All posts by Frans

Zit u met een luieroverschot ? Ga naar de Pamperbank !

De OCMW-raad van 27 november aanstaande zal een samenwerkingsovereenkomst goedkeuren met de “West-Vlaamse Pamperbank”, in feite een organisatie van de cvba ‘Samen Sterk’, gekend vanwege de groepsaankopen voor gas en elektriciteit. (Voorzitster is Michèle Hostekint, SP.A-schepen in Roeselare en Vlaams volksvertegenwoordiger.)
Een koppel dat niet meer van plan is om nog kindjes te kopen zal in het vervolg een eventueel luieroverschot kunnen wegbrengen naar enkele verzamelpunten in de stad. Het is nog niet geweten waar die zullen komen. Of over het aantal.
De Pamperbank komt er in de Damaststraat 1, alwaar de Buurt- en Nabijheidsdienst en de ruildienst voor babykledij en kinderspullen “Mama’s voor Mama’s” reeds zijn gevestigd. Bij de ‘Mama’s’ kunnen kansarme gezinnen nu reeds voor slechts 1 euro 25 luiers aankopen.

Het project Pamperbank kadert dus in een hardnekkige strijd die schepen en OCMW-voorzitter Philippe De Coene wenst te voeren tegen kinderarmoede.

De stadspremie voor gezinnen die herbruikbare luiers aankopen is van een heel andere aard. De bedoeling van die premie is milieuvriendelijk: het restafval verminderen. Men heeft namelijk ooit geconstateerd dat er in Kortrijk jaarlijks 980 ton aan wegwerpluiers en incontinentiemateriaal wordt opgehaald.
Of met die premie intussen daadwerkelijk het gewicht aan restafval is verminderd is ons onbekend.
In de periode 2004-2013 (tien jaar!) waren er slechts 153 aanvragen van gezinnen die konden aantonen dat ze voor minimum 150 euro luiers hadden aangekocht.
De premie bedraagt 50 procent van de factuur met een maximum van 100 euro. Er is in die tien jaar door Stad zowat 15.000 euro aan premies uitbetaald.

P.S.
In onze provincie telt men tegenwoordig pamperbanken in volgende gemeenten: Bredene, Brugge, Koekelaere, Kortemark, Menen, Oostende, Roeselare, Tielt, Torhout, Waregem, Zedelgem.

Er komt een pamperbank in Kortrijk !

Meer nieuws volgt nog
Moeders, even geduld.
We onderzoeken of het wel waar is!

Nu eerst nog iets heel anders te melden.
We vertelden u al dat de totale kostprijs voor de bouw van een nieuw station en de omgevingsaanleg tegenwoordig wordt geraamd op 135.879.505 euro. Exclusief BTW.
Exact een jaar geleden (stuurgroep van 21 november 2013) ging het nog om 103.658.206 euro.
Zo.
Dat weten we dan weer.

Nieuw station en heraanleg omgeving: het totale kostenplaatje

In een vorig stuk alhier vernam u wat meer over het stadsaandeel en dat van Parko in de kostprijs van de werken. Dat was dus resp. 15,2 en 4,8 miljoen op een totaal van 135,8 miljoen. (Even tussendoor opmerken dat in bepaalde media volkomen verkeerde bedragen circuleren. Zelfs in een Nederlands blad gespecialiseerd in het thema ‘openbaar vervoer’.)
Nu geven we het totaalplaatje. Het gaat nog altijd om ramingen, exclusief BTW.

Bouw en studiekosten in het kader van SWO2 en SWO3: 108.833.006 euro

Stad: 10.212.110
Parko: 4.174.489 (maar hier enkel voor SWO2)
NMBS: 69.200.549
Infrabel: 8.455.842
De Lijn: 5.077.300 Vlaams Gewest (AWV): 11.712.715 (enkel voor SWO2)

Studiekosten (voor SWO1 en 2 en 3 samen): 18.467.446 euro

Stad: 1.306.452
Parko: 480.066 (enkel voor SWO2)
NMBS: 12.915.524
Infrabel: 1.684.252
De Lijn: 652.363
Vlaams Gewest: 1.428.788 (enkel voor SWO1 en 2)

Bijkomende projectgebonden kosten: 1.276.983 euro
(Het gaat hier over verzekeringen en controles. In principe voor SWO2 en 3.)

