Category Archives: OCMW

De gemeentelijke bijdrage voor het OCMW stijgt jaarlijks met drie procent…

In de vorige bestuursperiode genoot het OCMW jaarlijks van een vaste dotatie ten bedrage van 9.183.673 euro. In 2010 is die evenwel verhoogd met een zgn. crisisbijdrage van 400.000 euro, in 2011 met 600.000 euro en in 2012 weer met 400.000 euro. Onze gemeenteraadwatcher heeft het bestaan van die vaste bijdrage nooit begrepen want de hoogte van een gemeentelijke OCMW-toelage is het gevolg van een verplicht berekeningssysteem. De uitslag daarvan – gebaseerd op het kasstromentekort – fluctueert dan natuurlijk als gevolg van gewijzigd beleid en de noden van het ogenblik.

Vorig jaar kreeg het OCMW dus 10.783.673 euro. Voor dit jaar wordt dat – onder impuls van de nieuwe voorzitter Philippe De Coene (SP.a) – verhoogd tot 11.107.183 euro. Niet echt om te juichen hoor, want het vorige bestuur voorzag in het meerjarenplan voor dit jaar al een ietwat hoger bedrag! 11.283.673 euro.
Maar hoe komt men nu juist aan dat bedrag? Heel eenvoudig: door op het cijfer van vorig jaar een stijgingspercentage van 3 procent toe te passen. Reken maar uit: dat wordt 11.107.183,19 euro. En wat wordt het volgend jaar? 11.440.398,69 euro. En in 2015? 11.783.610, 65 euro. Ziet u een verband tussen die getallen? Ja! Neem de calculator voor het berekenen van de samengestelde intrest. (De formule FV = PV(1+i)t.) Op het bedrag van het jaar 2012 drie procent stijging aanrekenen. We krijgen dus een rente-op-rente effect. Als men dat stijgingspercentage voor de komende zes jaar zal volhouden krijgen we een exponentiële groei van de toelage. In 2019 zou de dotatie dan oplopen tot 13.262.557 euro.

We hebben niets tegen het verhogen van de OCMW-bijdrage (zelfs niet bij ongewijzigd beleid) maar de zin van de toepassing van een vast percentage ontgaat ons. We begrijpen zelfs niet hoe men rekenkundig net tot dat bedrag kan komen. De hoogte van de toelage is immers het gevolg van een berekening gebaseerd op het kasstromentekort en het werkkapitaal van het OCMW. We krijgen de indruk dat men in het meerjarenplan eerst het toegekende bedrag heeft berekend en daarna de onderdelen van de som daaraan heeft doen gehoorzamen.

Vanaf volgend jaar is de nieuwe beleids- en beheerscyclus van toepassing en kan men de ingewikkelde berekening achterwege laten. De hoogte van de gemeentelijke bijdrage kan dan bepaald op basis van een consensus, met dien verstande dat een aantal parameters in het oog worden gehouden. Zo ondermeer de autofinancieringsmarges. De bijdrage moet namelijk voldoende hoog zijn om te beletten dat het OCMW activa moet verkopen om zijn werking te bekostigen.

Bij het aanschouwen van de verhoogde bijdrage moet men wel weten dat Stad een serie toelagen inzake armoedebestrijding heeft geschrapt en het OCMW heeft gevraagd om die voortaan uit te betalen. (De nieuwe coalitie noemt dat dan besparingen.) Het gaat dit jaar om een bedrag van 112.627 euro.

Bouwt ook het Kortrijkse OCMW zijn patrimonium af?

Maar neen !
Dat is nochtans wat de lezers van “Het Nieuwsblad” van vorige zaterdag te horen kregen. Titel van het stuk: “Ook het OCMW van Kortrijk bouwt zijn groot patrimonium af“. Dit zou dan volgens de scribent (Bert De Vriese) van de regionale editie van de krant gebeuren in navolging van wat de OCMW’s van Gent en Antwerpen van plan zijn.

Deze vaststelling steunt waarlijk nergens op.
Niet op wat de kersverse OCMW-voorzitter zelf in het stuk laat uitschijnen en nog minder op wat te lezen valt in het OCMW-meerjarenplan 2013-2015.
Voorzitter Philippe De Coene (SP.A) benadrukt dat het OCMW van Kortrijk “niet zo drastisch” te werk zal gaan als dat van Antwerpen: dit jaar verkopen we gronden aan de Havenkaai en twee woningen. “We willen verstandig omspringen met ons patrimonium. Niet onlogisch want de eigendommen leveren het OCMW jaar na jaar heel wat geld op.” Hoeveel? 650.000 euro, en dat is volgens de OCMW-voorzitter goed voor 1,5 procent van de jaarlijkse werkingsmiddelen.

