Een positief voorstel in verband met de hoge kosten voor consultancy, nu al (4)

(Zie nog het beloofde vervolg.)

Als antwoord op een vraag van VB-raadslid Wouter Vermeersch vertelde de stadsadministratie dat er in de periode 2019-2022 voor een totaal bedrag van bijna 2 miljoen euro is besteed aan externe consultans. Zonder de externe studieopdrachten bij bouwprojecten. (Zie vorige edities van deze alternatieve krant. In de reguliere gazetten zal u daar weerom niets over te lezen krijgen.)
Eigen aan onze redactionele neiging om te streven naar een uiterst cijfermatige nauwkeurigheid zijn we moedig aan het turven geslagen om na te gaan in hoeverre de bedragen door Stad opgegeven kloppen met de werkelijkheid. Moeten we die cijfers met een korreltje zout bekijken? Of zouden we niet beter een kilo of twee gaan stelen bij een bezoek aan de Poolse zoutmijn van Wielickza?
Een eerste oogopslag op de rekening van 2019 leerde ons reeds onmiddellijk én tot onze verbazing dat het mogelijk moet zijn om de kosten van de inhuur van externe medewerkers geheel exact weer te geven.
In de “algemene rekening” vonden we letterlijk een uitgavenpost PUUR gewijd aan consultancy. Met een belachelijk bedrag, dat wel. Maar het feit op zichzelf (dat dit kan) is van dusdanig aard dat het de kwaliteit van een rekening te goede komt. Dat men kan nagaan of het bestuur niet al te zeer afhankelijk is van dure consultans. Bijvoorbeeld.
Dit schept perspectieven inzake beleidsvoering en de controle erop, waarover later meer.
Nu gaan we een keer na hoe het stadsbestuur aan 488.993 euro komt inzake consultancy-uitgaven voor het jaar 2019.

——
In een vorig stuk gaven we een overzicht van een aantal opvallende (en onbegrijpelijke) uitgaven die volgens Stad in dat jaar werden uitgegeven aan externen. Het ging over 26 concrete projecten. Welnu, we vonden geen enkel van die genoemde uitgaven met naam en toenaam terug. Geen enkel. Alle rubrieken uit de jaarrekeningen hebben we zorgvuldig uitgeplozen: de lijst van bezoldigingen, uitgaven voor diensten, andere operationele uitgaven, investeringsverrichtingen, staat van opbrengsten en kosten.
Uiteindelijk kwamen we achteraan terecht bij de zgn. “proef- en saldibalans”. Onder het nummer 613 komt men dan uiteindelijk de uitgekeerde erelonen tegen, evenwel zonder enige mededeling over welke zaak het eigenlijk gaat.
Nogal kluchtig is dat we onder nr. 6131002 volgende uitgave terugvinden: “erelonen en vergoedingen consultancy voor een bedrag van niet minder dan…6.919,63 euro (debetsaldo). En er zijn nog andere ‘erelonen’ te vinden: voor ontwerp- en studieopdrachten, adviesraden, expertises, voor financieel beheer, en “andere” voor prestaties van derden. Totaal bedrag van al die erelonen: 729.689 euro. Vergelijk nu met wat het stadsbestuur voor dat jaar opgaf in antwoord op een vraag van raadslid Vermeersch.
Komt daar nog bij dat er in die “algemene rekening” nog een bedrag van 6.341.513 euro wordt vermeld onder de hoofding “Plannen en studies“. (Het nummer 2140000.)
Wat moeten we daar nu allemaal van denken?
Gewoon dit:
– Het zou een daad van goed bestuur zijn indien het College voortaan in de toelichting bij het “budget” (begroting) al zou aangeven waarvoor men denkt “consultancy” te moeten inhuren. Met een passende, gegronde motivering van die noodzakelijke beleidsondersteuning.
– Achteraf kan men dat in de “jaarrekening” aangegeven wat die consultanten zoal hebben aangegeven aan kosten en honoraria. Met een overzicht van de bewijsstukken. En of men content was over hun werk!
(Een consultant (expert) mag meer verdienen dan een vaste medewerker, maar is wel overbetaald als hij niet levert wat hij zou moeten leveren.)




Kosten consultancy: een aanvulling voor het jaar 2019 (3)

Raadslid Wouter Vermeersch (VB) had die uitgaven voor 2019 ook wel opgevraagd, maar de stadsadministratie was dit vergeten.
Het overzicht van die consultancy-kosten is nu binnen onder de naam van “plannen en studies” wat maakt dat we nu weten wat er aan “externe medewerkers” is gespendeerd gedurende de periode 2019-2022 van deze legislatuur. Wel nog altijd voorbehoud maken voor uitgaven die te maken hebben met bouwwerken.
De totalen per jaar:
2019: 488.993 euro
2020: 208.158 euro
2021: 670.626 euro
2022: 597.248 euro
ALGEMEEN TOTAAL: 1.965.025 euro.

In die bijkomende lijst zijn er nog 5 RUP’s aan toegevoegd. (We dachten al: waar blijven die?)
We krijgen nu ook weer zicht op enkele merkwaardig hoge uitgaven.
Bijvoorbeeld:
– Beheersplannen onroerend erfgoed: 102.557 euro
– Fietsrouteplan (!): 76.180 euro
– Open ruimte: 71.012 euro

Ook geen idee waar die laatst vernoemde post op slaat?
En waarover gaat dit allemaal?
– Afsprakennota bouwkundig erfgoed 2017-36?
– Afsprakennota Campus West 2017-02?
– Afsprakennota Mewaf 2018-38?
– Grootschalig Referentie Bestand GRB?
– Hemelwaterplan? (34.991 euro!)
– Stedenbouwkundige zoekmodule en vormgeving beeldkwaliteit?
– Verkeersmodel? (Dat heeft al wat gekost! 68.418 euro.)

Een studie over een groots en duur project waar binnen de tripartite geen eensgezindheid bestaat willen we u niet onthouden. Over wat er moet gebeuren met dat stuk kanaal Bossuit-Kortrijk op ons grondgebied is er al 47.383 euro uitgegeven aan denkwerk.