Stad: 42.745
Parko: 51.162 (enkel voor SWO2)
NMBS: 885.343
Infrabel: 108.775
De Lijn: 45.640
Vlaams Gewest: 141.318 (enkel voor SWO2)

Andere projectgebonden kosten (voor SWO1 en 2 en 3): 7.307.070 euro
(Hier gaat om kosten verbonden aan het masterplan, management, studies, communicatie, minder-hindER, MER, een maquette, Toegankelijkheid, gronDverwerving, kleine werken, signalisatie,)

Stad: 1.082.775
Parko: 153.295 (enkel voor SWO2)
NMBS: 3.206.411
Infrabel: 1.003.578
De Lijn: 862.604
Vlaams Gewest: 993.406

HET TOTAAL: 135.879.505 euro

Stad: 12.644.082
Parko: 4.841.013 (enklel voor SWO2)
NMBS: 86.207.827
Infrabel: 11.252.448
De Lijn: 14.276.227
Vlaams Gewest: 14.276.227

Zo. Dat weten we alweer.
Nu nog wachten op de ware gunningsprijzen (met BTXW) van de gekozen firma’s. Daarna op de verrekeningen in min en meer.

P.S.
Volgend jaar probeert men eindelijk te starten met een eerste deelproject: een ondergrondse parking en een tunnel onder de Zandstraat. Daarover later meer.

Het stadsaandeel voor de bouw van het nieuwe station en de heraanleg van de omgeving

Alle kosten hierna vermeld zijn exclusief BTW. Het gaat wel om ramingen (er zijn nog geen gunningen bekend), opgemaakt in januari van dit jaar. Die kosten kunnen dus later nog ‘geactualiseerd” op basis van de gezondheidsindex. Maar de werkelijke prijzen zullen we evenwel pas kennen na allerlei tussentijdse verrekeningen en bij de opleveringen van de werken, – en dat zal nog minstens tien jaar duren.

Voor wie geen zin heeft om alles wat hierna komt helemaal te lezen, een zeer summiere samenvating.
De totale kostprijs voor het volledige project voor alle zes partners samen wordt geraamd om 135.879.505 euro, zonder BTW. (Met BTW mag u daar gerust nog 10 miljoen euro bijtellen.)
Daarvan komt 12.644.082 euro ten laste van Stad en 4.861.013 euro ten laste van ons gemeentebedrijf Parko.

Tussen de partners zijn er drie samenwerkingsovereenkomsten gesloten met een procentuele verdeling van de kosten.
– SWO 1 slaat op de opmaak van een masterplan, een mobiliteitsstudie, de kosten voor het projectmanagement en de communicatie.
– SWO 2 meer speciaal op bouwkosten, minder-hinder-kosten, een MER, onderzoekstudies, een maquette, toegankelijkheid, verwerving grond (fietsenstalling), kleine werken, signalisatie. (Naast de traditionele kosten voor management en communicatie.)
– SWO 3 gaat over bouwkosten, minder-hinder-kosten en alweer management- en communicatiekosten.

Aandeel Stad
SWO 1: 429.549
SWO 2: 4.099.556
SWO 3: 8.114.977
Totaal: 12.644.082 euro

Stad Kortrijk staat qua infrastructuur in voor rioleringen (tunnel Zandstraat), voetpaden (fiets- en bustunnel), pleinaanleg (Zandstraat).
Maar onze stad neemt nog veel andere kosten voor haar rekening: masterplan (40.000 euro), management (55.934 249.000 in SWO1, 249.000 in SWO2 en 193.000 in SWO3), minder-hinder (59.679 in SWO2 en 64.980 in SWO3), projectcommunicatie (280.000 in SWO3).
Voor de bouw- en studiekosten is ons aandeel 11.518.562 euro.

Aandeel Parko
Enkel voor SWO 2: 4.861.018 euro.
Het gemeentebedrijf participeert in de kosten voor de ondergrondse parking (voor 200 plaatsen op 1.200) en een deel van de tunnel Zandstraat.

In een volgend stuk bekijken we het totale kostenplaatje, voor alle partners.
Voor cijfer-liefhebbers. En voor de historie !

FIK-voozitter zou “méér met minder doen”?

Raadslid Arne Vandendriessche (VLD) is samen met Kelly Detavernier (N-VA) co-voorzitter van de gemeentelijke vzw “Feest in Kortrijk”.
Arne liet via “Het laatste Nieuws” (5 april 2013) weten dat hij met zijn vzw van plan was om “meer te doen met minder“. (Hij vond trouwens dat de uitgaven voor grote evenementen in de stad het gerust met 30 procent minder konden stellen.)