In tegenstelling tot journalisten van de papieren perse raadpleegt onze stagiair-beroepsjournalist (SBJ) altijd de officiële bronnen vooraleer iets te gaan beweren. In dit geval dus de meerjarenplannen van het OCMW.

*
Over de huur- en pachtopbrengsten van het OCMW-patrimonium is in die documenten niets te vinden. Vroeger wel: op de lijsten van woningen, gronden en hoeven in OCMW-bezit stond telkens de jaarlijkse opbrengst vermeld. Nu niet meer, en de reden daarvan ontgaat ons. (We vonden overigens die huur- en pachtprijzen toen altijd veel te laag.) Zijn die jaarlijkse ontvangsten goed voor 1,5 procent van de jaarlijkse werkingsmiddelen? Misschien hanteert de OCMW-voorzitter graag wat ronde getallen, maar volgens het OCMW-budget 2013 bedragen de geraamde werkingsopbrengsten 46,6 miljoen euro.

*
En wat vertelt het meerjarenplan 2013-2015 ons over de “desinvesteringen” (verkopen van onroerend goed)?
De financiële planning is wel enigzins anders dan wat de OCMW-voorzitter zegt in de krant.
– Voor dit jaar verwacht men 479.500 euro aan inkomsten. Van de verkoop van twee woningen (259.500 euro), van grond in Rollegem (75.000 euro) en van industriegebied in Deerlijk (145.00O euro).
– De prijs van de gronden aan de Havenkaai (14a46ca) zijn pas gebudgetteerd voor volgend jaar. Verwachte opbrengst: 4 miljoen. En dat heeft niets te maken met een strategie tot stelselmatige afbouw van het OCMW-patrimonium. De verkoop van die gronden kadert gewoon in een al jaren aanslepend stadsproject op Kortrijk-Weide.
– In 2015 hoopt het OCMW niet minder dan 9.825.000 euro te ontvangen van de verkoop van de hoeve Blauwpoort (meer dan 30ha) in Waregem. Ook dat heeft eigenlijk niets te maken met een nieuw beleid inzake verhoogde of versnelde desinvesteringen. Die verkoop is al jaren geleden gepland, maar ging nog altijd niet door. Men wil van die site (kruispunt N382 en E17) een industrieterrein maken en dat stuit op verzet.

P.S.
Nog zo’n loze bewering in de hier geciteerde krant.
Het Kortrijkse OCMW-patrimonium zou “indrukwekkender” zijn dan dat van andere provinciesteden? Nou, de boekhoudkundige waarde van het privé-patrimonium OCMW-Kortrijk bedraagt 43,5 miljoen euro, dat van Gent bijvoorbeeld 70 miljoen.
Die persjongens,- ze schrijven maar wat…

Saldo van de reserves bij het OCMW bedraagt nog 2,3 miljoen euro

De jaarrekening 2011 van het OCMW komt vanavond aan bod in de OCMW-raad.
De opbrengsten bedroegen 44,29 miljoen euro. De kosten 56,64 miljoen.
Het resultaat van het boekjaar is dus negatief: – 12,35 miljoen.
Maar er was een gemeentelijke bijdrage van 11,13 miljoen zodat het over te dragen resultaat uiteindelijk – 1,22 miljoen bedraagt. Tel daar nog een negatief resultaat bij van het jaar 2010 en we krijgen per 31 december 2011 een negatief resultaat van MIN 1,751.992 euro.
Daarmee bedraagt het saldo van de reserves nog 2.316.877 euro.

Voor dit jaar 2012 zijn evenwel heel grote desinvesteringen gepland. Verkoop van patrimonium voor niet minder dan 11 miljoen euro ! “De Blauwpoort” alleen al in Waregem moet 9,2 miljoen opbrengen. En voor volgend jaar verwacht men nog een opbrengst van 4 miljoen bij de verkoop van gronden aan de Havenkaai. Maar dat geld mag niet gebruilkt voor pure exploitatie. Het is wel iets hé?

Arme mensen moeten meer bewegen

In buurthuizen en lokale dienstencentra van het OCMW zitten een aantal frequente bezoekers godganse dagen te zitten. Ze doen aan “stoelzittende activiteiten” zoals trappist drinken en hun algemene conditie is schrijnend. Je krijgt ze met geen stokken naar bestaande bewegingsactiviteiten en zeker niet naar een sporthal.
Toch wil het OCMW daar iets aan doen (als kerntaak), in samenwerking met de vzw A’kzie, – een “vereniging waar de armen het woord nemen”.