(Wordt vervolgd.
Mogen we er nu al een keer op wijzen dat die consultancy-uitgaven eigenlijk personeelskosten zijn?)

Kosten consultancy: een krakkemikkig overzicht…(2)

Het is VB-raadslid Wouter Vermeersch die de bedragen opvroeg die we de laatste jaren besteedden aan consultanten. Hij kreeg die opgesomd voor de jaren 2020 t/m 2022. Me dunkt kwam die vraag vroeger nog nooit aan bod. Raadsleden stelden zich tevreden met wat in budgetten of rekeningen was aangegeven aan totalen (zonder meer) in de post “beleidsstudies”. Ook herinneren we ons niet dat een of ander alert gemeenteraadslid het nodig vond om in een of andere zitting luidop de vraag te stellen waarom er voor een of ander project weerom een studiebureau moest ingeschakeld. (Neem nu dat in opbouw zijnde Groeningeparkje van een voorschot groot, bijvoorbeeld. Waarom hadden we daar twee externe architecten voor nodig? Kunnen we dat zelf niet aan, “in eigen beheer”, met eigen ambtenaren?)

Het antwoord op de vraag van Vermeersch (dd. 7 februari) verscheen in de editie van 14 maart van het Bulletin van Vragen en Antwoorden. Onze obstinate cijferaar-gemeenteraadwatcher is er gelukkig mee, maar toch: “niet onverdeeld”.
Interessant is dat we alreeds bedragen te zien krijgen voor het jaar 2022, terwijl de jaarrekening nog niet eens is bekend gemaakt. Jammer is wel dat we in het antwoord geen inzage krijgen in studie- of adviesopdrachten die te maken hebben met exploitatie-uitgaven. Wél met investeringen dus, maar dan weer niet met consultancy voor bouwprojecten. En er durft zelfs soms wel een keer een uitgave ontbreken. Een beetje moeilijk te vatten is nog dat bepaalde uitgaven vermeld voor het jaar 2021 (bijv.) niet stroken met wat we terugvinden in de rekening van datzelfde jaar.

Weet u wat we zeer spijtig vinden? Dat er helaas niet gevraagd werd welke consultancy bureaus werden ingeschakeld. Misschien zijn er wel voorkeuren voor bepaalde consultanten te bespeuren? Zijn er monopolisten?? Mocht Leiedal wel vaak opdrachten in de wacht slepen? Dat we het niet weten !
En waar hebben we een heimelijk, zelfs sardonisch genoegen in? Dat we nu eindelijk eens te weten komen dat het nog altijd niet opgemaakte (en nu ook uitgestelde) mobiliteitsplan de laatste drie jaar al 157.873 euro heeft gekost. (Er is in het meerjarenplan 223.245 euro ingeschreven.)

We krijgen een overzicht van 26 uitbestede (pure) “beleidsstudies”, waarvan er 10 slaan op Ruimtelijke Uitvoeringsplannen (RUP’s). Daarnaast treffen we nog 7 uitgavenposten aan waarvan men zich kan afvragen waarom die niet zijn aangezien of gerangschikt als ‘beleidsstudies’ (de haalbaarheidsstudie Park 17, het mobiliteitsplan, de ontwikkeling van de Budatip, opstart studies rioleringen) en anderzijds nog posten waarbij de vraag rijst hoe en waarom die met externe consultancy hebben te maken (compensatie betonstop-planschade, structurele investeringskosten gebouwen, vernieuwen straten).

Nu zou u zeker de totalen willen kennen?
– Voor het boekjaar 2020: 208.158 euro.
– Voor 2021 een sprong naar 670.626 euro.
Merk hier maar weer eens op welke bokkesprongen ramingen en rekeningen kunnen maken.
Voor dat jaar voorzag men aan ‘pure’ beleidsstudies initieel 256.785 euro, in een budgetwijziging plots 556.435 euro en uiteindelijk volgens de jaarrekening 413.6329 euro.
– Voor 2022: 597.248 euro.
En wat zijn de hoogste consulting-uitgavenposten in 2022?
– Communicatie woonplan / Ruimtelijk beleidsplan: 124.540 euro.
– Ruimtelijk beleidsplan: 107.282 euro (voor de drie jaren samen: 202.718 euro !).
– Budatip: 65.458 euro euro (samen 185.783 euro).
– Mobiliteitsplan: 55.241 euro (samen: 157.813 euro).
– Woonplan & woonpact: 53.603 euro (samen: 142.659 euro).

Nu nog een mededeling voor onze lezers-voetbalsupporters van KVK.
De consulting voor het RUP (het zoeken naar een geschikte plaats) kostte alreeds 67.655 euro.

(Wordt vervolgd.)

Consultancy, een pest? (1)

Ja, we moeten het daar nu toch even over hebben, aangezien nu blijkt dat Stad minstens een half miljoen euro (en steeds meer) uitgeeft aan “adviesbureaus”. Dan nog zonder rekening te houden met wat er uitgegeven wordt aan consultanten bij bouwprojecten, want – zo zegt het stadsbestuur – dat kan niet afzonderlijk geboekt, afgescheiden van de bouwkosten.
P.S.
Aanleiding voor dit stuk is een schriftelijke vraag hierover van VB-raadslid Wouter Vermeersch, met een antwoord in het laatst verschenen “Bulletin van Vragen en Antwoorden”.

