Helaas moeten we nog een keer terugkomen op dat feest van vorige maandag.
Er kwam een kink in de kabel…Helga kreeg weeral klachten aan haar been.
Maar het stuk zal voor morgen zijn.
De burgemeester(es) gaat ook niet vrijuit, achteraf bekeken.
Het loopt werkelijk de spuigaten uit, met dit College, en met het verloop en de kwaliteit van de gemeenteraadszittingen.
Kortrijkwatcher is als gemeenteraadwacher dan in genen dele van plan om voortaan nog aan zelfcensuur te doen.
Teveel is teveel.
Bij de verjaardag van de Kortrijkse gemeenteraadsvoorzitter, Helga Kints
Vandaag alweer gemeenteraadszitting en toevallig tegelijk de verjaardag van Helga Kints die voorzitter werd van de gemeenteraad op de dag dat Ruthie vervangend (waarnemend) burgemeester werd. Dat was op 12 oktober 2020. Toeval bestaat niet.
Vanzelfsprekend zullen er vandaag vanuit alle fracties complimentjes worden uitgedeeld, Evenwel, door de fractieleider van het Vlaams Belang waarschijnlijk met een kleine toevoeging in de rand. Een kanttekening. Want er is waarlijk geen raadslid uit de oppositie dat door onze Helga vijandiger wordt behandeld dan Wouter Vermeersch. (Gazetten hebben het daar nooit over, dus weet u dat niet, beste lezer.)
Het spreekt dat ook kortrijkwatcher een bijdrage wil leveren bij de heilswensen die Helga straks om 19 uur zullen ten deel vallen.
We hadden het haar trouwens al beloofd, dat we haar ooit een keer zouden herinneren aan een berisping die zij als voorzitter van de Raad kreeg van onze West-Vlaamse gouverneur Carl Decaluwé, nog wel een echte Kortrijkzaan. Helga nam toen duidelijk en luidop het voornemen om haar leven als voorzitter van de Raad te beteren. Ze bekende toen letterlijk: “U mag daarop rekenen“.
Die ootmoedige reactie kwam nadat zij fragmenten van een brief van de gouverneur had voorgelezen waarin onder meer deze alinea voorkwam:
“Aan de gemeenteraadsvoorzitter zal verzocht worden dat deze naar de toekomst toe zich er steeds uitdrukkelijk van vergewist of de betrokken fracties/raadsleden al dan niet afstand wensen te doen van de bespreking van een punt.”
Die missive van de gouverneur dateert van 5 juli 2022, en kwam er na de zoveelste klacht van Vermeersch, ditmaal aangaande het niet-houden van een stemming.
Over de zaak zelf zullen we nu niet hebben. Dit zou ons te ver leiden, op zo’n verjaardagsfeest.
Maar Helga heeft toen in de gemeenteraad die gouverneursbrief wel zeer selectief voorgelezen.
Wij doen nu hetzelfde.
Wat opperde de gouverneur zoal nog?
– “Voorafgaande handelswijze van de gemeenteraadsvoorzitter is niet verenigbaar met het huishoudelijk reglement.”
– “Door voorbij te gaan aan de bespreking, druist de voorzitter in tegen de artikelen 18 en 48 van het huishoudelijk reglement. (…) Bovendien wordt op deze wijze ook de controlerende rol van de betrokken raadsleden op onaanvaardbare wijze ingeperkt.”
– “Overigens dient uw klacht (dat is die van Vermeersch, N.V.D.R) ook te worden gevolgd in de stelling dat het betrokken agendapunt in een aanzienlijk tempo afgewerkt is geweest. (…) Daarbij wordt de indruk gewekt dat een reactie vanuit de Vlaams Belang-fractie niet wordt afgewacht en wordt het uitblijven van en snelle reactie geïnterpreteerd als een ‘nee’. Dat is onwenselijk.”
Ja zeg !
Wat een vermaning van hogerhand !
In dit verband is het wellicht nuttig om Helga Kint op dit feest ervan te verwittigen dat een nieuw decreet over lokaal bestuur aan de gemeenteraad de mogelijkheid zal toekennen om een individuele constructieve motie van wantrouwen aan te nemen tegen de voorzitter van de Raad.
Dag Helga !
En tot een volgende keer.
Uw,
kortrijkwatcher,
genegen.
REGIOVORMING (4): de stemming over de afbakening van de regio’s
Op 26 november 2020 ontvingen de West-Vlaamse Burgemeesters (en die van andere provincies ook, kan men zo vermoeden) een e-mail waarbij zij werden gevraagd om de lokale gesprekken over de regiovorming te faciliteren en er een advies over te formuleren. Een antwoord werd nog verwacht eind van dat jaar.
Zij kregen daarbij een zgn. kadernota van 9 oktober van dat jaar, goedgekeurd door de Vlaamse Regering. Inhoudelijk had die niet zoveel om het lijf. Eigenlijk werd er nauwelijks gerept over wat er later aan bestuurlijke beslissingen zoal zou terecht komen in het decreet dienaangaande. (Een grove omissie was dat toch, zelfs een vorm van misleiding.) Men had het gewoon over het waarom en de noodzaak van een regiovorming: minder “verrommeling” van samenwerkingsverbanden, meer transparatie, minder mandaten, meer democratie. De punten die later in parlementaire besprekingen van het decreet voor heibel zouden zorgen komen niet aan bod.
In die kadernota van 2020 was er nog een kaart met 13 referentieregio’s opgenomen. (Het is pas op 4 februari 2022 dat er werd geopteerd voor één referentieregio in Limburg en bracht men het totale aantal in Vlaanderen toch op vijftien.)
Voor West-Vlaanderen voorzag de kadernota toen althans nog drie regio’s: Zuid-West-Vlaanderen; de Westhoek en de regio Brugge-Oostende-Midwest.
De gouverneurs kregen ook al op voorhand een invulformulier met drie voorgekauwde vragen te beantwoorden door de burgemeesters, en die handelden allemaal puur en enkel over de afbakening van de regio’s.
Kijk maar:
1. Kan uw bestuur zich vinden in de voor uw gemeente voorgestelde referentieregio’s?
2. Indien ja, wat zijn de aandachtspunten? Indien neen, welke wijzigingen of welk alternatief voor de voorgestelde referentieregio’s verkiest uw lokaal bestuur?
