All posts by Frans

Rapport Vlaamse ombudsman ook in Kortrijk behartenswaardig

Het rapport van de Vlaamse ombudsman Bernard Hubeau over de onregelmatigheden op het kabinet van Vlaams minister Fientje Moerman inzake overheidsopdrachten en nog een en ander is sinds gisteren officieel.
We citeren daaruit een aantal uitspraken en aanbevelingen die alhier bij ons Kortrijks stadsbestuur enige aandacht zouden kunnen verdienen. Bij de in de in de maak zijnde plaatselijke deontologische code ook nog.

De ombudsdienst zegt dat de wetgeving over overheidsopdrachten hoe dan ook naar de letter en de geest moet worden toegepast.
Natuurlijk.
Bijvoorbeeld het fundamenteel uitgangspunt dat overheidsopdrachten voor werken, leveringen en diensten altijd worden gegund op basis van de concurrentie op de vrije markt. Het heilige principe van de mededinging.
Te Kortrijk zou dit principe bijvoorbeeld kunnen gelden voor diensten: de keuze van de raadsmannen bij geschillen, de offerte van leningen en verzekeringen.
Men mag terzelvertijd niet vergeten dat de overheidsopdrachtwetgeving ook van toepassing is bij het OCMW, de kerkfabrieken, Leiedal, gemeentebedrijven, de politiezone. Bij gemeentelijke VZW’s?
In verband nog met Leiedal is er hier een constructie in voege die men toch dubieus kan vinden. Stad heeft zich al lang geleden verbonden om bepaalde opdrachten exclusief uit te besteden aan Leiedal. En de intergemeentelijke vereniging schuift dan nogal eens op zijn beurt diezelfde opdrachten door naar een of ander extern bureau. Tja…
De wet op de overheidsopdrachten verbiedt de opsplitsing van werken of leveringen of diensten om daarmee onder een bepaalde financiële drempelwaarde te komen en om zodoende een opdracht te kunnen gunnen via onderhandelingsprocedure. (Voor de kennissen.)
Voor werken is dit bijvoorbeeld 67.000 euro, zonder BTW.
Het is iets waar schepen Jean de Bethune nogal eens mee worstelt.

De Vlaamse ombudsdienst vindt dat een overheidsopdrachtendossier volledig moet zijn.
Dit behelst dat in het dossier alle relevante briefwisseling én e-mails te vinden zijn. Hubeau zou eens kunnen komen kijken of dit bij ons wel altijd het geval is. Neen!
En bij sommige uiterst technische bestekken kan men zich afvragen wie die heeft opgemaakt. Of onze ambtenaren in bepaalde gevallen wel voldoende technische bagage hadden om dit soort ingewikkelde bestekken op te maken. Bijvoorbeeld als het gaat om nieuwe technologieën, ICT, verlichting. Tot welke firma of persoon hebben ambtenaren zich dan gewend, om raad te vragen?
(Waarom zouden we dit niet vermelden in het dossier?)
Zijn die raadgevers dan nog, en op een of andere wijze betrokken bij de gunningsprocedure? Bij de inschrijvingen zelf?? Zonder dat het stadsbestuur het misschien daadwerkelijk beseft?
En herlees nog maar eens dat stukje (11.09.06) over de aankoop van een wagen voor de burgemeester. Hoe bestekken kunnen veranderen in de loop der tijden.

De ombudsdienst houdt absoluut niet van verlengingen van opdrachten.
Zeker niet als die stilzwijgend gebeuren.
Samen met de juridische dienst van het departement Bestuurszaken vindt Bernard Hubeau zelfs dat contracten aangegaan via een onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking nooit mogen verlengd worden, zonder aanbesteding of offerteaanvraag.
Een teer punt bij ons is de toepassing van de wetgeving op aanvullende opdrachten die de oorspronkelijke aannemer – of de opdrachtgever, het stadsbestuur ! – zogezegd niet kon voorzien. Cf. het nieuwe stadhuis, bijvoorbeeld. Cf. onze traditionele raadsman in het geschil over CORA. (Herhaling van een eerste opdracht.) De Lange Munte.
Nogal eens wordt alhier een gunning zonder verdere toelichting gemotiveerd met de loutere zinsnede dat men vroeger goede ervaringen heeft gehad met de uitverkoren aannemer, de leverancier of dienstverlener.
(Hoe zou je zelf zijn?)