Kortrijkzanen kennen nu al twee ‘gangmakers’ voor het project K-CH2030, – dat is toch al iets (7)

De editie van deze maand maart van ons Stadsmagazine laat ons voor het eerste ietwat concreet kennismaken met “de twee enthousiastelingen die Kortrijk in poleposition moeten brengen om straks die erkenning” van stad als Europese Culturele Hoofdstad (CH) 2030 binnen te halen.
Onze lezers konden al kennis maken met de (externe) “gangmaker” Tom Hillewaere. De N-VA-schepen van Cultuur Axel Ronse wou hem al in de zomer van vorig jaar “strikken” en dat is pas op 9 januari gelukt, na een openbare aanbesteding waarbij waarbij de nog op te richten “Comm.V. Tom Hillewaere, Project Constancy” de enige inschrijver was. Toeval bestaat niet, zegt men.
Officieel gaat het om een tijdelijke “dienstenopdracht projectleiding” voor het project Kortrijk-CH in twee fasen. In de eerste fase (tot 2024) moet de firma (want dat is het) instaan voor de realisatie en jurering van het BIDBOOK nr.1 (de motivering of argumentatie van de kandidatuurstelling) plus – volgend jaar ook nog – de coördinatie van een CULTUREEL EVENT voor het grote publiek. Naar verluidt zou het thema van dit “event” slaan op “mentaal welzijn”. (Even zijdeling aanstippen dat 2024 een verkiezingsjaar is! Dat betekent dat het gebeuren niet politiek kan “geïnstrumentaliseerd” worden door de tripartite!) De firma krijgt voor al dat werk 175.450 euro (incl. btw). In geval van selectie van stad Kortrijk door de externe Europese jury komt er een tweede deelopdracht voor de periode 2024-2025. In deze fase moet de firma een tweede bidbook realiseren met het oog op een definitieve selectie.

Voor de goede orde: bovenstaande toelichting staat helemaal niet te lezen in het pas verschenen Stadsmagazine. De aankondiging van het artikel in de inhoudstafel van het magazine was nochtans veelbelovend: de twee gangmakers zouden een keer “de strategie (voor de kandidatuur van K als CH2030) ontvouwen”.
Niks daarvan. Alleen maar wat gelul over het opsporen van creatief talent, de ‘vibe’ die er zeker is, het opentrekken van “het verhaal”, mentaal welzijn van de Kortrijkzanen (mensen bij elkaar brengen), en het feit dat Kortrijk al jaren “durft”.

Jolle Desloover, de tweede ‘gangmaker’ voor het ambitieuze project, wordt ook nauwelijks voorgesteld. Of althans krijgen we ook van hem nul-komma-nul te horen over zijn “strategie”.
Ja, hij draait al jaren mee in de Kortrijkse muziekscène en heeft artiesten zien opkomen en doorgroeien. En hij vindt trouwens dat DURF2030 de aangewezen manier is om nieuw creatief talent op te sporen en extra kansen te geven.
Onze lezers weten dat er al vier maanden gezocht werd naar een nieuwe directie voor de organisatie genaamd DURF2030. Eind september vorig jaar nam de adjunct-directeur Cultuur Katrien Voet immers ontslag omdat zij niet kon “matchen met de politiek context”. Meer weten we er ook niet over, maar het lijkt er wel danig op dat zij het niet heeft afgetrapt “in goed onderling overleg” met de schepen van Cultuur. Axel Ronse zou binnen de kortste keren een opvolger aanduiden. En waarlijk, op 14 november vorig jaar is er een selectieprocedure opgestart voor een voltijdse functie van “projectleider DURF2030” in de Directie Vrije Tijd. (Een ambtenaar dus, binnen de generieke functie ‘projectleider met de graad “expert”.) Maar toen bleek dat er niet zoveel kandidaten opdaagden – of tenminste geen waar men veel heil in zag – werden de toelatingsvoorwaarden versoepeld en de wijze van selecteren aangepast. (Onder andere met een “thuisproef”!) Uiteindelijk daagden er eind vorig jaar 21 kandidaten op, waarvan 18 toegelaten. Na een laatste (mondelinge) proef in januari bleven er twee geslaagden over en besloot het College van 6 februari om Jolle Desloover aan te stellen als voltijds “Projectleider Durf2030 (A1a-A3a) in contractueel verband van onbepaalde duur bij de Directie Vrije Tijd/Team Cultuurcentrum/BK6.
Wat Jolle concreet gaat doen of geacht wordt te doen zullen we proberen te achterhalen en te vertellen in volgende edities van deze stadskrant. Er zijn nu immers ook officiële websites van stad te vinden over het project: www.kortrijk2030.be en www.durf2030.be.
Jolle is van opleiding historicus maar uit zijn ‘beroepsleven’ blijkt alleszins dat hij goed thuis is in het wat meer alternatieve wereldje van artistiek aangelegde tieners en adolescenten.

In het artikel van de Stadsmagazine over het Project K-CH2030 is een merkwaardige omissie geslopen.
Is dat nu een vergetelheid, laksheid, een vorm van onachtzaamheid? Onkunde??

Al sinds augustus vorig jaar is gezocht is naar een studiebureau ter “projectbegeleiding” voor de opmaak van het Bidbook. Op 24 oktober 2022 dan is die taak gegund aan een zgn. “Consortium P3 Power of 3 Consultancy” uit DE-94527 Aholming. Voor een deelopdracht 1 bedroeg de offerte 47.190 euro en voor deel 2 nog eens 42.350 euro.
Ongelooflijk. Alleen hondentrouwe lezers van ‘kortrijkwatcher’ weten hiervan.
De gangmakers Tom en Jolle nu ook zeker?? Hebben zij (en het zgn. kernteam) daar al werk van gezien?

P.S.
Over de kosten voor het project zullen we meer weten binnen X aantal jaren.




Over de voortgang in het project Kortrijk Culturele Hoofdstad 2030 (6)

Er is dus een (tweede) stap gezet in het traject: we hebben eindelijk (opnieuw) een baas voor wat wel eens genoemd wordt “de experimenteerruimte” in Broelkaai 6, genaamd DURF2030. En men gaat nu ook op zoek naar een nieuwe “barman” (V) in dat pand BK6, eigenlijk naar iemand die van alle markten moet thuis zijn. Derde stap !
Over dat alles volgt later meer.
Maar omdat we zelf (tot onze schaamte) – eigenlijk net als ALLE Kortrijkzanen – het noorden kwijt zijn in gans dat dossier, recapituleren we even wat er hier in deze alternatieve elektronische stadskrant alreeds is gepubliceerd over dit bij de brede bevolkingslagen vergeten voornemen: van Kortrijk in 2030 één van de Europese culturele hoofdsteden maken. Een ECOC.
Tot op heden zijn hier al meerdere stukken gepubliceerd over deze doelstelling. Een overzicht van althans vijf publicaties daaromtrent. Om de draad weer op te nemen. En om de lokale pers te informeren.