3. Uw aanvullende bemerkingen of suggesties.
Zoals hier al verteld is in ons Leiedal-gewest de adviesaanvraag besproken en voorbereid op een (fysieke) Conferentie van Burgemeesters op 13 november 2020.
Tot onze verbazing (nou, eigenlijk niet…) nam Vincent Van Quickenborne daar nog aan deel terwijl hij al op 1 oktober van dat jaar de eed als minister had afgelegd in handen van de Koning. Dientengevolge was hij op 12 oktober bijv. verhinderd op de gemeenteraad en is Ruth Vandenberghe nog diezelfde maandagochtend in allerijl als waarnemend burgemeester de eed gaan afleggen bij de gouverneur.
(Vond Quickie dat zijn Ruthie nog niet helemaal klaar was om het hoge woord te voeren op die Conferentie?)
Het verslag van die Conferentie is hier al ter sprake gekomen. Wat de afbakening van de regio’s betreft was het wel heel duidelijk en voorspelbaar dat men zou kiezen voor dezelfde 13 gemeenten van de intercommunale Leiedal. De referentieregio die trouwens was voorgesteld in de eerste kadernota van de Regering.
De definitieve beoordeling over de drie getelde vragen gebeurde in een “digitaal Overleg met de Conferentie van Burgemeester arr. Kortrijk en de gemeente Wervik” op 11 december 2020.
Hier mocht Ruthie wel aan deelnemen, hoogst waarschijnlijk met een oekaze van Quickie.
Het verslag concludeerde dat de meerderheid pleitte voor de provincieschaal als volwaardig model maar dat is wel enigszins anders uitgevallen bij de stemming. Enkel Anzegem, Deerlijk, Harelbeke en Wevelgem kozen resoluut voor de provincie als DE regio voor de organisatie van samenwerkingsverbanden. Weliswaar soms met de toevoeging: met subregio’s (het zgn. matroesjka-model).
En onze Ruthie was opnieuw een beetje verkeerd toen zij in een afzonderlijk e-mail aan ‘vlaanderen.be’ (“met vriendelijke groet en hou er de moed maar in”) liet weten dat er minstens vier gemeenten van onze dertien voor een opsplitsing waren van de regio Brugge-Oostende-Midwest, en dus een opdeling van de provincie in vijf regio’s verkozen. In werkelijkheid bepleitten slechts drie gemeenten voor het bestaan van vijf regio’s : Kortrijk, Zwevegem en Wervik. (Andere dan zij vermeldde.)
En we moeten helaas even nog een punt maken…
Onze waarnemend burgemeester stemde namelijk “ja” op de eerste vraag. Dat is dus een misser geweest. Een contradictie. Want zie maar eens. Hiermee ging zij akkoord met de voorgestelde regio’s zoals op de kaart aangegeven: namelijk drie in West-Vlaanderen. En dit terwijl zij zich tegelijk tot grote voorvechter voor vijf regio’s bekeerde, subsidiair de splitsing van de regio Brugge-Oostende-Midwest.
Ja, laten we het wat meer overzichtelijk houden. Hoe waren de stemuitslagen bij onze dertien burgemeesters?
– Van drie gemeenten kwam géén antwoord, en we weten waarlijk niet waarom: Kuurne, Lendelede, Spier-Helkijn.
– “Provincialisten” waren: Anzegem, Deerlijk, Harelbeke, Wevelgem.
– Voorstanders van vijf regio’s in de provincie: Kortrijk, Wervik, Zwevegem.
– Schaarden zich expliciet achter de voorgestelde drie regio’s: Avelgem, Menen, Waregem.
Waregem deed wel een beetje raar.
Van die gemeente liepen twee antwoorden binnen. Eén van de burgemeester natuurlijk. Die zegt zonder commentaar “ja” voor de drie regio’s, terwijl die gemeente toch wel in een rare positie verkeerd: zij ligt daar in een rare hoek, grenst aan meerdere andere regio’s…Maar zijn schepen Joost Kerkhove antwoordde zomaar met een “nee” op de eerste vraag. Hij vindt de aangeduide regio’s te groot en wil dat er “andere manieren bemoedigen om de krachten te bundelen”.
Misschien even een overzicht van de adviezen in de gehele provincie?
– 25 gemeenten gaven geen antwoord ! Enkele opvallende gevallen zijn kustgemeenten: De Haan, De Panne, Knokke-Heist, Nieuwpoort. Andere waar we toch even van opkijken: Heuvelland, Ingelmunster, Izegem, Meulebeke, Roeselare, Tielt.
– 12 (en slechts 12) gemeenten gaven een positief antwoord op de eerste enquêtevraag. Opvallend? Ieper, Torhout; (En Kortrijk!?)
– 26 gemeenten gaven een negatief antwoord op die eerste vraag. Vallen op: Brugge, Oostende (Tommelein was de voortrekker voor de vijf regio’s), Poperinge, Waregem (de schepen!)
Wat is nu de het advies geweest van onze gouverneur? Want dat was in feite de grondvraag van de Vlaamse regering.
We citeren letterlijk.
“Door mandatering aan voorzitters van Burgemeesteroverleg en als conclusie van het overleg met Burgemeesteroverleg Zuid-West-Vlaanderen en Westhoek spreken 39 gemeenten zich expliciet uit voor de West-Vlaamse provinciale schaal als referentieregio met daaronder de subregio’s.
Er is tevens een grote meerderheid voor de indeling naar vijf subregio’s: Oostende, Brugge, Midwest, Westhoek en Zuid-West-Vlaanderen.”
Die 39 “provincialisten”? Dat is overdreven. Uit de verslagen blijkt dat er zich een 15-tal expliciet over uitspreken.
P.S.
Op Tinternet kunt u een heel uitgebreid document vinden, getiteld “Advies Carl Decaluwé over de aanzet tot afbakening van de referntieregio’s”.
Dateert van 8 januari 2021. De eerste drie hoofdtukken zijn een warm – weliswaar ietwat verkapt – pleidooi voor één provinciale regio (zoals Limburg) met provinciale gebiedswerking.
