Category Archives: gemeentefinanciën

Dienstmededeling

’t Is zondag.
Onze gemeenteraadwatcher is al heel de middag zijn kop aan het breken over dat stuk in “Het Nieuwsblad” (17 december) met als…kop: “In geen enkele West-Vlaamse centrumstad ligt schuld zo hoog als in Kortrijk.”
Goed dat het toch een keer over gemeentefinancies gaat in de gazet, want dat gebeurt in onze regionale kranten haast nooit meer. Terwijl dit soort zaken de burger wel degelijk interesseert, in tegenstelling tot wat onze persjongens daarover denken. (Ja, het is een moeilijke materie…)
Maar het artikel in HN bevat wat schoonheidsfoutjes, laat het ons zo zeggen. We moeten er dus wel even op terugkomen.

Wat betaalt stad aan Lago voor de zwembaden?

Voor de goede orde eerst even zeggen dat Lago een commerciële naam is voor de exploitant van de zwembaden maar dat de naam van de firma eigenlijk S&R is, een grote naamloze vennootschap. Daar gaat het geld naartoe.

Het nieuwe zwembadcomplex Lago aan Kortrijk-Weide
Krijgt volgens het aangepaste meerjarenplan voor dit jaar van ons Kortrijkzanen allemaal (zwemmers of niet) een werkingstoelage van 1.444.962 euro. Volgend jaar: 1.489.000 euro. In 2022: 1.511.000 euro en zo verder stijgend tot 1.578.000 euro in 2025. (Hecht niet al teveel belang aan die bedrage. Zij zullen telkenjare veranderen. Maar zo kennen we wel de orde van grootte van de bedragen.)
Vanwege de corona-sluiting zal Stad volgend jaar een compensatieregeling treffen, waarschijnlijk onder de vorm van een “overbruggingskrediet”. Om hoeveel het zal gaan is officieel nog niet geweten, maar er circuleert een bedrag van 1 miljoen. Arne, de schepen van sport, garandeert dat het absoluut niet zal gaan om een gratis-cadeau.

De zwembaden Abdijkaai (“den openen”) en Lagae-Heule
(In contracten of afspraken worden die altijd samen behandeld.)
Voor beide zwembaden krijgt S&R volgens de ons bekende gegevens een jaarlijkse toelage van 513.185 euro, dienstig voor de uitbating (personeel en zo) en het onderhoud. Grote investeringen zijn voor rekening van Stad, evenals de energiekosten (water, elektriciteit, gas). Toegangsopbrengsten gaan naar Stad. (Nogmaals, volgens wat ons en raadsleden bekend is. Er kunnen zaken veranderd zijn. CD&V-Raadslid Pieter Soens kreeg op die vraag nooit een antwoord.)
Die exploitatietoelage is een soort raming die principieel slaat op 80 procent van de kosten. Na afloop van het jaar komt dan een afrekening met de ware kosten. In 2019 ging het om een netto-kost van 765.180 euro voor beide zwembaden samen.
Maar de regeling zal dus veranderen.
Die nieuwe vorm van betoelaging is tersluiks al in de gemeenteraad van 14 december aanvaard doordat men het bedrag in het aangepaste meerjarenplan heeft goedgekeurd. Maar de raadsleden beseften dat niet ! (Zij hadden er ook geen informatie over gekregen…)
Men zal nu werken met een “prijssubsidie”.
Een bedrag per zwembeurt, exclusief BTW.
– 15 euro tot 45.000 zwembeurten;
– 10 euro tussen 45.000 en 50.000;
– 8 euro vanaf 50.000 zwembeurten.
Zwemclubactiviteiten tellen niet mee.
Ter info. In 2019 telde men in beide zwembaden samen 41.504 beurten.
Bereken nu zelf hoeveel Stad zou betaald hebben als men vorig jaar het systeem al had toegepast. (Probleempje is wel dat we het BTW-tarief niet kennen. Zou het kunnen gaan om 6 procent?)
In het aangepaste meerjarenplan is die “prijssubsidie” voor 2021 geraamd op 810.000 euro. Voor de volgende jaren is voorlopig hetzelfde krediet ingeschreven.