1. Het dossier Kortrijk Culturele Hoofstad (K-CH2030) voor geopend verklaard. (gepubliceerd 23/01/2023)
Dit stuk klaagt aan dat er voor dit project geen draagvlak bij de bevolking bestaat, noch wordt opgebouwd. Dat tevens de pers het dossier (dat al is opgestart in 2020) totaal niet op voet volgt.
Zo is slechts in één krant vermeld dat Katrien Voet op 30 september 2022 ontslag nam als gangmaker/coördinator van DURF2030, een organisatie die dus niemand kent, maar wel geacht wordt om door allerhande acties de kandidatuur CH2030 via het BIDBOOK waar te maken. Om het project te doen slagen is, naast veel geld, een onvoorstelbare bestuurskracht nodig en een ongezien participatief vermogen van de gehele Kortrijkse bevolking.
De weblog ‘kortrijkwatcher’ neemt zich voor om de organisatorische gang van zaken van het project aandachtig te volgen. Voor zover dat kan, in deze transparante stad.

2. K-CH2030: De projectleider DURF2030 (en nog een “dienstenopdracht”) (gepubliceerd op 23/01/2023)
Het platform (ook genoemd: community, experimenteerruimte) DURF2030 is al sinds 2020 geleid door “projectleider” Katrien Voet (ook genoemd ’trekker’, ‘gangmaker’, ‘coördinator’) Gegist bestek: een organisatie gekend bij ca. 500 Kortrijkzanen.
Zij nam als hoge ambtenaar van het Team Cultuurcentrum ontslag op 30 september 2020, volgens “De Krant van West-Vlaanderen” omdat zij “moeilijk kon matchen met de politieke context”. De schepen van cultuur en context Axel Ronse (N-VA) vond dit niet zo erg, want dit incident zou de gang van zaken voor de kandidatuur van stad niet belemmeren. (We weten intussen hoe lang het heeft geduurd. Tot nu, 6 februari 2023.)
De vacantverklaring met de toelatingsvoorwaarden kwam er evenwel pas op 14 november 2022. Kandidaten van A-niveau moesten onder meer minstens één jaar relevante beroepservaring hebben binnen professioneel cultuurbeleid. Op 12 december 2002 komt het College tot de vaststelling dat er slechts een beperkt aantal kandidaten in aanmerking kwamen zodat men besluit om (bovenvermelde) toelatingsvoorwaarde te schrappen én de selectieprocedure te wijzigen.
Nogal ongewoon in dit bestuur is dat er parallel op 7 november 2002 een “dienstenopdracht projectleiding” voor K-CH2030 wordt uitgeschreven. Op 8 januari 2023 toegekend aan Tom Hillewaere, de organisator van de roemrijke musical “1302”, en iemand die de schepen al van indertijd in het vizier had. Intussen met veel tamtam aan het publiek voorgesteld op 16 januari van dit jaar. Sindsdien niks meer van of over vernomen.
Ter info. De aankondiging van de opdracht (met openbare aanbesteding) geschiedde op 9 november vorig jaar, enkel op nationaal niveau. Offertes moesten ten laatste binnen op 29 november. De nog op te richten “Commanditaire Vennootschap Tom Hillewaere” was de enige inschrijver.

3. “Projectleider DURF2030” en “Dienstverlener-projectleiding” (25/01/2023)
In dit stuk merk je dat de redactie van Kortrijkwatcher helemaal de kluts kwijt is.
Men beschrijft enerzijds de uitgebreide taakstelling van de “Projectleider-DURF2030” (nu dus, heel recent: Jolle Desloover) en vergelijkt die met de tweevoudige opdracht van Tom Hillewaere, voluit omschreven als: de “externe projectleider Culturele Hoofdstad die de verschillende trajecten coördineert”.
Tom moet in fase 1 (nochtans is hij niet voltijds aan het werk) tegen 2024 het Bidbook realiseren en daarbij nog een artistiek “event” coördineren. (Zijn offerte bedroeg 175.000 euro voor de eerste fase.)
DURF 2030 heeft als (vijfde) taak de realisatie van het zgn. “bouwblok 1”, dat betekent via experimenten, projecten, samenwerkingen (met alles en iedereen) de basis leggen van het Bidbook.

4. De opmaak van het BIDBOOK (26/01/2023)
U acht het waarschijnlijk niet voor mogelijk.
In feite is ook nog op 24 oktober 2022 een studiebureau aangeduid om aan “projectbegeleiding” te doen voor het Bidbook. Gegund aan een Duits “Consortium P3 Power of 3 Consultancy” voor 47.190 euro (met BTW) in een eerste fase. Medewerker in dit consortium is de befaamde prof. dramaturg Hanns-Dietrich Schmidt, niet toevallig iemand die het klappen van de zweep kent voor steden die wensen mee te dingen om een “European Capital of Culture ” (ECOC) te worden.

5. K-CH2030: voortdoen a.u.b. !! (01/02/2023)
We vinden het een veeg teken dat het officieel Kortrijks Stadsmagazine van februari niet eens rept over de aanstelling van Tom Hillewaere als iemand die de projectleiding op zich heeft kunnen nemen voor de kandidaatstelling van Kortrijk als ECOC.
Ook op de website van Stad is over heel het project weinig of niks te vinden. (Wel wat over DURF2023.)
Men vergelijke met de info op de website van Gent, of op Tinternet. Zelfs een heel rapport van 145 bladzijden lang, opgemaakt door IDEA CONSULT. Gesneden brood.

6. (Dit stuk.)

7. ???
Dat stuk moet nog komen.
Zal gaan over de aanstelling op 6 februari van dit jaar van Jolle Desloover als voltijds “Projectleider DURF 2030” in contractueel verband voor onbepaalde duur bij de directie Vrije Tijd/Team Cultuurcentrum/BK6 met ingang na opzegperiode huidige werkgever. Jamaar! Onder voorbehoud van medische geschiktheid en blanco strafregister. Jolle is in het verleden ook geconnecteerd met “De Stroate”, met het muziekcentrum Track (Wilde Westen!), met Avansa. En ja, ook met de artistieke werking van de schouwburg. Van opleiding historicus !