Regiovorming (3): de besluitvorming bij de burgemeesters van ZWVL
Dus nog voor het digitaal overleg van de burgemeesters met de gouverneur (dat was op 11 december) is er op 13 november 2020 een fysieke “Conferentie van Burgemeesters Regio Kortrijk” geweest, nog wel puur gewijd aan het dossier Regiovorming.
Van de klassieke dertien in aantal was enkel de burgemeester van Spiere-Helkijn afwezig.
Ruthie was toen blijkbaar nog geen vervangend burgemeester? want Kortrijk was toen op die vergadering nog vertegenwoordigd door Quickie! Raar hoor. Vincent werd toch minister op 1 oktober 2020? Waren daar ook nog bij: F. Vanhaverbeke, de directeur van de intercommunale Leiedal en de secretaris F. Meuris.
(Leiedal is voluit de naam van de Intercommunale Maatschappij voor Ruimtelijke Ordening, Economische Expansie en Reconversie van het Gewest Kortrijk. Opgericht in 1960. Doet werkelijk alles, op alle mogelijke domeinen.)
Het verslag van die traditionele maar wel informele reünie van burgemeesters (dat anders nooit wordt gepubliceerd, maar voor deze materie uitzonderlijk wel te vinden is op Tinternet) omvat 15 punten. Daarvan zijn er in het kader van ons relaas wel enkele behartenswaardig. Zie verder.
De conclusie was verrassend pover: dat men de gouverneur nog zal contacteren om afspraken te maken voor een overleg. (Dat kunnen we wel geloven zeg ! De Vlaamse Regering wenste namelijk uiterlijk tegen eind van dat jaar 2020 een advies van die gouverneur over die regiovorming.)
In die conclusie staat nog een alinea die we u als lezer waarlijk niet willen onthouden, want volkomen onbegrijpelijk.
We citeren. Aan u, beste lezer, om die zinsnede te ontraadselen:
“De Conferentie neemt akte van de oefening die Vlinter samen met de VVSG houdt waarbij de streekintercommunales via een self-assessment ontwikkelingmatrix streekontwikkeling opmaakt. Deze zal op 11/12/2020 worden toegelicht op de bespreking van de informele punten van de raad van bestuur van Leiedal in afwezigheid van de burgemeesters.”
Punt.
Wat onthouden we nu uit dit verslag? (Cursief: onze commentaar.)
Punt 1.
De afbakening van de regio Zuid-West-Vlaanderen in de conceptnota van de Vlaamse regering komt overeen met de DNA en de historische samenwerking in de regio.
Men gaat dus akkoord met een regio van de traditionele 13 Leiedal-gemeenten.
Voor de goede orde sommen we ze nog eens op, met de burgemeesters: Anzegem (G.Devogelaere), Avelgem (L.Deseyn), Deerlijk (C.Croes), Harelbeke (A.Top), Kortrijk (V.Vanquickenborne), Kuurne (F.Benoit), Lendelede (C.Dewaele), Menen (E.Lust), Spiere-Helkijn (D.Walraet), Waregem (K.Vanryckeghem), Wevelgem (J.Seynhaeve), Wervik (Y.Casier), Zwevegem (M.Doutreluinge).
Punt 3.
Het is vooralsnog ook onduidelijk of er per Regio/Conferentie een gemeenschappelijk standpunt dient te komen. Het is tevens onduidelijk of een standpunt ook door de Colleges van Burgemeester en Schepenen gedragen moet zijn.
Bij ons weten heeft enkel de burgemeester van Zwevegem later te kennen gegeven dat zijn antwoord over de afbakening van de regio’s zal afhangen van een beraad binnen zijn schepencollege.
Punt 5.
(…) De algemene ervaring in ZWVL is dat het provincieniveau goed werkt en er goed wordt samengewerkt.
Hier zijn de “provincialisten” aan het woord. Een sterke lobby !
Punt 7.
De keuze om de regio te laten samenvallen met het werkingsgebied van Leiedal is logisch en verdedigbaar. Opmerkeljk omwille van verschillende redenen:
– Het grote werkingsgebied van de regio Brugge-Oostende-Midwest kan problematisch zijn. Het lijkt de Conferentie zinvol om Midwest en Brugge-Oostende als aparte regio’s te laten functioneren.
Later zal blijken dat enkel de burgemeesters van Kortrijk, Zwevegem en Wervik opteren voor 5 regio’s in de provincie in plaats van drie door de Vlaamse regering voorgesteld.
– Niet alle samenwerkingsverbanden van vandaag volgen de indeling van ZWVL.
W13 (een welzijnsorganisatie van OCMW’s en het CAW Zuid-West-Vlaanderen, door schepen Philippe De Coene opgericht in 2015) bijvoorbeeld heeft ook Wielsbeke mee. Lendelede behoort tot de Eerstelijnszone samen met Izegem. Waregem werkt provincie-overschrijdend samen met Zulte. Wervik behoort tot ZWVL voor de Conferentie/Leiedal maar voor de brandweerzone tot de Westhoek. Idem wordt voor bepaalde domeinen en vraagstukken samengewerkt met gemeenten buiten de regio. (…) Deze hybride situatie is een dagelijkse realiteit. Men mag dit daarom niet te star bekijken.
In feite wordt in de nota van de Vlaamse regering (dd. 9 oktober 2020) die voorligt ter bespreking net hetzelfde gezegd, maar natuurlijk in andere bewoordingen. Het decreet zelf stelt dat gemeenten afwijkingen kunnen vragen om toch samenwerkingsverbanden te organiseren los van hun referentieregio. (art.6,§2).
Op te merken valt dat de Conferentie niet rept over Psylon, de Intergemeentelijke Vereniging voor Crematoriumbeheer. Telt 21 gemeenten, en heus niet enkel uit het arrondissement Kortrijk. En Gaselwest dan, de Intercommunale voor Gas en Elektriciteit, met een werkingsgebied van – als we goed tellen – 59 gemeenten, tot in Wallonië toe. En IMOG, de intercommunale voor Openbare Gezondheid met gemeenten als Kruishoutem en Wielsbeke?
Ja, ’t is waar. Bepaalde intercommunales vallen niet onder het toepassingsgebied van regiovorming (art.4). Maar men kon daar toch een woordje over zeggen? Wat men daarvan vindt? En afval- en streekontwikkelingsverenigingen krijgen toch een overgangsregeling?