De ombudsdienst heeft zo zijn bedenkingen bij het beroep doen op experten door kabinetten.
Hierbij worden diverse standpunten aangehaald.
Volgens de Inspectie van Financiën is de expertenopdracht door een kabinet de facto te vergelijken met de aanstelling van het eigenlijke kabinetspersoneel.
De Vlaamse minister van Begroting vindt het aangewezen om een geprononceerd onderscheid te maken tussen (quasi-) voltijdse experts en deeltijdse consultants. De experts worden de facto als kabinetspersoneel beschouwd.
De consultants worden aangetrokken op basis van een gunning op grond van de wet op de overheidsopdrachten. Voor die consultants geldt dan uitdrukkelijk de regel van de tijdelijkheid of van de specificiteit van de opdracht.
Het is hier ter stede in het verleden al mogelijk geweest dat insiders met een grote graad aan zekerheid konden voorspellen wie de opdracht van het stadsbestuur zou in de wacht slepen.
Ter stede wordt geen onderscheid gemaakt tussen experts en consultants.

Minister Fientje Moerman maakt zelf onderscheid tussen twee soorten experten, naar gelang van de aard van de expertise.
Als de expertise de interne werking van het kabinet betreft gaat het om een expert (een persoon) die als het ware deel uitmaakt van de ministeriële staf en wordt verondersteld dat hij de maatschappijvisie van de minister deelt. Gaat het om expertise (kan hier ook een rechtspersoon zijn) betreffende externe werking dan spreekt de minister van “consulting”.
De Vlaamse ombudsman houdt het in verband met deze materie eerst bij een algemene aanbeveling. Er moet een volledige transparantie komen met betrekking tot de omvang en de samenstelling van de kabinetten, inclusief gedetacheerde en aangestelde experten, en met betrekking tot de consultancy-opdrachten.
Maar dan komt het.
“De Vlaamse overheid moet de gunningsprocedures voor overheidsopdrachten voor beleidstrategisch advies principieel zo organiseren dat die procedures niet door de kabinetten, maar door de departementen worden uitgevoerd.”

Een zeer netelige kwestie: de politieke ideologie van de experts
Het is een publiek geheim (geen namen) dat allerhande studiebureaus een politiek-ideologisch stempel dragen, of desgevallend geliefd zijn bij een of ander partij.
“Maar het komt de Vlaamse Ombudsdienst voor dat opdrachten, betaald met overheidsgeld, sowieso principieel ideologisch neutraal zouden moeten zijn. Van een professioneel consultancy-bureau kan voldoende inlevingsvermogen verwacht worden, ook zonder dat er enige band is met de politieke partij van de betrokken minister.”

En nu komt er vanwege de ombudsdienst een onvoorstelbaar gevaarlijke uitlating. (Staat niet in de gazetten.)
Volgens de ombudsman zou als gunningscriterium ook “het vermogen om zich in te schakelen in de beleidsinzichten van het kabinet” kunnen gehanteerd worden als objectief of minstens objectiveerbaar criterium.

Wel merci.
Voor “interne” expertise kan men dit nog billijken, maar toch niet voor “externe” consultancy?
Waarom zou een (stads)bestuur dan nog iemand consulteren, als men van de studie (het advies) al op voorhand verwacht dat die strookt met de beleidsinzichten van uw eigenzelve opdrachtgever?

P.S. (1)
Grote les?
Voortaan maakt Stad Kortrijk in de kosten voor expertise onderscheid tussen experten en consultanten.
’t Komt allemaal goed.

PS. (2)
‘Maatschappijvisie’ is een compleet nieuw woord.
Tot voor kort ging het over: gedachte(n)goed.
Voorheen: idee-logie
Lang geleden: oorlog en klasse(n)strijd.
Nu over: beleidsinzicht.

Een geheimzinnige helikoptervlucht

Gelukkig heb ik altijd mijn verrekijker van 10X50 bij.
Aangezien het schemergetal ervan 22,4 bedraagt en de schijnbare beeldhoek zelfs 70 graden, kon ik duidelijk de inzittenden identificeren van die helikopter die gisteren verdacht laag en lang rond de Xpo (de Hallen) toerde.
Niemand minder dan onze burgemeester, vergezeld van Karel Debaere van Leiedal en Saskia van de Xpo zelf waren de inzittenden.
Zij staan in de laatste uitgave van het weekblad “Trends” niet voor niets te prijken op de ware powerlist van Kortrijkse machthebbers.

Maar wat richtten ze daar gisteren in ’s hemelsnaam uit?
Naar verluidt zou de tocht er gekomen zijn op instigatie van Luc Glorieux van Busworld.
Immers, op 19 oktober start in en rond de Xpo opnieuw de internationale vakbeurs voor de autocar- en buswereld.
En van Luc Glorieux (ereburger van Stad) is al lang bekend dat hij soms een beetje dreigt om met zijn vakbeurs naar elders te trekken. Vindt hier geen plaats en parkeerfaciliteiten genoeg. Er moest dus van boven uit de hemel een en ander worden verkend.

Waarom mochten onze schepenen van mobiliteit en stadsplanning niet mee in de lucht?
Wisten ze wel af van die vlucht ? Is er een rapport uitgebracht?