Het initiatief kadert in het project “armoede in beweging” (je noemt het!) en krijgt de naam “Komaan met dat lijf”.
Door middel van drie stappen hoopt men de doelgroep onder begeleiding van een bewegingsdeskundige ten eerste uit de stoel te krijgen, ten tweede naar buiten te jagen en ten derde zelfs doen deelnemen aan wat meer reguliere turnactiviteiten.
De doelgroep bestaat in de eerste fase naar schatting uit een 200-tal beoogde deelnemers. Zij moeten genieten van een Omnio-statuut. Dat wil zeggen dat zij minder uit eigen zak betalen voor medische zorgen en een laag inkomen hebben (maximaal 1.300 euro per maand bruto-belastbaar voor een alleenstaande).
In de tweede fase (“Op naar buiten”) hoopt men nog 40 deelnemers over te houden en in de derde fase (“start to move”) nog een 20-tal.

Het OCMW kreeg voor het project een subsidie van 22.468 euro.
Daarmee is de loonkost van de projectleider (Annebel Vandenbroucke van A’kzie) en de niet-voltijdse bewegingsdeskundige Els betaald. En wat promotiemateriaal. Dat is alvast in orde gebracht. Graag reportage op WTV.

P.S.
Mijn moeder zou toen gezegd hebben “wat gaan ze nog allemaal uitvinden?” “Laat ons nu toch even gezellig kaarten!” Nog waarschijnlijker (tegen Els): “Zet u maar bij.”

Sint-Annazaal wordt een (dure) belevingsruimte

De Sint-Annazaal in het Begijnhof is – net als de gehele site – eigendom van het OCMW. (Hoe is dat zo gekomen?)
Al in 2009 is beslist om de zaal te renoveren en om te bouwen tot een museum. Maar in de wereld van cultuurmensen is de term “museum” heden ten dage wat oubollig gaan klinken. Het wordt een belevingsruimte. Geen kwezelachtig iets. Dat heeft het “Ename expertisecentrum voor de erfgoedontsluiting” (een vzw) beslist. De exploitatie van de ruimte zal gebeuren door Stad, want OCMW aanziet dat niet als een kerntaak.

Wat mag dat zoal kosten?
528.430 euro in totaal.
Voor de “verhaallijnen” voorziet het expertisecentrum 320.196 euro. De inrichting van de belevingsruimte (door de architecten):170.000 euro. Erelonen (arch. Pauwels en Stoop): 17.000 euro. Stoelen en tafels en TV-scherm (op kosten van Stad): 21.234 euro. Er zijn geen subsidies mogelijk van de Vlaamse Gemeenschap, misschien wel van Toerisme Vlaanderen.

Wat de vzw Ename voor het bedenken van de ontsluiting van het begijnhof zoal factureert aan het OCMW, daar hebben we het raden naar.

De renovatie van het gebouw heeft natuurlijk ook zijn prijs.
De werken – nog altijd niet opgestart – zijn aanbesteed aan de firma Verstraete en Vanhecke NV (Wilrijk) voor een bedrag van 1,96 miljoen euro. Oorspronkelijk raamde het OCMW de kosten op 2,69 miljoen euro. We weten nog altijd niet goed waaraan dat verschil is te wijten. Hier verwachtte (O.V.T.) men een subsidiepremie van 1,93 miljoen.

Men is al geruime tijd bezig met de zogenaamde “ONTSLUITING” van het Begijnhof. (Bepaalde bewoners en “vrienden van het begijnhof” willen er net een klooster van maken…Soort condo…)
In dat kader is men nu het hoekhuis links van de Begijnhofpoort aan het verbouwen tot een bezoekerscentrum met appartement. Dat zou 160.372 euro mogen kosten. (Meerprijs is nu al 60.000 euro. We kijken benieuwd uit naar de oplevering.)

Een ander onderdeel van de ontsluiting is het plan om van het eerste huisje rechts bij het binnenkomen een kijkwoning te maken. Kostprijs 1,7 miljoen (ja? graag bevestiging) en mogelijk voor 80 procent gesubsidieerd.
De definitieve ontsluiting van de site is voorzien voor medio 2013.
Intussen moet men nog starten met de renovatie van de huisjes kant Sint-Maartenskerk en O.L.Vrouwkerk. Geraamde kostprijs van die 6de, 7de en 8ste fase (tel kwijt) van de restauratie van het Begijnhof – volgens kortrijkwatcher dan – : 9 miljoen euro. Wat met het huis van de grootjuffrouw (waar vroeger het museum was) ??