Nu de cijfers.
Van de FIK-begroting en het jaaractieplan 2014 kon de gemeenteraad pas in maart van ditzelfde jaar kennis nemen. Het totale budget bedroeg 378.000 euro, zodat het schepencollege zich genoodzaakt zag om de stadstoelage op te trekken tot net hetzelfde bedrag! (193.000 plus nog een keer 185.000 euroots).
Vergelijk met 2013. De stadssubsidie was oorspronkelijk begroot op 150.000 euro maar uit de begrotingsrekening 2013 blijkt dat de FIk in dat jaar uiteindelijk 223.000 euro kreeg.

Dit jaar krijgt FIK dus van Stad (dat is van ons allen) 378.000 euro. En volgend jaar ook, blijkens de FIK-begroting 2015. Dat budget is namelijk nu al (begin deze maand) opgemaakt, – waarvoor een welgemeend proficiat.
Het totale budget voor volgend jaar is fors gestegen.
Men raamt de uitgaven op 517.350 euro en de inkomsten op niet minder dan 561.500 euro.

Sinksenfeesten

Uitgaven: 261.950 euro.
Waaronder:
– honoraria artiesten: 85.000
– huur materiaal: 37.000
– publiciteitskosten: 20.000
– hotelovernachtingen artiesten: 15.000
– muziek: 15.000

Inkomsten: 262.000 euro
Waaronder:
– een deel van de stadstoelage: 193.000
– verkopen (bars): 30.000
– jeugdrommelmarkt: 10.000

Zomergebeuren

Uitgaven: 131.900 euro
Waaronder:
– huur materiaal: 33.700
– artiesten 11 juli: 20.000
– artiesten zomerconcerten: 25.000

Inkomsten: 132.000 euro
Waaronder:
– deel stadstoelage: 85.000
– verkopen bars: 23.000

Wintergebeuren

Uitgaven: 107.500 euro
Waaronder:
– huur materiaal: 71.500
– publiciteitskosten: 10.000
– artiesten: 18.000

Inkomsten: 107.500 euro
Waaronder:
– deel stadstoelage: 90.000
– kerstmarkt: 16.000

P.S.
Op twitter (dd. 24 oktober) liet Arne Vandendriessche weten dat er met de firma “Woodland” uit Marke een sponsordeal is gesloten ter waarde van 100.000 euro gespreid over een periode van vier jaar. Gaat het om de huisjes op de kerstmarkt? In de begroting 2015 is voor het wintergebeuren nul euro sponsoring vermeld.

600 nodeloze ritten in de binnenstad?

Momenteel gebeuren er jaarlijks zowat 900 ritten door twee dienstverleners die enerzijds gefrankeerde post en anderzijds nog te frankeren post ophalen in het stadhuis.
Wie die dienstverleners zijn en wat dat allemaal kost, dat weten we niet. Het stadsbestuur wil nu via een zgn. ‘eenvoudige onderhandelingsprocedure’ komen tot één dienstverlener. Wie men daarvoor zal uitnodigen is ook onbekend.
Het doel is alleszins om te komen tot slechts 300 ritten per jaar en tegelijk een goedkopere dienstverlening. Kan het met een bakfiets ook? Is dit in het bestek voorzien? Kortrijk klimaatstad !!

P.S.
900 ritten per jaar? Als we er even van uitgaan dat een kalenderjaar in de stadsdiensten om en bij de 230 werkdagen telt, gaat het gemiddeld om zowat 4 ritten per dag.

Wat deden onze semi-professionele organisaties in 2013 voor kunst- en cultuurspreiding en wat kregen ze daarbij van ons? (2)

Kortrijk telt 13 gesubsidieerde semi-professionele organisaties voor kunst- en cultuurspreiding. Om van een stadstoelage te genieten moeten ze een jaarverslag uitbrengen over hun werking en financiële toestand. Het eigenaardige is nu dat al die organisaties allemaal sinds jaren 1.600 euro krijgen, ongeacht de intensiteit of de kwaliteit van hun werking en de gerealiseerde omzet. Er is één uitzondering: Jeugd en Muziek geniet van een subsidie van 3.000 euro.
(In een vorig stuk dd. 22 oktober kon u alhier al een summier overzicht krijgen van de werking van acht van die organisaties.
)

Kortrijks Lyrisch Toneel
Operette. Drie producties in de Schouwburg. Aantal bezoekers: 2.800. Omzet: 69.689 euro.