Het staat allemaal niet in de gazetten…







Vandaag koninginnendebat in de gemeenteraad

Begint straks om 19 uur, Jammer genoeg vanwege corona alweer digitaal te volgen.
Belangrijkste agendapunt: de eerste aanpassing van het Meerjarenplan (MJP) 2020-2025. In feite zullen we dus kennis kunnen maken met het aangepaste budget (begroting) 2020, wat onder meer inhoudt dat we nu effectief zullen zien wat het geraamde verlies is van het boekjaar, de vermoedelijke realisatiegraad van de investeringen (58 procent !) , het verloop van de schuld, enzovoort.
We komen vandaag ook te weten hoe het staat met de belastingen voor volgend jaar, de retributies, de gemeentelijke administratieve sancties, allerhande OCMW-tarieven, werkings- en investeringssubsidies. Etc.
In een ver verleden wijdde men twee aparte zittingen aan dit soort zaken.
Fractieleiders krijgen nu 6 minuten!

Wijlen journalist Gerrit Luts had daar dan een volle pagina voor over in “Het Nieuwsblad”. Hij sprak van een “koninginnendebat”.
Maar wees gerust. Kortrijkwatcher houdt u verder op de hoogte!

P.S.
Er is nog een voor het bestuur althans vervelend aanvullend punt toegevoegd aan de agenda, vanwege een VB-raadslid. U raadt al om wie het gaat? Hij stelt (in besloten zitting) een vraag waar het stadsbestuur tot op heden absoluut niet wou op antwoorden. De vraag waarom de ooit met enige bombarie aangestelde Souad Abihi plotseling geen programmaregisseur meer is van het project “diversiteit en inburgering”. Nu genaamd “samenleven”.

De impact van corona op onze stadsfinanciën is minder erg dan gevreesd (2)

In de gemeenteraad van september kwam een uitermate belangrijk document aan bod: een eerste semesterrapport over het gevoerde beleid t/m 30 juni. Soort verslag over de ‘bedrijfsvoering’ van een firma zou je kunnen zeggen.
Wij (de lezers van kortrijkwatcher althans, niet die van de reguliere pers) kwamen daarbij te weten dat voor slechts 25,9 procent aan “vastleggingen” (verbintenissen om te investeren) in dit eerste half jaar kon gerealiseerd. En dat is heus niet of louter en alleen te wijten aan de corona-crisis! Laat u zich maar niks wijs maken. Zéér tekenend in dit verband was dat het schepencollege op de laatste gemeenteraad, niettegenstaande herhaaldelijk aandringen, niet wenste in te gaan op de vraag naar een concrete lijst van investeringsverbintenissen voor projecten die specifiek door covid19 niet of niet helemaal konden doorgaan of werden uitgesteld.
Verder leerden we dat per 30 juni van dit jaar voor slechts 45,1% exploitatie-uitgaven effectief zijn geboekt. Er konden ook geen verhoopte verkopen uit ons patrimonium worden gerealiseerd. (En voor de kenners: de autofinancieringsmarge was toen althans negatief!)

Bon.
Dat veelzeggend semesterrapport (130 pag.) is wel alreeds in mei opgemaakt.
In de gemeenteraad van september is op vraag van Wouter Vermeersch (VB) een zeer geactualiseerde versie voorgelegd, ditmaal opgemaakt begin van deze maand. Ook daarvan konden de Kortrijkzanen via de pers geen jota vernemen. (“Dat interesseert de mensen niet.” Dat weet u toch!)