Punt 8.
(…) Afstemming met schepencollege en gemeenteraad is belangrijk.
Zie punt 3. Het gaat om de afbakening van de regio’s. In Kortrijk helemaal niet gebeurd in “afstemming met de gemeenteraad”. En met het College? Dat weten we niet…
Punt 10.
De Conferentie stelt zich de vraag naar het democratisch gehalte van een regio. De implicatie van de oefening is dat de burgemeester centraal staat. De (nooit beslechte) discussie over de democratische legitimiteit van de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden wordt nu geprojecteerd op de regio’s.
Tja. Volgens het decreet moet de regiowerking een vast maandelijks punt worden op de agenda van het schepencollege en minstens tweemaal per jaar op de agenda van de gemeenteraad geplaatst. (Art.8.)
Punt 11.
(…) Vroeg of laat zal de vraag worden gesteld of Vlaanderen hiermee geen nieuw bestuursniveau invoert.
De voorliggende nota zegt zeer uitdrukkelijk dat het louter gaat om een “overlegmodel”, geen nieuwe bestuurslaag. De uiteindelijke beslissingen worden nog steeds binnen de basisbesturen genomen en uitgevoerd. Kortrijkwatcher persoonlijk meent dat zich eerder vroeg dan laat de vraag zal stellen wat voor nut de provincie nog heeft.
Punt 13.
De Conferentie vraagt zich af of de relatief beperkte schaal van ZWVL in vergelijking met de andere grotere referentieregio’s er niet zal voor zorgen dat de regio aan slagkracht zal verliezen ten opzichte van Vlaanderen.
Punt 14.
Verzwakt het vorige punt. Men verwijst naar “de levende krachten” en intense contacten alhier.
De relatief beperkte schaal is evenwel niet per definitie negatief.
In dat verband hebben we een keer opgezocht hoe relatief klein ZWVL dan wel is, met de vijf regio’s dan in onze provincie. (Aantal inwoners op 1 januari 2022.)
– regio ZWVL: 315.001 inwoners (13 gemeenten)
– regio Brugge: 283.405 (10
– regio Midwest: 250.691 (17)
– regio Westhoek: 201.765 (17)
– regio Middenkust: 158.149 (7)
P.S.
In een volgende editie van deze alternatieve stadskrant hebben we het over de antwoorden van de burgemeesters op de drie vragen die de gouverneur op 11 december 2020 heeft voorgelegd om tot een advies aan de regering te komen over de voorgestelde referentieregio’s.
Tot kijk !
Regiovorming: de besluitvorming bij de burgemeesters van ZWVL (2)
Het “Ontwerp van decreet over regiovorming en tot wijziging van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur” (stuk 1446 (2022-2023) nr.1) is in het Vlaams Parlement aangenomen op 1 februari van dit jaar 2023. Over de jarenlange, moeizaam verlopen voorbereiding ervan hebben we het nu niet, noch over de inhoudelijke bepalingen van dat decreet.
We willen wel even uw nieuwsgierigheid bevredigen aangaande de houding van de burgemeesters uit onze alreeds informeel bestaande regio Zuid-West-Vlaanderen inzake de mogelijke, nieuwe grensafbakening van de regio’s in onze provincie. En natuurlijk: meer in het bijzonder over het standpunt van onze eigenste Kortrijkse burgemeester, Ruth Vandenberge. Je leest daar namelijk weer nergens iets over in onze lokale gazetten. Onze Ruthie deed nochtans op een bepaald moment een enigszins opmerkelijke, ongebruikelijke interventie. We durven zelfs heel seksistisch stellen: een typisch vrouwelijke reactie.
In opdracht van de Vlaamse regering heeft gouverneur Carl Decaluwé (Cd&V) via een e-mail alreeds op 26 november 2020 aan de burgemeesters van de provincie – en dus uiteraard ook die van het arrondissement Kortrijk en de gemeente Wervik (van het arrondissement Ieper) – drie simpele vragen gesteld. Die waren gebaseerd op een nota van de Vlaamse regering (van 9 oktober 2020) met een kaartje van 15 zgn. referentieregio’s in Vlaanderen. Voor onze provincie dan was het voorstel wel degelijk om drie regio’s in te voeren, te weten: Zuid-West-Vlaanderen, de Westhoek en de regio Brugge, Oostende, Midwest.
Over die drie vragen (die louter en alleen sloegen op de afbakening van de regio’s, helemaal niet op de inhoud van het decreet) en de antwoorden van de burgemeesters hebben we het later nog wel.
Maar toch kunnen we het niet laten om nu al te vertellen dat er van 26 gemeenten uit de provincie niet eens een reactie kwam! Wat onze regio betreft antwoordde Lendelede en Spiere-Helkijn niet. Wonderlijk genoeg zelfs de Kuurnse burgemeester Francis Benoit niet, van wie toch geweten is dat hij over ongeveer alles zijn zegje doet, al of niet gevraagd.
De burgemeesters mochten van onze gouverneur niet onbeslagen op het ijs komen !
Voor wat ons arrondissement Kortrijk (plus Wervik) aangaat was er daarom op 11 december 2020 een “digitaal” overleg.
Van de klassieke 13 gemeenten was enkel Dirk Walraet (Spiere-Helkijn) verontschuldigd.
Over het project Regiovorming kregen de burgemeesters een uiteenzetting van Tom Nulens, DE deskundige ambtenaar-projectleider van het hele decreet.
Volgens het verslag van dit digitaal overleg althans bleek dat er bij de burgemeesters de perceptie leefde dat zij voor een voldongen feit werden geplaatst. Er was ook wrevel over het adagium dat een kleine gemeente de facto een twijfelachtige bestuurskracht zou hebben. En nog volgens dat verslag was er bij de meerderheid een ongenoegen dat de provincie volledig buiten het project wordt gehouden. Diezelfde meerderheid was dan ook voorstander van het Limburgmodel, d.w.z. dat men de provincie West-Vlaanderen in zijn geheel als referentieregio naar voren wou schuiven.