Stichting de Bethune
Rijk archief en bibliotheek van de familie in het kasteel van Marke. Acht groepen ontvangen. Aantal individuele bezoekers: 54. Informatie via email en telefoon bezorgd: 95. Goede website. Digitalisering van het archief. Omzet: 29.578 euro.

Stella Rosa
Hedendaagse dans. Inleiding bij voorstellingen (60) en straatanimatie in diverse steden (200-tal). Omzet: 143.941 euro. De stadsadministratie vraagt zich wel af wat de specifieke return is voor Kortrijk.

Vlaams Filmmuseum- en archief
Bewaren van audio-visueel erfgoed. Omzet: 7.600 euro. De stadsadministratie uit alweer zijn twijfels over de werking en de professionele aanpak van de instelling en dreigt ermee de subsidie terug te schroeven naar die van een gewone vereniging.

Parkjazz
Tweejaarlijks en tweedaags jazzfestival. Voorheen in het Begijnhofpark en de organisatie kreeg toen 3.000 euro omwille van de hoge logistieke kosten. (Nu in de schouwburg.) Zeven groepen traden op. Aantal bezoekers: 490. Omzet: 53.107 euro.

Zo.
Dat weten we dan alweer.

Schimmels doen erfgoeddepot van de bib verhuizen

Onze stadsbibliotheek in de Leiestraat bezit een unieke en enorme verzameling van incunabelen, handschriften, oude drukken, prenten, kaarten, allerhande iconografisch materiaal.
Dat alles is voornamelijk afkomstig uit de zogenaamde (vier) historische fondsen: Goethals-Vercruysse, Leopold Slosse, Joseph de Bethune en het Stadsfonds.
Het erfgoeddepot is evenwel al méér dan twee jaar om hygiënische redenen niet meer toegankelijk voor het publiek omdat in juni 2012 in twee magazijnen schimmelvorming is vastgesteld. Er was toen sprake van een besmetting met pluimschimmel van 60 strekkende meter plankkasten.

De bewaaromstandigheden van dat erfgoed zijn nog altijd niet ideaal en zullen dat ook nooit worden. Het gebouw is immers ontworpen om dienst te doen als supermarkt! (Weet u nog? De Priba!)
De besmetting blijft dus nog altijd latent aanwezig in het depot en kan bij slechte weersomstandigheden (veel regen) weer opflakkeren. Vandaar dat nu het drastische besluit is genomen om geheel het historisch erfgoed over te brengen naar het Rijksarchief Kortrijk. (Nu de huidige coalitie toch geen nieuwe bibliotheek wil bouwen zat er eigenlijk niets anders op…)

Maar vooraleer die bewaargeving kan gebeuren wil men uiteraard overgaan tot een professionele behandeling van minstens de aangetaste delen. Daarvoor werden inmiddels drie gespecialiseerde bedrijven aangeschreven om een offerte uit te brengen. Stad raamt de kosten op 50.000 euro en zal die zelf betalen. De speciale verpakking van al dat materiaal zal gebeuren door het personeel van het Rijksarchief. De meerkost hiervoor wordt geraamd op 21.000 euro. (600 strekkende meter maal 35 euro.) Die kost wil Stad recupereren door aan het Rijkarchief een jaarlijkse bijdrage van 5.000 euro te vragen om hiermee de kosten van de inventarisering en de digitalisering te dekken.

Naar een regionaal erfgoeddepot in Kortrijk?

Al vele, vele jaren (minsten zeven) smeken de stedelijke musea (en het erfgoedplatform) om een stedelijk en/of een regionaal erfgoeddepot. Sinds het nieuwe cultuurdecreet is het de taak van de provincie om regionale erfgoeddepots op te richten. (Voor de westhoek was Ieper de kandidaat.)
Nu zijn er blijkbaar ernstige gesprekken lopende tussen Stad en Provincie over het organiseren van een “intergemeentelijk, cultureel en onroerend erfgoeddepot” voor de regio Kortrijk-Roeselare op grondgebied Kortrijk.