Belangrijk om te vernemen is dat er zich sinds dat verslag van mei een aantal onverwacht gunstige financiële ontwikkelingen hebben voorgedaan.
Willen onze lezers daar wel méér van weten?
Ziehier:
1. De directe netto impact van corona, voorheen geschat op 7,5 miljoen, is lager dan in mei nog werd gedacht.
Daar zijn volgens het stadsbestuur drie hoofverklaringen voor:
– de parkeerbelastingen zijn beter dan geraamd;
– de personeelskost is nog lager dan geraamd vanwege een vertraging inzake nieuwe aanwervingen;
– er zijn (vele en significante) bijkomende subsidies van andere (hogere) overheden toegekend.
2. Wat de corona-premies van stad zelf betreft zijn er minder café- en handelaarspremies aangevraagd dan gedacht.
3. De inflatieverwachting is naar beneden bijgesteld zodat de personeelskosten minder snel zullen geïndexeerd.
Wij voegen daar zelf nog plagenderwijs aan toe: het investeringsbudget is lager uitgevallen dan voorzien. Pro memorie: er komt geen heraanleg Doorniksewijk, geen markthal op de Veemarkt, en het opfrissen van het winkelwandelgebied is verdaagd. Dat gaat om miljoenen minder uitgaven – iets wat alweer geen Kortrijkenaar weet. En de stadsgidsen ook niet!

Voornoemde financieel gunstige ontwikkelingen samen raamt de stadsadministratie op ca. 5,08 miljoen euro op legislatuurbasis.

Maar er zijn tevens financieel ONgunstige ontwikkelingen sinds het rapport van mei.
1. De krimp inzake economische groei zal een daling van algemene belastingontvangsten (APB en OV) teweegbrengen.
2. De geactualiseerde raming van onze responsabiliseringsbijdrage is minder gunstig dan men voorzag in het bestuursakkoord.
3. De coronacrisis zal waarschijnlijk niet (volledig) uitgewoed zijn eind dit jaar zodat ook volgend jaar diverse ontvangsten structureel zullen verlagen. Bijv. retributies.

Het effect van deze drie ongunstige ontwikkelingen schat de administratie op ca. 5,15 miljoen euro op legislatuurbasis.

BESLUIT:
DE MEEVALLERS EN DE TEGENVALLERES HEFFEN ELKAAR ONGEVEER OP.

Men zegge het voort…

De impact van corona op onze stadsfinanciën is minder erg dan verwacht (1)

Onze streekgazetten vinden dat weer niet de moeite waard om daar een woordje aan te wijden, terwijl dat toch goed nieuws is? Kortrijkwatcher zal dus maar weer eens zijn journalistieke plicht vervullen.
Zie weliswaar in een volgende editie, want we moeten nog wat lezen. Dat is veel werk.
In het rapport van het eerste semester van dit jaar (al in mei gemaakt) over het intussen gevoerde beleid, subsidiair over de weerslag van covid op de budgetten van stad (zowel inzake exploitatie als investeringen) bleek er wel wat droevigs aan de hand, maar een nieuwe stand van zaken – opgemaakt begin september – brengt beter nieuws. Financieel gunstige en ongunstige ontwikkelingen compenseren zich ongeveer in dezelfde grootteorde.
Ca. 5,08 miljoen tegenover 5,15 miljoen.
Maar waarom pakt de tripartite daar nu niet mee uit?

Voortdoen ! (2)