En nu citeren we letterlijk:
“De voorzitter (dat is de gouverneur,n.v.kw) concludeert dat de meerderheid van de conferentie pleit voor de provincieschaal als volwaardig model en referentieregio, met daaronder volgens het Matroesjka-model de subregio’s zoals Zuid-West-Vlaanderen. Dit is het advies van de grote meerderheid, zonder unanimiteit.”
Het is op deze uitlating dat onze Kortrijkse burgemeester Ruth Vandenberghe per e-mail reageert, op 16 december 2020 om 11u25.
Haha, zegt zij: “Dit betekent dat een minderheid van de burgemeesters (waaronder Zwevegem, Avelgem, Menen en Kortrijk) wel kiest voor de 5 referentieregio’s zoals voorgesteld door het Agentschap Binnenlands Bestuur.” En haar missive eindigt nogal informeel met: “Vriendelijke groet. Houd de moed erin en zorg goed voor elkaar.”
Zie, zo’n tussenkomst, daar houden wij wel van.
Of het ABB evenwel koos voor vijf regio’s, dat kunnen we wel betwijfelen. Het kaartje waarover de burgemeesters moesten oordelen heeft het wel degelijk over drie regio’s in West-Vlaanderen, met – toegegeven – een regio genaamd Oostende, Brugge, Midwest.
En nog een bemerking.
Hebben die vier gemeenten die Ruthie (onder andere!) opsomt uiteindelijk wel gekozen voor vijf regio’s ?
Neen en nogmaals: neen! Er waren in ZWVL welgeteld drie burgemeesters die opteerden voor vijf regio’ in onze provincie: Kortrijk natuurlijk, en voorts enkel Zwevegem en…. Wervik. Avelgem en Menen kozen daarentegen wel degelijk voor de drie voorgestelde referentieregio’s.
Ruthie toch!
Het is zelfs zo dat er hier in de feiten géén meerderheid koos voor de provincie als referentieregio. Slecht vier van de dertien.
Er is in onze regio nog een soort voorbereidende vergadering geweest om te komen tot een oordeel over de Regiovorming. En nog wel VOOR dat overleg met de gouverneur.
Een Conferentie van Burgemeesters Regio Kortrijk, op 13 november 2020.
Daarover een volgende keer.
We vonden daar geheel onverwacht op Tintenet een verslag van, en dat is waarlijk niet normaal.
Onze gemeenteraadwatcher heeft namelijk in de voorbije drie decennia waarin hij de raadszittingen verslaat nog nooit een woord vernomen over de agenda van die Conferenties van Burgemeesters, laat staan een verslag daarover kunnen lezen. Er zijn in die vergaderingen nochtans bijwijlen belangrijke beslissingen genomen. Over de afvalintercommunale bijvoorbeeld, over het crematorium. Over de taken van Leiedal.
Maar dit gebeurde allemaal achter gesloten deuren, binnenskamers. Met het nieuwe decreet Regiovorming zal dit niet meer mogelijk zijn ! Het zgn. “burgemeestersoverleg” binnen de regio wordt in de toekomst namelijk automatisch geagendeerd op de gemeenteraad.
(Wordt vervolgd.)
ZWVL is nu héél officieel een regio…
Daar moeten we toch een keer iets over zeggen?
Wat was het standpunt van onze burgemeester? Onze gemeenteraadwatcher herinnert zich immers nog dat de materie “binnenlandse staatshervorming” een keer ietwat terloops ter sprake kwam in de gemeenteraad en het leek er toen terdege op dat de kort tevoren opgedoken vervangende burgemeester Ruthie het in Keulen hoorde donderen.
Wat was intussen de opinie van de andere burgemeesters in de regio? Het stemgedrag van de lokale Vlaamse parlementariërs (Ronse en Veys) in onze gemeenteraad?
Maar wat staat er zoal in dat nieuwe decreet over regiovorming, pas aangenomen in plenaire vergadering van het Vlaams Parlement op 1 februari van dit jaar? De zaak sleept wel al jaren aan. We kennen een eerste kadernota van 9 oktober 2020, maar er is al sprake van een soort “interne staatshervorming” onder de regering Bourgeois (2009-2014) en zelfs al ter gelegenheid van de fusies van gemeenten in 1976…
K-CH2030 (5) : voortdoen a.u.b. !!
We vinden dit toch wel een veeg teken !
Het schepencollege van 9 januari ll. verleende aan de heer Tom Hillewaere met zijn ComV de dienstenopdracht om de projectleiding op zich te nemen van de kandidatuurstelling van Kortrijk als een Europese culturele hoofdstad (CH) in 2030.
Nu verwacht men toch dat het Stadsmagazine van februari tenminste een volle bladzijde aan dit ongemeen belangrijk cultureel project zal wijden. Met wat gegevens over de figuur van Tom Hillewaere zelf, en vooral een verhelderend relaas over zijn taak en over de praktische, organisatorische, financiële, artistieke aspecten van het traject dat stad wenst te bewandelen om die doelstelling CH-2030 te bereiken.
Maar neen dus. Geen woord over de hele zaak.
Onze gemeenteraadwatcher wierp ook even een nieuwsgierige, zoekende blik op de website van stad met de hoop daar toch enige informatie te vinden over die ambitieuze doelstelling.
Bij het intikken van de naam Tom Hillewaere op de zoekmachine van de site vernemen we dat hij lid was van de niet meer bestaande vzw ‘Feest in Kortrijk’. Dat is alles. (De naam van voormalige (stads)fotografe Kattoo Hillewaere komt er méér in voor dan die van Tom zelf.)
Met de zoekterm “culturele hoofdstad” vinden we inderdaad dat stad CH-2030 wil worden. Verder niks, tenzij dan een verwijzing naar het bestaan van het ‘platform’ DURF2030. Een website die volkomen stil ligt. De laatste “nieuwsbrief” dateert van 3 november 2022. Er worden ook een serie lopende projecten vermeld (voor jongeren vooral) maar het is zeer twijfelachtig of die eigenlijk nog lopen. In elk geval denken we niet dat er veel Kortrijkzanen weet hebben van acties als ‘Tope’, ‘Vrouwentongen’, ‘Muziekkaravaan’, ‘ Earth’, ‘De Ambulanten’, ‘Say my name’, Space X’, ‘Connect to collect’.
