk. Op dat vlak schreef zij al geschiedenis, waarvoor dank van de Kortrijkzanen.
Juridisch is het tevens zo – en de gewezen Minister van Justitie, tevens jurist, weet daarvan hoor! – dat schepenen eigenlijk geen eigen bevoegdheid hebben, in die zin dat zij niet zelf, individueel kunnen beslissen. Een College besluit collegiaal. De zgn. ‘bevoegdheden’ van schepenen slaan op een interne werkafspraak, een taakverdeling. Straks dus meer over de nieuwe taken die Ruthie door haar baas (de eerste in rang!) zijn toebedeeld.

Burgemeester Van Quickenborne heeft blijkbaar ook “iets goed te maken” ten opzichte van zijn vervangster. Als lefgozer eerste klas heeft hij daarom Ruthie zonder verpinken alreeds op maandagochtend 23 oktober uitgeroepen tot eerste schepen.
Quickie springt als jurist gedurfd en kwistig om met decretale regelgeving. Om te beginnen deed hij die schijnbaar vertroostende geste ten opzichte van Ruthie zonder raadpleging of beluit van zijn schepencollege. Tegelijk weet Quickie maar al te goed dat de rangorde van een schepen wordt bepaald in een eerste gemeenteraadszitting na de verkiezingen en (sinds 3 april 2023) pas door een gemeenteraad kan worden gewijzigd.
Gewezen minister van Justitie Van Quickenborne begaat hiermee dus wat hij zelf in andere omstandigheden een “een fout, een onaanvaardbare fout” zou kunnen noemen.
En mogen we hierbij onze Ruthie in dit verband even een wetenswaardige toelichting geven?
De rangorde van een schepen was misschien vroeger van enig historisch belang, maar nu absoluut niet meer. Dat u eerste schepen wordt (in de plaats van Wout Maddens nog wel…) wil doodgewoon zeggen dat u in de eerste plaats in aanmerking komt als mogelijke vervanger van Quickie als hij een keer afwezig is. En bent u op dat moment toevallig zelf niet thuis? Dan is het de beurt aan de tweede schepen. (Is dat nu niet…Maddens?)

Op de website van Stad draagt Ruth Vandenberghe nu volgende titel: “Schepen van Dienstverlening, Energie, Nette Stad en Kortrijk Spreekt en 1ste schepen“.
Het domein “Energie” is nieuw voor haar want zij is nu zoals gezegd super-schepen. Een taak overgeheveld van de portefeuille van schepen Allijns. Volgens mij ligt die materie haar toch niet zo goed, net zo min als die andere nieuwe ‘bevoegdheid’: “Digitale Transformatie“. Die laatste materie behoorde vroeger tot de taak van burgemeester Van Quickenborne. En Quickie gaf haar ook nog “Protocol” mee als taakstelling. (Dat vinden we persoonlijk wel geschikt voor haar.) Van Allijns ten slotte kreeg zij nog “Toerisme“.
Onze eerste schepen kreeg dus vier nieuwe domeinen toegewezen als we een vergelijking maken met haar bevoegdheden van indertijd, als nieuwe schepen in het jaar 2019.
Maar ook – en dat is wel merkwaardig – “een pak” minder!
Wat raakte zij kwijt in vergelijking met haar taken in 2019?
Drie zaken, die Wouter Allijns nu allemaal in handen krijgt: ontmoetingscentra, coördinatie wijkteams, vrijwilligers. (Wat we niet verstaan is dat de kwestie “deelgemeenten” zowel bij Allijns als bij Ruthie gerangschikt staat.)

Voor het overige kunnen we nog vermelden dat Ruthie opnieuw verantwoordelijkheid draagt voor 12 domeinen die zij al kent en beheert van vroeger, van in het jaar 2019. Het lijstje vindt u op de site van Stad. (Het zijn er wel “slechts” 15 en geen 16 in totaal zoals aangekondigd op de persconferentie.)
Zij is door de jaren heen vooral bekend gebleven voor haar beleid inzake ‘nette stad’, ‘afvalbeleid’, ‘Kortrijk Spreekt’.


