Zoals in onze editie van gisteren verteld, kennen we nu dankzij de eerste semesterrapportering de stand van zaken van het gevoerde beleid per 30 juni 2020.
Zo ook een overzicht van de gedane uitgaven in het investeringsbudget.
Laten we het vandaag eens enkel daarover hebben, want de tripartite heeft met de welwillende hulp van de reguliere pers de mythe (de perceptie) geschapen van een waar en historisch ongezien investeringscollege te zijn.
1.
Hoe zag het oorspronkelijke investeringsbudget er uit voor het jaar 2020? (We hebben het hier uitsluitend over Stad, niet over het OCMW.)
Het initieel uitgavenbudget bedroeg 61.781.987 euro.
Men heeft daar intussen de overdracht van overschotten uit de jaarrekening 2019 (dus van vorig jaar niet gerealiseerde projecten) aan toegevoegd en komen momenteel aldus aan een nieuw investeringsbudget van 70.867.804 euro.
2.
De vraag is nu hoeveel daar tot op de dag van 30 juni is van vastgelegd.
Dat wil zeggen: voor welke bedragen zijn er dan wel transacties ingeschreven in een budgettair dagboek voor één boekjaar, als gevolg van een al aangegane of voorgenomen verbintenis met een welbepaalde derde (een mogelijke aannemer bjjv., of een studiebureau, of een leverancier). Dat kan gebeuren met een bestelbon, of door een beslissing van het schepencollege of zelfs van de gemeenteraad.
Welnu, van dat nieuwe investeringsbudget 2020 van 70 mio en zoveel is in het eerste semester van dit jaar 18.347.474 euro vastgelegd. Ge moet dat een keer bepeinzen, als gewone mens of als ambtenaar. Dat is slechts 25,88% van wat je allemaal had bedacht om te doen, dus nog ver verwijderd van wat een ideaal (utopisch?) streefdoel zou moeten zijn, namelijk 50% of de helft van het budget. Nou ja.
Het stadsbestuur zoekt voor zichzelf troost (soelaas) voor deze uiterst geringe realisatiegraad.
Men merkt daarbij op dat de vastleggingen niet volledig zijn. De stad werkt sinds 2020 met nieuwe boekhoudsoftware en daardoor konden de gemaakte vastleggingen uit 2019 (nog) niet automatisch overgezet worden. (Eerlijk gezegd, we begrijpen dit niet.) Men raamt dit effect op 7,5 miljoen en komt zo aan een meer “reëel” vastleggingspercentage van ca. 36,5%. Bon, het is nog altijd geen 50%.
Stad zal moeten “voortdoen” in het volgende (nu lopende) halfjaar!
3.
Wat zijn nu de aanrekeningen of effectieve boekingen per 30 juni?
Welk bedrag aan facturen is er daadwerkelijk geboekt op het gepaste begrotingsartikel?
Haha! Een bedrag van welgeteld 9.318.899 euro of 13,14%. We zitten goed bij kas dus. Doe zo voort!

O ja!
We waren het bijna vergeten.
Stad heeft voor 2020 ook investeringstoelagen beloofd voor onder andere Fluvia, de kerkfabrieken, Kortrijk Voetbalt. Voor een bedrag van 3.2002.488 euro. Wat is daarvan in het eerste semester gerealiseerd? 558.355 euro oftewel 17,4%.

Een vergelijking met het eerste semester van vorig jaar is leerrijk.
Het vastleggingspercentage lag toen al op 60,5%.
Maar het aanrekeningspercentage was toen ook heel laag: 12,5% !

Hoe verklaart Stad nu het beduidend lage vastleggingspercentage?
U raadt het !
“Voor een stuk” zegt Stad is een en ander door corona uit te leggen en de bijgaande lock-down waarbij ook een deel van de bouwsector stillag. Tja. Vastleggingen zijn wél verbintenissen hé (plannen, projecten), die daarom absoluut niet onmiddellijk moeten uitgevoerd, zelfs niet binnen het boekjaar.
Corona of niet. Gedachten (voornemens) zijn vrij!

Overigens zijn er wel werken geweest met toch grote uitgaven (aanrekeningen van meer dan 500K): parking station (1,7 miljoen), vernieuwen straten (998K), centrum Warande (962K), investeringen in bestaand patrimonium (593K).

In de gemeenteraad van 14 september a.s. houdt VB-raadslid Wouter Vermeersch een uitgebreide interpellatie over de financiële impact van de coronacrisis.
Schepen van Financiën (Kelly Detavernier) en schepen van stadsontwikkeling (Wout Maddens) kunnen van de gelegenheid profiteren om een keer in detail op te lijsten welke investeringen er helaas niet konden doorgaan, uitsluitend door de schuld van Corona, en van niets, maar dan ook van totaal niets anders.
We vonden in het rapporteringsdocument op pag. 6 een merkwaardig, intrigerend zinnetje dat immers ook een en ander kan verklaren: “De capaciteit op vlak van projectleiders was ook nog in opbouw in het 1ste semester.”