P.S.
Zo’n incentive vlucht voor 3 personen en gedurende 30 minuten kost al vlug iets van 400 euro.

Tutti Frutti is niet helemaal wat u dacht

Lang in de waan geleefd dat “Tutti Frutti ” (TF) een rock-‘n-roll liedje was van Little Richard.
Daarna dat het ging om een boek van Gerrit Komrij.

Mis.
Sinds het lezen van de stadsbegroting 2006 weet iedereen dat het qua TF in Kortrijk gaat om “technische benodigdheden voor het personeel”, weliswaar onder de vorm van appels en peren.
Want het was onder deze post in de begroting dat de kostprijs voor de wekelijkse bedeling van fruit in stadsdiensten is ondergebracht. Met nul krediet, in die begroting.
(Wie doet er dat, waar, wanneer, waarom? Hoe gaat dat? Zijn het gewoon tikfouten?)

Het project TF is een uitvinding van doktoren en ambtenaren en lokale fruitsappers van het Lokaal Gezondheidsoverleg (LOGO) uit Marke, en overgewaaid vanuit een mislukt project uit de scholen. Zou me niet verwonderen dat schepen Lybeer er toen ook al lokaal achter zat.

Bedoeling met TF is om ons voor ons zorgend stadspersoneel helemaal preventief gezond te houden
Waarna dit kan blijken uit het stijgend aantal gevallen van absenteïsme vanwege diarrhee.
Tutti Frutti is hier ter stede een landelijk zeldzaam toeterenietdoe project in het kader van het beleid: “sociale dienstverlening”.

In 2006 is voor de actie 3.718 euro uitgetrokken. Het ging toen om 830 ‘stukken’ fruit per week. 4,47 euro per “stuk” is dat, over het jaar heen.
Let wel: de fruitbegroting sluit de weken van de schoolvakanties uit en heeft het NIET over de maanden juli, augustus en september. In die periode wordt op het stadhuis immers wat minder gewerkt dan gewoonlijk en dat objectief meetbare gegeven op zichzelf maakt mensen gezond.

Begrotingspost creëren

Het College heeft nu in Stad een “structureel” fruittekort vastgesteld en trekt daarom het aantal ‘stukken’ op tot 900 per week.
De totale kostprijs bedraagt nu plots 5.040 euro. Dat is dan 5,6 euro per stuk.
Ambtenaren hebben het onder mekaar op het dakterras van het stadhuis ingezien hoe grappig dat was om fruitbedeling onder te brengen in de begrotingspost “technische benodigdheden voor het personeel”. Maar een nieuw artikel heeft men nog niet gevonden. Het moet nog “gecreëerd worden” door de directie Financiën ! Hoe kan men voor die uitgave dan een visum verlenen?
Suggestie voor schepen van Financiën, Alain Cnudde.
Art. 620/124-06, uit de rubriek ‘Landbouw, Visserij, Voedselvooziening’: “prestaties van derden, eigen aan de functie”.

De verhoogde kostprijs voor de fruitstukken is waarschijnlijk te wijten aan het feit dat er voortaan te Kortrijk op twee momenten van het jaar specifieke acties zijn voorzien: éénmaal met fair trade fruit – eerlijke handel is duurder dan valse – en éénmaal met bio-fruit. Die momenten (welke?) kosten elk 335 euro.
Of er bij de aankoop van al dat fruit een offerte is gemaakt, dat is nergens aangegeven
Fair trade wil in België zeggen zeggen dat de beste wint.
Op Tinternet vindt men bij leveranciers uit de streek aan scholen prijzen die schommelen van 4,8 euro over 6 tot 8 euro per leerling en per schooljaar.

Zeg !
Die 900 stuks? Zou dat betekenen dat er hier in Stad effectief 900 personeelsleden zijn? Koppen, eenheden?
Dan is de vraag naar het aantal personeelsleden, die we hier tot vervelens toe over zes bijdragen hebben gespreid, indirect opgelost.
Maar de kabinetten krijgen geen fruit !
Tsjomme.
Geef ze biofruit.

Handelsdistrict met een heikel punt: het takenpakket (2)

(Zie onderaan nog een update.)

Over de mogelijke taken van het BID zal onvermijdelijk een politiek-ideologische discussie losbranden.
Of het zou toch moeten (kunnen).