OCMW zwemt in het geld zeker?

Renovatie Sint-Annazaal kost minder dan verwacht

In de Sint-Annazaal in het Kortrijkse begijnhof komt een museum en een polyvalente zaal. Al in december 2010 beloofde minister Bourgeois voor de renovatie en restauratie een subsidiepremie van 1.266.461 euro (incl. BTW).
De OCMW-raad heeft nu de werken gegund aan de Algemene Onderneming Verstraete&Vanhecke NV uit Wilrijk voor een bedrag van 1.967.178 euro, inclusief BTW.

In april van dit jaar schreef het OCMW (eigenaar van het begijnhof) een aanbesteding uit waarbij de kostprijs van de werken werd geraamd op 2.691.397 euro. Exlusief BTW was dat 2.224.295 euro.
Het subsidieerbaar gedeelte van de werken sloeg op een bedrag van 1.585.852 euro.
De premie van de hogere overheid: 1.688.615 incl. BTW. (Dus niet 1.266.461 euro ??)

Zie nu eens hoe die bedragen spectaculair zijn veranderd bij de gunning van de werken.
Kostprijs exclusief BTW: 1.652.767 euro.
Kostprijs inclusief BTW:1.967.178 euro.
Subsidieerbaar gedeelte: 1.256.646 euro.
Premie: 1.338.077 euro.

Die premie zou dus nog hoger liggen dan vorig jaar is beloofd?
Terwijl de kostprijs van de werken spectaculair is verminderd?
Het aandeel van het OCMW is dus nu 629.101 euro. We zullen zien.

Behoeften aan kinderopvang berekend

Het OCMW heeft een interessante analyse gemaakt over de behoeften aan kinderopvang in 17 gebieden van groot-Kortrijk.
Belangrijkste criterium is: we hebben 60 plaatsten nodig per 100 kinderen tussen nul en drie jaar. Jammer is dat het OCMW slechts kon beschikken over het aantal kinderen van nul tot vier (!) jaar voor het jaar 2007. Voor het aantal bestaande opvangplaatsen gaat het daarentegen om de toestand in november 2010.

Kooigem heeft geen enkele kinderopvang ! Terwijl er (in 2007) 45 kinderen waren van nul tot vier jaar. We hebben in dat dorp nood aan 16,2 plaatsen, zo rekent het OCMW uit.

Ander prioritair gebied is Kortrijk-centrum.
– aantal kinderen: 232
– aantal opvangplaatsen: 44
– aantal plaatsen nodig per 100 kinderen van 0-3 jaar: 31,6 %
– nodig om 60 plaatsen per 100 kinderen aan te bieden: 39,5..

Ook problematisch is de wijk Sint-Elsabeth.
– 523 peuters
– 116 opvangplaatsen
– 36,9 %
– 72,2

Totaal niet problematisch zijn de gebieden Overleie, Marke, Patershol-Pottelberg-Beverlaai. Daar zijn zelfs teveel plaatsen beschikbaar.

Het aantal onthaalouders daalt, terwijl het aantal zelfstandige kinderdagverblijven wat stijgt.
Het OCMW wil daar iets aan doen en zal met premies allerhande strooien voor (samenwerkende) onthaalouders. Als zij zelf instaan voor een locatie dan krijgen ze een premie van 3.000 euro. Voor meubilair en speelgoed 1.500 euro. (Maar dat blijft eigendom van het OCMW.) Het OCMW is zelfs bereid om in te staan voor verbouwingswerken. Of is bereid om zelf een of ander pand te verhuren tegen een schappelijke prijs.
Er zijn zaakjes te doen !

P.S.
Kinderopvang is een taak die het stadsbestuur naar zich heeft toegetrokken. Daar bestaat een heus masterplan over.

OCMW-personeelsbestand benadert dat van Stad

Sinds 2006 en tot vorig jaar groeide het aantal OCMW-medewerkers met 149. In dezelfde periode van vijf jaar daalde het aantal stadsambtenaren met 19.
Stad telde in 2006 989 effectieven (908 voltijdse equivalenten). Het OCMW 777 effectieven (614 VTE).
In 2010 tellen we in Stad 970 effectieven (897 VTE) en bij het OCMW 926 (755 VTE).

OCMW-raadslid Ludo Halsberghe (N-VA) heeft een resem cijfers boven water gehaald. Hij houdt van heikele onderwerpen en heeft dus over de personeelsevolutie bij het OCMW een uitgebreid persbericht verspreid. Benieuwd wat daarvan in de gazetten komt. Onze lokale persjongens schuwen cijfers als de pest, en zeker als die van de N-VA komen.