Voortdoen ! (1)

Dat is de leuze die vooral schepen van stadsontwikkeling Wout Maddens (VLD) op sociale media in petto heeft als er weer eens een project op stapel staat. (Ook als een en ander nog niet helemaal duidelijk is inzake timing of zelfs ontwerp. Zie bijv. de plannen voor “historisch hartje Kortrijk” die recent alweer met de nodige fanfare werden kond gemaakt in de media.)
Schepen wil daarmee natuurlijk aangeven dat het stadsbestuur en zeker zijn kabinet waarlijk goed en naarstig voortdoet. Zijn we goed bezig zeg!
Ons niet gelaten, maar er bestaat nu een reële, exacte meetlat om te weten of men wel goed opschiet met bepaalde plannen of acties. De burger op een populistische manier bedotten is niet echt meer mogelijk (tenzij onze pers alweer tekort schiet in de berichtgeving).

Hoe zit dat?
Sinds dit jaar zijn gemeenten namelijk verplicht om een zgn. opvolgingsrapport op te maken over het (al of niet) gevoerde beleid in de eerste semester van het lopende jaar. Dat rapport (in Kortrijk 130 pagina’s) komt ter sprake in de volgende gemeenteraad van maandag 14 september. We krijgen dus een stand van zaken te lezen over de actieplannen uit het meerjarenplan, over de gerealiseerde ontvangsten en uitgaven in het eerste halfjaar, en in voorkomend geval over mogelijke wijzigingen in de gedane assumpties (aannames).
Voor wie de makers van percepties (de perceptionelen) nu een keer echt de mond wil snoeren is dit soort van rapportering natuurlijk veel goud waard.
Alle acties uit het meerjarenplan (MPL) die lopen in 2020 (dat zijn er 298!) worden inhoudelijk geëvalueerd naar hun status op 30 juni 2020, en van de acties die financieel worden opgevolgd (76) in het exploitatiebudget krijgen we de gedane, werkelijk gerealiseerd bestedingen in dat eerste halfjaar.
Tegelijk krijgen we ook inzicht in de stand van zaken van het investeringsbudget.
– Wat was het initiële budget en wat is het geraamde budget als we rekening houden met de overdrachten uit de jaarrekening 2019?
– Welke bedrag is daarvan daadwerkelijk vastgelegd in een overeenkomst met de goedgekeurde kandidaat-inschrijver op de overheidsopdracht?
– En hoeveel van dat bedrag is al met factuur geboekt en aangerekend?

Cijfers zijn voor een volgende bijdrage alhier in kortrijkwatcher.
U zal versteld staan over de realisatiegraad inzake investeringen.
Wordt vervolgd.


Welke financiële informatie willen raadsleden? (En verstaan ze die wel?) (2)

Nogmaals de bron. Onze Wevelgemse mandatarissen.
MAES (L.), SEYNHAEVE (J.), BBC en raadsleden. Welke financiële informatie wiilen raadsleden? (Masterproef, Universiteit Gent, Faculteit Economie en Bedrijfskunde, Academiejaar 2016-2017.)

Woord vooraf
Sinds 2014 zijn de Vlaams gemeenten overgestapt naar een nieuwe manier van strategisch en financieel plannen. Gemeenten zijn verplicht om te plannen over een periode van 6 jaar en moeten dit ook financieel (budgettair) vertalen. Men heeft het dan ook over een meerjarenplanning (MJP) en over een ‘beleids- en beheercyclus’ (BBC). (Dat MJP mag wel herhaalde malen opnieuw wijzigen, in Kortrijk tot tienmaal toe. Tienmaal, in de vorige bestuursperiode. Beleid! Voortschrijdend inzicht!)

Voorheen is jarenlang gewerkt met de constant zo genoemde ‘nieuwe gemeentelijke boekhouding’ (NGB) waarbij de begroting jaar per jaar en postje per postje (de investering voor een publieke WC) een raming werd opgemaakt binnen de beschikbare middelen. Nu ja. Men schreef gewoon de vorige begroting af met hier en daar wat meer of min hoge bedragen dan tevoren. Naargelang een of andere schepen op een ideetje was gekomen of zich populair wou maken.
(Vele raadsleden vinden de vroegere NGB overigens nu nog altijd beter, concreter en vooral gemakkelijker.)