Uit buitenlandse ervaringen kan men leren dat BID’s zich met van alles bezighouden.
Tot en met sociale projecten zoals bestrijden van (jeugd)overlast, werkprojecten voor verslaafden, verdringen van prostitutie.
Zogenaamde basisdiensten zoals onderhoud en ontwerpen van de publieke ruimte, veiligheid.
Verder nog aanvullende diensten als bereikbaarheid (circulatie, mobiliteit), bewegwijzeringen, parkeerproblematiek, economische ontwikkeling (werkgelegenheid, investeringen, nieuwe activiteiten), sociale dienstverlening.
Plus nog marketing, communicatie, evenementen. Leegstand ook !
Er zijn handelsdistricten waarbij de participanten zelfs overgaan tot de collectieve aankoop van goederen (mazout!) en diensten (straatvegers).
Vooral in de Verenigde Staten vervullen BID’s taken die wij in het Avondland beschouwen als strikt behorend tot de kerntaken van de overheid, en dat komt vanwege de aldaar in de Far West heersende weerzin tegen een regulerende overheid. Als zo’n Amerikaanse stad zich in genendele bekommert om zwervers, dan laat men dat probleem over aan BID’s of liefdadigheidsinstellingen.

Maar ook het omgekeerde kan zich voordien.
En in verband met ons in Kortrijk op te richten handelsdistrict is hier wellicht een waarschuwing op zijn plaats.
Als dat BID er komt of die VZW Centrum Kortrijk, kan het bij krapte van de beschikbare middelen heel goed zijn dat het stadsbestuur maar al te graag ziet dat het handelsdistrict taken oppakt waar Stad tevoren zelf traditioneel voor instond. Voorbeeld: het handelsdistrict beslist om op eigen houtje camera’s te plaatsen. Dat brengt dan een gevoelige besparing mee in de stadsbegroting en bij de politiezone VLAS.
En toch: vermeden moet worden dat Stad het BID als lapmiddel gebruikt om achterstallige, niet-uitgevoerde investeringen of diensten te compenseren.

Hoe pragmatisch men het ook probeert te benaderen, het opmaken van een takenpakket voor het BID is niet eenvoudig.
Er moeten afspraken gemaakt worden
Fundamentele vraag is wat Stad beschouwt als zijnde haar kerntaken. Die vraag is evenwel nog nooit aan bod gekomen en wordt continu uitgesteld. Te moeilijk. Ideologische botsingen binnen onze stedelijke coalitie van ACW, Unizo en liberalen van allerlei strekkingen zijn hierbij onvermijdelijk.

Men kan die politiek-filosofische vraag ook negeren, en gewoon praktisch nagaan wat het huidig niveau is van de gemeentelijke dienstverlening in en voor het handelsdistrict. Daarna kan men zich buigen over de vraag wat volgens de BID-participanten het gewenste niveau zou kunnen zijn, en wat het BID daar eventueel kan toe bijdragen. Effectief of als extra impuls.
Deze wijze van benadering kan misschien het spanningsveld tussen het karakter van de BID-taken en deze van de overheid wat ontmijnen.

Het blijft ingewikkeld.
Géén probleem als het BID taken op zich neemt die niet behoren tot het ‘publiek goed’ (overheidstaken) en toch een meerwaarde inhouden voor het handelsdistrict. Stad kan er bijvoorbeeld niet tegen zijn als handelaars van het district beslissen om over te gaan tot de gezamenlijke inkoop van energie.
Maar wat als men toch op het terrein treedt van de overheid?
Is dat dan “privatisering”?
Zelfs uitgesproken voorstanders van overheidsbemoeienis kunnen niet naast de vaststelling dat Stad niet alle taken met het karakter van ‘publiek goed’ per definitie kan uitvoeren. De beschikbare financiële en organisatorische middelen zijn nu eenmaal beperkt.
Straten moeten vernieuwd in het handelsdistrict?
Haha ! Stad zegt: geen geld ! BID zegt: wij wel !!
Wat dan?

Het maatschappelijk en bedrijfsbelang kunnen samenlopen.
Voor de participanten in het handelsdistrict moeten de baten opwegen tegen de lasten (de BID-bijdrage). Anders doet men niet mee.
We moeten er geen doekjes om winden.
Zo’n HANDELSdistrict dient in de eerste plaats om de omzet van de betrokken ‘ondernemers’ te vergroten en sommige kosten te verlagen.
Maar hoe zit dat dan?
Een overheid kan slechts een verplichte BID-bijdrage (heffing, belasting) invoeren als bij de activiteiten van het handelsdistrict op de achtergrond een collectief maatschappelijk belang is gemoeid of gediend. Een overheid dient toch per definitie het algemeen belang?

En ja…
Puur maximaliseren van de winst in een district is ook van gemeentelijk belang. Belastingontvangsten stijgen. En Stad kan daarmee allerhande problemen aanpakken waar de ondernemers in een handelsdistrict zich nooit zouden om bekommeren. De zwervers en bedelaars niet wegjagen – zoals commerçanten geneigd zijn te doen, maar ze bijv. onderdak verschaffen.

De oprichting van een BID aanzien of herleiden tot een “privatisering” van overheidstaken is wellicht wat te simpel.
Zoals men dat zegt: kort door de bocht.
Er is recht en ruimte voor experiment.