Spoiler: we willen uitvissen wat de deelfabriek kost (1)

Ja, we verraden al even waarmee we nu al ontelbare uren bezig zijn: de vraag naar wat “de restauratie en herinrichting van de oude brandweerkazerne” nu eigenlijk heeft gekost, of nog zal kosten.
Het stuk dat we daarover aan het brouwen zijn zal ons natuurlijk niet in dank worden afgenomen.
Vandaar dat we het komende artikel in onze alternatieve stadskrant over die ingewikkelde prijsvorming enkel ter lectuur aanbieden aan lezers die gewend zijn van kranten door te nemen waar nog aan ernstige onderzoeksjournalistiek wordt gedaan. Die dus een journalist die zich toelegt op kritische, onafhankelijke, evenwichtige, accurate, volledige berichtgeving – die evenwel bestuurders onwelgevallig kan zijn – niet onmiddellijk hel en verdoemenis toewensen.
Want dat is wat kortrijkwatcher overkomt.
Hoe vaak gebeurt het niet dat de ‘senior writer’ van deze krant een belangrijk project van Stad volkomen genegen is, maar dan tot zijn groot ongenoegen toch weer eens moet constateren dat er nogal wat losse eindjes aan zijn verbonden. Slechte of vooringenomen lezers menen dan automatisch dat we er danig op gebrand zijn om maar weer eens een knuppel in het hoenderhok te gooien. Nou, dat is wel eens het geval, zeker als een plaatselijke 0,00%-journalist voor de zoveelste keer getuigt van complete ondeskundigheid en onwetendheid over de Kortrijkse politiek of in samenwerking met een burgemeester of schepen regelrecht de waarheid geweld aan doet.
Als verslaggever beoogt kortrijkwatcher met zijn verhalen ten gronde informatie te geven die je in veel gevallen nergens anders leest. Onze plaatselijke politiekers (en hun aanhangers) zijn zo’n controversiële berichtgeving simpelweg niet gewoon, – dat soort van “compliance review” over hun werkzaamheden. Ja, soms kan wat we hier publiceren een ontluisterende werking hebben zodat de betrokkenen zich genoodzaakt zien om de genaamde kortrijkwatcher gemakshalve te bestempelen als een negativo, een verzuurd iemand (azijnpisser), een gefrustreerde pipo.

Een spoiler wil toch iets verraden?
Wel, onze redactie is dus weer eens in de papieren gedoken en staat ongewoon verbaasd over de uiteenlopende budgetten voor “de restauratie en herinrichting van de brandweerkazerne” en de onwaarschijnlijke evolutie ervan. Een continue budgetoverschrijding. Het stopt niet. En de afrekening moet nog komen…
Slechts één voorbeeld (spoiler!).
Op de website van Stad vinden we voor de Deelfabriek de ene keer (zonder datum, maar nu nog altijd te lezen) een totaal budget van 4.586.364,91 euro, de andere keer (met datum van 10 oktober) een bedrag van 6.251.561 euro.
O ja, eer we het vergeten.
De persoon die op het idee is gekomen om de vroegere brandweerkazerne een nieuwe bestemming te verlenen als deelfabriek weze ten hemel geprezen ! Het is wellicht het mooiste, ingrijpendste, maatschappelijk meest grensverleggende project van deze tripartite.
Doe zoals kortrijkwatcher. Stem de Deelfabriek naar een overwinning op de ESSA Awards. Te vinden als “The Sharing Factory” in de categorie genomineerden met als benaming “Collaborative Practice”. Stemmen kan via de website van Stad.