Interessant gegeven uit de studie, om te weten.

Wat vinden raadsleden de tien belangrijkste kerncijfers (in de BBC)?
In volgorde dan:
– De beschikbare financiële reserves (bedoelt men: ‘bestemde gelden’?)
– De uitstaande schuld
– Het resultaat op kasbasis (= beschikbaar budgettaire resultaat- BBR)
– De autofinancieringsmarge (AFM)
– De fiscale druk
– Het overschot of tekort op de gewone werking (= het exploitatiesaldo)
– Aflossingen en intresten leningen
– Percentage personeelskosten t. o. v. de totale werking (de exploitatie)
– Vergelijking van deze kerncijfers met voorgaande jaren
– Vergelijking van deze kerncijfers met andere gemeenten.

Even een tussentijdse opmerking van kortrijkwatcher: van die bovenstaande lijst geloof ik (bijna) niks van.

Raadsleden hebben diverse rollen, of verschillende besognes.
“Gewone” raadsleden voelen zich bijvoorbeeld eerder als controlerende vertegenwoordigers, in naam van de inwoners (zeker als ze tot de oppositie behoren!), terwijl de burgemeester en de schepenen (de uitvoerende mandatarissen) zich eerder positioneren als beleidsmakers. Zéér interessant onderscheid is dat.
(Weet u dat er ‘gewone’ raadsleden zijn die nu nog altijd denken dat zij geen beleidsvoorstellen kunnen doen?)

– Vandaar dat items als de AFM en het BBR veeleer de interesse opwekken bij de uitvoerende mandatarissen dan bij de vertegenwoordigende” raadsleden.
– Idem voor de “fiscale druk”, volgens de steekproef althans, maar ik kan dat bijna niet geloven. (De bevolking is toch uitermate bekommerd om wat men aan belastingen betaalt?)
– De gewone, controlerende raadsleden vertonen veel interesse voor de uitstaande schuld en voor de financiële opvolging van grote projecten. (Dat betwijfel ik ook…)

In de BBC-regels zijn twee begrippen van fundamenteel belang om na te gaan of een gemeente er financieel goed voorstaat. Voldoet aan de officiële, financiële evenwichten op korte of langere termijn.
1. Het beschikbaar budgettair resultaat (BBR); het vroegere resultaat op kasbasis. Moet elk jaar positief zijn.
2. De autofincieringsmarge (AFM). Die moet zeker aan het eind van het meerjarenplan (nu: in 2025) positief zijn.
De auteurs van de masterproef hebben aan de raadsleden niet enkel gevraagd in hoeverre zij die kerncijfers belangrijk vinden, maar ook – met een pervers genoegen?of ze die items wel begrijpen.

Hoevelen begrijpen het BBR?
Volgens de survey zeggen 65% van de uitvoerende mandatarissen dat ze deze term ‘in hoge en zeer hoge mate” (wat is het verschil?) menen te begrijpen, ten opzichte van 49% van de gewone mandatarissen. Vrouwen menen deze slechts voor 48% te kennen tegenover 60% van de mannen. Anciënniteit blijkt geen rol te spelen. Het diploma wel. Merkwaardige breuklijn: raadsleden van de meerderheid (61%) verklaren het BBR goed of zeer goed te begrijpen tegenover 48% van de oppositie.

Hoevelen begrijpen de AFM?
We zien een aanzienlijk verschil tussen de uitvoerende mandatarissen die met 73% menen deze term in hoge of zeer hoge mate te begrijpen, tegenover 47% van de gewone raadsleden. Er is ook een wezenlijk verschil tussen mannen (64%) en vrouwen (50%). Hier speelt leeftijd (anciënniteit) plots wel een rol: min-vijftigers (70%) begrijpen AFM, t.o.v. slechts 55% van de plus-vijftigers.
Bij de minderheid zijn er 46% die de term begrijpen, en bij de meerderheid (waar dan ook de uitvoerende mandatarissen zitten) 65%. Het diploma speelt een rol.