Update.

Op 1 oktober laatstleden was er een besloten vergadering met enerzijds de burgemeester, de schepenen Jean de Bethune en Wout Maddens en anderzijds een luttel aantal handelaars:Koen Byttebier (ook VLD-raadslid), John Deroo (DE COMMERCANT van Hartje Kortrijk), Hans Carrein, Mathieu Desmet(?). Nog aanwezig was de ontslagen ‘centrummanager’ Moena Langenraedt.
Daar werd een voorstel gelanceerd over de ‘gemeentelijke heffing’, per beschikbare handelsoppervlakte. Bijvoorbeeld voor een handelspand tot 100 m²: 150 euro. Daarna per 250 m² méér: telkens 100 euro meer.
Over De Raad van Bestuur van de BID dacht men aan 1 vertegenwoordiger van Stad, 1 van het SOK, 2 van de handelaars, 2 van Foruminvest. Maar daarnaast zouden de handelaars nog maximaal 2 waarnemers krijgen. En er wordt nagegaan of er een ‘externe’ voorzitter kan ingepast.

Kommentaar.

Buitenlandse ervaringen leren dat het opstarten van een BID in diverse goed doorwrochte fasen en in alle openheid moet gebeuren, en dat er niemand voor het blok mag gezet. Anders kweekt men geen draagvlak. Pas als alle voorgaande fasen van verkenning zijn doorlopen kan de zaak voor de gemeenteraad gebracht.
Hier gaat men dus totaal omgekeerd tewerk.
Want pas over “enkele weken” krijgen alle handelaars uit het district een toelichting over het BID-systeem.

Handelsdistrict met een heikel punt: de financiering (1)

De komende gemeenteraad van maandag 8 oktober zal een samenwerkingsverband goedkeuren tussen de NV Sint-Janspoort (SJP), Stad en het Stadsontwikkelingsbedrijf (SOK). Dit alles in het kader van de realisatie van een nieuw megawinkelcomplex in onze binnenstad.
Er staat nogal wat in dat charter, maar we houden het hier uitsluitend bij het voornemen om zo snel als het kan een handelsdistrict op te richten in het centrum. Een ‘business improvement district” (BID). Wat dat is kon u hier al lezen in een stuk van 8 december 2006.
Als de oprichting van het BID niet zou slagen valt men terug op een VZW. (Een gemeentelijke VZW?)

Zo een BID heeft geld nodig, en afhankelijk van de grootte en van wat men wil uitrichten in het district: véél geld.
Voor het Handelsdistrict Centrum Kortrijk houdt het stadsbestuur zich voorlopig aan een jaarlijks streefcijfer van 200.000 euro aan inkomsten en uitgaven.
Hoe zal men die som bijeenscharrelen?
SJP is vrijgevig. Voor de start van alleen al het BID zal de promotor van het winkelcomplex een eenmalige dotatie schenken van 65.000 euro. Van de handelaars uit het nieuwe shoppingcenter zelf verwacht men een bijdrage van 100.000 euro. En als men niet aan dit bedrag zou komen, dan legt SJP bij !
Van de handelaars rondom het winkelcentrum (binnen het nog niet afgebakende district) verwacht men ook 100.000 euro. En als dit niet lukt legt Stad dan bij.

De handelaars moeten dus hun duit in het zakje doen.
Men noemt dat dan een BID-bijdrage. Het is een verplichte heffing.
En hier komt de kat op de koord. Draai en keer het hoe je wil: dit is een belasting, of noem het voor mijn part een retributie.
De vraag is of men juridisch bekeken zo’n specifieke heffing verplicht kan maken voor een welbepaalde categorie van bewoners, binnen een bepaald gebied. Het verbaast me nog altijd dat onze burgemeester die tot voor kort Vlaams volksvertegenwoordiger was geen voorstel van decreet heeft ingediend om “gemoduleerde belastingen” mogelijk te maken.

In Vlaanderen – en bij mijn weten ook niet in België – zijn er nog geen BID’s, en bestaat daar ook geen wettelijk kader voor.
Maar laat aan Stad misschien toch “le droit à l’expérimentation”?
In Genk heeft men voor handelaars uit het centrum in 2003 een zogenaamde promotaks ingevoerd. Curieus genoeg werd dit belastingsbesluit door de plaatselijke VLD aangevochten. Met zelfs een schorsing tot gevolg door gouverneur Stevaert. Later (2006) werd het reglement aangepast en door minister Keulen goed bevonden. De ca. 400 heffingsplichtige Genkse handelaars worden belast op basis van de netto winkeloppervlakte. Gemiddeld betalen ze 150 euro per jaar. Dat brengt zowat 100.000 euro op, en Stad Genk legt er evenveel bij.