Listig gestuntel van schepen Weydts blijft achter betaalmuur van de pers verscholen (8ste bijdrage)

Een woordje vooraf
Onderhavig stuk vraagt om enige vergevingsgezindheid bij de lezer. Het onderwerp waarover we het hebben (de weergave van een partijpolitiek communiqué in een gazet) hebben we danig misbruikt om het nog maar eens in het algemeen te hebben over de kwaliteit van onze plaatselijke, totaal “embedded press”. De Kortrijkse regimepers! Het stuk valt dus wat lang uit, vooraleer tot de kern van de zaak te komen: het staatsmanschap van schepen Weydts.
So sorry !

Op 13 maart publiceerde de Kortrijkse fractie van het Vlaams Belang een zoveelste (het nr. 124) persbericht.
Voor één keer is dat communiqué (op 14 maart al) overgenomen door één plaatselijke krant (Het Nieuwsblad), maar dan ‘on line’, achter de betaalmuur. De printversie is nog altijd niet verschenen, en dat maakt dat de modale Kortrijkse kiezer geheel onwetend blijft van wat onze schepen van Mobiliteit, de heer Axel Weydts (van ‘Vooruit’), weer eens achter onze rug heeft bedisseld. Dat is eigenlijk het ergste.
Twintig capabele en gedreven burgers die in 2020 representatief gekozen werden om zijn mobiliteitsbeleid kritisch te volgen heeft hij al na twee vergaderingen stilletjes terug naar huis gestuurd. Staat in geen enkele gazet.

Kris Vanhee, auteur van het stuk – in de elektronische versie van HN – geeft het persbericht van het VB ietwat verkort maar correct weer, dat wel. Maar de collusie (in sommige gevallen zelfs camaraderie) van onze plaatselijke reporters met leden van het Schepencollege speelt altijd maar weer parten in de kwaliteit van hun politiek berichtgeving, – belet vooral dat zij de meer ongelukkige politieke daden van de tripartite aan het daglicht brengen. Wat ook een fameuze rol speelt als oorzaak van de veelal krakkemikkige politieke verslaggeving in onze lokale pers is dat de reporters gewoon onkundig zijn van de dossiers waarover zij verondersteld worden enige deskundige informatie te verstrekken. En een ongezouten mening over het Kortrijkse politieke gebeuren vertolken, dat is natuurlijk helemààl taboe.

Enfin.
Het onderwerp waarover we het voor de zoveelste keer hebben (vanwege het belang ervan) gaat dus over het feit dat schepen Weydts het maar goed vindt dat de opmaak en publicatie van het gemeentelijk Mobiliteitsplan (MPL) tot ergens volgend jaar wordt verdaagd. In elk geval tot er een regionaal plan komt voor heel de Vervoerregio van 13 gemeenten. (Onze journalisten beginnen nu al hier en daar het begrip “Vervoerregio” te kennen, maar de honderden pagina’s op Tinternet, geproduceerd door de organisatie, nog niet.)

Naar aanleiding van het persbericht van het VB hierover heeft reporter van HN zich instinctmatig stante pede gewend tot schepen Weydts. “Hoor en wederhoor”, weet je wel? En vooral niet op een slecht blaadje komen bij het College, dat is een constante zorg bij AL onze persjongens en -meisjes. Onze gazettenschrijvers denken dan dat ze met een telefoontje naar een schepen of burgemeester hun journalistiek plicht hebben vervuld en gaan er zelfs fier op dat zij een zogenaamde grondregel van hun beroep kennen én nog toepassen ook.
Soms niet hoor ! Namelijk NOOIT als een of andere lid van het College weer eens wat beweert of toelicht in een persbericht. (Of met hun rode telefoon Peter Lanssens van “Het Laatste Nieuws” instructies geven.) Dan achten zij het plotseling geenszins als hun deontologische plicht om ook maar eventjes te polsen naar een reactie van een fractieleider uit de oppositie. Ja, zo gaat het er hier aan toe.
Ten gronde. Onze reporters zijn niet helemaal in staat om een dusdanig soort gefundeerd stuk te schrijven (over een dossier dat zij beheersen) dat vragen om een “wederwoord” in de feiten totaal nutteloos is. Overbodig. Zij zijn ongetwijfeld van mening dat zo’n manier van werken niet kan, niet is geoorloofd.

Weydts krijgt dus vlot het woord in het NB. Veilig achter de betaalmuur.
Volgens hem “is het moment niet goed gekozen” om (nu) een mobiliteitsplan in te voeren. Het regionaal mobiliteitsplan (R.MPL) is nog in opmaak en “het is democratischer zo” om (nu) geen plan in te voeren dat pas in de volgende bestuursperiode kan uitgevoerd.
Onze plaatselijke reporters zijn het niet gewoon (of zijn er niet toe in staat) om aan een schepen een verhelderende, informatieve vraag te stellen, ter verduidelijking, – laat staan om een vervelende tegenopmerking te maken. Dus laat HN de meer delicate, ongemakkelijke vraag achterwege sinds hoelang de schepen dat al weet. Dat men logischerwijze beter wacht op het Regionaal Mobiliteitsplan. Tegelijk informeert de interviewer niet nader naar het vermoedelijke tijdstip waarop het Kortrijkse MPL dan toch zal verschijnen: nog VOOR de komende gemeenteraadsverkiezingen, of niet? In volle kiescampagne?