En wat zou het verband van dit gedoe kunnen zijn met CH-2030? (Er is een verband, maar dat wordt niet uitgelegd.)
Kijk.
Alle redactieleden van deze alternatieve stadskrant “Kortrijkwatcher” zijn ware positivo’s, fervente en enthousiaste Kortrijkzanen die er absoluut niet van houden dat stad een modderfiguur slaat.
Bij vergelijking met wat concurrent Gent al aan het doen is in verband met de CH-kandidatuur en wat daarover al te lezen valt op de website van deze stad, zinkt de moed ons warempel in de schoenen.
Gent heeft alreeds een uitgestippeld traject, een conceptvoorstel, een specifieke vzw voor de organisatie en 30 uitgelezen trekkers die regelmatig open, thematische sessies houden. (TOM! Hou de datum van 31 mei maar vrij.)
Het budget om Gent klaar te stomen voor haar ambitie bedraagt 15 miljoen euro. (Extra, buiten de bestedingen voor culturele infrastructuur.)
En lees allemaal op Tinternet maar eens het buitengewoon inspirerende document getiteld “Eindrapport verkennende bevraging voortraject Gent 2030 kandidaat Europese culturele hoofdstad”. 145 bladzijden, onder redactie van IDEA Consult.
Doen !
Wonderlijk, onwaarschijnlijk verbluffend hoe open, transparant en uitgebreid deze stad verslag doet over het project Gent-CH2030 !
Kortrijk, “we doen voort” is toch onze leuze?
Zou het aantal ‘Kortrijkzanen’ alweer zijn gedaald?
Zo rond 18 januari ll. pakte onze tripartite alweer uit met een zoveelste triomfantelijk bericht.
En de gazetten deden gewoontegetrouw weer hun best om dat gejuich met chocoladeletters te delen met de bewoners. “Nog nooit waren er zoveel Kortrijkzaken.” En de kaap van 79.000 inwoners is gerond ! Dat laatste staat ook nog een keer in het pas verschenen stadsmagazine van de maand februari.
Het zit zo.
Op 1 januari van dit jaar heeft onze stadsadministratie 79.005 ‘Kortrijkzanen’ geteld in het Rijksregister. Dat zijn er 1.123 méér dan op 1 januari van vorig jaar. In procent uitgedrukt bedraagt de groei dus: + 1,44%.
Ons Stadsmagazine rept er niet over, maar die groei is niet “natuurlijk”. Het gaat geenszins om een accres, een saldo van het aantal geboorten en sterfgevallen. Integendeel. De groei is voor een groot deel te wijten aan de overkomst van Oekraïners (!) en de vele buitenlandse studenten.
Ewel ja. ’t Is goed. Zand erover.
Laat ons immers aannemen dat intussen allerhande eventuele verhuisbewegingen, migraties (in & out) die wellicht normaliter gepaard gaan met de jaarwende nu waarschijnlijk voorbij zijn. Dat de rust is teruggekeerd. Dat mogelijke fouten in het Register (of in de telling!) zijn gecorrigeerd.
Komt dat nu wel goed uit zeg !
Wij vonden intussen min of meer toevallig een telling die waarlijk dateert van de 21ste van deze maand januari! Recenter kan me dunkt niet. En die telling is trouwens ook gebaseerd op een “observatie” van datzelfde Rijksregister. (Zelfde bron, anders zouden we er niet over schrijven.) Nog wel genoteerd door de Federale Overheidsdienst (FOD) Binnenlandse Zaken. Die FOD staat toch niet bekend als onbetrouwbaar?
Wel, die FOD telt bij een ‘observatie’ van het Rijksregister op 21 januari van dit jaar 78.841 Kortrijkzanen.
Dat is 164 minder dan wat Stad ons in eerste instantie voorhield. In drie weken tijd…
We houden ons in dit stuk verder bij de bron FOD Binnenlandse Zaken om enkele vergelijkingen te maken. Want zomaar een demografische evolutie weergeven zonder enige bijkomende informatie over andere vergelijkbare gemeenten is te eenvoudig. Neigt naar boerenbedrog.
We geven hierna voor een aantal steden (waarmee we altijd graag Kortrijk vergelijken) de stand van zaken op 21 januari van dit jaar, daarna die op 22 (ja) januari van vorig jaar, plus het nominale verschil tussen beide aantallen en het groeipercentage.
– Kortrijk: 78.841 / 77.705 : +1.136 : +1,46%
– Mechelen: 88.463 / 86.917 / +1.546 / +1,77%
– Aalst: 89.915 / 88.760 / +1.155 / +1,30%
– Roeselare: 65.381 / 64.382 / +999 / +1,55%
– Sint-Niklaas: 81.066 / 80.133 / +933 / +1,16%
– Hasselt: 80.299 : 79.450 / +849 / +1,06%
Andere steden waarmee we ons wel een keer willen of durven vergelijken halen een groeipercentage van minder dan 1%:
– Brugge: 119.445 / 118.478 / +967 / +0,81%
– Ieper: 35.376 / 35.026 / +350 / +0,99%
– Oostende: 72.083 / 71.489 / +594 / +0,83%
– Genk: 67.522 / 66.943 / +579 / +0,68%
En we zijn altijd heel curieus in hoeverre onze naburige gemeenten het stellen op demografische gebied.
Een wetenschappelijk onderzoek over de verhuisbewegingen van Kortrijkzanen naar buurgemeenten (of omgekeerd) is in 2019 aan Stad aangeboden maar men vond dat te duur. Diezelfde survey wou ook gissen naar de redenen waarom mensen van elders naar hier komen (“inkomers”) of waarom we ook af te rekenen hadden met “verlaters”. Kortrijk zou dat onderzoek allemaal wel een keer zelf doen… Het is er niet van gekomen.
En in dit verband ook nog even terloops aanstippen dat het van groter belang is om de verhuisbewegingen van “huishoudens” te meten, eerder dan van individuen. Maar die cijfers hebben we niet en vinden we ook nergens.