Droit à l’expérimentation, ja.
Men zal zich goed moeten beraden wil men onnodige weerstand oproepen.
Wat wordt de heffingsgrondslag?
Er zijn veel mogelijke maatstaven. De vastgoedwaarde, breedte van de winkelpui of oppervlakte. Aantal medewerkers. Branche (winkeliers, horeca, andere ondernemers).

Maar wie betaalt?
Alleen winstgerichte ondernemingen? Ook non-profit instellingen? (In ons op te richten district zetelen ook allerhande ACW-instellingen! Ziekenkas.)
Alleen de exploitanten, alleen de vastgoedeigenaren, of beiden?
Gewone bewoners ook? Want die zullen ook profiteren van de opwaardering van de wijk.
Vrije beroepen? Diensten?
En wat met de freeriders, meelifters die absoluut niet willen meedoen en constant bezwaarschriften indienen?

In Nederland is in een zestal steden al enige ervaring opgedaan met BID-achtige constructies.
In Leiden wordt het centrummanagement gefinancierd met een toeslag (5,6 procent!) op de onroerend zaak belasting en is de aparte contributie voor winkeliers dan ook afgeschaft. Die toeslag brengt 266.000 euro op en de gemeente brengt daarnaast nog minstens evenveel extra middelen in.
In Rotterdam is er gewoon een financiering uit de algemene middelen. Een budget van 600.000 euro, gewoon geput uit de stadsbegroting. Het gemeentebestuur stelt geld ter beschikking om te experimenteren met projecten waarbij ondernemers gezamenlijk investeren in hun gebied.

In de Verenigde Staten is de meest gehanteerde grondslag de vastgoedwaarde en bedraagt de heffing tussen 1 en 3 procent.
In het Verenigd Koninkrijk is de meest gebruikelijke methode een vast percentage op de huurwaarde, enkel opgelegd aan de exploitanten. Niet aan de eigenaars.
In Duitsland werkt men met een toeslag op de belasting van grondeigendom.

Het lijkt erop dat de SP.A (kartelparner Spirit ook?) in de komende gemeenteraad nogal wat objecties zal formuleren tegen de oprichting van een handelsdistrict in het centrum.
In een of ander volgend stuk zullen we ten behoeven van de fractie nog wat heikele punten aanraken.
Maar dan wel in het denkkader van “het recht tot experimenteren”.

WEET WAT ER ‘AU FOND’ POLITIEK GEZIEN KAN STOREN IN AL DIT SOORT ZAKEN? En andere: VZW’s, intercommunales, autonome gemeentebedrijven, EVA’s en IVA’s.
De gemeenteraad heeft niets meer te vertellen. De ‘macht’ ervan wordt totaal uitgehold. Raadsleden zitten er alsmaar meer voor spek en bonen bij. En het politiek bewustzijn daarvan of daarover is totaal geslonken of was en is onbestaande.

Naar een nieuwe prijszetting in de Kortrijkse musea

De toegangsprijzen in onze musea (Broel, Vlas&Kant&Linnen, Kortrijk 1302) zijn nogal ondoorzichtig, verwarrend. Bepaalde kortingen zijn willekeurig.
En vooral is de prijszetting nergens op gebaseerd.
Goed.

Binnenkort zal de vernieuwde Raad van Bestuur van de Musea evenwel een nieuwe regeling goedkeuren. En – uitgezonderd voor schoolgroepen – zal die begin volgend jaar ingaan.
Daarbij worden een aantal principes gehanteerd.
* De prijszetting gebeurt op basis van een “waardeperceptie” in de ogen van de potentiële bezoeker, en niet op basis van de kosten van het museum.
* Men houdt de concurrentie in het oog.
* Er wordt gestreefd naar een vereenvoudiging en een zekere gelijkvormigheid in de tarieven.

Er komt een combi-ticket (één maand geldig) voor de drie musea samen en dat zal 8 euro kosten. Volwassenen doen daar al een voordeel mee als ze twee musea bezoeken. Bijvoorbeeld Vlas en 1302. Huidige en toekomstige prijzen zijn immers 3 euro (Broel), 3 euro (VKLM) en 6 euro (Kortrijk 1302).
Wie mag gratis binnen? Kinderen beneden de 13 jaar, leraren, De Vrienden van de Musea.
Senioren (55+) en studenten (tot 26 jaar) betalen 2 euro (Broel en VKLM) en 4 euro (1302).
Gidsen kosten overal 55 euro. Groepen in alle drie de musea: 2,5 euro.

Men opteert ervoor om géén gratis toegang te verlenen aan Kortrijkzanen. Ook al omdat dit moeilijk te controleren valt met elektronische identiteitskaarten.
Wel zullen musea gratis toegankelijk zijn op uitzonderlijke momenten en bij bijzondere incentives.