Zeker in de politiek moet een journalist méér weten dan de interviewee! Dat is een contra-intuïtieve journalistieke stelregel waar men in de regionale persmiddens nog niet echt van op de hoogte is. Het Nieuwsblad heeft dus in dialoog met Weydts geenszins de kwestie opgeworpen dat er een veelkoppige Regionale Vervoerraad bestaat (nog wel met onze Ruthie als voorzitter!) die volgens de planning nog eind dit jaar voor de dag wil komen met een ontwerp van Regionaal Mobiliteitsplan (R.MPL).
In het persbericht van het Vlaams Belang is nog aangestipt dat er al jaren – sinds 2020 – drie (dure) studiebureaus sleuren aan de redactie van een gemeentelijk MPL. De krant gaat daar in het contact met Weydts niet nader op in. Jammer, maar het is wat het is. Werken die bureaus daar intussen nog wat aan, en waarom? (Het antwoord is ja! Maar waarom?) Hoeveel kost dat studiewerk intussen? Journalisten die – laat ons zeggen – het dossier weten liggen, weten dat de richtprijs oorspronkelijk 150.000 euro bedroeg. Zij hebben dientengevolge een pittige vraag in petto, een mogelijke primeur waar redacties – normaal gezien toch – zo dol op zijn. Met name hoe het komt dat er in de begroting (budget) van dit jaar 2023 tegenwoordig een bedrag van 223.245 euro staat ingeschreven.
Nog in het VB-persbericht verwijt men aan Weydts dat hij geen ruimte geeft aan inspraak van de burger. De krant NB kon het niet nalaten om de schepen te confronteren met deze aantijging. Grote prijs natuurlijk. Zoiets moet je als journalist aan Weydts niet gaan vertellen, tenzij je hem wat wil tegemoetkomen (zalven) in al de miserie die men hem berokkent door het publiceren van een kritiek op zijn beleid, nog wel van het Vlaams Belang! Een partij (fractie) waar Axel een dusdanige hekel aan heeft dat hij het zelfs fysiek niet meer aankan om de raadsleden ervan aan te kijken in de gemeenteraad. Hij wordt er onwel van, kan niet meer rustig blijven zitten als een VB-raadslid het woord neemt en moet soms van weerzin de zitting verlaten. Het vraagt daarom enorm veel (over)moed van een journalist (zelfmoordneigingen) om nog wel over zijn persoonlijk beleid een persbericht van het Vlaams Belang te verspreiden, al weze het achter een betaalmuur.
“Dat ik geen inspraak duldt is onzin,” repliceert de schepen als vanzelfsprekend, en geeft de journalist voorbeelden van inspraakmomenten en zelfs van een komende bevraging van inwoners rond de Doorniksewijk.

Een journalistieke en communicatief noodzakelijke taak van een krantenjongen is dan om de interviewee te helpen om adequaat te reageren op de werkelijke aard van de VB-aanklacht.
Om Weydts er aan te herinneren dat de aantijging in feite slaat op de weinig bekende vaststelling dat er al sinds 10 december 2020 een Adviesgroep Mobiliteit Kortrijk (AG) bestaat die welgeteld tweemaal is bijeengekomen. Een eerste maal (10 december 2020) om het Huishoudelijk Reglement goed te keuren. Toen is zelfs even door mevrouw De Vet van de Dienst Mobiliteit een eerste beperkte toelichting gegeven over ons eigenste MPL. Een tweede maal (5 mei 2021) was er – je acht het niet voor mogelijk – een werksessie over dat gemeentelijk MPL, maar daarover bestaat geen verslag (opname mislukt).
Een beginnende onderzoeksjournalist zou het niet nalaten om dit soort van dingen gretig te vermelden. Volgende vergaderingen zijn daarenboven uitgebleven…Volgens het Huishoudelijk Reglement (dat een journalist belast met het onderwerp geacht wordt te kennen) moet de voorzitter (dat is Weydts) de Adviesgroep minstens vier keer per jaar bijeenroepen. Nog volgens dat Reglement is “de belangrijkste taak van de adviesgroep om actief mee te werken en mee te denken over mobiliteitsprojecten en beleidsvorming”.
Schepen Weydts werd hierover door de krant niet ingewijd, helemaal niet aan herinnerd, en nog minder over geïnterpelleerd. Kans voor een pittig stukje gemist… Het is weerom wat het is.

Kom, we gaan besluiten.
– De gazetten (niet enkel HN, HLN is een catastrofe, de Krant van WVL is volkomen amateuristisch) komen er niet toe om de handelingen, de onderduimse politiek van Weydts op een competente, professionele wijze te ontbloten.
– Geen kiezer, krantenlezer (journalist) die weet dat Weydts letterlijk heeft verklaard dat “de essentiële keuzes/scenario’s” inzake mobiliteit pas kunnen gebeuren door de nieuwe, toekomstige bestuursploeg. In de praktijk is dat 2025 ! (Cf. raadscommissie 7 maart, d.w.z. niet voor de bühne in de gemeenteraad. Staatsmanschap is dat!)
– Intussen heeft de schepen zonder te beschikken over een Regionaal MPL zijn mobiliteitspolitiek de facto al voor een groot stuk verwezenlijkt, met zgn. “voorafnames” op dat R.MPL. Zonder de ongetwijfeld potentieel doorknede adviezen van de 20 verkozen leden uit de Adviesgroep Mobiliteit Kortrijk, twintig pottenkijkers die na twee vergaderingen nooit meer zijn gevraagd. Axel toch ! Gij, een democraat in hart en nieren !
Maar ja, Axel is wel een durver hoor! Niet voor niets beroepshalve legerkapitein. Als hij voor oktober volgend jaar, zo vlak voor de kiescampagne met zijn stedelijk MPL naar de kiezer komt, dan zou het kunnen tot gevolg hebben dat hij terug “kapitein in functie” wordt. Een soldaat. Ja, daar ligt zijn kunnen.




Even een korte interruptie (7)

Her bericht dat schepen Axel Weydts (“Vooruit”) zijn gemeentelijk mobiliteitsplan over de komende verkiezingen heen wil tillen (en daar enkel drogredenen voor heeft uitgevonden) staat nog altijd verscholen achter de betaalmuur van ons regionaal ‘Nieuwblad”.
Dat zal na zoveel dagen waarschijnlijk zo blijven, tenzij men bijv. maandag a.s. onverwacht enkele blokken advertenties moet missen en er plaats vrij komt.
We stellen dus nog even onze commentaar uit op dat gedurfde artikel van reporter Kris Vanhee.
Tot maandag.
Als dit stuk nooit in de papieren krant HN komt (en in andere), dan missen de Kortrijkzanen (de kiezers) een hoogst belangrijk politiek feit. Met name dat de schepen geen enkele serieuze ingreep inzake mobiliteit meer kan uitvoeren zolang er geen plan ter zake bestaat. (Intussen had hij al die voorbije jaren wél het lef om zeer ingrijpende “voorafnamen” – zo noemt hij dat – op dat plan uit te voeren.)
Kortrijk transparante stad??