Journalisten en gemeentefinanciën, dat gaat niet samen

Het weekblad “De Krant van West-Vlaanderen” pakt vandaag – een jaar voor de verkiezingen – uit met een antwoord op de vraag “hoe doet jouw gemeente het?”. Exclusief! De redactie gaat daar heel fier over. Dat zij dat kan, voor 64 gemeenten.
Voor Kortrijk is er naast het rapport om een onbekende reden nog een apart stukje speciaal gewijd aan de domeinen “zorg” en “onderwijs”. Beide gestoffeerd met cijfergegevens van resp. schepen Philippe De Coene (Vooruit) en Kelly Detavernier (N-VA). We gaan daar nu inhoudelijk niet op in maar beperken ons louter tot het lezen van de introductie bij dat artikel. Die is getiteld: “80 miljoen euro voor de zorg” en geschreven (in feite: genoteerd) door ene Jules Fremaut.
– Eerste zin:
“Sinds de stadscoalitie in 2019 zijn tweede legislatuur begon, spendeert ze jaarlijks gemiddeld 275,7 miljoen.”
Vanwaar komt dat cijfer? denkt kortrijkwatcher dan.
– Tweede zin:
Dat blijkt uit een dataonderzoek van ‘De Tijd’.”
OEI. Dat onderzoek kennen we niet. Onze Jules geeft geen nadere details. Datum onbekend. Wat ons echter perplex doet staan is dat Jules dat gemiddelde van wat Kortrijk ‘spendeert’ niet zelf een keer heeft uitgerekend. Zou Jules niet op de hoogte zijn van het loutere bestaan van meerjarenplannen (budgetten) en jaarrekeningen? Dat die documenten open en bloot te raadplegen zijn op de Kortrijkse website? We achten dat dus heel goed mogelijk, het bedroevende niveau kennende van onze lokale pers.
Als hij dan toch zijn taak niet aankon, waarom heeft hij het bedrag niet opgevraagd aan de financieel directeur? Of heeft onze Jules misschien geen weet van het bestaan van Johan Dejonckheere? Zou waarlijk best kunnen. We kijken nergens meer van op, als we die plaatselijke “journalisten” aan het werk zien.
– Derde zin dan:
De uitgavenposten zijn divers: van mobiliteit over vrije tijdsbesteding tot zorg en opvang.”
Het is goed dat Jules dat weet, dat er meerdere “posten” zijn. Nu moet hij nog leren wat beleidsdomeinen zijn. In het laatste meerjarenplan onderscheidt men bijv. volgende domeinen: algemene financiering (met belastingen en boetes), algemene en veiligheidsdiensten, ruimte, vrije tijd, dienstverlening, sociaal beleid, zorg. (In het oorspronkelijke meerjarenplan veel meer: sport, cultuur, ondernemen, klimaat, enz.)

Kijk. Zo’n introductie als die van Jules ondermijnt al meteen de kwaliteit van die gemeente-rapporten in zijn krant.
Als cijferfetisjist konden we het niet laten om na te gaan of dat geciteerde bedrag dat Kortrijk gemiddeld jaarlijks spendeert wel juist is. Waar dat op slaat. Gaat het om de meest recente gegevens? Jules legt ook niet uit wat de krant ‘De Tijd’ eigenlijk bedoelt met de term “spenderen”.
Gemakshalve gaan we ervan uit dat die krant doelt op wat stad zoal daadwerkelijk uitgeeft inzake gewone werking (‘exploitatie’ genoemd) plus ‘investeringen’ anderzijds. Tevens hopen we dat men in ‘De Tijd’ wel degelijk het onderscheid in acht nam tussen het budget (de raming) en de rekening (de reële uitgave). Want dat kan nogal verschillen.
We nemen bijv. even de investeringsuitgaven van het jaar 2019 onder ogen, het eerste jaar dus van de tweede legislatuur van de tripartite.
– Het initiële budget bedroeg 38.916.234 euro. (Dat was dus wat de coalitie had bedacht te “spenderen” aan projecten, en dat was overigens ook het bedrag waarmee men de Kortrijkzaan om de oren sloeg.)
– Het aangepaste bedrag, het zgn. eindbudget: 28.035.303 euro (De ambities zijn bijgesteld.)
– Het reële bedrag: 20.278.531 euro (Gespendeerd dus.)

We hebben dus met volle moed de jaarrekeningen van 2019 tot en met 2022 doorploegd en komen tot de vaststelling dat stad in die periode van vier jaar voor 148.149.197 euro aan investeringen spendeerde en 148.149.197 euro aan exploitatie-uitgaven.
Totaal: 863.608.449 euro.
Gemiddeld tot op heden is dus: 215.902.112 euro per jaar. 215,9 M per jaar

BIJLAGE (1) over exploitatie-uitgaven
2019: 123.565.653
2020: 181.724.995
2021: 197.779.471
2022: 212.389.133

BIJLAGE (2) over investeringsuitgaven
2019: 20.278.531
2020: 31.022.793
2021: 37.317.194
2022: 59.530.679

Jules! Signaleer dat eens aan ‘De Tijd’. Dat je die bedragen hebt gevonden op de alternatieve stadskrant genaamd “Kortrijkwatcher”.