Communicatie / morgen gezond weer op

Is er dan geen gemeenteraad op 8 oktober?
Tot op vandaag (11 uur) nog geen agenda of memorie van toelichting te bespeuren op de website van Stad.
Overtreding van de gemeentewet ! Inbreuk op de wet openbaarheid van bestuur !
We zien ook nergens de agenda van het schepencollege van deze week (vandaag). ’t Is ten andere niet de eerste keer dat onze communicatiedeskundigen dit vergeten.

Naschrift.
Nóg vandaag om 15u30 geen spoor van de komende gemeenteraad op de website. Vandaar: spoorslags gebeld naar het team “communicatie” van Stad. Gratis nummer. Wisten nergens van. Doorverbinding (extension) naar een verantwoordelijk iemand anders die er voor het moment niet was.
Om net even voor 17 uur is de agenda en memorie toch verschenen. Zodat Kortrijkzanen het nu allemaal weten.
Maar ongeveer om 18u16 : nog altijd geen agenda van het College van VANDAAG.
We mogen veronderstellen dat het niet meer voor vandaag voor sunset zal zijn. Iedereen op het stadhuis is daar nu weg.
Morgen gezond weer op.

Gelukkig niet aan mystery shopping gedaan.

Mystery shopping is o.a. als een detective gelijk bellen naar het stadhuis – onder een andere naam – om te zien of ze daar wel nog wat doen, bijvoorbeeld. Of kunnen. Een uitvinding van schepen Lieven Lybeer. Het detectivebureau dat daarvoor al tweemaal is ingeschakeld kost veel geld.
Stelt dan voor om wat lessen te geven. Nu over: hoe de telefoon oppakken.
’t Is godegeklaagd. Geen gemeenteraadslid dat daarover interpelleert, of vraagt naar een rapport.

Kan er iemand een keer het kabinet van schepen Lybeer op de rooster leggen?

Raadslid B.C.?

Wie in godsnaam zou dat kunnen zijn: raadslid B.C. ?
In kranten of gazetten is het min of meer traditie dat verdachten bij een misdrijf enkel met initialen worden aangeduid. Idem (soms) voor slachtoffers. (Normen of afspraken hierover in onze perse zijn onbestaande.)
Raadslid B.C. moet ergens van verdacht worden.

In elk geval staan we voor een raadsel.
Stad heeft een zgn. “Bulletin van Vragen en Antwoorden”. Dient voor raadsleden om eerder technische vragen te stellen, waarop dan meestal maanden later een antwoord komt. Een antwoord waarbij raadsleden dan meestal (nooit) niks meer mee aanvangen.

Normaliter wordt de vraagsteller altijd met naam en toenaam bekend gemaakt.
Zo niet in de laatste september-uitgave van het Bulletin.
Daarin staan drie vragen van raadslid B.C, gesteld op 14 en 15 juli.

Overigens zijn twee van die vragen wel interessant.
Ook al omdat de vraagsteller wordt verwezen naar een bijlage die dan voor doodgewone burgers onzichtbaar blijft.
Vraag nr. 28 van B.C. getuigt toch wel van verdacht veel achterdochtigheid tegenover het stadsbestuur.
Gelet op de vele personeelsverschuivingen van de laatste tijd – en kwestie van een overzicht te bewaren – had de genaamde B.C. graag een organigram van de stadsdiensten gekregen, en liefst zo gedetailleerd mogelijk.
“Is dit mogelijk?” roept B.C schriftelijk uit.
Maar neen, B.C. !
Wist u dan niet dat “het organigram van de stadsdiensten niet meer actueel is”?
Even anders zeggen: centrumstad Kortrijk met een duizendkoppig personeel en bijna 80.00 inwoners heeft momenteel geen organigram.
Vertel dat maar eens in het buitenland (het Eurodistrict).

Als troostprijs kreeg B.C in bijlage een loonprogramma. En voor verdere uitleg mag B.C. zich wenden tot de directeur Personeel en Organisatie.
P&O wordt geleid door schepen Hilde Demedts, als ze thuis is.

Middels vraag nr. 30 wil B.C. weten of er hier nog sprake is van een Kortrijkse taxicheque voor senioren.
Het is namelijk zo dat het College er op 13 juli 2004 mee instemde dat onze Kortrijkse monopolist, het taxibedrijf “Gilbert”, toestemming gaf om senioren tegen een forfaitair tarief van 75 euro per maand te vervoeren. Hiertoe moest Gilbert wel enkele formaliteiten vervullen, bijvoorbeeld inzake randapparatuur in de taxi. Het is er niet van gekomen.

Weet u waar ook nog niets van is terechtgekomen?
Van een grootscheeps debat in de gemeenteraad over het taxibeleid alhier. De liberalisering ervan. Jaren geleden (2004?) door de burgemeester beloofd aan de VLD-fractie (toen nog in de oppositie).