Blijft schepen Axel Weydts achter de betaalmuur?Alweer buiten schot?(6)

Wie niet te beroerd is om deze elektronische, alternatieve stadskrant te lezen, weet al vele jaren maar al te goed dat de schepen van Mobiliteit en Openbare Werken een heel speciaal geval is.
Wat zijn persoonlijkheidsstructuur betreft, bestempelt onze redactie hem onvervaard als een politieke caractériel. Nu, iedereen heeft het recht op een of andere overheersende karaktertrek, maar het specifieke probleem bij Weydts (een schepen!) ligt hierin dat zijn koppige eigengereidheid en agressiviteit zijn politiek functioneren volkomen beheerst, eigenlijk letterlijk bepaalt. De content ervan valt congruent samen met zijn “temperament”. (Behandelingen om hem wat in te tomen zijn volgens medisch-psychologische bronnen uitgeput.)
Goed.
Wat weet de Kortrijkzaan daar nu allemaal van? Zeker niet alles. Er heerst ten allen kante en bij alle volkslagen ongetwijfeld veel ongenoegen over zijn beleid – zeker daar waar zijn daden flagrant zichtbaar zijn – maar 1) een aantal enorme blunders (die miljoenen kostten) blijven toch nog onder de radar, 2) van de subtiele finesses in zijn handelswijzen en manier van denken kunnen enkel insiders (iet)wat van opvangen of vermoeden.
Onze plaatselijke regimepers (andere term voor: “embedded press”) draagt hierin uiteraard een zéér grote verantwoordelijkheid. Weydts wordt op alle mogelijke manieren “ontzien” door onze ‘Kortrijkse’ media (ook WTV), zelfs tot in die mate dat de persmuskieten de meeste elementaire deontologische journalistieke regels overtreden. Het is alsof men er beetje bang van is… (Onze senior-writer durft in al zijn arrogantie zelfs een keer uitvliegen: “Als ik zou hoofdredacteur zijn van Peter Lanssens in het regionale katern van “Het Laate Nieuws” zou ik hem ontslaan!”)

We zullen het hier nu toch nog een keer hebben over dat “mobiliteitsplan” (MPL) dat door de heer Weydts om electorale reden is uitgesteld tot in de volgende bestuursperiode. Er doken immers wat feitjes op die illustreren en aantonen wat daarnet supra over zijn persoon is beweerd.
Onze lezers weten over deze MPL-materie alreeds van de hoed en de rand, maar er blijft toch wat te vertellen over de manier waarop Weydts de pers bespeelt en er ‘au fond’ meester over is. En over de zaak zelf komt er ook nog wel iets. We gaan zien.

* Op 13 maart verspreidde het Vlaams Belang een persbericht over het verdagen van het lang beloofde mobiliteitsplan. (Er is geen andere oppositie meer.)
Geen enkele krant of “beeldbuisbeheerder” ging daarop in, tenzij “Het Nieuwsblad” met als auteur Kris Vanhee. Dat verbaasde ons wel een beetje want die krant is zelden het toonbeeld van enige euvele moed als het gaat om controversiële, delicate Kortrijkse politiek. Maar zie vooral verder.
Ook het weekblad “De Krant van West-Vlaanderen” zag geen reden om het bericht als van politiek belang te beschouwen. Ook dat begrijpen we volkomen. Ten eerste is het DNA van die gazet op alle gebied volstrekt gezagsgetrouw. Loyaal aan wie macht bezit of aanzien heeft. Tevens heeft het weekblad beroepshalve geen één reporter beschikbaar die enigszins bekwaam is om de gemeentepolitiek in de streek deskundig te verslaan. De beste redacteurs lopen binnen de kortste keren weg, bijv. nogal recent Olav Verhaeghe. Momenteel zitten we voor wat de Kortrijk betreft opgescheept met ene Margot Demeulemeester die zelfs de eenvoudigste journalistieke regels vergeet. (Zij applaudisseert bij gelegenheid in de gemeenteraad!)
“Het Laatste Nieuws” dan, met onze Lanssens. Deze vliegende horeca-reporter heeft qua politiek een rode telefoonlijn met schepen Weydts. Het is zijn woordvoerder, zijn acoliet (Men zegt mij dat hij eerder informatie krijgt van de schepen en/of het College dan zijn concullega’s van de pers.)
Peter Lanssens brengen we tegenwoordig onder bij het nieuwe soort journalisten 2.0.

* Op 14 maart vinden we dus in HN een stuk over de MPL-zaak. Ten eerste met een verkeerde titel (er is sprake van een “Vervoersplan”) en ten tweede staat het verhaal enkel “on line” te lezen (gedagtekend op 14 maart, om 15u55).
Het artikel zit al sinds drie volle dagen achter een betaalmuur en onze vrees is dat het zo zal blijven. (De krant maakt daar een gewoonte van: de meer kiese zaken krijgen stilletjes en onmerkbaar voor de gemiddelde lezer een te betalen melding.) Caractériel Weydts raakt namelijk volledig over zijn toeren als hij maar één woord van kritiek hoort of leest over zijn beleid, en als het er ietwat serieus aan toegaat heeft hij stante pede psychologisch-medische begeleiding nodig. Gelukkig gebeurt dat in de pers NOOIT, in de gemeenteraad wel, wel te verstaan door het VB en een zéér zeldzame keer door Matti van Groen.
De opsteller Kris Vanhee Van HN nam blijkbaar contact op met de schepen. Hoor en wederhoor, nietwaar? We vragen ons af wat hij van de schepen aan stille wenken te horen kreeg (misschien lichte terechtwijzingen, of zelfs wat reprimandes).
Nu, over de inhoud van de repliek van Weydts hebben we het nog in een volgende editie. Wat zegt hij niet? Wat stelt hij verkeerd voor?