BIJLAGE (3) OVER DE AMBITIES INZAKE INVESTERINGEN

In de jaren 2019 t/m 2022 heeft stad dus in werkelijkheid 148.149.197 euro geïnvesteerd. UItgegeven.
Wat valt er nog te doen volgens het laatste, aangepaste meerjarenplan? Heel veel !
In 2023 gebudgetteerd: 81.635.334 euro. In 2024 gebudgetteerd: 72.857.309 euro. Totaal: 154.492.643 euro.
Amaai ! De tripartite moet in twee jaar méér investeren dan men gedaan kreeg in vier jaar !

Opdat niemand het zou vergeten geven we nog de bedragen die de tripartite oorspronkelijk voornam te investeren in deze bestuursperiode 2019-2024.
De initieel beloofde investeringsuitgaven om “de beste stad van Vlaanderen” te worden:
2019: 38.916.234
2020: 61.781.887
2021: 51.748.499
2022: 56.109.472
2023: 51.238.674
2024: 38.273.106
Beste lezer. Bij de verkiezingen van 2018 heeft men ons voorgespiegeld dat er in deze lopende bestuursperiode voor 298.067.972 euro zou geïnvesteerd worden.
Weet u dat we pas in mei 2025 zullen kunnen oordelen wat ervan is terecht gekomen? Want dan pas kennen we de rekening van 2024.












Wegwijs doorheen de verkiezingen

Het Agentschap Binnenlands Bestuur heeft vandaag de nieuw versie 2024 gelanceerd van www.vlaanderenkiest.be.
Bevat ook informatie over de verkiezingen van 9 juni voor het Vlaamse Gewest, maar het spreekt dat onze interesse voornamelijk uitgaat naar de lokale verkiezingen (gemeenten en provincie) van 13 oktober.
Voor die lokale verkiezingen is al zeker waard om weten dat de sperperiode ingaat op 1 juli. Vanaf die datum zijn bepaalde propagandamiddelen beperkt of verboden en zijn de uitgaven ook gereglementeerd.
Ter info. Voor Kortrijk mag een lijst dan nog maximaal 1,20 euro uitgeven per kiezer, en een individuele kandidaat 0,030 euro per kiezer.

P.S.
Het is ontstellend hoe ook in Kortrijk de verkiezingspropaganda alreeds is losgebarsten.
Ruthie Vandenberghe bijvoorbeeld is als kandidaat burgemeester niet meer weg te slaan van Facebook en andere media. In een gazet liet zij weten dat haar werkweek uit zowat 73 uren bestaat. Een waar record in vergelijking met de andere burgemeesters uit de regio. Te begrijpen, want zij vereert ook het onnozelste evenement in Stad met haar aanwezigheid. Niet voor niets denken niet-Kortrijkzanen dat zij Miss Kortrijk is. (Wel niet: Tineke van Heule.)
Anderzijds zijn bepaalde schepenen van de beweging “Vooruit” (De Coene, Weydts) aan een waar gevecht tegen Ruthie en Wout (Maddens) begonnen om “in ter meest” in de media te komen.
De derde partij van de coalitie (N-VA) redt zich door uit te pakken met verwezenlijkingen uit de culturele en financiële sector. Axel en Kelly beginnen zich warm te lopen.
Als onze politiekers op dit tempo doorgaan zijn ze al uitgeput als het verkiezingsjaar nog moet beginnen.


Ietwat meer nieuws over de ondergrondse stationsparking

We bedoelen (hopen) dat u hierna wat meer nieuws zult kunnen lezen over de nieuwe parkeergarage dan wat u kon vernemen uit de gazetten. Dus ook wat meer dan het stadsbestuur (schepen Axel Weydts) wil prijsgeven aan de Kortrijks bevolking.
Stad is natuurlijk niet de bouwheer van die parking, en zelfs niet de exploitant. Soms zou je die indruk krijgen als je ziet hoe burgemeester en schepenen in de sociale media bijna doen alsof ze die put zelf hebben uitgegraven.
Heel het stationsproject is eigenlijk het gevolg van een samenwerkingsverband tussen Stad, Parko, NMBS, Infrabel, De Lijn, het Agentschap Wegen en Verkeer. (Vandaar ook dat het zo moeilijk is om inzicht te krijgen in de kosten.) De bouwheer van de parking is NMBS Station. Architect: Eurostation. Hoofdaannemer: de TVH Eiffage-Vlaanderen in samenwerking met Antwerpse Bouwwerken en het zusterbedrijf Vuylsteke. (Tussen haakjes: de tunnel is wel het werk van Besix.)