Drie naburige gemeenten doen het goed:
– Deerlijk: 12.552 / 12.343 / +209 : +1,69%
– Zwevegem: 25.556 / 25.139 / +417 / +1,65%
– Lendelede: 5.860 / 5.798 / +62 / +1,06%
Minder dan 1% groei:
– Harelbeke: 29.540 / 29.084 / +256 / +0,88%
– Wevelgem: 32_1.791 / 31.554 / +237 / +0,75%
– Kuurne: 14.035 / 13.971 / +64 : +0,45%
Zo.
We weten weer wat meer.
K-CH2030 (4): de opmaak van het Bidbook
De toen nog op te richten ‘Commanditaire Vennootschap Hillewaere Tom‘ kreeg dus op 9 januari van dit jaar van het Schepencollege een “dienstenopdracht“, luidend “projectleiding” voor de realisatie van de kandidatuurstelling Kortrijk 2030, Culturele Hoofdstad van Europa.
Wie de ‘lastvoorwaarden’ leest (die al dateren van 7 november 2022) zal merken dat zijn opdracht uiteindelijk bestaat in het realiseren van het Bidbook1 tegen 2024 en, indien Kortrijk zou geselecteerd worden door Europa, tevens de realisatie van het Bidbook2 in de periode 2024-2025.
Voor de eerste deelopdracht (het zgn. vast gedeelte) voorzag Stad een bedrag van 120.000 euro, oftewel 145.200 euro. De offerte van de CommV. Hillewaere Tom bedroeg hiervoor 145.000 euro, met btw maakt dat 175.000 euro.
De taken die bij de dienstenopdracht horen werden bij de vacatureverklaring door het stadsbestuur in het geheel niet concreet opgesomd, in tegenstelling met wat er zoal gevraagd werd (op 14 november 2022) aan die andere kandidaat voor die andere vacature van een ” Projectleider-Durf2023″. Dat waren er toen wel zes, en de Durf-projecten (acties) waarvoor deze projectleider moest instaan dienden wel degelijk in het teken te staan van het Bidbook. Er een meetbare impact op hebben.
Van die projectleider-Durf2030 die voor minsten twee jaar voltijds op A-niveau zou aangesteld worden, vinden we nog altijd geen spoor. Ook niet van ene nog andere “inhoudelijke projectleider” waarvan op een gegeven moment ook sprake is (was), bespeuren we geen teken van leven.
Men kan zich dus afvragen wat onze Tom Hillewaere te doen staat. Alles zeker?
In de gazetten is sprake van een eerste stap, het organiseren van een artistiek “event” rond “mentaal welziin” in het jaar 2024, een idee dat eigenlijk al lang in de lucht hangt. En ja, Tom zal ook een zelfstandige organisatie opzetten die instaat voor het indienen en verdedigen van de Kortrijkse kandidatuur. Nog volgens de gazet ( ‘De Krant van West-Vlaanderen’, 20.01.2023, pag.11) draagt Tom de eindverantwoordelijkheid voor het opmaken van het Bidbook. Amaai zeg.
Nu is het net in dit verband dat deze alternatieve elektronische stadskrant er nog maar eens wil aan herinneren dat er alreeds op 24 oktober van vorig jaar aan een gerenommeerd studiebureau de “projectbegeleiding” voor het opmaken en indienen van het Bidbook is gegund. Er zijn toen drie offertes binnen gelopen, de ene al duurder dan de andere. De economisch meest voordelige bieder was het “Consortium P3 Power of 3 Consultancy“, uit Schwaigstr. 5 te DE-94527 ALHOLMING.
Prijs voor de eerste deelopdracht (Bidbook1): 39.000 euro, dat is 47.190 euro met btw.
De kostprijs voor de opdracht omvat onder andere (niet-limitatief): het ereloon, het transport en de administratieve kosten – gemiddeld 1 dag/maand aanwezig in Kortrijk, kosten verbonden aan een eventuele onderaanneming. (Het aantal dagen dat het consortium zal besteden aan de opdracht is opgegeven maar weten we niet.)
P.S.
Bij het verkozen studiebureau hoort de befaamde prof. dramaturgie Hanns-Dietrich Schmidt uit Essen. Bekend in theater- en filmmiddens. Is sinds 2011 ’toevallig’ ook consultant voor steden die mededingen om ‘European Capital of Culture” (ECOC) te worden…
Onze Tom heeft dus wel het gezelschap van een uitmuntende kenner om zijn “event” te organiseren.
K-CH2030 (3): “projectleider- DURF2030” en de “dienstverlener projectleiding”
Voor wie genoeg heeft aan de luttele, povere informatie waarop de lokale pers ons vergast, is het eenvoudig en duidelijk: we hebben in de persoon van Tom Hillewaere sinds 16 januari officieel een geschikte projectleider om met stad Kortrijk in 2030 de titel van Europese Culturele Hoofstad te veroveren. En hiermee is de kous af. Op naar de zege !
Dat denken wij hier ook – dat Tom wel geschikt is – , maar de redactie van Kortrijkwatcher is evenwel bij heel het gebeuren een beetje de kluts kwijt. En naarmate de ploeg meer info kan verzamelen over de zaak – aan waarheidsvinding doet – komt die redactie er helemaal tureluurs van.
Even recapituleren dus.
– Het schepencollege van 14 november 2022 keurt een vacantverklaring goed voor de functie van een voltijdse “projectleider-DURF2030” (van het niveau A1a-A3a) met de bijgaande selectieprocedure. (Let op het ‘bijvoegsel’ en ons koppelteken : – DURF2030.)
– Het schepencollege van 12 december 2022 versoepelt de toelatingsvoorwaarde: één jaar relevante beroepservaring in professioneel cultuurbeleid is niet meer nodig. Ook de selectieprocedure verandert: er is nu sprake van een voorafgaandelijke én eliminerende “thuisopdracht” waarvoor men wel dient te slagen (met 60 punten op 100) om verder nog te kunnen deelnemen aan de mondelinge proef.
– Tot op heden is er bij ons weten nog altijd geen “projectleider-DURF2030” aangeworven. En dat zou vlug gebeuren zei de cultuurschepen nog.
– Misschien komt er dat niet meer van, gezien het opduiken van Tom Hillewaere als “projectleider”?
Zie verder. Puur juridisch-administratief bekeken is hij namelijk een dienstverlener met “projectleiding” als opdracht. Enigszins vergelijkbaar met een opdrachthouder van het stadsbestuur, maar hij is wel geen ambtenaar (meer).