P.S.
(Persoonljk.)
Ooit zelf jarenlang met Gilbert rondgetoerd aan de hand van een soort kaart waarbij men na x aantal ritten achteraf een korting zou krijgen. Als trouwe klant.
Nooit iets van gezien. De apparatuur ter registratie van de ritten werkte trouwens vaak niet.

Hoeveel personeelsleden telt Stad eigenlijk? (6)

Lezer, ‘ t is gewoon maar om te zeggen dat we het nog niet weten.
En daar zijn hier al wel niet minder dan vijf stukken aan de kwestie gewijd. Het laatste dateert van 19 september.

Alle hoop om te achterhalen hoeveel mensen (eenheden, koppen) daadwerkelijk werken aan ’t Stad was gesteld op het verloop van laatstleden gemeenteraad van 24 september.
Want dan zou een keer de personeelsformatie zijn behandeld. Niets van.

Het studiebureau SD Worx kreeg voor de opmaak van de formatie meer dan een jaar geleden al een opdracht. Gegund voor 10.164 euro (BTW incl.). 58 uren werk aan 150 euro per uur. En voor de opmaak van de nieuwe statuten (rechtspositie) van het personeel kreeg de “Associatie Janvier/Demeulemeester” 250 uren de tijd aan 125 euro per uur. 31.250 euro exclusief 6.000 euro secretariaatskosten. Er was ook een deelopdracht over ‘de herwerking van de evaluatie- en het vormingsreglement’. Die ging ook naar de “associatie “, voor 75 uren tegen 125 euro per stuk.
Kortom, alle voorbereidend werk ligt er.

Hoe komt het dan dat we nog altijd niet weten hoeveel personen Stad tewerkstelt?
Door de vakbonden !

De personeelsformatie stond wel degelijk op papier, maar het desbetreffende agendapunt werd door de burgemeester, voorzitter van de Raad, niettemin verdaagd.
Omdat in het overleg Stad/vakbonden een geheel ander punt nog niet was uitgeklaard.
Om capabel (waardevol) personeel uit de privésector aan te trekken (bijvoorbeeld voor stadsplanning) vragen kandidaten uiteindelijk wel dat er enige rekening wordt gehouden met hun verworven anciënniteit. Hun ervaring. Zeg maar: met het salaris waarvan zij in de privésector voorheen genoten. Het laatste sectoraal akkoord over overheidspersoneel maakt dit inderdaad mogelijk.
Maar de gedelegeerden van de vakbonden stadspersoneel alhier maken nog altijd heibel over het aantal jaren anciënniteit waarvan extern aangeworven personeel zou kunnen profiteren. Houden ze niet van externen?

Vandaar dat het punt “aanpassen geldelijk statuut van het personeel” werd uitgesteld en meteen ook dat over de personeelsformatie.
Eigenlijk was het wel een beetje te verwachten.
In de memorie van toelichting van de gemeenteraad stond te lezen dat er over die zaak nog op 17 september was onderhandeld met de vakbonden, maar daarbij was niet uitdrukkelijk gestipuleerd dat zij akkoord gingen met het voorstel.

Shit. Jakkes.
Meteen werd ook de bijkomende jaarlijkse toelage voor kabinetsleden (3.428 euro) bij burgemeester en schepenen voorlopig ook afgeblazen.
Terwijl de vakbonden hiermee dan wel akkoord gingen. (De gedelegeerden van het stadspersoneel willen wel eens goed staan met de schepenen. En omgekeerd. Hilde Demedts is schepen van personeel en zal voor de rest van haar in jaren beperkt mandaat nog wel wat roet in het rond strooien. Naar alle kanten tegelijk, ’t is een deugnietje hoor. Een rakkertje. Stokken in de wielen steken was al van in Hilde’s bakvisjaren een geliefkoosd spelletje.)

P.S.
Geen gemeenteraadslid dat weet wat er zich afspeelt in het zogenaamde overleg tussen Stad en vakbonden. Ik herhaal: géén. Geen gemeenteraadslid weet hoe dit comité noemt. Wedden?
Wie zit er in dat ‘comité’? Waarom? Wie komt er daadwerkelijk naar de vergaderingen? Wie verheft daar zijn stem?
Welk mandaat kregen ze van het stadspersoneel zelf? Of van hun eigenste vakbondsleiding, aan de top? Of echoën ze gewoon na wat schepenen (van het ACV?) hen influisteren? Is iedereen uitgenodigd? Weet er iemand waar het dan over gaat?
Waar zijn de verslagen van die vergaderingen?
En mogen we ons nog een keer afvragen of gemeenteraadsbeslissingen noodzakelijk de goedkeuring van een sortiment totaal informeel comité van vakbondslieden behoeven?