OCMW-voorzitter Francesca Verhenne wijt de personeelsstijging steevast aan de stijgende werkdruk bij de sociale dienst, de vraag naar meer hulpverlening als gevolg van de economische crisis. Meer speciaal wijst ze dan op het stijgende aantal dossiers inzake leefloon en het zgn. “equivalent leefloon” voor asielzoekers.
Een maatschappelijk werker zou nu op dagbasis af te rekenen hebben met 63 actieve cliëntsituaties, terwijl dat in 2009 nog ging om 58 dossiers.

Kortrijkwatcher heeft de argumentatie van de OCMW-voorzitter nader bekeken.

Het aantal dossiers “steun equivalent leefloon” steeg van 418 (in 2009) naar 569 (in 2010). De dossiers “gewoon leefloon” zijn daarentegen gedaald ! Van 1.176 naar 1.141…
Wat zou dat als “caseload” kunnen teweegbrengen: 116 dossiers in méér te behandelen?
Twee bijkomende voltijdse medewerkers kunnen dit toch aan ??
En we gingen in 2009-2010 van 704 naar 755 VTE !!

Overigens steeg het aantal OCMW-medewerkers al van VOOR de crisis.
2006: 777 (614 VTE)
2007: 803 (636 VTE)
2008: 826 (662 VTE)
2009: 827 (704 VTE)
2010: 926 (755 VTE)

Vorig jaar, bij de toelichting bij het meerjarenplan 2011-2013 (pag.6) vroeg het OCMW op basis van de dossiers inzake sociale dienstverlening van de periode 2008-2010 om “slechts” 3 bijkomende maatschappelijke werkers en 1 bediende.
Als “crisbijdrage” kreeg het OCMW van Stad vorig jaar 400.000 euro, dit jaar 600.000.

Maar goed. Heel de kwestie is dat noch Stad, noch OCMW zich afvragen: WAT WILLEN WE NU EIGENLIJK DOEN EN NIET DOEN?
Het kerntakendebat is onmogelijk. Het is te moeilijk en geen instelling (of politieker) wil daarover vragen stellen. Wie of wat wil zichzelf nu eenmaal afschaffen?

Prognose vergrijzing en verzilvering

Eigenlijk willen we het hebben over de wachtlijsten en wachttijden in onze woonzorgcentra (rusthuizen).
Maar om dat volgende stuk wat te onderbouwen geven we hierna de bevolkingsprognose inzake senioren. Het is immers op basis van die prognoses dat de minister (Jo Vandeurzen) het aantal mogelijke woongelegenheden in woonzorgcentra en andere voorzieningen voor ouderen bepaalt.

Met verzilvering bedoelen we hier de veroudering binnen de cohorte van bejaarden.
Voor 2016 bijvoorbeeld voorspelt men dat Kortrijk 683 personen zal tellen van méér dan 90 jaar. In 2019 tellen we er 951.
De tachtigers tot 90 gaan er ook op een beetje op voor uit. We zijn er wel mee.

Prognose 2016: 16.011 personen zijn 65-plussers.
65-74 jaar: 7.605
75-79 jaar: 3.251
80-84 jaar: 2.620
85-89 jaar: 1.627
+90 jaar: 683

Prognose 2019: 16.379
65-74: 8065
75-79: 2.951 (minder?)
80-84: 2.661
85-89: 1.751
+90: 951

Tussenliggende cijfers nog te vinden op de website van het Agentschap “zorg en gezondheid”.
Maar vanwaar komen die cijfers??? Is dat nu om te lachen of niet?
En vanwaar al die paniek???

Oninvorderbare dossiers bij het OCMW

De sociale dienst van het OCMW kan in bepaalde gevallen de aan cliënten (dat is de gebruikelijke term) – verleende financiële steun terugvorderen. Uitgekeerd leefloon, dienstverlening zoals tussenkomsten voor medische uitgaven, verhuiskosten, de aankoop van een wasmachine, de kosten voor schoolgaande kinderen, enz.

In bepaalde gevallen zijn de dossiers zo dubieus dat een afbetalingsplan of een (gerechtelijke) invordering niet lukt.
Hierna per jaar een lijstje van definitief oninvorderbare bedragen.
2006: 162.996 euro.
2007: 107.933
2008: 74.567
2009: 81.322
2010: 115.712 euro.

Gelukkig is de OCMW-ontvanger vooruitziend.
In de rekening 2009 was al een waardevermindering op vorderingen geboekt voor een bedrag van 418.823 euro.