Het schepencollege schuift als mogelijke site de parking van de Groothandelsmarkt in Heule naar voor.
Men raamt de totale oppervlaktebehoefte op 5.000 m². Alleen al de Kortrijkse collecties vergen 3.000 m².
Het gehele project zou 3 miljoen euro kunnen kosten en onze stad heeft zich voor één miljoen euro geëngageerd.

P.S.
Is Tijs De Schacht nog altijd coördinator voor het regionaal collectie- en depotbeleid?

Stadsbestuur Kortrijk leest de les aan de eigen Kortrijkse bestuurders van Leiedal

Nu moet u allereerst even bedenken dat schepen Koen Byttebier (VLD) de voorzitter is van de intercommunale Leiedal. Ondervoorzitter is raadslid en toekomstig schepen Axel Weydts (SP.A). Verder zetelt ook schepen Rudolphe Scherpereel (N-VA) in het bestuur.
Goed onthouden, voor het vervolg. Hoe schepenen binnen hun eigenste College zichzelf kunnen berispen.
Of dat niet om te lachen is??

In september is bekend gemaakt dat het bedrijventerrein Kortrijk-Noord met 22 hectare wordt uitgebreid, waarvan 18 ha op grondgebied Kuurne en 4 ha op het grondgebied van de Kortrijkse deelgemeente Heule. (Er zijn nog andere getallen in omloop.)
Het Kortrijkse schepencollege gaat hier uiteindelijk mee akkoord maar kon het onlangs niet nalaten om het bestuur van Leiedal een veeg uit de pan te geven. Twee schepenen krijgen hiermee van hun eigenste College een uitbrander.

1.
De Raad van Bestuur van Leiedal (zie verslag van 14 februari) beweert dat de uitbreiding van het bedrijverterrein is gestart in opdracht van het stadsbestuur van Kortrijk en het gemeentebestuur van Kuurne. Niets van, zo zegt het Kortrijkse schepencollege nu. Het gaat om een eigen initiatief van de intercommunale!
2.
Vroeger vroeg Leiedal aan gemeenten waar een bedrijventerrein werd aangelegd om een ‘solidariteitsbijdrage’ voor het niet-subsidiabel gedeelte van de aanleg van nutsleidingen. Ten laste van stad Kortrijk zou die bijdrage in dit geval tot 53.736 euro kunnen oplopen. Het schepencollege laat nu aan zijn eigenste bestuurders van Leiedal weten dat hiervoor geen budget is voorzien. Hierbij wordt fijntjes opgemerkt dat er nog voor de eindafrekening (vijf jaar na de voorlopige oplevering van het terrein) wellicht een gunstiger regeling mogelijk is.
(Het is trouwens zo dat een werkgroep binnen Leiedal zal bekijken of er geen andere formule van alternatieve financiering mogelijk is – zie verslag van de Raad van Bestuur dd. 28 maart.)
3.
De verwerving van het terrein (er zijn onteigeningen nodig) en de uitrusting ervan zal waarschijnlijk 500.000 euro vergen. Zonder verpinken laat het bestuur van Leiedal uitschijnen dat stad Kortrijk dit leningsbedrag volledig zal waarborgen. Dit is “niet afgetast met Stad“, zo repliceert het schepencollege nu diplomatisch. En de financiële beheerder (laat ons maar zeggen: de schepen van Financiën Waelkens) wil voor die borgstelling wel een gunstig advies geven op voorwaarde dat de verkoopopbrengsten van het terrein prioritair gaan naar de aflossing van de leninglast. (Overigens moet een waarborg van een lening goedgekeurd worden door de gemeenteraad.)
4.
Het schepencollege brengt Leiedal discreet in herinnering dat de intercommunale ook een bijdrage moet leveren aan Stad. Met name één procent op de kostprijs van riolerings- en wegeniswerken, met een maximum van 12.500 euro. Dit als vergoeding voor de prestaties van de stadsdiensten.
5.
Als algemene conclusie laat het schepencollege nog opmerken totaal niet akkoord te gaan met de redenering van Leiedal waarbij geacht wordt dat Stad automatisch gebonden is door de besluiten van de Raad van Bestuur van de intercommunale. Het schepencollege is echt van plan om ter zake Leiedal te behandelen als ieder andere ontwikkelaar. Leiedal moet zich niet inbeelden dat men zomaar een aantal (hoge) lasten kan opleggen aan Stad zonder dat die ergens met het stadsbestuur zijn “doorsproken“.

Heerlijk is dat allemaal!
Om mee te maken. Dat dit allemaal nog kan. Bij ons.