P.S. (1)
Onze gemeenteraadwatcher bekijkt vanuit zijn ervaring met de Kortrijkse gemeenteraad de gegevens over het al of niet begrijpen van de twee financiële evenwichtsvoorwaarden door de (gewone) raadsleden met gemengde gevoelens, meesmuilend, met scepsis.
Er is een nieuwe fractieleider die praktisch nog geen woord heeft gezegd, zodat we niet eens weten of zij ook maar iets begrijpt. Een andere nieuwe fractieleider houdt het bij futiliteiten en mankeert totaal politiek bewustzijn. En het nieuwe Team Burgemeester is een allegaartje, een samenraapsel van een stuitende politieke onwetendheid en onbenul.

IEMAND MOET HET EEN KEER ZEGGEN.
Dit was bijv. zeer tekenend. Toen bij de bespreking van de laatste jaarrekening 2019 de schepen van Financiën uitpakte met gunstige cijfers voor het BBR en de AFM was er niemand die aantoonde hoe men die cijfers kan manipuleren.


P.S (2)
Zo zijn er ook raadsleden die nog nooit een MJP hebben bekeken.
(Indertijd durfde ik wel eens aan een Kortrijks raadslid vragen welke kleur de kaft van het begrotingsdocument van het jaar dan wel had.) Tegenwoordig gaat alles via e-mail, hier ook “e-decision” genaamd, maar we hebben er het raden naar hoeveel raadsleden daarmee kunnen werken, of het ook wel doen.)

P.S. (3)
Een eenvoudige proef.
Vraag eens aan een u heel bekend raadslid: leg mij eens in drie-vier zinnen uit wat het BBR en de AFM is. Doe alsof ik een 16-jarige ben die straks mag gaan stemmen.

Zeker nooit aan een van onze plaatselijke (politieke) journalisten vragen!


Investeringsgraad van nul procent t.o.v. van initieel budget én t.o.v van het eindbudget (1)

Ja, dat kan ook, dat er in een bepaald jaar niets is verwezenlijkt inzake bepaalde, voorgenomen investeringen. Niets, maar dan ook niets van wat werd begroot (beloofd).
In voorgaande stukken alhier gaf kortrijkwatcher als “negativo” te kennen dat stad vorig jaar voor slechts 51,10 procent investeringsuitgaven realiseerde tegenover wat geraamd werd als initieel bedrag. Concreet: 20,27 miljoen t.o.v. van de oorspronkelijke voorziene 38,9 miljoen. (Tegenover het eindbudget haalden we wel nog 72 %, maar daar is dan een grote kapitaalsverhoging van 1,3 miljoen voor IMOG inbegrepen. )

We vroegen ons af wat er dan wel TOTAAL NIET werd gerealiseerd.
In de volgende editie van deze krant een lijstje van een aantal grote projecten met nul procent realisatiegraad. Niet allemaal dus, want we tellen er niet minder dan 59.
We gaan ons daarom beperken tot de investeringsuitgaven van méér dan 100.000 euro die in het geheel niet werden opgesoupeerd.
Dit soort gegevens (nieuws!) haalt natuurlijk onze plaatselijke pers niet…
Dat interesseert de mensen niet! Dat is allemaal veel te moeilijk!

Schepen Kelly van Financiën (N-VA) liet het ditmaal bij de bespreking van de jaarrekening geheel na om te wijzen op de schitterende realisatiegraad van de investeringen. Heel verstandig zeg! Wel wees zij – uitermate tevreden – op het feit dat we in 2019 alweer degelijke financiële evenwichten bereikten. Natuurlijk, als je weinig doet, moet je ook weinig uitgeven en tevens minder lenen. Kwam daarbij nog de meevaller van verhoogde ontvangsten uit de aanvullende personenbelasting: 2,3 miljoen meer dan geraamd. In het exploitatiebudget waren er 1,8 miljoen minder uitgaven en 2 miljoen meer ontvangsten, wat maakte dat het resultaat 3,8 miljoen beter uitviel dan gebudgetteerd.
Ja, zo kunnen wij het ook…

(Wordt dus vervolgd.)