Een probleempje
De ondergrondse parking Station werd gezamenlijk gebouwd door de NMBS en Stad, want deels op grond van de NMBS en deels op grond van Stad. Vandaar ook dat Stad 18,89% van de totale bouwkost voor haar rekening neemt, en de NMBS 81,11%. De bouwkost konden we nog nergens vinden maar wat we wel weten is dat het stadsaandeel berust op een equivalent van 170,01 parkeerplaatsen van de 900. Die decimalen na de komma bij de verdeelsleutel? dat is géén klucht. (We vinden de aanbesteding niet terug. Kan er ons daar iemand aan helpen?)
Om de NMBS toe te laten het vol genot en gebruik over de autoparking te hebben moeten beide partijen aan elkaar dus een wederzijds erfpachtecht verlenen. Bedoeling is dat stad een erfpacht geeft aan de NMBS voor de ondergrond van hun eigendom; NMBS zal een erfpacht geven aan Stad voor de bovengrond van hun eigendom. Bij ons weten is die akte nog niet verleden. Moet die trouwens niet voor de gemeenteraad komen??

Hoe zullen we de onderhoudskosten en investeringen verdelen?
Volgens het contract in de aanbesteding moten we onderscheid make tussen de jaren na de voorlopige en de definitieve oplevering. Om het gemakkelijk te maken.
– Volgens het bedongen contract staat de hoofdaannemer (Eiffage) gedurende de eerste twee jaren na de voorlopige oplevering in voor de waarborg en onderhoud technieken. Ook vanaf die voorlopige oplevering én uitbating zijn de onderhouden verbonden aan de werking (schoonmaak e.d.) ten laste van Stad én NMBS.
– Bij de definitieve oplevering komt alle beheer en onderhoud zowel ten laste van Stad als van de NMBS.
Sorry, meer duidelijkheid kunnen we niet geven. We vonden wel een verdeelsleutel voor de jaarlijkse exploitatiekost. Die is geraamd op 305.000 euro waarvan Stad 18,89% betaalt, zijnde 57.708 euro. (Voor de resterende manden van dit jaar 30.000 euro.

En hoe zit het met de tarieven?
Dat weten we al wel. Er zijn twee types:
– reizigerstarieven voor abonnees en kortparkeerders volgens de normen van de NMBS;
– niet-reizigerstarieven, ook voor abonnees en kortparkeerders volgens de normen van Stad.
Wat minder bekend is het basisprincipe dat de tarieven voor niet-reizigers nooit lager kunnen zijn dan de tarieven voor reizigers.
Nog minder bekend is dat er een eerste prijsverhoging komt in de volgende legislatuur. Uiterlijk februari 2025. De NMBS past namelijk in februari een jaarlijkse indexatie toe op de tarieven voor reizigers. En Stad zal deze traditie naleven in het kader van het afgesproken basisprincipe.

Er zijn ook opbrengsten
Over de verdeling ervan (enkel van de kortparkeerders?) op basis van een aantal formules is de informatie die ons bereikt onverstaanbaar.
Stad verwacht nog dit jaar zoiets van 30.000 euro. Volgend jaar 160.000 euro.
Men verwacht een positief netto-resultaat ! Voor volgend jaar 100.000 euro.

P.S.
Wist u dat er een ‘stuurgroep’ bestaat? Vier personen, waarvan twee afgevaardigden van Stad.
Vergadert minstens eenmaal per jaar, bij voorkeur in april, en kan ongeveer alles wat denkbaar is bespreken en goedkeuren.
En wist u dat we ooit dachten aan 1.200 parkeerplaatsen over vier niveaus?






Weblog over het reilen en zeilen in de Kortrijkse politiek door Frans Lavaert