Ja, het is allemaal ingewikkeld. Enkel schepen Ronse (N-VA) van Cultuur kan hier nog duidelijkheid verschaffen.
Maar wat was de taak alweer van die “projectleider-DURF2030”?
Voor het vervolg van de story (en meer speciaal om dan kennis te nemen van de taakbedeling voor Tom Hillewaere) dient men dit gegeven wel even in het acht te nemen.
1. In opvolging van Katrien Voet (die op 30 september vorig jaar ontslag heeft genomen) en zeker tot in 2024 de coördinatie verzorgen van de vele Durf-projecten. Daarbij de impact en het bereik meten van die gerealiseerde projecten voor het Bidbook CH2030. (Indien in 2025 bijv. zou blijken dat Kortrijk de kandidatuur niet kan verzilveren, dan toch nog verder werken aan projecten die beantwoorden aan de doelstellingen van de organisatie.)
2. Managen van de organisatie van het Durf-platform. Het financieel model beheren van het Durf-fonds, de fondsenverwerving.
3. Verdere uitbouw van een netwerk van actieve partners en burgers richting Kortrijk 2030. De gedragenheid van het project uitbreiden.
4. De exploitatie van Broelkaai 6 (BK6) ondersteunen als hoofdkwartier voor de kandidatuur K-CH2030.
5. Basisdoelstelling van de “bouwblok” DURF in de kandidatuur realiseren. Dat betekent o.a. ook het binnenbrengen van een Europese dimensie in de projecten. Vertalen van wat bereikt is in de concrete inhoud van het Bidbook.
6. Deel uitmaken van het kernteam K-CH2030.
En nu komt het ! Lees hier nu de beschrijving van een taak waarbij men bij het lezen ervan perplex kan staan of gek worden. Voornoemde “Projectleider-DURF2030” moet namelijk rapporteren en samenwerken met – verschiet nu niet – de “Projectleider Culturele Hoofdstad”. De ene projectleider moet rapporteren aan de andere.
Hoe komen we nu bij onze Tom Hillewaere terecht?
Curieus genoeg, parallel met de procedure om een zgn. “projectleider-Durf2030” aan te werven komt het Schepencollege op 7 november 2022 op de gedachte dat er om de titel te behalen van CH2030 nood is aan (we citeren) “een externe projectleiding die verschillende trajecten coördineert“. Verder: “de projectleider staat in voor de realisatie van de Kortrijkse kandidatuurstelling, zet hierbij in op een ambitieus, breed gedragen en onderscheidend Bidbook”.
Titel van het Collegebesluit: “Dienstenopdracht projectleiding- lastvoorwaarden en gunningswijze“.
Het gaat hier dus om vorm van openbare aanbesteding, hier gegund bij wijze van de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking.
Het bestek van de opdracht slaat eigenlijk uitsluitend op dat Bidbook.
– Fase 1: realisatie van het Bidbook in de periode 2022 (ja, vorig jaar!) tot 2024, dat is tot aan de jurering ervan door Europa. In 2024 dient de kandidaat van de opdracht ook een cultureel “event” te coördineren om het project kenbaar te maken van de Kortrijkse kandidatuur. In 2024 !
Raming van de kostprijs in deze fase 1: 160.000 euro = 193.600 euro incl. btw.
– Fase 2, wel te verstaan in geval van selectie van Kortrijk (periode 2024-2025): realisatie van het tweede Bidbook, organisatie van het Europese jurybezoek.
Raming van de kostprijs in deze fase 2: 50.000 euro = 60.500 euro incl. btw.
Totaal: 210.000 euro = 254.100 euro incl. btw.
De gunningscriteria?
– De prijs: 30 punten.
– Visie en aanpak: 30 punten.
– Inhoudelijke kennis, expertise en ervaring: 40 punten (Bemerk: niet geconcretiseerd.)
Duur van de opdracht: 36 maanden.
En nu komt er weer iets heel gek op het toneel.
De jury ! Die bestaat niet enkel uit onze cultuurbeleidscoördinatoren, maar ook uit…”DE INHOUDELIJKE PROJECTLEIDER”. Wie is dat nu weer?
Beste lezer, wordt u daar nu niet horendol van? Men zal een projectleider laten kiezen door nog een projectleider. Hoeveel zijn er nu al in stelling gebracht? Drie toch? Noteer hierbij ook terloops dat er hier geen sprake is van externe juryleden. (Voor de keuze van de projectleider-Durf2030 zijn het er drie.)
De aankondiging van de opdracht is gebeurd op 9 november, enkel op nationaal niveau. En de offertes moesten ten laatste binnen op 29 november. De winnaar van de opdracht bij zo’n openbare aanbesteding is per definitie de meest gunstige inschrijver, die met de laagste prijsofferte .
Het is Tom Hillewaere geworden.
Het verslag van het nazicht van de offertes door de Directie Vrije Tijd (met de inhoudelijk projectleider) dateert van 14 december 2022 en het Schepencollege kon de opdracht gunnen op 8 januari 2023.
Cultuurschepen Ronse deed intussen al publiekelijk kond (op de website N-VA) dat “het idee om Tom te strikken” al kort na de opvoering van de Musical 1302 (dus nazomer vorig jaar) bij hem “begon te rijpen“.
Over de beste prijs-kwaliteitsverhouding moest de jury (met die mysterieuze inhoudelijke projectleider) waarschijnlijk niet al te lang delibereren want de ‘firma Tom’ was de enige inschrijver. (We zeggen ‘firma’ want er komt een Commanditaire Vennootschap genaamd Hillewaere Tom.)
P.S.
In onze volgende editie moet deze alternatieve stadskrant opnieuw een wonderlijk feit ter herinnering brengen.
Er is door het College op 24 oktober 2022 al een studiebureau aangeduid om aan “projectbegeleiding” voor het Bidbook te doen. Dat doet het “Consortium P3 Power of 3 Consultancy” uit DE-94527 Aholming. Nagerekend totaal offertebedrag: 74.000 euro of 89.540 euro met btw, voor de twee fasen of deelopdrachten.
Met onze kandidatuur CH2030 kan het niet meer mislopen.