Raadslid Benjamin Vandorpe (CD&V) over de jaarrekening 2019

(Zoals beloofd: zijn tussenkomst in de gemeenteraad van 8 juni, bijna in extenso.)

(…)
2019 was een boerenjaar qua inkomsten voor Stad Kortrijk met 2,3 miljoen euro meer inkomsten uit de Aanvullende Personenbelasting (APB) dan eerst geraamd. Ik laat u raden of Stad hiermee is omgegaan zoals de mier zou doen of de krekel in de fabel van Jean de la Fontaine.
Enkele voorbeelden.
Op de gemeenteraad van 9 oktober 2017 werd het volgende vooropgesteld in verband met het huurcontract parking K in Kortrijk door PARKO, en ik citeer:
Het AGB Parko heeft met betrekking tot deze voorgenomen huur, waarbij het geen vragende partij was en dus een sterke onderhandelingspositie innam, steeds navolgende krachtlijnen vooropgesteld:
– een nieuwe huurovereenkomst in plaats van de overname van een bestaande
– een langdurende overeenkomst
(…)
– een huurprijs onafhankelijk van de omzet
– financieel exploitatie-resultaat break-even


Is dat even tegengevallen, want wat leren de nieuwste cijfers: in 2019 haalt K in Kortrijk een omzet van 805.812,01 euro. De huur alleen bedraagt al 1.050.000 euro, dus voor dat je enige kosten maakt kom je al 250.000 euro te kort. Met de kosten erbij al gauw een half miljoen, 15 jaar lang, want Ceusters heeft bedongen dat jullie niet vervroegd onder het contract uit kunnen.
Begin morgen aub de onderhandelingen om het contract open te breken. Zelfs al betaal je daar een miljoen schadevergoeding voor, dan nog zal de schade voor de Kortrijkzanen veel kleiner zijn dan de miljoenen die nu verspild worden, want we hangen nog 12 jaar vast aan dit verdoemde wurgcontract. Precies waar we vooraf voor gewaarschuwd hadden. En kom niet af met ‘we zijn bezig met corrigerende acties’. Die waren er in 2019 ook al, met als enig resultaat een nog lagere omzet dan in 2018.

Het is helaas niet het enige contract waarmee het intussen misgelopen is. (…)
Herinner je het Gabecon debacle in Woonzorgcentrum Bellegem, de asbest story met Howest, de Lago borgstelling, het niet bestaande trambus contract met De Lijn.
(…)

Kortrijk wil de beste stad van Vlaanderen zijn. (…) Wel voor feesten zijn jullie daar alvast in geslaagd, maar wat de serieuze financiële zaken betreft, gaan jullie om met contracten zoals Boma dat zou doen met zijn café-ploeg F.C. De Kampioenen. Echte amateurs zijn jullie op dat vlak. (…)

– Van de projectinvesteringen (dus zonder de onderhoudsinvesteringen) hebben jullie maar 41% gerealiseerd van wat jullie beloofd hebben: 13,2 miljoen op een totaal van 32,2 miljoen. (…)
– Kortrijk heeft een derde minder investeringsuitgaven per inwoner dan Genk of Hasselt, zelfs de helft minder dan Leuven, Antwerpen of Brugge. (…) De persmythe van de “investeringscoalitie” is definitief doorprikt.
Ik weet het, het is niet gemakkelijk voor de pers om het een en ander te doorzien. Maar in plaats van alles klakkeloos over te nemen, stel een en ander in vraag en geef de oppositie de mogelijkheid om weerwerk te bieden. (…)
En vooral, stel jezelf de vraag: waarom de cijfers afzetten tegenover de budgetwijziging in plaats van tegen het echte initiële budget?
Waarom de criminaliteitscijfers opsmukken door deze van de stad met de regio (VLAS) samen te voegen.?
(…)
Ik vrees dat we nog niet alles boven gespit hebben. (…)
Bij deze nog een goede raad. Wees bij het opstellen van de komende plannen behoedzaam voor de uitdagingen van de toekomst:
– een daling van APB;
– Lago die zijn prognoses niet kan waar maken;
– de kosten voor Corona die groter zijn dan ingeschat.