* Schepen Weydts liet in een Raadscommissie (de eerste van de drie) op de dinsdag voor de gemeenteraad weten dat hij het MPL in de ijskast had gestopt. Hij vertelde die belangrijke beleidsdaad niet publiek in de gemeenteraad. Dat betekent dat raadsleden uit een andere Commissie daar niet van op de hoogte waren (tot ze het verslag kregen en dat ook hebben gelezen), en de pers of het publiek nog minder. Dat is de tactiek van een politieke caractériel. Indien nodig blijven ze wel met een gladde truc buiten schot.

* Maandag 13 maart was een gemeenteraadsdag. Zoals we het stilaan gewoon werden, krijgen we daar geen verslagen meer van te zien in onze gazetten. Dus las u, beste lezer, zeker niet het minste woord over dat ongezien incident dat zich toen heeft voorgedaan: Weydts weigerde te antwoorden op twee (mondelinge) vragen van raadslid Carmen Ryheul inzake het mobiliteitsplan. Verbijsterend is dat.
Kortrijkwatcher had het daar intussen al over, onder de titel: “Dat is geen mondelinge vraag!
Zoals gezegd, in onze volgende uitgave volgt wat commentaar bij dat stuk van Vanhee-Weydts, te vinden achter de betaalmuur van HN. Anders wordt ons verhaal hier te lang, en te vermoeiend. Indien het verhaal van Vanhee-Weydts toch ooit op papier komt gedrukt te staan, dan weet u er al wat meer over om het volledig en naar waarheid te begrijpen.
Tot kijk!

(Wordt vervolgd.)





Quote van de dag: “Dit is geen mondelinge vraag!”(5)

Verslagje uit de Kortrijkse gemeenteraad van (gisteren) maandag 13 maart 2023. We willen u dat voorval niet onthouden.
Maar eerst wat info. Een woordje vooraf.
Raadsleden hebben het recht om tijdens een gemeenteraad een korte vraag (spreektijd 1 minuut) te stellen aan de Collegeleden, zonder dat men die vraag op een of ander manier op voorhand heeft ingediend.
Op zichzelf een goede zaak, kaderend in het controlerecht van een raadslid.
De onderwerpkeuze is vrij, als het (uiteraard) maar niet gaat over iets dat alreeds is geagendeerd in die zitting zelf. Debat is niet mogelijk. In de prakrijk stellen raadsleden vragen die nauw aansluiten bij de actualiteit. Een scheef voetpad bijv. dat maar niet hersteld raakt. Vaak regent het van dit soort vragen. Vele raadsleden vinden immers dat zij daarmee in hun functie politiek gezien serieus werk verrichten, hun politieke plicht vervullen, hun politiek bestaan danig verrechtvaardigen.
Zij komen dus aandraven met een of ander simpel probleempje dat ze ergens op café of na het bijwonen van de de Heilige Mis hebben vernomen. Bijvoorbeeld is er ergens een boom gekapt en een kennis (potentiële kiezer!) van het raadslid wil wel eens weten wat stad ter compensatie heeft geëist. Raadslid doet dan gretig aan electoraal winstgevend dienstbetoon en stelt daarom een mondelinge vraag over deze zaak, in plaats van het Collegebesluit daaromtrent zelf te raadplegen.
We willen daarmee zeggen, vele van die mondelinge vragen zijn door het raadslid of door de burger zelf eenvoudig oplosbaar langs andere wegen of – erger nog – zijn die vragen volstrekt onbenullig om ermee een gemeenteraad te belasten.

————————————————————————————————————

Maar nu even naar die vraag in de gemeenteraad van gisteravond, om 20 uur, 31 minuten en 12 seconden.
Raadslid Carmen Ryheul (VB) wil aan schepen Weydts van Mobiliteit twee vragen stellen over het uitstellen van de opmaak van een gemeentelijk mobiliteitsplan: 1) Komt de bestaande adviesgroep Mobiliteit hierover nog samen? 2) Wat hebben de drie studiebureaus, bezig met de redactie van het Mobiliteitsplan, al aan kosten gefactureerd?
Een legitieme vraag, nog mondeling gesteld ook, zoals onze lezers hier al terdege beseffen uit onze vorige edities.
Om tot die vragen te komen heeft Ryheul wat tijd nodig. (Onze lezers weten over de materie wel al een en ander, maar dat is niet aan eenieder gegeven.) Ryheul schetst dus de context van haar vraag. Zegt dat het verschuiven van het Mobiliteitsplan tot na de verkiezingen haar wel wat verbaast en dat daar wat vragen bij kunnen oprijzen.
Na 46 seconden vindt Helga Kints, de stilaan (in heel de provincie) beruchte voorzitter van de Kortrijkse Raad, dat het welletje is geweest. Zij roept uit: “Dit is geen mondelinge vraag!” en wil hiermee het raadslid het woord ontnemen. De twee vragen zijn op dat ogenblik nog niet gesteld.
Maar Ryheul gaat verder en komt onmiddellijk tot haar vragen (zoals hierboven al aangegeven). Dat duurt 18 seconden. In het totaal (inclusief de onderbreking van Helga Kints) duurt heel de interventie van het raadslid 1 minuut en 13 seconden.
Voorzitter Kints geeft het woord aan de bevoegde schepen Weydts voor het antwoord.
Ook hij heeft daar één minuut de tijd voor.
Zichtbaar tot Helga’s verbazing antwoordt de schepen heel laconiek: “Mevrouw de Voorzitter, zoals u zelf hebt gezegd is dit geen mondelinge vraag en komt het mij niet toe om er op in te gaan.”
Voorzitter Kints is zichtbaar enkele seconden bedolven onder een korte schokgolf van consternatie bij dit politiek schabouwelijk antwoord (dat zij zelf heeft uitgelokt) en pruttelt nog dat het raadslid (“als zij niet tevreden is met het antwoord“) zich nog altijd kan richten tot de schepen en hij dan kan antwoorden.

P.S.
– De heer Axel Weydts is een caractériel.
– Het voorzitterschap van Kints is een grondig deontologisch onderzoek van de hogere overheid waard. Zij kreeg al meerdere keren een reprimande van de gouverneur omdat zij “de democratie beknot”. Uniek is dat !




Weblog over het reilen en zeilen in de Kortrijkse politiek door Frans Lavaert